Beleidsregels aanwijzen en toezicht accountantsopleidingen

Type ZBO-regeling
Publication 2016-12-31
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Voor inschrijving in het accountantsregister van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) dienen kandidaten op grond van artikel 38 van de Wet op het accountantsberoep (Wab) een opleiding gevolgd te hebben die voldoet aan de in artikel 49 Wab, tweede lid, onder a bedoelde eindtermen.

Aan de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) komt op grond van artikel 49 Wab, tweede lid, onder b de bevoegdheid toe opleidingen aan te wijzen die geheel of gedeeltelijk voldoen aan de in artikel 49 Wab, eerste lid, onder a bedoelde eindtermen, met uitzondering van de eindtermen die betrekking hebben op de praktijkopleiding, voor zover deze opleidingen niet zijn geaccrediteerd overeenkomstig artikel 5a.9 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek of niet de toets nieuwe opleiding overeenkomstig artikel 5a.11 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek met positief gevolg hebben ondergaan.

Op grond van artikel 50 Wab dienen de opleidingsinstituten wier opleiding op grond van artikel 49, tweede lid, onderdeel b Wab, is aangewezen desgevraagd alle inlichtingen die de commissie voor haar taakuitvoering nodig heeft te verstrekken. De commissie kan voorwaarden verbinden aan de aanwijzing, bedoeld in artikel 49, tweede lid, onderdeel b Wab.

De commissie kan de aanwijzing, bedoeld in artikel 49, tweede lid, onderdeel b Wab, intrekken indien de opleiding niet voldoet aan de eindtermen, bedoeld in dat onderdeel.

CEA verstrekt aan een opleiding een aanwijzing voor onbepaalde duur als de opleiding kan aantonen dat zij voldoet aan de eindtermen en het bijbehorende toezichtkader zoals die door CEA zijn vastgesteld. CEA trekt een eenmaal verstrekte aanwijzing in beginsel in indien en zodra een opleiding niet meer blijkt te voldoen aan de eindtermen. Om vast te kunnen stellen of opleidingen na de aanwijzing blijven voldoen aan de eindtermen en aan de voorwaarden die aan de aanwijzing zijn verbonden, houdt CEA doorlopend toezicht op door haar aangewezen opleidingen.

CEA wijst alleen Nederlandse accountantsopleidingen aan. De eindtermen zijn immers specifiek voor Nederlandse opleidingen vastgesteld. Het wettelijk regime gaat er van uit dat studenten die in Nederland een accountantsopleiding volgen, ingeschreven kunnen worden in het accountantsregister als zij een opleiding hebben gevolgd die voldoet aan de eindtermen. Het aanwijzen van buitenlandse accountantsopleidingen behoort niet tot de taak en daarmee ook niet tot de bevoegdheid van CEA. Het wettelijk kader biedt CEA dan ook geen instrumenten om toezicht uit te oefenen op buitenlandse opleidingen of handhavend jegens hen op te treden. Voor personen die een buitenlandse accountantsopleiding hebben gevolgd, biedt de verklaring van vakbekwaamheid toegang tot het Nederlandse accountantsregister.

Onderstaande beleidsregels bepalen hoe CEA invulling geeft aan de bevoegdheid om aanwijzingen te verstrekken in de zin van artikel 49, tweede lid, onder b van de Wet op het accountantsberoep, daar voorwaarden aan te verbinden dan wel een verstrekte aanwijzing te wijzigen of in te trekken. De beleidsregels zien voorts op de wijze waarop CEA invulling geeft aan het doorlopende toezicht op aangewezen opleidingen. CEA differentieert de intensiteit van haar toezicht op basis van risicoanalyse en bevindingen (uit het verleden).

Regels

Hoofdstuk 1. – Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

Artikel 2. Beleidsregels en toezichtkader
1.

CEA stelt een toezichtkader vast met daarin de criteria, de instrumenten en het proces die CEA hanteert bij de beoordeling van een aanvraag van een aanwijzing en het toezicht op de eindtermen van reeds aangewezen opleidingen.

2.

Het toezichtkader vormt onderdeel van deze beleidsregels.

3.

De beleidsregels en het toezichtkader voor een aanvraag van een aanwijzing en het toezicht op de eindtermen van reeds aangewezen opleidingen worden gepubliceerd op de website van CEA en in de Staatscourant. Ze worden voorts op verzoek beschikbaar gesteld.

Hoofdstuk 2. – Bepalingen m.b.t. de aanwijzing van een theoretische opleiding

Artikel 3. Informatievoorziening t.b.v. aanvraag voor een aanwijzing
1.

CEA stelt via haar website informatie beschikbaar over het aanwijzen van opleidingen. Op de website wordt tenminste informatie gegeven over CEA, over de relevante wettelijke bepalingen, over het verstrekken, wijzigen of intrekken van een aanwijzing en over de daarbij gehanteerde procedure, criteria en rechtsmiddelen.

Artikel 4. Aanvraagprocedure
1.

CEA neemt een aanvraag in behandeling indien en zodra die is ingediend door middel van het voorgeschreven formulier als bedoeld in lid 2.

2.

De CEA stelt de volgende aanvraagformulieren beschikbaar:

3.

De aanvraagformulieren als bedoeld in lid 2 zijn op verzoek verkrijgbaar bij het secretariaat van CEA.

4.

Een aanvraag voor een aanwijzing kan zowel schriftelijk, in drievoud, als elektronisch bij CEA worden ingediend. Een aanvraag moet worden voorzien van een dagtekening en de handtekening van de aanvrager.

5.

Een aanvraag bevat alle gegevens en bescheiden die CEA nodig heeft voor het beoordelen van de aanvraag zoals vermeld op het aanvraagformulier, waaronder in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden:

6.

Na indiening van de aanvraag verstrekt CEA aan de aanvrager zo spoedig mogelijk een overzicht van de voor behandeling van deze specifieke aanvraag benodigde (aanvullende) informatie.

Artikel 5. Behandeling aanvraag
1.

CEA kan voor de beoordeling van de aanvraag een adviescommissie inschakelen.

2.

CEA en de door CEA ingestelde adviescommissie kunnen de aanvrager ook na de aanvankelijk verzochte informatie om aanvullende gegevens en bescheiden verzoeken indien dit voor de beoordeling van de aanvraag noodzakelijk is. CEA kan ten behoeve van de beoordeling van en het besluit over de aanvraag externe deskundigen inschakelen.

Artikel 6. Criteria voor de beoordeling van een aanvraag
1.

CEA beoordeelt een aanvraag voor een aanwijzing aan de hand van de volgende criteria. De aanvrager:

2.

Indien de aanbieder van een opleiding het volledige onderwijsprogramma op meerdere locaties verzorgt dan dient voor elke locatie afzonderlijk een aanwijzing aangevraagd te worden, tenzij de opleiding op alle locaties identiek is. Een opleiding op meerdere locaties wordt als identiek aangemerkt indien het onderwijsprogramma en de toetsing identiek zijn, docenten van gelijke kwaliteit en competenties zijn en de organisatorische aansturing door dezelfde persoon of groep van personen plaatsvindt.

3.

CEA neemt alleen aanvragen voor aanwijzing van Nederlandse accountants-opleidingen in behandeling.

4.

Het is in een specifieke situatie de combinatie van de verschillende aspecten zoals genoemd in lid 4 van dit artikel die bepaalt of er sprake is van een Nederlandse accountantsopleiding die in aanmerking kan komen voor een aanwijzing door CEA.

Artikel 7. Besluitvorming over een aanvraag

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.