Besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 22 december 2017, nr. 2017-0000633621, houdende vaststelling van het organisatiebesluit Rijksvastgoedbedrijf (Besluit taak RVB 2017)

Type Ministeriële regeling
Publication 2024-05-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Handelend in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad;

Gelet op artikel 3, tweede lid, van het Coördinatiebesluit organisatie en bedrijfsvoering rijksdienst 2011;

Besluit:

Artikel 1. Definitiebepaling

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2. Huisvesting Rijk
1.

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het in gebruik geven van onroerende zaken aan:

een en ander voor zover deze taak niet bij of krachtens de wet is opgedragen aan een van de andere ministers.

2.

Het Rijksvastgoedbedrijf is tevens belast met het in gebruik geven van onroerende zaken aan andere organisaties dan bedoeld in het eerste lid, op verzoek van een van de andere ministers, indien aan de nadere voorwaarden voor deze ingebruikgeving, gesteld door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, is voldaan.

3.

De taak, bedoeld in het eerste en tweede lid, omvat ook het zo nodig daarvoor in eigendom verwerven van, het verkrijgen van beperkt zakelijke rechten op, en het aanhuren van onroerende zaken, het bouwen, verbouwen en inrichten daarvan en het uitbrengen van adviezen met betrekking tot het in het eerste en tweede lid bedoelde in gebruik geven van onroerende zaken.

4.

De taak, bedoeld in het eerste lid, omvat niet:

Artikel 3. Huisvesting Koninklijk Huis
1.

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het tot gebruik ter beschikking stellen van de paleizen, genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis.

2.

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het tot gebruik ter beschikking stellen van onroerende zaken overeenkomstig artikel 4, tweede, derde en vierde lid, van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis.

3.

De taak, bedoeld in het tweede lid, omvat ook het zo nodig daarvoor in eigendom verwerven van, het verkrijgen van beperkt zakelijke rechten met betrekking tot en het aanhuren van onroerende zaken als bedoeld in dit lid, het bouwen, verbouwen en inrichten daarvan en het adviseren hieromtrent.

Artikel 4. Materieelbeheer van onroerende zaken
1.

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het materieelbeheer van:

voor zover deze taak niet bij of krachtens wet of in een proces-verbaal aan een van de andere ministers is op- of overgedragen.

2.

De taak bedoeld in het eerste lid omvat mede het onderhoud, vernieuwen en aanvullen van de aan de Staat toebehorende roerende zaken die behoren tot de vaste inrichting van de paleizen, genoemd in artikel 4, eerste lid, van de Wet financieel statuut van het Koninklijk Huis.

Artikel 5. Zorg voor architectuur, stedenbouwkundige inpassing, beeldende kunst en duurzaamheid

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met de bevordering en bewaking van de kwaliteit van de architectuur, van de stedenbouwkundige inpassing, van de beeldende kunst en van de duurzaamheid bij de uitvoering van de taken genoemd in de artikelen 2, eerste en tweede lid, 3, eerste en tweede lid, 4, eerste lid, onderdelen a, b, c, d, e en g, en tweede lid, en 7.

Artikel 6. Privaatrechtelijk beheer van onroerende zaken

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met:

voor zover daarmee niet bij of krachtens de wet een van de andere ministers is belast.

Artikel 7. Inzet onroerende zaken met het oog op nationale beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving
1.

Het Rijksvastgoedbedrijf is ter ondersteuning van de verwezenlijking van nationale beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving belast met:

2.

Het Rijksvastgoedbedrijf is in het kader van het deelnemen in processen ter ondersteuning van de verwezenlijking van nationale beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving, bedoeld in artikel 1, onder i, aanhef en onder 2°, tevens belast met andere handelingen die voor het welslagen van de wijziging van de toedeling van functies aan locaties en het verzekeren van de realisatie van de nieuwe functie noodzakelijk zijn, daaronder in elk geval begrepen:

Artikel 8. Bodemmaterialen, nalatenschappen en historische scheepswrakken

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met:

Artikel 9. Dienstverlening aan derden

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het op verzoek van een van de andere ministers, ondersteunen van organisaties als bedoeld in artikel 2, tweede lid, bij:

indien aan de nadere voorwaarden voor deze dienstverlening, gesteld door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, is voldaan.

Artikel 10. Aankoop van vastgoed met oog op doorverkoop aan derden

Het Rijksvastgoedbedrijf is belast met het op verzoek van een van de andere ministers in eigendom verwerven van onroerende zaken of verwerven van appartementsrechten van organisaties als bedoeld in artikel 2, tweede lid, teneinde deze onroerende zaken of appartementsrechten vervolgens te vervreemden aan derden, indien aan de nadere voorwaarden voor deze verwerving en vervreemding, gesteld door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, is voldaan.

Artikel 11. Overige taken

Het Rijksvastgoedbedrijf kan op verzoek van andere ministers taken en bevoegdheden namens hen uitoefenen.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2018.

Artikel 13. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit taak RVB 2017.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.