← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Veiligheid en Justitie van 15 juni 2017, nr. 2086428, houdende bepalingen met betrekking tot onderzoek ter vaststelling van het gebruik van alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer (Regeling alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer)

Geldende tekst a fecha 2022-07-01

Gelet op de artikelen 4, eerste lid, 6, eerste lid, 8, eerste lid, 10, eerste en vierde lid, 11, derde lid onder b, 12, eerste en tweede lid, 13, eerste lid, onder d, 16, eerste lid, 19, derde lid, van het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer;

Besluit:

Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wijzigingswet Wegenverkeerswet 1994 (verbeteren aanpak rijden onder invloed van drugs) (Stb. 2014/353) in werking treedt.

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder het Besluit: het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer.

Artikel 2
1.

Als uiterlijke kenmerken als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van het Besluit waarop een onderzoek van de psychomotorische functies en de oog- en spraakfuncties is gericht voor het verkrijgen van een vermoeden van het gebruik van alcohol, worden aangewezen:

2.

Als uiterlijke kenmerken als bedoeld in artikel 4, eerste lid, van het Besluit waarop een onderzoek van de psychomotorische functies en de oog- en spraakfuncties is gericht voor het verkrijgen van een vermoeden van het gebruik van een of meer van de in artikel 2 van het Besluit aangewezen stoffen of van een of meer andere stoffen als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 dan die stoffen of alcohol worden aangewezen:

Artikel 3

Voor het verrichten van een voorlopig ademonderzoek als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Besluit wordt de Dräger Alcotest 7510 ademtester aangewezen.

Artikel 4

Voor het verrichten van een onderzoek van speeksel als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van het Besluit, worden het type Securetec DrugWipe 5S en tot 1 maart 2023 tevens het type Dräger DrugCheck® 3000 als speekseltesters aangewezen.

Artikel 5
1.

Voor het verrichten van een ademonderzoek als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Besluit worden de ademanalyseapparaten van Dräger Alcotest 9510 NL aangewezen die zijn voorzien van het goedkeuringsteken T7802.

2.

Het alcoholgehalte wordt bepaald door toepassing van de volgende correctie op het rekenkundig gemiddelde van de twee meetresultaten, bedoeld in artikel 10, vierde lid, van het Besluit:

3.

Het resultaat van het ademonderzoek mag niet worden aangewezen of afgedrukt indien het verschil tussen de beide meetresultaten groter is dan 10% van het kleinste meetresultaat.

Artikel 6
1.

De hoeveelheid bloed die wordt afgenomen ten behoeve van een bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder b, van het Besluit en een aanvullend bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van het Besluit, bedraagt bij voorkeur 8 milliliter, maar ten minste 3 milliliter.

2.

Voor de bloedafname, bedoeld in het eerste lid, worden de volgende hulpmiddelen voorgeschreven:

3.

Voor de verzending van de buisjes, bedoeld in het tweede lid, wordt de volgende verpakking voorgeschreven:

Artikel 7
1.

De methode voor de uitvoering van een bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder b, van het Besluit voldoet aan de eisen, genoemd in bijlage 1 bij deze regeling.

2.

De methode voor de uitvoering van een aanvullend bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van het Besluit voldoet aan de eisen, genoemd in bijlage 2 bij deze regeling.

Artikel 8
1.

Het verschuldigde bedrag voor de bloedafname, bedoeld in artikel 11, derde lid, onder b, van het Besluit, ten behoeve van een tegenonderzoek bedraagt € 78 indien het afnemen van het bloed door een arts of verpleegkundige geschiedt in de periode van 8.00 uur tot 18.00 uur en € 102 indien het afnemen geschiedt in de periode van 18.00 uur tot 8.00 uur of in de periode van 18.00 uur vrijdagavond tot 8.00 uur maandagochtend.

2.

Voor de verzending van het buisje met bloed bestemd voor het tegenonderzoek naar het gehalte van alcohol en naar het gehalte van een of meer van de in artikel 2 van het Besluit aangewezen stoffen of een andere stof als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 zijn de in bijlage 3 opgenomen kosten verschuldigd.

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip waarop de wet van 26 september 2014 tot wijziging van de Wegenverkeerswet 1994 in verband met het verbeteren van de aanpak van het rijden onder invloed van drugs (Stb. 2014, 353) in werking treedt.

Artikel 11

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling alcohol, drugs en geneesmiddelen in het verkeer.

