Besluit van 20 september 2019 tot wijziging van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie in verband met de verhoging van het minimaal aantal uren aanbod voorschoolse educatie en de inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker
Op de voordracht van Onze Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, van 3 juli 2019, nr. WJZ/9174320 (9277), directie Wetgeving en Juridische Zaken;
Gelet op artikel 1.50b, aanhef en onder d, van de Wet kinderopvang;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 14 augustus 2019, nr. W05.19.0178/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media, van 17 september 2019, nr. WJZ/16484712 (9277), directie Wetgeving en Juridische Zaken;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel I. Wijziging Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
Wijzigt het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
Artikel II. Overgangsrecht
Ten aanzien van het door een houder verzorgde aanbod van voorschoolse educatie aan kinderen die ten tijde van de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel A, de leeftijd van tweeëneenhalf jaar al hebben bereikt, blijft artikel 2 van het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie gelden zoals dat luidde onmiddellijk voorafgaand aan de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel A.
Artikel III. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 augustus 2020, met uitzondering van artikel I, onderdeel B, en artikel I, onderdeel C, subonderdeel 2, onderdeel h, die in werking treden met ingang van 1 januari 2022.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.