Besluit van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 10 januari 2019, nr. OWB/1456772, houdende instelling van de Commissie sectorplan Bèta en Techniek en de Commissie sectorplan Social Sciences and Humanities (Instellingsbesluit Commissie sectorplan Bèta en Techniek en de Commissie sectorplan Social Sciences and Humanities)
Gelet op artikel 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies;
Besluit:
Artikel 1. Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
- a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
- b. commissies: Commissie sectorplan Bèta en Techniek- bestaande uit een Kamer Bèta en een Kamer Techniek – en Commissie sectorplan Social Sciences and Humanities, aangeduid als Commissie sectorplan SSH;
- c. concept-sectorbeeld bèta: het door de heer prof. dr. E.W. Meijer opgestelde plan voor versterking van de Nederlandse bèta sector, te weten natuurkunde, scheikunde, wiskunde en mogelijk informatica;
- d. concept-sectorbeeld techniek: het door de heer prof. dr. E.W. Meijer opgestelde plan voor versterking van de Nederlandse techniek sector, te weten technische wetenschappen en mogelijk informatica;
- e. concept-sectorbeeld SSH: het door de heer prof. dr. M.A.P. Bovens opgestelde plan voor versterking van het Nederlandse SSH domein, ook wel concept-domeinbeeld SSH genoemd;
- f. sectorbeeld: het door de minister vastgestelde concept-sectorbeeld, zoals bedoeld onder c, d en e. In geval van e ook wel domeinbeeld SSH genoemd;
- g. tweedegeldstroommiddelen: middelen die aanvankelijk via de tweede geldstroom zouden zijn uitgekeerd, maar die per 2020 worden overgeheveld naar de eerste geldstroom en direct aan de universiteiten worden uitgekeerd, hierbij uitgezonderd de SSH call Digitale SSH die in 2019 reeds van start is gegaan. Zie ook verwijzing in artikel 2, derde lid, artikel 3, tweede lid, artikel 4c en 4d en de toelichting. Ook wel genoemd tweede geldstroom competitie of tweede geldstroom calls. Daar waar wordt gesproken van aansluiting van de tweedegeldstroommiddelen op de eerste geldstroommiddelen moet worden uitgegaan van de doelen die bereikt dienen te worden met de tweedegeldstroommiddelen.
Artikel 2. Commissie sectorplan Bèta en Techniek
Er is een Commissie sectorplan Bèta en Techniek.
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek bestaat uit een Kamer Bèta en een Kamer Techniek.
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek heeft taken voor het sectorplan 2018–2024 en voor het sectorplan 2022–2028, zoals omschreven in respectievelijk hoofdstukken 2 en 3.
Artikel 3. Commissie sectorplan SSH
Er is een Commissie sectorplan Social Sciences and Humanities, aangeduid als Commissie sectorplan SSH.
De Commissie sectorplan SSH heeft taken voor het sectorplan 2018–2024 en voor het sectorplan 2022–2028, zoals omschreven in respectievelijk hoofdstukken 2 en 3.
Artikel 4. Commissie sectorplan MGW
Er is een Commissie sectorplan Medische en Gezondheidswetenschappen, aangeduid als de Commissie sectorplan MGW.
De Commissie sectorplan MGW heeft taken voor het sectorplan 2022–2028, zoals omschreven in hoofdstuk 3.
Artikel 5. Hoofdlijnen taken Commissie sectorplan Bèta en Techniek 2018–2024
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek heeft voor de periode van 2018–2024 op hoofdlijnen tot taak:
- a. het beoordelen van de concept-sectorbeelden bèta en techniek 2018–2024 op basis van randvoorwaarden zoals bedoeld in artikel 8, nader omschreven in de toelichting. De Kamer Bèta beoordeelt het concept-sectorbeeld bèta en de Kamer Techniek beoordeelt het concept-sectorbeeld techniek. De commissie brengt hierover voor 28 januari 2019 advies uit aan de minister;
- b. na de vaststelling van de concept-sectorbeelden bèta en techniek door de minister, de minister adviseren op basis van plannen van faculteiten over de verdeling van middelen vanuit de eerste geldstroom zoals bedoeld in de tabel van de toelichting over de in de sectorbeelden genoemde deelnemende faculteiten;
- c. bij beide adviezen te betrekken de mate van aansluiting van de tweede geldstroom competitie op de met de eerste geldstroom gefinancierde activiteiten.
