← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat van 4 december 2017, nr. WJZ / 16181067, houdende regels met betrekking tot het verstrekken van subsidies ter uitvoering van het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen (Regeling subsidie uitvoering Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen)

Geldende tekst a fecha 2017-12-18

Gelet op de artikelen 2, tweede lid, 4, 5, 15, 16, 17, eerste lid, 19, tweede en derde lid, 25, 43, 44, 48, eerste lid, 50, achtste lid, van het Kaderbesluit nationale EZ-subsidies;

Besluit:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 1.2. Openstelling
1.

Subsidieaanvragen als bedoeld in deze regeling kunnen worden ingediend in de periode van 18 december 2017 tot en met 30 september 2018.

2.

Aanvragen zijn tijdig ingediend indien zij op de genoemde einddatum vóór 17.00 uur zijn ontvangen.

Artikel 1.3. Subsidieplafonds

De subsidieplafonds bedragen:

§ 2. Subsidie informeren en doorverwijzen

Artikel 2.1. Subsidieaanvraag

De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken voor een project dat tot doel heeft het informeren en doorverwijzen en in het kader daarvan begeleiden van particulieren die te maken hebben met schadelijke gevolgen van de mijnbouwactiviteiten in het aardbevingsgebied.

Artikel 2.2. Hoogte subsidie

De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten doch ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 1.3, onderdeel a.

Artikel 2.3. Verdeling subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 2.4. Realisatietermijn

De termijn, bedoeld in artikel 23, onderdeel b, van het besluit, is de periode tot en met 31 december van het jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd.

Artikel 2.5. Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie indien:

Artikel 2.6. Informatieverplichtingen

Een aanvraag voor subsidie op grond van artikel 2.1 bevat ten minste:

Artikel 2.7. Staatssteun

De subsidie, bedoeld in artikel 2.1, bevat geen staatssteun.

Artikel 2.8. Vervaltermijn

Deze paragraaf vervalt met ingang van 1 december 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn verleend.

§ 3. Subsidie maatschappelijke betrokkenheid

Artikel 3.1. Subsidieaanvraag

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een rechtspersoon die is toegetreden tot de maatschappelijke stuurgroep die bestaat uit vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en bewoners van het aardbevingsgebied en die de Nationaal Coördinator Groningen adviseert over de inhoud en uitvoering van het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen voor het in het kalenderjaar waarvoor de subsidieaanvraag wordt gedaan, namens de achterban voorbereiden van de advisering van de Nationaal Coördinator Groningen over de inhoud en uitvoering van het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen in de maatschappelijke stuurgroep en het informeren van de eigen achterban daarover.

Artikel 3.2. Hoogte subsidie
1.

De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten doch ten hoogste € 25.000.

2.

In afwijking van het eerste lid bedraagt de subsidie ten hoogste € 220.000 indien:

Artikel 3.3. Subsidiabele kosten

In aanvulling op artikel 10, vierde lid, van het besluit, worden, indien de subsidieaanvrager ondernemingen vertegenwoordigt die actief zijn in de primaire landbouw:

Artikel 3.4. Verdeling subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 3.5. Subsidieverplichtingen

De subsidieontvanger zorgt ervoor dat:

Artikel 3.6. Voorschot

In afwijking van artikel 45, tweede lid, in combinatie met artikel 46, eerste tot en met vierde, zevende en tiende lid, van het besluit bedraagt de hoogte van het voorschot voor de subsidie, bedoeld in artikel 3.2, tweede lid, 100% van de maximale hoogte van de subsidie.

Artikel 3.7. Informatieverplichtingen

Een aanvraag voor subsidie op grond van artikel 3.1 bevat ten minste:

Artikel 3.8. Subsidievaststelling

In afwijking van artikel 50, eerste lid, van het besluit wordt de subsidie ambtshalve vastgesteld.

Artikel 3.9. Staatssteun
1.

