Beleidsregel ontheffing gerelateerde voertuigdocumenten 2016

Type ZBO-regeling
Publication 2020-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 48, derde lid en artikel 149a, tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994, artikel 4:83 van de Algemene wet bestuursrecht, het Besluit Voertuigen, artikel 4, vierde lid van het Kentekenreglement, het Besluit ontheffing verlening exceptioneel vervoer en de Regeling voertuigen;

Besluit:

§ 1. Algemeen

Artikel 1. Definities

Voor de toepassing van deze beleidsregel worden de begripsbepalingen van de Regeling voertuigen overgenomen.

Voorts wordt verstaan onder:

Artikel 2. Toepassingsgebied

Deze beleidsregel is van toepassing op de behandeling van aanvragen voor een ontheffing gerelateerd voertuigdocument die noodzakelijk is ten behoeve van de aanvraag van een kenteken als bedoeld in artikel 48, derde lid van de Wegenverkeerswet 1994, of de aanvraag en het gebruik van een ontheffing als bedoeld in artikel 149a, tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994.

Artikel 3. Soorten ontheffing gerelateerde documenten

De ontheffing gerelateerde voertuigdocumenten worden onderscheiden in:

§ 2. Aanvragen ontheffing gerelateerde documenten

Artikel 4. Aanvragen van de ontheffing gerelateerde documenten
1.

De aanvrager van een ontheffing gerelateerd document dient zijn aanvraag te doen op het door de Dienst Wegverkeer vastgestelde model aanvraagformulier.

2.

Het aanvraagformulier wordt schriftelijk beschikbaar gesteld.

Artikel 5. Wijze van indienen van de aanvraag

Indiening van aanvragen kan uitsluitend schriftelijk plaatsvinden.

Artikel 6. Intrekken van de aanvraag

Een aanvraag kan uitsluitend schriftelijk door de indiener worden ingetrokken.

Artikel 7. Modellen

De in artikel 3 opgenomen documenten worden afgegeven volgens een door de RDW vastgesteld model, opgenomen in bijlage A.

§ 3. Beoordeling aanvragen principeakkoord

Artikel 8. toepassingsgebied principeakkoord
1.

Een principeakkoord kan worden afgegeven voor:

2.

De in het eerste lid, onder a tot en met e genoemde voertuigen zijn niet hoger te zijn dan 4,00 m.

3.

Een principeakkoord heeft een geldigheidsduur van maximaal 1 jaar.

4.

Voor aanhangwagens met een breedte van meer dan 3,00 m wordt geen principe akkoord afgegeven.

Artikel 9. Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder a, b en e onder 1° en 2°.
1.

Indien een principeakkoord wordt aangevraagd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder a, b en e onder 1° en 2° moeten de volgende stukken worden overlegd:

2.

Indien de aanvraag betrekking heeft op een buitenlands voertuig moet, naast de in het eerste lid genoemde documenten, tevens worden overgelegd het door de buitenlandse autoriteiten afgegeven kentekenbewijs en een document van de registrerende autoriteiten waaruit de afmetingen van het voertuig blijkt, indien deze gegevens niet op buitenlands kentekenbewijs staan vermeld.

Artikel 10. Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder c en e onder 3°
1.

Indien een principeakkoord wordt aangevraagd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder c en e onder 3° moeten de volgende stukken worden overlegd:

2.

Indien de aanvraag betrekking heeft op een buitenlands voertuig moet, naast de in het eerste lid genoemde documenten, tevens worden overgelegd het door de buitenlandse autoriteiten afgegeven kentekenbewijs en een document van de registrerende autoriteiten waaruit de afmetingen van het voertuig blijken, indien deze gegevens niet op buitenlands kentekenbewijs staan vermeld.

Artikel 11. Principeakkoord artikel 8, eerste lid, onder d en e onder 4°
1.

Indien een principeakkoord wordt aangevraagd als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder d en e onder 4° moeten de volgende stukken worden overlegd:

2.

Indien de aanvraag betrekking heeft op een buitenlands voertuig moet, naast de in het eerste lid genoemde documenten, tevens worden overgelegd het door de buitenlandse autoriteiten afgegeven kentekenbewijs en een document van de registrerende autoriteiten waaruit de massa’s van het voertuig blijken, indien deze gegevens niet op buitenlands kentekenbewijs staan vermeld.

Artikel 12. Keuringen en onderzoeken
1.

Na beoordeling van de aanvraag vinden de keuring en onderzoeken van de getrokken voertuigen plaats op de door de RDW daartoe aangewezen locatie.

2.

In afwijking van het eerste lid kan, indien een fabrikant / importeur de voorafgaande 5 jaar gemiddeld 12 of meer voertuigen per jaar heeft aangeboden voor een principeakkoord en waarvoor een kenteken als bedoeld in artikel 48, tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994 is afgegeven, de aanvraag rechtstreeks indienen bij de door de RDW daartoe aangewezen locatie.

3.

Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing op getrokken voertuigen uitgevoerd als:

Artikel 13. Wijze van beoordeling getrokken voertuig niet zijnde werktuig of kermis- en circusvoertuig
1.

Indien het een aanvraag van een getrokken voertuig, niet zijnde werktuig of kermis- en circusvoertuig betreft, waarbij in onbeladen toestand niet wordt voldaan aan artikel 5.12.6, derde lid van de Regeling voertuigen, geldt het volgende:

2.

Indien het een aanvraag van een getrokken voertuig, niet zijnde werktuig of kermis- en circusvoertuig betreft, waarbij in onbeladen of beladen toestand niet wordt voldaan aan artikel 5.18.11 of 5.18.13 van de Regeling voertuigen, geldt het volgende:

3.

Aanhangwagens waarbij niet wordt voldaan aan artikel 5.12.6, zesde lid van de Regeling voertuigen mag de breedte niet worden veroorzaakt door de breedte van de as of het asstel.

Artikel 14. Wijze van beoordeling getrokken werktuig
1.

Indien het een aanvraag voor een getrokken werktuig betreft, waarbij niet wordt voldaan aan artikel 5.18.11 van de Regeling voertuigen, geldt het volgende:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.