Besluit van 14 mei 2019 tot vaststelling van de tijdstippen, bedoeld in de artikelen 12.24, 12.25 en 12.26 van de Wet studiefinanciering 2000 en 9.4 van de Wet studiefinanciering BES
Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 13 mei 2019, nr. WJZ/7929411(7231), directie Wetgeving en Juridische Zaken;
Gelet op de artikelen 12.24, 12.25 en 12.26 van de Wet studiefinanciering 2000 en 9.4 van de Wet studiefinanciering BES;
Hebben goedgevonden en verstaan:
artikel Enig
Het tijdstip, bedoeld in de artikelen 12.24 en 12.25 van de Wet studiefinanciering 2000 en 9.4 van de Wet studiefinanciering BES wordt vastgesteld op 1 juni 2019.
Het tijdstip, bedoeld in artikel 12.26 van de Wet studiefinanciering 2000 wordt vastgesteld op 1 september 2019.
Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.