Reglement Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het onderwijs
Preambule
Preambule
Hoofdstuk 2. Aansluiting bij het vervangingsfonds
Hoofdstuk 3. Premie
§ 3.1. Premie
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 20. Bonus-malus regeling
De bonus-malus regeling is van toepassing op een kalenderjaar.
De bonus-malus regeling is niet van toepassing op bevoegde gezagsorganen die eigenrisicodrager zijn.
Artikel 21. Bonus-malus verhouding
Na afloop van het kalenderjaar 2016 wordt de bonus-malus verhouding van een bevoegd gezag door het Vervangingsfonds vastgesteld.
De bonus-malus verhouding wordt berekend door de op basis van de aangeleverde gegevens over de verslagmaanden januari tot en met december 2016 vastgestelde normvergoedingen per bevoegd gezag te delen door de premie die in dat kalenderjaar door het bevoegd gezag is verschuldigd.
Bij het berekenen van de bonus-malus verhouding vormen de gegevens van de door het bevoegd gezag op 31 januari 2017 in stand gehouden scholen de basis.
Om de inzet van werkloos personeel voor vervanging te stimuleren, blijven de declaraties betreffende de vervanging door dit personeel buiten de berekening in het kader van de bonus-malus regeling. Het moet hierbij gaan om personeel:
- a. dat op 1 januari van het kalenderjaar waarvoor de bonus-malus verhouding wordt berekend een nieuw of toegekend lopend recht op een WW-, BBWO- of WOPO-uitkering heeft, welk recht loopt tot tenminste 31 december van dat kalenderjaar;
- b. van wie UWV heeft bepaald dat de laatste werkgever direct voorafgaand aan de WW-uitkering een werkgever in de zin van de WPO of de WEC is geweest;
- c. dat geen eigen wachtgelder is als bedoeld in artikel 138 WPO of artikel 133 WEC.
Artikel 22. Bandbreedte
Het bestuur stelt per kalenderjaar de bandbreedte voor de bonus-malus verhouding vast. Deze bandbreedte heeft een ondergrens en een bovengrens die beiden worden uitgedrukt in een verhoudingsgetal.
Artikel 23. Bonus
Het bestuur stelt per kalenderjaar het bonuspercentage vast. Het bonuspercentage voor het kalenderjaar 2016 bedraagt 30 procent.
Indien de bonus-malus verhouding lager is dan de ondergrens van de bandbreedte, ontvangt het bevoegd gezag een bonus.
De bonus genoemd in het tweede lid is gelijk aan het verschil tussen de bonus-malus verhouding en de ondergrens van de bandbreedte, vermenigvuldigd met het bonuspercentage maal de in het kalenderjaar verschuldigde premie.
Artikel 24. Malus
Het bestuur stelt per kalenderjaar het maluspercentage vast. Het maluspercentage voor het kalenderjaar 2016 bedraagt 50 procent.
Indien de bonus-malus verhouding hoger is dan de bovengrens van de bandbreedte, is het bevoegd gezag een malus verschuldigd.
De malus genoemd in het tweede lid is gelijk aan het verschil tussen de bonus-malus verhouding en de bovengrens van de bandbreedte, vermenigvuldigd met het maluspercentage maal de in het kalenderjaar verschuldigde premie.
Artikel 25. Maximering malus
Indien een bevoegd gezag met een ERD-som lager dan 2,5 miljoen euro een bonus-malus verhouding heeft van meer dan 1,5, is voor het deel van de bonus-malus verhouding boven de 1,5 geen malus verschuldigd.
Indien een bevoegd gezag met een ERD-som hoger dan 2,5 miljoen euro een bonus-malus verhouding heeft van meer dan 2, is voor het deel van de bonus-malusverhouding boven de 2 geen malus verschuldigd.
Artikel 26. Verminderen malus en geheel of gedeeltelijke weigeren bonus
Het bestuur kan besluiten het maluspercentage, genoemd in artikel 24, te verminderen als onverkorte toepassing van de regelgeving ongewenste financiële gevolgen heeft voor bevoegde gezagsorganen.
Het bestuur kan besluiten het bonuspercentage, genoemd in artikel 23, te verminderen dan wel besluiten geen bonus toe te kennen in verband met de financiële positie van het fonds.
De beslissing als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt voor 15 juli 2017 aan het bevoegd gezag bekend gemaakt.
Artikel 27. Bekendmaking
Een bevoegd gezag ontvangt na afloop van het kalenderjaar een beslissing over het al dan niet toekennen van een bonus of het verschuldigd zijn van een malus.
De beslissing als bedoeld in het eerste lid wordt vóór 15 november 2017 aan het bevoegd gezag bekend gemaakt.