Bijlage 1. behorende bij artikel 7, eerste lid

De eisen aan de methode met behulp waarvan bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder b, van het Besluit wordt verricht:

Aangewezen stof Meetbare stof Grenswaarde indien enkelvoudig gebruikt Grenswaarde indien in combinatie gebruikt Eindresultaat in bloed [Sporen Identificatie Nummer] Rapportage eenheid
alcohol ethanol# 0,50 of 0,20 @ 0,20 milligram per milliliter
amfetamine amfetamine 50* 25 microgram per liter
methamfetamine methamfetamine 50* 25 microgram per liter
MDMA MDMA 50* 25 microgram per liter
MDEA MDEA 50* 25 microgram per liter
MDA MDA 50* 25 microgram per liter
Groep amfetamine-achtigen * 50* 50* microgram per liter
cannabis THC 3,0 1,0 microgram per liter
cocaïne cocaïne 50 10 microgram per liter
heroïne/morfine morfine 20 10 microgram per liter
GHB, gamma butyrolacton of 1,4-butaandiol GHB 10 5 milligram per liter

Bijlage 1. behorende bij artikel 7, eerste lid

De eisen aan de methode met behulp waarvan bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder b, van het Besluit wordt verricht:

Waarbij:

U: De ‘uitgebreide meetonzekerheid’

bias: Intra-laboratorium bias, bepaald d.m.v. het CRM

k: Dekkingsfactor 2,3 (behorende bij een eenzijdig 99% betrouwbaarheidsinterval)

sCref: Standaardafwijking op het CRM

p: Aantal participerende laboratoria waarmee CRM waarde is vastgesteld

s: Intra-laboratorium reproduceerbaarheid, bepaald d.m.v. het CRM of eerstelijnscontroles

n: Aantal waarnemingen om intra-laboratorium reproduceerbaarheid mee vast te stellen

Een minimaal aantal van 20 waarnemingen op CRM is nodig om de intra-laboratorium bias en reproduceerbaarheid vast te stellen.

Waarbij:

U: De ‘uitgebreide meetonzekerheid’

bias: Intra-laboratorium bias, bepaald d.m.v. het CRM

k: Dekkingsfactor 2,3 (behorende bij een eenzijdig 99% betrouwbaarheidsinterval)

sCref: Standaardafwijking op het CRM

p: Aantal participerende laboratoria waarmee CRM waarde is vastgesteld

s: Intra-laboratorium reproduceerbaarheid, bepaald d.m.v. het CRM of eerstelijnscontroles

n: Aantal waarnemingen om intra-laboratorium reproduceerbaarheid mee vast te stellen

Een minimaal aantal van 20 waarnemingen op CRM is nodig om de intra-laboratorium bias en reproduceerbaarheid vast te stellen.

Aangewezen stof Meetbare stof Grenswaarde indien enkelvoudig gebruikt Grenswaarde indien in combinatie gebruikt Eindresultaat in bloed [Sporen Identificatie Nummer] Rapportage eenheid
alcohol ethanol# 0,50 of 0,20 @ 0,20 milligram per milliliter
amfetamine amfetamine 50* 25 microgram per liter
methamfetamine methamfetamine 50* 25 microgram per liter
MDMA MDMA 50* 25 microgram per liter
MDEA MDEA 50* 25 microgram per liter
MDA MDA 50* 25 microgram per liter
Groep amfetamine-achtigen * 50* 50* microgram per liter
cannabis THC 3,0 1,0 microgram per liter
cocaïne cocaïne 50 10 microgram per liter
heroïne/morfine morfine 20 10 microgram per liter
GHB, gamma butyrolacton of 1,4-butaandiol GHB 10 5 milligram per liter

Bijlage 2. behorende bij artikel 7, tweede lid

De eisen aan de methode met behulp waarvan een aanvullend bloedonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van het Besluit wordt verricht:

Verzending naar een laboratorium buiten Nederland

Indien de verdachte een laboratorium buiten Nederland aanwijst voor tegenonderzoek zullen de verzendkosten hoger liggen. Naast de kilometerprijs dient in dat geval rekening gehouden te worden met eventuele reis- en verblijfkosten van de transporteur. Aan het transportbedrijf wordt in deze situatie door de instantie die het bloed verstuurt, gevraagd een offerte op te maken en krijgt de verdachte binnen twee werkdagen een terugkoppeling van de verzendkosten.

De regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 1a

Als ambtenaren als bedoeld in artikel 163, vijfde en zevende lid, van de Wegenverkeerswet 1994, artikel 28a, zesde, negende en tiende lid, van de Scheepvaartverkeerswet, artikel 89, vijfde, achtste en negende lid, van de Spoorwegwet, artikel 48, vijfde, achtste en negende lid, van de Wet lokaal spoor en artikel 11.6, vijfde, achtste en negende lid, van de Wet luchtvaart worden aangewezen de ambtenaren van politie die in schaal 8 of hoger zijn benoemd.

Bijlage 3. behorende bij artikel bij artikel 8, tweede lid

Verzending naar een laboratorium buiten Nederland

Indien de verdachte een laboratorium buiten Nederland aanwijst voor tegenonderzoek zullen de verzendkosten hoger liggen. Naast de kilometerprijs dient in dat geval rekening gehouden te worden met eventuele reis- en verblijfkosten van de transporteur. Aan het transportbedrijf wordt in deze situatie door de instantie die het bloed verstuurt, gevraagd een offerte op te maken en krijgt de verdachte binnen twee werkdagen een terugkoppeling van de verzendkosten.

De regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.