Beleidsregel registratie snelle motorboten

Type ZBO-regeling
Publication 2018-06-10
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 8.01, eerste lid, Binnenvaartpolitiereglement en de Regeling registratie snelle motorboten 1997, alsmede artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Artikel 1

De begripsbepalingen van het Binnenvaartpolitiereglement zijn onverkort van toepassing.

Voorts wordt verstaan onder:

Artikel 2
1.

Er is een register voor de registratie van snelle motorboten zoals bedoeld in art. 8.01, eerste lid, Binnenvaartpolitiereglement Dit register wordt aangeduid als het snelle motorbotenregister.

2.

De registratie van een snelle motorboot in het register bestaat uit de inschrijving van de snelle motorboot en de tenaamstelling van de snelle motorboot.

3.

De opgave van een registratieteken geschiedt door inschrijving van een snelle motorboot in het register.

4.

Het registratieteken bestaat uit een combinatie van letters en nummers dan wel een combinatie van één letter en nummers. De eerste letter die wordt gebruikt is de letter Y.

5.

Na de tenaamstelling van een snelle motorboot in het register, geeft de Dienst Wegverkeer een registratiebewijs af.

Artikel 3
1.

Het Register bevat de volgende categorieën gegevens:

2.

De in het eerste lid bedoelde gegevens worden, voor zover zij verband houden met een tenaamstelling, maximaal negen jaar na het verval van de tenaamstelling in het register bewaard. Andere geregistreerde gegevens worden gedurende een door de Dienst Wegverkeer vastgestelde periode bewaard.

Artikel 4
1.

Inschrijving in het Register en tenaamstelling vinden, tegen betaling, op de door de Dienst Wegverkeer vastgestelde wijze, van de daarvoor door deze dienst vastgestelde tarieven, plaats op aanvraag van:

Artikel 5
1.

De eigenaar van een nog niet bij de Dienst Wegverkeer geregistreerde snelle motorboot dient deze boot voor te registreren bij de Dienst Wegverkeer.

2.

Teneinde een voorgeregistreerde snelle motorboot in te schrijven, dient de eigenaar deze op naam te stellen bij een door de Dienst Wegverkeer aangewezen loket onder overlegging van één van de in artikel 2 lid 1 van de Paspoortwet opgenomen documenten.

3.

De Dienst Wegverkeer gaat over tot inschrijving en tenaamstelling, respectievelijk tenaamstelling van een snelle motorboot van degene die aan de verplichtingen van het eerste en tweede lid heeft voldaan en geeft aan de aanvrager een registratiebewijs af.

4.

Een voorgeregistreerde snelle motorboot die niet binnen 3 maanden na voorregistratie wordt ingeschreven wordt beschouwd als zijnde niet voorgeregistreerd.

Artikel 6
1.

De tenaamstelling van een snelle motorboot wordt geweigerd indien:

2.

De inschrijving van een snelle motorboot wordt geweigerd indien het een snelle motorboot betreft als bedoeld in artikel 2, eerste lid 1, sub a, onder 7, Wet pleziervaartuigen 2016.

Artikel 7
1.

Degene op wiens naam een snelle motorboot in het Register is ingeschreven of degene die na diens overlijden eigenaar van een snelle motorboot is geworden, is, ingeval hij ophoudt eigenaar te zijn van een snelle motorboot waarvoor de inschrijving gold, gehouden het registratiebewijs ter hand te stellen aan degene die eigenaar van een snelle motorboot is geworden.

2.

Degene die eigenaar van een snelle motorboot is geworden is gehouden om zo spoedig mogelijk nadat hij eigenaar van een snelle motorboot is geworden bij een loket om een tenaamstelling te verzoeken van de snelle motorboot onder overlegging van het registratiebewijs en een bij de Dienst Wegverkeer vastgesteld legitimatiebewijs.

3.

De Dienst Wegverkeer geeft aan degene die aan de verplichtingen van het tweede lid heeft voldaan een bevestiging van de aanvraag af. Het registratiebewijs ten behoeve van de nieuw geregistreerde eigenaar wordt toegezonden door de Dienst Wegverkeer. Ten behoeve van de vorige geregistreerde eigenaar geeft de Dienst Wegverkeer een bevestiging van uitschrijving af.

4.

In afwijking van het derde lid houdt de Dienst Wegverkeer de beslissing op het verzoek, bedoeld in het tweede lid, aan indien daartoe naar het oordeel van deze dienst aanleiding bestaat. In dat geval wendt de aanvrager zich tot de Dienst Wegverkeer.

Artikel 8
1.

In afwijking van artikel 7 kan de Dienst Wegverkeer een snelle motorboot te naam stellen, indien de aanvraag hiertoe wordt ingediend door een natuurlijk persoon of een rechtspersoon die verklaart eigenaar van een snelle motorboot te zijn en indien naar het oordeel van de Dienst Wegverkeer aannemelijk is gemaakt dat niet aan bedoelde verplichtingen kan worden voldaan.

2.

De Dienst Wegverkeer kan in verband met het bepaalde in het eerste lid verlangen dat de aanvrager van de inschrijving een bewijs overlegt van de eigendomsverkrijging, een door de Dienst Wegverkeer afgegeven legitimatiebewijs overlegt, indien mogelijk het registratiebewijs inlevert en eventueel andere documenten overhandigt.

Artikel 9
1.

Indien wijzigingen worden aangebracht aan de snelle motorboot waardoor de technische gegevens niet meer overeenstemmen met de gegevens in het Register, wordt degene op wiens naam een snelle motorboot is geregistreerd of degene die na diens overlijden eigenaar van een snelle motorboot is geworden, geacht zo spoedig mogelijk bij de Dienst Wegverkeer de gewijzigde gegevens te melden.

2.

Indien de melding leidt tot wijziging van een gegeven in het Register en dit gegeven op het registratiebewijs staat, geeft de Dienst Wegverkeer aan degene die aan de in het eerste lid bedoelde verplichting heeft voldaan, tegen het daartoe geldende tarief, een registratiebewijs af.

Artikel 10
1.

De aanvraag van een vervangend registratiebewijs geschiedt bij de Dienst Wegverkeer.

2.

De Dienst Wegverkeer kan verlangen dat bij de aanvraag van een vervangend registratiebewijs het te vervangen registratiebewijs wordt ingeleverd alsmede dat een door de Dienst Wegverkeer aangewezen legitimatiebewijs wordt overgelegd.

Artikel 11
1.

De Dienst Wegverkeer verklaart een tenaamstelling vervallen indien;

2.

De Dienst Wegverkeer kan een tenaamstelling vervallen verklaren indien blijkt dat:

3.

De tenaamstelling in het Register vervalt zodra de Dienst Wegverkeer de tenaamstelling vervallen heeft verklaard op grond van een verzoek in het kader van artikel 11, tweede lid.

4.

In afwijking van het derde lid kan de Dienst Wegverkeer in uitzonderlijke gevallen het vervallen van de tenaamstelling eerder laten ingaan.

5.

De Dienst Wegverkeer kan een vervallen tenaamstelling laten herleven indien de reden daarvoor is komen te vervallen.

Artikel 12

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening in de Staatscourant.

Artikel 13

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel registratie snelle motorboten. Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.