Besluit van de Minister van Economische Zaken van 6 september 2016, nr. WJZ/16132642, handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap inzake de keuze voor het instrument veiling van vergunningen voor niet-landelijke commerciële radio-omroep kavels B27 en B31, de vaststelling van die ontwerp-vergunningen, en de vaststelling van de daaraan te koppelen ontwerp-vergunningen voor digitale radio-omroep
Gelet op artikel 3.10, derde lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013;
Besluit:
Artikel 1
De vergunningen voor de niet-landelijke commerciële radio in de FM-band met de daaraan, voor zover nu reeds mogelijk, te verbinden voorschriften en beperkingen, genoemd in tabel 1, worden verleend met toepassing van een veiling, bedoeld in artikel 3.10, eerste lid, aanhef en onderdeel f, van de Telecommunicatiewet.
| Kavel | Bijlage |
|---|---|
| B27 | 1 |
| B31 | 2 |
Artikel 2
De procedure van de veiling vangt aan op 15 september 2016.
Artikel 3
De vergunningen, bedoeld in artikel 1, zijn nader bestemd voor niet-landelijke commerciële radio-omroep.
Artikel 4
De voorschriften en beperkingen behorende bij de aan de vergunningen, bedoeld in artikel 1, te koppelen vergunningen voor digitale radio-omroep worden, voor zover dat nu reeds mogelijk is, vastgesteld in de bijlagen 3 respectievelijk 4.
Artikel 5
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Artikel 6
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit bekendmaking veiling kavels B27 en B31.
Bijlage 1. Ontwerpvergunning kavel B27, inclusief bijbehorende bijlagen
DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN
Gelezen de aanvraag van te van , geregistreerd onder nummer ;
Gelet op de artikelen 3.13 en 3.14 van de Telecommunicatiewet, artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013 en Regeling aanvraag- en veilingprocedure kavels B27 en B31;
Besluit:
In deze beschikking wordt verstaan onder:
Voor zover het gepresenteerde programmaonderdelen tussen 07.00 en 19.00 uur betreft, wordt ten minste 50 procent in de Nederlandse of Friese taal gepresenteerd.
Kennisgevingen en correspondentie die verband houden met deze vergunning, worden gericht aan Agentschap Telecom van het ministerie van Economische Zaken te Groningen, tenzij door of vanwege de minister anders wordt aangegeven.
Deze vergunning treedt in werking op en eindigt op de dag waarop de vergunninghouder niet langer tevens houder is van de digitale radio-omroepvergunning, met dien verstande dat de vergunning in elk geval eindigt op 31 augustus 2022, 24:00 uur.
Deze beschikking wordt in de Staatscourant geplaatst, met uitzondering van de bijlagen.
Bijlage B. Technische parameters behorend bij artikel 2, tweede en derde lid, van de vergunning
Toelichting bij punt 5:
Onder punt 5 van de bijlage B zijn restricties opgenomen voor omroepzenders ten behoeve van het voorkomen van storing in de luchtvaartband 108 MHz – 118 MHz. De onderdrukking van ongewenste uitstraling in de luchtvaartband dient minimaal de waarde aangegeven in dBc te bedragen voor de gehele zendinstallatie. De verticale aperture van het antennesysteem in golflengtes dient minimaal de waarde aangegeven in λ te zijn. Indien er geen waarde(n) vermeld staan, gelden er geen aanvullende eisen m.b.t. de bescherming van de luchtvaartband.
Bijlage C. behorend bij artikel 2, derde lid, van de vergunning
De vergunninghouder zendt uit binnen het in figuur 1 bedoelde masker (gemeten volgens de procedure zoals vermeld in Annex 1 van ITU-R SM 1268-1).
In tabel 1 is dit masker in een tabel vorm weergegeven.
Bron: ITU-R SM 1268-1
Bron: ITU-R SM 1268-1
Bijlage 2. Ontwerpvergunning kavel b31, inclusief bijbehorende bijlagen
DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN
Gelezen de aanvraag van te van , geregistreerd onder nummer ;
Gelet op de artikelen 3.13 en 3.14 van de Telecommunicatiewet, artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013 en de Regeling aanvraag- en veilingprocedure kavels B27 en B31;
Besluit:
In deze beschikking wordt verstaan onder:
Voor zover het gepresenteerde programmaonderdelen tussen 07.00 en 19.00 uur betreft, wordt ten minste 50 procent in de Nederlandse of Friese taal gepresenteerd.
