Besluit van 22 februari 2017, houdende vaststelling van eisen inzake verlening van vertrouwensdiensten, tot intrekking van het Besluit elektronische handtekeningen en tot aanpassing van enige andere besluiten (Besluit vertrouwensdiensten)

Type AMvB
Publication 2023-11-09
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Hoofdstuk 3. Intrekking en wijziging andere besluiten

Artikel 4. Intrekking Besluit elektronische handtekeningen

Het Besluit elektronische handtekeningen wordt ingetrokken.

Artikel 5. Wijziging Aanbestedingsbesluit

Wijzigt het Aanbestedingsbesluit.

Artikel 6. Wijziging Aanbestedingsbesluit op defensie- en veiligheidsgebied

Wijzigt het Aanbestedingsbesluit op defensie- en veiligheidsgebied.

Artikel 7. Wijziging Besluit doorberekening kosten ACM

Wijzigt het Besluit doorberekening kosten ACM.

Artikel 8. Wijziging Besluit elektronische dienstverlening burgerlijke stand

Wijzigt het Besluit elektronische dienstverlening burgerlijke stand.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel 9. Wijziging Besluit elektronisch verkeer met de bestuursrechter

Wijzigt het Besluit elektronisch verkeer met de bestuursrechter.

Artikel 10. Wijziging Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet

Wijzigt het Besluit vergoedingen Telecommunicatiewet.

Artikel 11. Wijziging Handelsregisterbesluit 2008

Wijzigt het Handelsregisterbesluit 2008.

Artikel 12. Wijziging Uitvoeringsbesluit Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken

Wijzigt het Uitvoeringsbesluit Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken.

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Op de voordracht van Onze Minister van Economische Zaken, in overeenstemming met de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu, van 15 december 2016, nr. WJZ 16081159;

Gelet op de artikelen 16, eerste lid, 18.15a en 18.17a, tweede en zesde lid van de Telecommunicatiewet, artikel 6a, vierde en zesde lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, artikel 4.12, eerste lid, van de Aanbestedingswet 2012, artikel 3.1, eerste lid, van de Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied, artikel 18, vijfde lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 8:40a, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 17, eerste lid, aanhef en onder a, van de Handelsregisterwet 2007 en artikel 5, tweede en derde lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 25 januari 2017, nr. W15.16.0420/IV);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Economische Zaken van 20 februari 2017, nr. WJZ/17017060, uitgebracht in overeenstemming met de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Inhoudelijke bepalingen inzake vertrouwensdiensten

Artikel 2. Kennisgeving inbreuk veiligheid of verlies integriteit
1.

Dit artikel is van toepassing op een verlener van een vertrouwensdienst die op grond van artikel 19, tweede lid, van de eidas-verordening een kennisgeving doet van een inbreuk op de veiligheid of het verlies van integriteit.

2.

Bij een kennisgeving meldt de verlener van een vertrouwensdienst aan Onze Minister, aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie en, voor zover het persoonsgegevens betreft, aan het College bescherming persoonsgegevens in ieder geval:

3.

De kennisgeving aan degene aan wie de betrokken vertrouwensdienst is verleend wordt op zodanige wijze gedaan dat, rekening houdend met de aard van de inbreuk, de gevolgen daarvan en de kring van betrokkenen, een behoorlijke en zorgvuldige informatievoorziening is gewaarborgd.

4.

De kennisgeving aan Onze Minister, aan Onze Minister van Veiligheid en Justitie en, voor zover het persoonsgegevens betreft, aan het College bescherming persoonsgegevens wordt gedaan met gebruik making van een door Onze Minister, Onze Minister van Veiligheid en Justitie respectievelijk het College bescherming persoonsgegevens ter beschikking gesteld middel.

Artikel 3. Aanwijzing certificerende instellingen gekwalificeerde middelen aanmaken elektronische handtekeningen
1.

Een instelling die in aanmerking wenst te komen voor een aanwijzing als bedoeld in artikel 18.17a, eerste lid, van de wet dient daartoe een aanvraag in en voldoet aan de volgende eisen:

2.

De instelling die in aanmerking wenst te komen voor een aanwijzing als bedoeld in artikel 18.17a, eerste lid, van de wet voldoet, onverminderd het eerste lid, aan de volgende eisen:

3.

De instelling die deel uitmaakt van een organisatie die zich bezighoudt met andere activiteiten dan de beoordeling van de overeenstemming van gekwalificeerde middelen voor het aanmaken van elektronische handtekeningen of elektronische zegels met de eisen, bedoeld in bijlage II van de eidas-verordening, is binnen die organisatie herkenbaar als aangewezen instelling als bedoeld in artikel 18.17a, eerste lid, van de wet, en scheidt haar werkzaamheden zodanig van de andere activiteiten, dat daardoor de correcte beoordeling van overeenstemming van gekwalificeerde middelen is gewaarborgd.

4.

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de wijze waarop en bij wie een aanvraag tot aanwijzing als instelling als bedoeld in artikel 18.17a, eerste lid, van de wet geschiedt, de informatie die daarbij wordt overgelegd en het verlenen van medewerking terzake van een ingediende aanvraag.

5.

Aan een aanwijzing kunnen voorschriften worden verbonden die betrekking hebben op de duur van de aanwijzing, de kwaliteit van de organisatie en het verstrekken van informatie.

Hoofdstuk 3. Intrekking en wijziging andere besluiten

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Artikel 13. Inwerkingtreding
1.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Het besluit kan of de verschillende artikelen of onderdelen daarvan kunnen terugwerken tot en met een in dat koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

2.

Indien de Europese Commissie uitvoeringshandelingen inzake het definiëren van de formaten en procedures, met inbegrip van termijnen, vaststelt op grond van artikel 19, vierde lid, aanhef en onder b, van de eidas-verordening, vervalt artikel 2, of onderdelen daarvan, op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

3.

Indien de Europese Commissie uitvoeringshandelingen inzake de criteria waaraan de certificeringsinstellingen voor gekwalificeerde middelen voor het aanmaken van elektronische handtekeningen moeten voldoen, vaststelt op grond van artikel 30, vierde lid, van de eidas-verordening, vervalt artikel 3, of vervallen onderdelen daarvan, op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 14. Citeertitel

Dit Besluit wordt aangehaald als: Besluit vertrouwensdiensten.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 3a. Nadere regeling elektronische handtekening of zegel

Onder het in artikel 18.18, eerste lid, van de wet opgenomen verbod wordt mede verstaan de situatie waarin een elektronische handtekening of zegel wordt aangeboden als geavanceerde elektronische handtekening of geavanceerd elektronisch zegel, terwijl niet wordt voldaan aan de voor die handtekening onderscheidenlijk dat zegel in de eidas-verordening opgenomen eisen.

Hoofdstuk 3. Intrekking en wijziging andere besluiten

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.