Inkomstenregeling militairen

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-05-16
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op het Inkomstenbesluit militairen (IBM);

Besluit:

De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 1a. Commandant

Onder commandant, bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van het besluit, wordt verstaan de functionaris genoemd in de Regeling aanwijzing commandanten defensie, ieder voor de onder hem ressorterende militairen.

Artikel 2. Betaling van inkomsten
1.

Onverminderd het tweede en het derde lid geschiedt de betaling van de inkomsten maandelijks door overschrijving naar een bankrekening van de militair.

2.

De betaling van de vakantie-uitkering geschiedt jaarlijks in de maand mei met betrekking tot het daaraan voorafgaande tijdvak van juni van het voorgaande jaar tot en met mei van het lopende jaar. Indien de aanspraak op de vakantie-uitkering in de loop van dat tijdvak komt te vervallen, geschiedt de betaling tussentijds.

3.

De betaling van de eindejaarsuitkering geschiedt jaarlijks in de maand november met betrekking tot het tijdvak van december van het voorgaande jaar tot en met november van het lopende jaar. Indien de aanspraak op de eindejaarsuitkering in de loop van dat tijdvak komt te vervallen, geschiedt de betaling tussentijds.

4.

In bijzondere gevallen kan het hoofd defensieonderdeel bepalen dat de inkomsten van de militair, bedoeld in artikel 19 of 21 van het besluit, aan anderen dan aan die militair worden betaald.

Hoofdstuk 2. Salaris, bindingspremie en beloningen

Artikel 3. Bezoldiging reservepersoneel
1.

De bezoldiging van de militair aangesteld bij het reservepersoneel in werkelijke dienst bedraagt per feitelijk gewerkt uur 1/165e van de maandbezoldiging.

2.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt een gedeelte van een uur berekend per minuut en het aantal uren gemaximeerd tot 165 uur per maand.

Artikel 3a. Algemeen deel initiële opleiding
1.

Voor de militair die de opleiding tot officier volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding voor degene die:

2.

Voor de militair die de opleiding tot onderofficier volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding voor:

3.

Voor de militair die bij het Commando Landstrijdkrachten dan wel het Commando Luchtstrijdkrachten de opleiding tot korporaal volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding het succesvol afronden van de Algemene Militaire Opleiding (AMO);

4.

Voor de militair die bij de Koninklijke Marechaussee de opleiding tot marechaussee der tweede klasse volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding het succesvol afronden van de Algemene Militaire Basis Vaardigheden (AMBV) en de Basismodule KMar Vorming (BKV).

5.

Voor de militair die bij het Commando Zeestrijdkrachten de opleiding waaraan een stand is verbonden volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding het succesvol afronden van de Eerste Maritieme Militaire Vorming (EMMV).

6.

Voor de militair die de opleiding tot soldaat volgt, geldt als algemeen deel van de initiële opleiding voor:

Artikel 4. Bindingspremie
1.

De bindingspremie, bedoeld in artikel 12 van het besluit, heeft een tijdelijk karakter en wordt voor een periode van ten hoogste vijf jaar toegekend. De aanspraak op de premie ontstaat eerst na afloop van de periode waarvoor de bindingspremie is toegekend.

2.

Met inachtneming van het eerste lid kan bij wijze van voorschot voor ten hoogste 60% van de in het jaar van toekenning geldende bezoldiging worden uitbetaald met dien verstande dat nooit meer kan worden uitbetaald dan de totale bindingspremie.

3.

Het is toegestaan na ommekomst van de bindingsperiode opnieuw een bindingspremie toe te kennen.

4.

Bindingspremies worden niet toegekend aan militairen op wie reeds een maatregel met een bindende werking van toepassing is.

5.

Over de periode waarvoor de bindingspremie is toegekend, bedraagt de premie gemiddeld jaarlijks maximaal 30% van de in het betreffende jaar genoten bezoldiging. Indien een bindingspremie wordt toegekend over een periode langer dan één jaar, dan kunnen over de onderscheidenlijke jaren afwijkende opbouwende percentages per jaar worden toegekend.

6.

Uitbetaling van de premie vindt plaats binnen twee maanden nadat de militair de in het eerste lid bedoelde periode heeft voltooid.

7.

Indien binnen de periode waarvoor de bindingspremie is toegekend ontslag wordt verleend, betaalt de militair de vooraf betaalde premiebedragen terug.

8.

Indien de billijkheid dat vordert kan de commandant operationeel commando gehele of gedeeltelijke ontheffing van de terugbetalingsverplichting vaststellen. Hiervan is in elk geval sprake indien het ontslag het gevolg is van omstandigheden die niet aan de militair te wijten zijn.

9.

Indien naar het oordeel van de commandant operationeel commando in ieder geval sprake is van een significant beloningsverschil met de arbeidsmarkt die een mate van uitstroom van militair personeel teweegbrengt die de operationele gereedheid en inzetbaarheid van de krijgsmacht in gevaar brengt, kan de commandant operationeel commando, door tussenkomst van de Commandant der Strijdkrachten, een voordracht doen aan de Hoofddirecteur Personeel voor het toekennen van een bijzondere bindingspremie. Indien naar het oordeel van de Hoofddirecteur Personeel daarvan sprake is, kan in afwijking van het eerste, tweede en vijfde lid, met inachtneming van dit oordeel aan een militair door de commandant operationeel commando een bijzondere bindingspremie worden toegekend. Deze premie kan eenmalig worden toegekend voor een periode gelegen tussen ten minste vijf jaar en ten hoogste acht jaar voor maximaal 50% van de in het betreffende jaar genoten bezoldiging en met een voorschot van ten hoogste 75% van de in het betreffende jaar genoten bezoldiging, met dien verstande dat nooit meer kan worden uitbetaald dan de totale bindingspremie.

Artikel 5. Beloningen
1.

De totale waarde van één of meer van de beloningen, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van het besluit, bedraagt maximaal 20% van de tot een jaarbedrag herleide bezoldiging in de maand van toekenning. Bij de berekening van de totale waarde van de beloningen wordt geen rekening gehouden met de verschuldigde loonheffing en inhoudingen, bedoeld in het tweede lid.

2.

De in voorkomend geval over één of meer van de beloningen verschuldigde loonheffing en inhoudingen, bedoeld in paragraaf 5 van de Wet financiële voorzieningen privatisering ABP, komen voor rekening van Defensie.

Artikel 5a. Samenloop functioneringstoelage, bindingspremie en beloningen
1.

Bij toekenning van een aanspraak op een functioneringstoelage, als bedoeld in artikel 12a van het besluit, een bindingspremie, als bedoeld in artikel 12 van het besluit jo artikel 4, eerste lid, of een beloning, als bedoeld in artikel 13 van het besluit, bedraagt de totale waarde van die aanspraken, gerekend over de voorafgaande 12 maanden, maximaal 40% van de tot een jaarbedrag herleide bezoldiging in de maand van de toekenning.

2.

Onverminderd het eerste lid bedraagt bij het toekennen van een bindingspremie op grond van artikel 4, negende lid, de totale waarde van die aanspraken, gerekend over de voorgaande 12 maanden, maximaal 50% van de tot een jaarbedrag herleide bezoldiging in de maand van toekenning.

Artikel 6. Maatregel voor negatieve inkomenseffecten pensioenpremie

Vervallen

Artikel 6a. Maatregel in verband met verminderd pensioenvooruitzicht
1.

In dit artikel wordt verstaan onder:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.