Kennisgevingen en correspondentie die verband houden met deze vergunning, worden gericht aan Agentschap Telecom van het ministerie van Economische Zaken te Groningen, tenzij door of vanwege de minister anders wordt aangegeven.
Deze vergunning treedt in werking op en eindigt op de dag waarop de vergunninghouder niet langer tevens houder is van de digitale radio-omroepvergunning, met dien verstande dat de vergunning in elk geval eindigt op 31 augustus 2022, 24:00 uur.
Deze beschikking wordt in de Staatscourant geplaatst, met uitzondering van de bijlagen.
Bijlage B. Technische parameters behorend bij artikel 2, tweede en derde lid, van de vergunning
Toelichting bij punt 5:
Onder punt 5 van de bijlage B zijn restricties opgenomen voor omroepzenders ten behoeve van het voorkomen van storing in de luchtvaartband 108 MHz – 118 MHz. De onderdrukking van ongewenste uitstraling in de luchtvaartband dient minimaal de waarde aangegeven in dBc te bedragen voor de gehele zendinstallatie. De verticale aperture van het antennesysteem in golflengtes dient minimaal de waarde aangegeven in λ te zijn. Indien er geen waarde(n) vermeld staan, gelden er geen aanvullende eisen m.b.t. de bescherming van de luchtvaartband.
Bijlage C. behorend bij artikel 2, derde lid, van de vergunning
De vergunninghouder zendt uit binnen het in figuur 1 bedoelde masker (gemeten volgens de procedure zoals vermeld in Annex 1 van ITU-R SM 1268-1).
In tabel 1 is dit masker in een tabel vorm weergegeven.
Bron: ITU-R SM 1268-1
Bron: ITU-R SM 1268-1
Bijlage 3. Ontwerpvergunning digitale radio-omroep allotment 9D-N, gekoppeld aan vergunning kavel B27, inclusief bijbehorende bijlagen
DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN
Gelezen de aanvraag van te van , geregistreerd onder nummer ;
Gelet op de artikelen 3.13 en 3.14 van de Telecommunicatiewet, artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013 en de Regeling aanvraag- en veilingprocedure kavels B27 en B31;
Het gebruik van de frequentieruimte vindt plaats met inachtneming van de technische beschrijving zoals deze in bijlage I is opgenomen. De technische beschrijving omvat tevens het spectrummasker 1 voor T-DAB radiozendapparaten, werkend in niet-kritische omstandigheden.
De vergunninghouder stelt de minister van elke ingebruikneming van (onderdelen van) de frequentieruimte uiterlijk vier weken van tevoren schriftelijk in kennis en overlegt daarbij de gegevens bedoeld in bijlage II conform het in die bijlage opgenomen model.
Deze vergunning treedt in werking op de en eindigt op 31 augustus 2022, 24:00 uur.
Deze beschikking wordt in de Staatscourant geplaatst, met uitzondering van de bijlagen.
Bijlage I. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
Het spectrummasker, bedoeld in artikel 4, is als volgt:
Bron: GE06 pagina 169
De technische beschrijving, bedoeld in artikel 4, luidt als volgt:
Het regionale kavel 2 heeft de omtrek beschreven in figuur 2. Het kavel is opgebouwd uit de GE06 DVBT allotments HOL0901H (K9), HOL0902H (K6), HOL0903H (K8), HOL0904H (K9), HOL0905H (K7), HOL0906H (K9).
De DVBT allotments K6, K7, K8, K9 kunnen respectievelijk opgesplitst worden in de TDAB blokken A,B,C,D. De oorspronkelijke allotment vorm is hierdoor niet aangetast.
Ten behoeve van deze vergunning wordt het volgende TDAB blok beschreven:
Blok 9D, Noord Holland en Friesland
De punten waaruit de omtrek van elk allotment is opgebouwd zijn in een USB neergelegd. De USB maakt onderdeel uit van bijlage III.
Gedurende de Geneve ’06 conferentie is een aantal nadere afspraken gemaakt met de Nederland omringende landen. Deze afspraken bevatten in essentie hetgeen is weergeven in de onderstaande tabellen. De vergunninghouder respecteert de afspraken die Nederland heeft gemaakt. De volledige afspraken zijn opgenomen in bijlage III. Bij tegenstrijdigheid van de samenvatting in de tabellen en de afspraken, opgenomen in bijlage III, prevaleren de laatstgenoemde.
