Bestuursreglement Dopingautoriteit

Type ZBO-regeling
Publication 2019-04-12
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 8 van de Wet uitvoering antidopingbeleid en artikel 11 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen besluit de voorzitter van de Dopingautoriteit het volgende reglement vast te stellen. Dit reglement wordt aangeduid als ‘Bestuursreglement Dopingautoriteit’. Binnen de kaders die voor het governancemodel tussen eigenaar – opdrachtgever – Dopingautoriteit in de governancevisie1‘Concernsturing VWS, uitgangspunten voor de governance tussen VWS en Concernorganisaties’, vastgesteld in de Bestuursraad Bedrijfsvoering d.d. 5 juli 2018 zijn beschreven, legt de Dopingautoriteit in dit document regels over taakuitoefening, samenwerking en besluitvorming, integriteit, mandaat en volmacht vast. Op deze manier wordt mede invulling gegeven aan de Code Goed Bestuur Publieke Dienstverleners van de Handvestgroep Publiek Verantwoorden.

Begripsbepalingen

Dit bestuursreglement verstaat onder:

Artikelen

1. De Voorzitter

2. Uitoefening taken en bevoegdheden van de voorzitter

3. Ondersteuning en vervanging van de voorzitter

4. Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging

De voorzitter stelt een mandaat- en volmachtregeling vast. Hierin worden mandaat, volmacht en machtigingen, en de daaraan gerelateerde bevoegdheden beschreven, evenals de reikwijdte en het organisatieonderdeel van de Dopingautoriteit waarop deze van toepassing zijn.

5. Besluiten van beheersmatige aard

De voorzitter draagt er zorg voor dat de Dopingautoriteit zich als publiekrechtelijk orgaan bij haar bedrijfsvoering processen zo veel mogelijk richt op hetgeen voldoet aan de uitgangspunten, kaders en beleid zoals die bij de Rijksoverheid gelden, onverlet de eigen verantwoordelijkheid van de Dopingautoriteit.

6. De vergaderingen van de bestuurstafel

7. Bestuurlijke besluitvorming

8. Tegenstrijdige belangen

9. Raad van Advies

10. Commissies

11. Vaste Commissies

12. Klachtenregeling

De voorzitter volgt bij het indienen van een klacht hoofdstuk 9 van de Awb. De voorzitter besteedt in het jaarverslag aandacht aan het aantal klachten dat is ontvangen, wat de uitkomst is van de klachten en of de klachten binnen het termijn zijn afgehandeld. Daarnaast wordt beschreven hoeveel klachten door de ombudsman zijn afgehandeld.

13. Integriteitsbeleid

De voorzitter past het Rijksbrede beleid inzake de integriteit toe, zoals dat is vastgelegd in de Gedragscode Integriteit Rijk, waaraan de voorzitter en alle medewerkers van de Dopingautoriteit zijn gebonden.

14. Vertrouwelijkheid

15. Wijzigingen bestuursreglement

Slotbepalingen

Aldus vastgesteld door de voorzitter van de Dopingautoriteit op 01/01/2019,

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.