Het bestuur kan besluiten deze termijn met maximaal zes weken te verlengen, mits dit besluit voor 8 november 2017 bekend wordt gemaakt.
Hoofdstuk 4. Bekostiging
Hoofdstuk 5. Financiële varianten
Hoofdstuk 6. Bedrijfsgezondheidszorg
Hoofdstuk 7. Subsidies
Hoofdstuk 8. Slotbepalingen
Bijlagen
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Bijlage 1. Informatieprotocol Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
1 januari 2016
De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.
In 1992 richtten de sociale partners in het onderwijs de Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs op met als doel het bieden van waarborgen aan aangeslotenen voor de kosten voor vervanging bij afwezigheid van personeel en het invoeren en in stand houden van bedrijfsgezondheidszorg in het primair onderwijs, alsmede het bevorderen en bewaken van die zorg.
Het bestuur stelt, conform het bepaalde op grond van artikel 183, vierde lid van de WPO juncto artikel artikel 169, vierde lid van de WEC, het Reglement vast waarin bepaald wordt welke rechten de aangeslotenen in het kader van de taakuitoefening van de stichting, als hierboven genoemd, jegens de stichting kunnen doen gelden en tot welke verplichtingen de aangeslotenen jegens de stichting zijn gehouden.
Dit Reglement is op 12 juli 2016 vastgesteld door het bestuur van de Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg en is in werking getreden op 1 januari 2016.
Artikel 1. Begripsbepalingen
In dit Reglement wordt verstaan onder:
-
- Bedrijfsgezondheidszorg: de dienstverlening van het Vervangingsfonds ter voorkoming en terugdringing van ziekteverzuim en de verbetering van arbeidsomstandigheden.
-
- Bekostiging: bekostiging van vervanging ten laste van het Vervangingsfonds.
-
- Bestuur: het bestuur van de Stichting Vervangingsfonds en Bedrijfsgezondheidszorg voor het Onderwijs.
-
- Bevoegd gezag:
- a. een schoolbestuur bestaande uit één of meer scholen als bedoeld in artikel 1 van de WPO dan wel artikel 1 van de WEC;
- b. een samenwerkingsverband passend onderwijs als bedoeld in artikel 18a van de WPO.
-
- Bonus-malus bandbreedte: de bandbreedte waarvan de ondergrens en bovengrens bepalend zijn voor het al dan niet toekennen van een bonus dan wel het opleggen van een malus aan een bevoegd gezag.
-
- Bonus-malus verhouding: de verhouding tussen de door aan het bevoegd gezag uitbetaalde bekostiging en de door dat bevoegd gezag verschuldigde premie. In samenhang met de bandbreedte is deze verhouding bepalend of een bevoegd gezag in aanmerking komt voor een bonus dan wel een malus moet betalen.
-
- Bonus-malus regeling: de bonus-malus regeling als bedoeld in artikel 20 tot en met 27 van dit Reglement. Deze regeling is gericht op het terugdringen van ziekteverzuim middels het geven van financiële prikkels door het toekennen van een bonus aan dan wel het in rekening brengen van een malus bij een bevoegd gezag.
-
- Bonuspercentage: het percentage van de premie dat wordt toegepast bij het berekenen van de bonus indien een bevoegd gezag een bonus-malus verhouding heeft die lager is dan de ondergrens van de bonus-malus bandbreedte.
-
- Bovenbestuurlijke vervangingspool: een vervangingspool die in stand wordt gehouden door twee of meer bevoegde gezagsorganen.
-
- CAO PO: de Collectieve Arbeidsovereenkomst voor het Primair Onderwijs.
-
- Combinatiefunctie: het dienstverband als bedoeld in artikel 3.30 van de CAO PO, waarbij het personeelslid geheel of gedeeltelijk is aangesteld op basis van de bestuurlijke afspraken “Brede Impuls Combinatiefuncties” in een combinatiefunctie die naast zijn werkzaamheden op school is belast met taken buiten het onderwijs.
-
- Detachering: een bij het Vervangingsfonds aangesloten bevoegd gezag laat personeel dat bij hem in dienst is, tegen een overeengekomen vergoeding, werkzaamheden bij een ander bij het Vervangingsfonds aangesloten bevoegd gezag verrichten.
-
- Dienstverband:
- a. de benoeming van personeel bij de werkgever in het bijzonder onderwijs;
- b. de aanstelling van personeel bij de werkgever in het openbaar onderwijs.
-
- DUO: de Dienst Uitvoering Onderwijs, onderdeel van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
-
- Eigenrisicodrager: het bevoegd gezag waaraan op grond van dit Reglement het eigenrisicodragerschap is verleend. Dit bevoegd gezag draagt zelf het risico voor de kosten van vervanging bij afwezigheid van personeel.
