← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Infrastructuur en Milieu, van 25 oktober 2017, nr. IENM/BSK-2017/224836, houdende regels voor de verstrekking van een tijdelijke subsidie aan de Stichting Geonovum (Tijdelijke subsidieregeling Geonovum 2017–2021)

Geldende tekst a fecha 2017-01-01

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, onderdeel d, 4, eerste en tweede lid, en 5 van de Kaderwet subsidies I en M en de artikelen 2 en 4 van het Kaderbesluit subsidies I en M;

BESLUIT:

Artikel 1. (begripsbepalingen)

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. (doel subsidie)
1.

De Minister kan voor de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2021 op aanvraag per boekjaar subsidie verstrekken aan Geonovum voor het verrichten van activiteiten ten behoeve van het uitvoeren van het basisprogramma.

2.

Geen subsidie wordt verstrekt voor zover de activiteiten zijn te kwalificeren als economische activiteiten.

Artikel 3. (toepassing Afdeling 4.2.8 Awb)

Afdeling 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op de op grond van deze regeling verstrekte subsidies.

Artikel 4. (maximale subsidiebedrag en subsidiabele kosten)
1.

Het subsidiebedrag bedraagt voor de jaren 2017 tot en met 2021 maximaal € 1.900.000,–, met een maximum per jaar van € 380.000,–.

2.

Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de naar het oordeel van de Minister noodzakelijke, rechtstreeks aan de activiteiten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, toe te rekenen en door Geonovum gemaakte en betaalde kosten.

3.

Subsidiabele kosten kunnen ook betrekking hebben op de voor de indiening van de subsidieaanvraag gemaakte kosten in 2017.

Artikel 5. (aanvraag tot subsidieverlening)
1.

De aanvraag tot subsidieverlening dient uiterlijk op 1 november van het jaar voorafgaand aan het boekjaar waarvoor subsidie wordt aangevraagd bij de Minister te worden ingediend. De aanvraag bevat het door het bestuur van Geonovum, na goedkeuring van de raad van toezicht van Geonovum, vastgestelde jaarplan voor het basisprogramma, de hierbij behorende begroting en het bedrag van de gevraagde subsidie.

2.

In afwijking van het eerste lid wordt de aanvraag tot subsidieverlening voor het boekjaar 2017 en het boekjaar 2018 ingediend binnen een maand na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze regeling is geplaatst.

Artikel 6. (weigeringsgrond)

In aanvulling op artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht kan de Minister de subsidieverlening geheel of gedeeltelijk weigeren indien naar zijn oordeel de aanvraag onderdelen bevat die niet passen in het basisprogramma of te zijn kwalificeren als economische activiteiten.

Artikel 7. (subsidieverlening)

De Minister beslist binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag.

Artikel 8. (begrotingsvoorbehoud)

Voor zover de subsidie wordt verleend ten laste van de nog niet door de Staten-Generaal aangenomen rijksbegroting, wordt in de beschikking tot subsidieverlening vermeld dat de subsidieverlening plaatsvindt onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld in de wet tot vaststelling van de rijksbegroting, onderdeel Infrastructuur en Milieu.

Artikel 9. (verplichtingen Geonovum)
1.

In aanvulling op de verplichtingen, bedoeld in artikel 4:37, eerste lid, op grond van de Algemene wet bestuursrecht is Geonovum verplicht tot:

2.

Indien naast de niet-economische activiteiten ook economische activiteiten worden verricht, dienen beide soorten activiteiten en de financiering ervan in de boekhouding te worden onderscheiden.

3.

Tevens draagt Geonovum ervoor zorg dat:

Artikel 10. (verplichtingen Geonovum in beschikking)

De Minister kan bij de beschikking tot subsidieverlening verplichtingen opleggen met betrekking tot:

Artikel 11. (voorschot)
1.

De Minister kan een voorschot verlenen. De beschikking daartoe wordt ambtshalve gelijktijdig met de beschikking tot subsidieverlening gegeven.

2.

Het voorschot wordt uitgekeerd in termijnen waarvan de hoogte en de tijdstippen in de beschikking worden bepaald.

3.

De Minister verleent geen voorschot indien Geonovum niet heeft voldaan aan ingevolge de subsidieverlening voor hem geldende verplichtingen, dan wel indien Geonovum failliet is verklaard of hem surseance van betaling is verleend of op hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.

Artikel 12. (toestemming Minister)

Geonovum behoeft toestemming van de Minister voor de handelingen, genoemd in artikel 4:71, eerste lid, onderdelen a, b, i en j, van de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 13. (aanvraag subsidievaststelling)

Geonovum dient de aanvraag tot subsidievaststelling bij de Minister in binnen dertien weken volgend op het boekjaar waarvoor de subsidie is verleend.

Artikel 14. (subsidievaststelling)
1.

De Minister geeft een beschikking tot subsidievaststelling binnen tweeëntwintig weken na ontvangst van de aanvraag tot subsidievaststelling.

2.

Indien de beschikking niet binnen tweeëntwintig weken kan worden gegeven, deelt de Minister dit aan Geonovum mede en noemt hij daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking tegemoet kan worden gezien.

Artikel 15. (inwerkingtreding)
1.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2017.

2.

Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2022, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op reeds verleende subsidies.

Artikel 16. (citeertitel)

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Geonovum 2017-2021.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.