Artikel 6. Hoofdlijnen taken Commissie sectorplan SSH 2018–2024
De Commissie sectorplan SSH heeft voor de periode van 2018–2024 op hoofdlijnen tot taak:
- a. het beoordelen van het concept-sectorbeeld SSH 2018–2024 op basis van randvoorwaarden zoals bedoeld in artikel 8, nader omschreven in de toelichting. De commissie brengt hierover voor 28 januari 2019 advies uit aan de minister;
- b. na de vaststelling van het concept-sectorbeeld SSH door de minister, de minister adviseren op basis van de plannen van faculteiten over de verdeling van middelen vanuit de eerste geldstroom zoals bedoeld in de tabel van de toelichting over de in de sectorbeelden genoemde deelnemende faculteiten;
- c. bij beide adviezen te betrekken de mate van aansluiting van de tweede geldstroom competitie op de met de eerste geldstroom gefinancierde activiteiten.
Artikel 7. Nadere uitwerking van taken sectorplannen 2018–2024
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek en Commissie sectorplan SSH hebben voor de periode van 2018–2024 voorts tot taak:
- a. bij de advisering zoals bedoeld in artikel 5, onder b, en artikel 6, onder b, de plannen van de in de sectorbeelden genoemde faculteiten te toetsen op kwaliteit. De Commissie sectorplan Bèta en Techniek en Commissie sectorplan SSH kunnen gebruik maken van een verdeelsleutel uitgaande van een basisfinanciering per deelnemende faculteit met een bandbreedte afhankelijk van de kwaliteit van de plannen. Hierbij wordt uitgegaan van het budget zoals bedoeld in de tabel in de toelichting. De plannen van faculteiten worden getoetst aan de doelstellingen zoals geformuleerd in de sectorbeelden. Aangezien de sectorbeelden opgesteld zijn aan de hand randvoorwaarden zoals bedoeld in de toelichting, zullen een aantal van deze randvoorwaarden ook terugkomen in de plannen van faculteiten.
- b. Gedurende de looptijd van het sectorplan te bevorderen dat de doelen die de faculteiten zich hebben gesteld tijdig en volledig behaald worden, waarbij de Commissie sectorplan Bèta en Techniek en Commissie sectorplan SSH zelf vaststellen hoe zij dit willen bevorderen. Deze doelen zijn beschreven in de sectorbeelden en de faculteitsplannen en omvatten onder meer het bevorderen van samenwerking en profilering, (gender)diversiteit en het aantrekken en behoud van (nieuw) wetenschappelijk talent middels vaste contracten. Hierbij de observaties mee te nemen in de adviezen van de Commissie sectorplan Bèta en Techniek en Commissie sectorplan SSH aan de minister ten tijde van de tussentijdse evaluatie en de eindevaluatie, zoals bedoeld in artikel 7 resp. lid c en d.
- c. na drie jaar, vóór 1 april 2022, een tussentijdse evaluatie uit te voeren van de door de minister gefinancierde activiteiten vanuit de sectorbeelden en de minister hierover te adviseren vóór 1 juni 2022. De commissie adviseert de minister daarbij ook over de mate van aansluiting van de tweede geldstroom competitie op de met de eerste geldstroom gefinancierde activiteiten. De minister besluit of de middelen ongewijzigd aan de faculteiten worden toegekend voor de tweede periode van drie jaar (vierde tot en met zesde jaar) of dat inhoudelijk accenten worden verlegd waarbij de middelen mogelijk anders worden verdeeld over de betrokken faculteiten.
- d. vóór 1 april 2025 een eindevaluatie uit te voeren en hierover vóór 1 juni 2025 een advies aan de minister uit te brengen. Bij de evaluatie te betrekken:
- i. of het structureel indalen van de middelen – zie tabel in de toelichting – in de rijksbijdrage gerechtvaardigd is. Hiervoor zullen de Commissie sectorplan Bèta en Techniek en Commissie sectorplan SSH eerst bepalen welke investeringen van faculteiten gezien worden als vaste aanstellingen en/of structurele investeringen en welke niet.