De subsidie, bedoeld in artikel 3.1 bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door de algemene de-minimisverordening of, indien de subsidieontvanger ondernemingen vertegenwoordigt die actief zijn in de primaire landbouw, artikel 21 van de groepsvrijstellingsverordening landbouw.

2.

Indien de subsidie wordt gerechtvaardigd door de groepsvrijstellingsverordening landbouw, maakt de minister binnen zes maanden na de datum van subsidieverlening de gegevens, bedoeld in artikel 10, tweede lid, onderdelen a en b, van de groepsvrijstellingsverordening landbouw bekend.

Artikel 3.10. Vervaltermijn

Deze paragraaf vervalt met ingang van 1 december 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn verleend.

§ 4. Subsidie opleiding in de bouw

Artikel 4.1. Subsidieaanvraag

De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, een instelling als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs of een samenwerkingsverband waaraan deze instellingen deelnemen voor de vergaring, ontsluiting, deling en actieve verspreiding van kennis voor de huidige en toekomstige beroepsbevolking die op enigerlei wijze betrokken is of zal worden bij de aardbevingsproblematiek van het Groningenveld waardoor de inzetbaarheid van de beroepsbevolking wordt vergroot.

Artikel 4.2. Hoogte subsidie

De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten doch ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 1.3, onderdeel c.

Artikel 4.3. Verdeling subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 4.4. Realisatietermijn

De termijn, bedoeld in artikel 23, onderdeel b, van het besluit, is de periode tot en met 31 december van het jaar waarvoor de subsidie is aangevraagd.

Artikel 4.5. Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie indien:

Artikel 4.6. Subsidieverplichtingen

De subsidieontvanger investeert eventuele opbrengsten van het project in het publiek bekostigde onderwijs van de subsidieontvanger of, indien de subsidie wordt aangevraagd door een samenwerkingsverband, de deelnemers aan dit samenwerkingsverband.

Artikel 4.7. Informatieverplichtingen

Een aanvraag voor subsidie als bedoeld in artikel 4.1 bevat in ieder geval:

Artikel 4.8. Staatssteun

De subsidie, bedoeld in artikel 4.1 bevat geen staatssteun.

Artikel 4.9. Vervaltermijn

Deze paragraaf vervalt met ingang van 1 december 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.

§ 5. Subsidie uitvoering doelen Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen

Artikel 5.1. Subsidieaanvraag

De minister kan op aanvraag subsidie verstrekken aan een natuurlijk persoon, een rechtspersoon of een samenwerkingsverband voor een project dat tot doel heeft de verwezenlijking van één of meerdere van de doelen uit het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen en die zijn opgenomen in de bijlage.

Artikel 5.2. Hoogte subsidie

De subsidie bedraagt 100% van de subsidiabele kosten doch ten hoogste het bedrag, genoemd in artikel 1.3, onderdeel d.

Artikel 5.3. Verdeling subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 5.4. Afwijzingsgronden

De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie indien:

Artikel 5.5. Informatieverplichtingen
1.

Een aanvraag voor subsidie op grond van artikel 5.1 bevat ten minste:

2.

Indien de subsidie staatssteun bevat, bevat de aanvraag tevens een verklaring de-minimissteun als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de algemene de-minimisverordening of artikel 6, eerste lid, van de de-minimisverordening landbouw.

Artikel 5.6. Staatssteun

De subsidie, bedoeld in artikel 5.1 kan staatssteun bevatten en wordt dan gerechtvaardigd door de algemene de-minimisverordening of de de-minimisverordening landbouw.

Artikel 5.7. Vervaltermijn

Deze paragraaf vervalt met ingang van 1 december 2022, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.

§ 6. Slotbepalingen

Artikel 6.1. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling subsidie uitvoering Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen.

Artikel 6.2. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 18 december 2017.

Bijlage. behorend bij artikel 5.1 van de Regeling subsidie uitvoering Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen

De doelen uit het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen, bedoeld in artikel 5.1 zijn:

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.