Regeling van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 7 maart 2018, nr. 2018-0000027251, tot vaststelling van een tijdelijke regeling ter compensatie van zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en meewerkende echtgenoten die in het tijdvak 7 mei 2005 tot 4 juni 2008 geen recht hadden op uitkering wegens zwangerschap en bevalling (Tijdelijke regeling compensatie zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en meewerkende echtgenoten bevallen in het tijdvak 7 mei 2005 tot 4 juni 2008)

Type Ministeriële regeling
Publication 2018-05-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, juncto 9 van de Kaderwet SZW-subsidies en 32d, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen
1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

2.

In deze regeling wordt met echtgenoot gelijkgesteld de geregistreerde partner.

Artikel 1, derde tot en met negende lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen is van overeenkomstige toepassing.

3.

Voor de toepassing van andere wetten dan de Kaderwet SZW-subsidies en de Wet arbeid en zorg en de op die andere wetten berustende bepalingen wordt, tenzij anders bepaald, de compensatie aangemerkt als een uitkering op grond van artikel 3:18, tweede lid, van de Wet arbeid en zorg.

Artikel 2. Recht op compensatie

Recht op compensatie op grond van deze regeling heeft degene die:

Artikel 3. Recht op compensatie nabestaanden

In plaats van degene die aan de in artikel 2 gestelde voorwaarden voldoet en voor het moment dat de aanvraag kan worden ingediend, is overleden, hebben de volgende personen recht op compensatie:

Artikel 4. Geen recht op compensatie
1.

Geen recht op compensatie heeft de vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt in de zin van artikel 8, onderdeel a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000.

2.

Geen recht op compensatie heeft de vrouw die in haar hoedanigheid van zelfstandige, beroepsbeoefenaar of meewerkende echtgenoot reeds een uitkering, schadevergoeding, schadeloosstelling of compensatie van het UWV heeft ontvangen in verband met haar zwangerschap en bevalling.

Artikel 5. Hoogte van de compensatie

De hoogte van de compensatie bedraagt € 5.600,–.

Artikel 6. Taak UWV

Het UWV is belast met de uitvoering van deze regeling.

Artikel 7. Indienen aanvraag
1.

Het UWV stelt op aanvraag van de zelfstandige, beroepsbeoefenaar, meewerkende echtgenoot dan wel van de persoon of personen, bedoeld in artikel 3, vast of recht op compensatie bestaat.

2.

De zelfstandige, beroepsbeoefenaar, meewerkende echtgenoot dan wel de persoon of personen, bedoeld in artikel 3, die in aanmerking wil respectievelijk willen komen voor compensatie, dient respectievelijk dienen de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, in voor 1 oktober 2018.

Artikel 8. Termijnen, vaststelling en betaling
1.

Indien het recht op een compensatie door het UWV is vastgesteld, betaalt het UWV de compensatie op of na 1 januari 2019 en uiterlijk voor 1 april 2019.

2.

Met betrekking tot een compensatie op grond van deze regeling zijn de artikelen 18, 63, 64, 65a en 65b van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen en de op die artikelen berustende bepalingen van overeenkomstige toepassing.

Artikel 9. Financiering
1.

Het Rijk voorziet in de middelen tot dekking van de uitgaven verbonden aan deze regeling.

2.

Het UWV beheert en administreert afzonderlijk de middelen, bedoeld in het eerste lid.

3.

In verband met het middelenbeheer wordt de rijksbijdrage, bedoeld in het eerste lid, beschouwd als middelen die deel uitmaken van het Arbeidsongeschiktheidsfonds, bedoeld in artikel 112 van de Wet financiering sociale verzekeringen.

Artikel 10. Opgave lasten en betaling van de rijksbijdrage
1.

Het UWV verstrekt aan de Minister een opgave van het totaalbedrag van de geraamde lasten met betrekking tot deze regeling, uitgesplitst naar de compensaties en de uitvoeringskosten.

2.

De Minister stort op de rekening-courant, bedoeld in artikel 5.16, onderdeel b, van de Regeling Wfsv, het bedrag van de opgegeven lasten.

3.

De Minister kan, na overleg met het UWV, van het in het eerste lid bedoelde bedrag afwijken.

Artikel 11. Afrekening
1.

De lasten alsmede de ontvangen voorschotten met betrekking tot deze regeling worden in de jaarrekening, bedoeld in artikel 49 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, opgenomen als onderdeel van de lasten alsmede de ontvangen voorschotten met betrekking tot uitkeringen op grond van artikel 3:18 van de Wet arbeid en zorg.

2.

In de jaarrekening worden de te verrekenen rijksbijdragen opgenomen op de wijze als in tabel 10.6.8 in bijlage VI van de Regeling SUWI is aangegeven. De omvang van de op grond van deze regeling toegekende compensaties wordt toegelicht bij deze tabel.

Artikel 12. Verslaglegging

Het UWV brengt aan de Minister inhoudelijk en financieel verslag uit over de uitvoering van deze regeling overeenkomstig artikel 49 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

Artikel 13. Verstrekking gegevens aan het UWV door de Belastingdienst
1.

De Belastingdienst verstrekt op verzoek aan het UWV gegevens van de personen, bedoeld in artikel 2, die de Belastingdienst verwerkt voor de heffing van de inkomstenbelasting, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze regeling.

2.

De Belastingdienst verstrekt op verzoek aan het UWV tevens gegevens van de echtgenoot van de meewerkende echtgenoot, die de Belastingdienst verwerkt in verband met de toepassing van de meewerkaftrek, bedoeld in artikel 3.78 van de Wet inkomstenbelasting 2001, die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van deze regeling.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling compensatie zelfstandigen, beroepsbeoefenaren en meewerkende echtgenoten bevallen in het tijdvak 7 mei 2005 tot 4 juni 2008.

Artikel 15. Inwerkingtreding
1.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 15 mei 2018.

2.

Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2021, met dien verstande dat voor de reeds verstrekte compensatie deze regeling van toepassing blijft.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.