- ii. in hoeverre de calls die met tweede geldstroom middelen – zie tabel in toelichting – zijn uitgezet aansluiten op de zwaartepunten waar via de rijksbijdrage in geïnvesteerd wordt.
- iii. in het advies te betrekken op welke wijze de eerste geldstroom middelen worden ingezet voor de betreffende sectoren.
Artikel 8. Beoordeling van en advisering over de concept sectorbeelden
In de concept sectorbeelden wordt aangegeven hoe het huidige universitaire landschap en hoe het gewenste universitaire landschap eruit ziet. In de omschrijving van het gewenste universitaire landschap staat omschreven hoe dit sectorbeeld zal zorgen voor een versterking van de kennisbasis van wetenschappelijk onderzoek in Nederland en een versterking van de aansluiting tussen onderzoek en hoger onderwijs en impact in de betrokken sectoren. Zie toelichting voor gedetailleerde omschrijving van de randvoorwaarden voor de sectorbeelden.
Artikel 9. Advies op basis van evaluaties
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek en de Commissie sectorplan SSH brengen vóór 1 juni 2022 hun advies uit aan de minister op basis van de tussentijdse evaluatie en vóór 1 juni 2025 hun advies uit aan de minister op basis van de eindevaluatie.
Artikel 10. Nadere uitwerking van taken sectorplannen 2022–2028
De commissies, zoals benoemd in artikel 2, artikel 3 en artikel 4 hebben voor de periode van 2022–2028 tot taak:
- a. Gedurende de looptijd van het sectorplan te bevorderen dat de doelen die de faculteiten zich hebben gesteld in de sectorplannen 2022–2028 tijdig en volledig behaald worden, waarbij de commissies zelf vaststellen hoe zij dit willen bevorderen.
- b. Vóór 1 april 2026 een tussentijdse evaluatie uit te voeren van de door de Minister van OCW gefinancierde activiteiten behorende bij het goedgekeurde sectorplan per domein. De commissies adviseren de minister hierover vóór 1 juni 2026. De minister besluit na het advies of de middelen ongewijzigd aan de faculteiten worden toegekend voor de tweede periode van drie jaar (vierde tot en met zesde jaar) of dat inhoudelijk accenten worden verlegd waarbij de middelen mogelijk anders worden verdeeld over de betrokken faculteiten.
- c. Vóór 1 april 2029 een eindevaluatie uit te voeren en hierover vóór 1 juni 2029 een advies aan de minister uit te brengen. In dit advies wordt ingegaan op de vraag of het structureel indalen van de middelen in de rijksbijdrage gerechtvaardigd is op basis van de implementatie van de sectorplannen, conform het Kader voor sectorplannen.
- d. In de evaluaties te rapporteren over de voortgang van de sectorplannen, met name aan de hand van landelijke Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s) en de sectorplan-specifieke KPI’s en hierbij aan te sluiten bij het advies van de NCSP.
Artikel 11. Advies op basis van evaluaties
De commissies brengen vóór 1 juni 2026 hun advies uit aan de minister op basis van de tussentijdse evaluatie en vóór 1 juni 2029 hun advies uit aan de minister op basis van de eindevaluatie.
Artikel 12. Kosten van de commissies
De kosten van de commissies komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:
- a. vergoedingen aan de leden van de commissies als bedoeld in artikel 13
- b. de kosten voor de faciliteiten van vergaderingen en voor secretariële ondersteuning, en
- c. de kosten voor publicatie van rapportages.
Artikel 13. Leden Commissie sectorplan Bèta en Techniek
Voor de periode vanaf 1 december 2018 worden tot lid van de Commissie sectorplan Bèta en Techniek benoemd:
- •. de heer prof. dr. ir. C.J. Van Duijn, tevens voorzitter;
- ○. in de Kamer Bèta:
- ■. te rekenen vanaf 1 juni 2023: mevrouw prof. dr. I. Vis, tevens vicevoorzitter vanaf 1 januari 2026.
