Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 26 maart 2017, nr. PO/1116263, houdende regels voor subsidieverstrekking voor het inzetten van kennis en competenties van masteropgeleide leraren in een lerarenteam ten behoeve van schoolontwikkeling (Subsidieregeling Teambeurs primair onderwijs)

Type Ministeriële regeling
Publication 2019-07-09
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4, eerste en tweede lid, van de Wet overige OCW-subsidies en artikel 1.3 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Paragraaf 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Subsidieplafond
1.

Het subsidieplafond voor de periode vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot 1 september 2018 bedraagt € 11,7 miljoen.

2.

Het subsidieplafond voor nieuwe subsidieaanvragen in 2019 bedraagt €2.900.000

Artikel 3. Wijze van verdeling beschikbare middelen

De minister verdeelt het ingevolge het subsidieplafond beschikbare bedrag op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Paragraaf 2. Subsidie volgen masteropleidingen in teamverband en kennisinbedding

Artikel 4. Te subsidiëren activiteiten
1.

De minister kan aan het bevoegd gezag subsidie verstrekken voor:

2.

In aanvulling op de subsidie, bedoeld in het eerste lid, kan subsidie worden verstrekt voor:

3.

Subsidie als bedoeld in het eerste lid onderdeel a en b wordt verstrekt voor ten hoogste twee studiejaren. Subsidie als bedoeld in het eerste lid onderdeel c wordt verstrekt voor ten hoogste één studiejaar.

Artikel 5. Subsidieaanvraag
1.

Een aanvraag tot subsidieverstrekking bevat een activiteitenplan en begroting.

2.

Het activiteitenplan bevat ten minste:

3.

Voor zover het betreft subsidie tot € 125.000 zijn de artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling van overeenkomstige toepassing.

Artikel 6. Verplichtingen
1.

Het lerarenteam start uiterlijk zes maanden na het verstrekken van de subsidie met het volgen van de masteropleiding. De activiteiten, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel c, vangen na het afronden van de masteropleiding aan.

2.

Het bevoegd gezag verleent studieverlof voor het volgen van een masteropleiding en stelt het lerarenteam in staat de opgedane kennis te benutten ten behoeve van schoolontwikkeling.

Artikel 7. Omvang subsidie
1.

Per aanvraag als bedoeld in artikel 4, eerste lid, zijn de volgende maximale subsidiebedragen beschikbaar:

met dien verstande dat het subsidiebedrag voor een uur als bedoeld in onderdelen d en e, bedraagt € 40,89 voor leraren uit het primair onderwijs en € 43,02 voor leraren uit het speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs.

2.

Per aanvraag als bedoeld in artikel 4, tweede lid, is het volgende maximale subsidiebedrag beschikbaar:

Artikel 8. Aanvraagprocedure
1.

In 2017 kan tussen 1 mei tot en met 15 oktober en in 2018 kan tussen 1 april tot en met 15 oktober subsidie worden aangevraagd. In 2019 kan van 15 juli tot en met 15 oktober subsidie worden aangevraagd.

2.

De subsidie wordt aangevraagd door het bevoegd gezag van de school of scholen waar de leraren werkzaam zijn. Tevens ondertekenen de betrokken schoolleider of schoolleiders en leraren van het lerarenteam de aanvraag.

3.

Voor de aanvraag van subsidie wordt een door de minister vastgesteld modelformulier gebruikt dat is bekend gemaakt op de website www.dus-i.nl.

4.

De aanvrager verklaart in zijn aanvraag dat de leraren, bedoeld in artikel 4, eerste lid, voor minimaal 20% van de werktijd zijn belast met lesgebonden taken en pedagogisch-didactisch verantwoordelijk zijn voor het onderwijs aan leerlingen, voor zover de leraren niet intern begeleider of remedial teacher zijn.

5.

De aanvrager verklaart in zijn aanvraag dat de leraren, bedoeld in artikel 4, eerste lid, niet reeds uit andere hoofde van de minister een tegemoetkoming in de studiekosten hebben ontvangen voor het volgen van de opleiding waarvoor subsidie wordt aangevraagd.

6.

Indien een aanvraag betrekking heeft op een masteropleiding die nog niet geaccrediteerd is, besluit de minister voor dat deel van de aanvraag niet eerder op de aanvraag dan nadat de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie een besluit heeft genomen over de accreditatie van die opleiding. De uiterste datum waarop de minister beslist is 1 februari 2020.

Artikel 9. Weigeringsgronden

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht weigert de minister subsidie indien een leraar als bedoeld in artikel 4, eerste lid:

Artikel 10. Terugvordering
1.

De minister kan subsidie in ieder geval terugvorderen voor zover:

2.

Het bevoegd gezag doet in ieder geval melding van de gevallen, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 11. Besteding en verantwoording
1.

De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag.

2.

De minister betaalt de subsidie ineens.

3.

Indien de activiteiten volledig zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

4.

De verantwoording geschiedt in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs met model G, onderdeel 1.

Paragraaf 3. Subsidie ontwikkelkosten masteropleiding

Artikel 12. Te subsidiëren activiteiten

De minister kan subsidie verstrekken aan het bevoegd gezag voor het samen met een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, ontwikkelen van een nieuwe masteropleiding die is gericht op teams van leraren en teamontwikkeling.

Artikel 13. Subsidieaanvraag
1.

In 2017 kan tussen 1 mei tot en met 15 oktober en in 2018 kan tussen 1 april tot en met 15 oktober subsidie worden aangevraagd.

2.

Een aanvraag tot subsidieverstrekking bevat een activiteitenplan en begroting.

3.

Het activiteitenplan bevat ten minste:

4.

Het bevoegd gezag voegt bij de aanvraag een verklaring van de betrokken instelling voor hoger onderwijs toe waaruit blijkt dat de instelling samen met het bevoegd gezag een nieuwe masteropleiding ontwikkelt gericht op lerarenteams en teamontwikkeling.

5.

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die worden verricht door personeel dat in dienst is bij het bevoegd gezag.

6.

In de begroting worden gebruikelijke uurtarieven gehanteerd, passend bij de functie van de betrokken personeelsleden.

7.

Voor zover het betreft subsidie tot € 125.000 zijn de artikelen 3.4 tot en met 3.7 van de Kaderregeling van overeenkomstige toepassing.

Artikel 14. Uitvoering activiteiten

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.