De bilaterale afspraken zijn een verbijzondering van de algemene planningscriteria van GE06 met als doel incompatibiliteiten tussen de assignments of allotments in het GE06-plan op te heffen. De implementatie moet zowel voldoen aan GE06 als aan de aanvullende voorwaarden in de onderstaande tabellen.
Indien in tabellen geen aanvullende beschermingseisen zijn gesteld, dan mag een actueel netwerk evenveel interferentie produceren als een referentienetwerk.
Het gemarkeerde gebied met 9D heeft betrekking op frequentieblok 207,296 MHz – 208,832 MHz en bestaat uit de allotments HOL0901H (K9) tezamen met HOL0906H (K9) (Friesland en de Waddeneilanden).
Tabel 1 geeft de afwijkingen weer van de acceptatie van veldsterkten door, en bescherming van, buitenlandse allotments in overeenstemming met de procedure, bedoeld in artikel 5 jo. Section II of Annex 4 ‘Examination of conformity with the digital Plan entry’ GE06.
Om interferentie in Zeeland te beperken moet het T-DAB netwerk voldoen aan de volgende eisen.
Bijlage II. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
De kennisgeving van ingebruikneming zoals bedoeld in artikel 9 geschiedt middels het onderstaande formulier.
Indien u tevens het gebruik van uw frequentieruimte wilt (laten) registreren in het MIFR kunt u daarom verzoeken middels onderstaand notificatieformulier door dit aan te geven bij item 14.
Ter bespoediging van de afhandeling van het notificatieverzoek, wordt verzocht het formulier in elektronische vorm aan te leveren. Het elektronische formulier is opgenomen in de informatiedrager (USB), bedoeld in bijlage III.
Bijlage III. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
Bijlage 4. Ontwerpvergunning digitale radio-omroep allotment 7-A, gekoppeld aan vergunning kavel B31, inclusief bijbehorende bijlagen
DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN
Gelezen de aanvraag van te van , geregistreerd onder nummer ;
Gelet op de artikelen 3.13 en 3.14 van de Telecommunicatiewet, artikel 17 van het Frequentiebesluit 2013 en de Regeling aanvraag- en veilingprocedure kavels B27 en B31;
Het gebruik van de frequentieruimte vindt plaats met inachtneming van de technische beschrijving zoals deze in bijlage I is opgenomen. De technische beschrijving omvat tevens het spectrummasker 1 voor T-DAB radiozendapparaten, werkend in niet-kritische omstandigheden.
De vergunninghouder stelt de minister van elke ingebruikneming van (onderdelen van) de frequentieruimte uiterlijk vier weken van tevoren schriftelijk in kennis en overlegt daarbij de gegevens bedoeld in bijlage II conform het in die bijlage opgenomen model.
De samenwerkingsovereenkomst wordt gesloten voor 1 juni 2017.
Deze vergunning treedt in werking op de en eindigt op 31 augustus 2022, 24:00 uur.
Deze beschikking wordt in de Staatscourant geplaatst, met uitzondering van de bijlagen.
Bijlage I. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
Het spectrummasker, bedoeld in artikel 4, is als volgt:
Bron: GE06 pagina 169
De technische beschrijving, bedoeld in artikel 4, luidt als volgt:
Het regionale kavel 2 heeft de omtrek beschreven in figuur 2. Het kavel is opgebouwd uit de GE06 DVBT allotments HOL0901H (K9), HOL0902H (K6), HOL0903H (K8), HOL0904H (K9), HOL0905H (K7), HOL0906H (K9).
De DVBT allotments K6, K7, K8, K9 kunnen respectievelijk opgesplitst worden in de TDAB blokken A,B,C,D. De oorspronkelijke allotmentvorm is hierdoor niet aangetast.
Ten behoeve van deze vergunning wordt het volgende TDAB blok beschreven:
Blok 7A, Noord Brabant en Limburg
De punten waaruit de omtrek van elk allotment is opgebouwd zijn in een USB neergelegd. De USB maakt onderdeel uit van bijlage III.
Gedurende de Geneve ’06 conferentie is een aantal nadere afspraken gemaakt met de Nederland omringende landen. Deze afspraken bevatten in essentie hetgeen is weergeven in de onderstaande tabellen. De vergunninghouder respecteert de afspraken die Nederland heeft gemaakt. De volledige afspraken zijn opgenomen in bijlage III. Bij tegenstrijdigheid van de samenvatting in de tabellen en de afspraken, opgenomen in bijlage III, prevaleren de laatstgenoemde.