- ■. te rekenen vanaf 1 februari 2019 en tot en met 31 december 2025: mevrouw prof. dr. L.J. Braakman, tevens vicevoorzitter;
- ■. de heer M. Buchel;
- ■. mevrouw prof. dr. ir. M. Dijkstra;
- ■. te rekenen tot en met 31 oktober 2023: mevrouw prof. dr. ir. M.G. Gerritsen;
- ■. de heer H.J. van Dorenmalen;
- ■. te rekenen vanaf 1 juni 2023: de heer prof. dr. G. van der Werf
- ○. in de Kamer Techniek:
- ■. de heer prof. dr. K.A.A. Makinwa, tevens vicevoorzitter;
- ■. de heer ir. M.C.H. van Hoorn;
- ■. mevrouw prof. dr. S.J.M.H. Hulscher;
- ■. te rekenen tot en met 31 december 2022: de heer prof. dr. W.J. Niessen;
- ■. te rekenen tot en met 31 maart 2021: mevrouw M.C. Stikker;
- ■. te rekenen vanaf 1 december 2021: mevrouw prof. dr. ir. I. Lopez Arteaga;
Artikel 14. Leden Commissie sectorplan SSH
Voor de periode vanaf 1 december 2018 worden tot lid van de Commissie sectorplan SSH benoemd:
- •. te rekenen vanaf 19 februari 2020: de heer prof. dr. mr. S. Zouridis, tevens voorzitter;
- •. te rekenen tot en met 24 november 2019: mevrouw prof. mr. J.E.J. Prins, tevens voorzitter;
- •. mevrouw prof. mr. A. Oskamp, tevens vicevoorzitter;
- •. de heer prof. mr. dr. J.A. de Bruijn, vanaf 1 juni 2023 tevens vicevoorzitter;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023 en tot en met 1 januari 2024: mevrouw prof. dr. J.P.M. Fikkert, tevens vicevoorzitter;
- •. te rekenen tot en met 3 mei 2020: de heer prof. dr. R.A. Boschma;
- •. te rekenen vanaf 1 juli 2021 tot en met 31 mei 2025: mevrouw prof. dr. M. Smit;
- •. te rekenen tot en met 31 oktober 2022: mevrouw prof. mr. T.N.B.M. Spronken;
- •. te rekenen tot en met 31 oktober 2022: de heer prof. dr. P.P.C.C. Verbeek;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023 tot en met 31 mei 2025: de heer prof. mr. Y. Buruma;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023 tot en met 31 mei 2025: mevrouw dr. D. Reiling;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: de heer prof. dr. ir. A. Smidts;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: de heer prof. dr. A.W.A. Boot;
- •. te rekenen vanaf 1 februari 2024: mevrouw prof. dr. I. Leemans, tevens vicevoorzitter;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: de heer dr. M. Kleppe;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: mevrouw prof. dr. ir. M. Boon;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: mevrouw prof. dr. F. de Jong;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: de heer prof. dr. J.M. Vermeulen;
- •. te rekenen vanaf 1 juni 2023: mevrouw prof. dr. E.A. Crone;
- •. te rekenen vanaf 1 april 2024: mevrouw prof. dr. A.C.J. Hulk.
Artikel 15. Leden Commissie sectorplan MGW
Voor de periode vanaf 1 juni 2023 worden tot lid van de Commissie sectorplan MGW benoemd:
- •. De heer prof. dr. J.A. Knottnerus, tevens voorzitter;
- •. mevrouw prof. dr. C.L. Mummery, tevens vicevoorzitter;
- •. mevrouw prof. dr. D.I. Boomsma;
- •. mevrouw prof. dr. ir. E.J.M. Feskens;
- •. de heer prof. dr. H.F.L, Garretsen;
- •. te rekenen tot en met 1 maart 2024: de heer prof. dr. R.J.G. Peters;
- •. de heer prof. dr. ir. M.J.T. Reinders;
- •. mevrouw prof. dr. R. Vliegenthart;
- •. te rekenen vanaf 1 maart 2025: de heer prof. dr. W.J.G. Hoogendijk.
Artikel 16. Ondersteuning en secretariaat
De Commissie sectorplan Bèta en Techniek en de Commissie sectorplan SSH worden ondersteund door medewerkers van NWO. De Commissie sectorplan MGW wordt ondersteund door medewerkers van ZonMw.
Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitters van de commissies.
Artikel 17. Instellingsduur
⋯
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.