-
- ERD-som: de som die bepalend is voor de voorwaarden die gelden bij de toekenning van het eigenrisicodragerschap aan een bevoegd gezag. Deze som is gelijk aan het totaal van de drie door DUO gehanteerde componenten van de lumpsum in het Overzicht financiële beschikkingen, dat DUO jaarlijks bekend maakt op 1 november:
- a. personele bekostiging regulier;
- b. personeels- en arbeidsmarktbeleid (PAB budget);
- c. materiële instandhouding regulier.
-
- Extern personeel: een ieder die zonder dienstverband werkzaamheden verricht bij een bevoegd gezag en waarop de CAO PO niet van toepassing is.
-
- Financiële variant: één van de financiële vereveningsvarianten van het Vervangingsfonds als bedoeld in hoofdstuk 5 van het Reglement, waarvan eigenrisicodragers gebruik kunnen maken.
-
- Functie: een normfunctie als bedoeld in artikel 5.2 van de CAO PO behorend tot een functiecategorie en de daarbij behorende taakkarakteristieken uit bijlage VII.A, VII.B en VII.C van de CAO PO of een niet-normfunctie als gewaardeerd volgens FUWA PO dan wel als bedoeld in artikel 5.3 van de CAO PO.
-
- Functiecategorie: de categorie als bedoeld in artikel 5.1 van de CAO PO. Functies worden in de navolgende functiecategorieën onderscheiden:
- a. directie;
- b. leraar;
- c. onderwijsondersteunend personeel.
-
- Gemiddelde normatieve vervangingskosten: de voor de stop-loss varianten bepaalde kosten, die de hoogte van de conform deze varianten uit te betalen bekostiging bepaalt. Deze kosten worden berekend door een per kalenderjaar vast te stellen percentage te heffen over de premiegrondslag die geldt voor deze stop-loss varianten.
-
- GMR: de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad, bedoeld in artikel 4 van de Wet medezeggenschap op scholen.
-
- FUWA PO: Functiewaarderingssysteem primair onderwijs.
-
- Informatieprotocol: het protocol onder bijlage 1, waarin de uitvoeringstechnische aspecten ter bevordering van een correcte toepassing van het Reglement Vervangingsfonds zijn vastgelegd.
-
- Kalenderjaar: het tijdvak van 1 januari van enig jaar tot en met 31 december van dat jaar.
-
- Ketenvervanger: de vervanger van een leraar met een dienstverband bij het bevoegd gezag die een directielid, dat afwezig is in verband met ziekte of schorsing als bedoeld in artikel 28 van het Reglement, met een dienstverband bij hetzelfde bevoegd gezag vervangt.
-
- Ketenvervanging: de situatie waarbij een directielid, dat afwezig is op grond van ziekte of schorsing als bedoeld in artikel 28 van het Reglement, wordt vervangen door een leraar met een dienstverband bij hetzelfde bevoegd gezag en die als gevolg van die afwezigheid zelf wordt vervangen door de ketenvervanger. De keten bestaat uitsluitend uit de afwezige, diens vervanger en de ketenvervanger.
-
- Lesgebonden en/of behandeltaken: activiteiten met één of meerdere leerlingen die voor die leerlingen gelden als onderwijstijd.
-
- Maluspercentage: het deel van de door een bevoegd gezag verschuldigde premie dat aan dat bevoegd gezag wordt opgelegd als malus.
-
- Minister: De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
-
- MR: de Medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 3 van de Wet medezeggenschap op scholen.
-
- Niet aangemeld personeel: personeel met een dienstverband dat niet valt onder de verplichte aansluiting en dat ook niet vrijwillig is aangemeld.
-
- Normbedrag: het standaardbedrag per uur behorende bij de door het Vervangingsfonds vastgestelde normklasse, dat de basis vormt voor de bekostiging.
-
- Normklasse: de salarisklasse waarin de afwezige dan wel het personeelslid, geplaatst in een vervangingspool, is ingedeeld op basis van zijn salarisschaal en periodiek conform de CAO PO.
-
- Normvervangingskosten: de voor de stop-loss regeling van artikel 50 en 51 van dit Reglement berekende kosten, die een bevoegd gezag op grond van de ingediende declaraties niet ontvangt totdat de ondergrens van de gemiddelde normatieve vervangingskosten is bereikt. De berekening van deze kosten vindt plaats conform de normvergoeding als bedoeld in artikel 32 van dit Reglement.
-
- OOP: onderwijsondersteunend personeel.
-
- OP: onderwijzend personeel.
-
- Payrolling: een constructie, waarbij extern personeel in dienst is van een payrollonderneming en waarbij dit externe personeel feitelijk werkt voor een bevoegd gezag. Bij payrolling is de payrollonderneming de juridische werkgever en zorgt het bevoegd gezag voor de werving en selectie.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.