De bilaterale afspraken zijn een verbijzondering van de algemene planningscriteria van GE06 met als doel incompatibiliteiten tussen de assignments of allotments in het GE06-plan op te heffen. De implementatie moet zowel voldoen aan GE06 als aan de aanvullende voorwaarden in de onderstaande tabellen.
Indien in tabellen geen aanvullende beschermingseisen zijn gesteld, dan mag een actueel netwerk evenveel interferentie produceren als een referentienetwerk.
Het gebied gemarkeerd met 7A heeft betrekking op frequentieblok 188,160 MHz – 189,696 MHz en komt uit allotment HOL0905H.
Tabel 1 geeft de afwijkingen weer van de acceptatie van veldsterkten door, en bescherming van, buitenlandse allotments in overeenstemming met de procedure, bedoeld in artikel 5 jo. Section II of Annex 4 ‘Examination of conformity with the digital Plan entry’ GE06.
Bijlage II. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
De kennisgeving van ingebruikneming zoals bedoeld in artikel 9 geschiedt middels het onderstaande formulier.
Indien u tevens het gebruik van uw frequentieruimte wilt (laten) registreren in het MIFR kunt u daarom verzoeken middels onderstaand notificatieformulier door dit aan te geven bij item 14.
Ter bespoediging van de afhandeling van het notificatieverzoek, wordt verzocht het formulier in elektronische vorm aan te leveren. Het elektronische formulier is opgenomen in de informatiedrager (USB), bedoeld in bijlage III.
Bijlage III. behorend bij de vergunning voor digitale radio-omroep
Bijlage 5. Toelichting behorende bij de ontwerpvergunningen digitale radio-omroep, als opgenomen in bijlagen 3 en 4
Met de onderhavige vergunning worden de frequentiegebruiksrechten geregeld voor digitale radio. De in de vergunning opgenomen frequentie-indeling volgt hoofdzakelijk uit internationale afspraken, waarvan de afspraken gemaakt tijdens een internationale conferentie in Geneve in 2006 (GE06-afspraken) de meest in het oog springende afspraken zijn. De frequentieruimte bestaat uit een frequentieblok dat in vast omlijnde geografische gebieden in Nederland inzetbaar is (het zogenaamde ‘allotment’).
Tijdens en na GE06 zijn nadere internationale afspraken gemaakt, doorgaans bilaterale afspraken tussen lidstaten, die als doel hebben om de inzetbaarheid en beschikbaarheid van de frequentieruimte voor digitale omroep in Nederland te verruimen. Van alle geldende afspraken zijn overzichten met voorwaarden en beperkingen samengesteld, die u in de bijlagen aantreft.
De vergunning voor digitale radio-omroep bestaat uit 1/18 deel van de capaciteit van de frequentieruimte in een bepaald geografisch gebied (allotment). Dit betekent dat één allotment door meerdere partijen geëxploiteerd wordt.
De resultaten van de GE06 gelden vanaf 17 juni 2006 en zijn gemaakt voor een eindsituatie waarin omroep in Band III alleen nog digitaal plaatsvindt en daarnaast een aantal andere primaire diensten (‘other primary services’) bestaan.
Aan het gebruik van frequentieruimte is een aantal voorschriften en beperkingen verbonden. Het frequentiegebruik is gebonden aan een spectrummasker. Een spectrummasker is ingesteld om doelmatig ethergebruik te bevorderen en te faciliteren dat aan de technologie verder geen bijzondere eisen worden gesteld. Door toepassing van een spectrummasker wordt eventuele storing op naastliggende frequentieblokken van andere vergunninghouders (zogenoemde nabuurkanaalinterferentie) beperkt.
Onderzoeksresultaten tonen aan dat nabuurkanaalinterferentie hinderlijke storing veroorzaakt indien op de ontvangstlocatie het vermogensverschil tussen de ontvangstsignalen van de twee (T-DAB) netwerken tussen de eerste nabuurkanalen met meer dan 23 dB wordt overschreden. Voor het schatten van de nabuurkanaalinterferentie kunnen de onderzoeksresultaten voor band III T-DAB ontvangers van de Universiteit van Twente en van OFCOM (de Engelse administratie) worden gebruikt. Op deze onderzoeken zijn de navolgende nabuurkanaalprotectietabellen gebaseerd die door de vergunninghouder kunnen worden gebruikt. De in tabel 2 gebruikte verhouding (23 dB) is gebaseerd op een statistisch gecorrigeerde protectieverhouding bij eerste nabuurkanaalinterferentie (zie tabel 2).
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.