Aanwijzing toezeggingen aan getuigen in strafzaken

Type Beleidsregel
Publication 2020-06-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Samenvatting

De aanwijzing heeft betrekking op toezeggingen van het openbaar ministerie (OM) aan verdachten dan wel veroordeelden, die strekken tot het vorderen van strafvermindering in ruil voor het afleggen van een getuigenverklaring in een strafzaak tegen een (andere) verdachte. Daarnaast heeft de aanwijzing betrekking op toezeggingen die niet strekken tot het vorderen van strafvermindering, maar wel van betekenis kunnen zijn voor de bereidheid van de getuige tot het afleggen van een verklaring (gunstbetoon).

Achtergrond

De Aanwijzing Toezeggingen aan getuigen in strafzaken sluit aan op de gelijknamige Wet (Stb. 2005, 254, Kamerstukken 26 294), de Wet van 12 mei 2005 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met het niet afleggen van een getuigenverklaring na een daartoe strekkende toezegging (Stb. 2005, 255, Kamerstukken 28 017) en het Besluit getuigenbescherming van 23 december 2005 (Stb. 2006, 21, laatstelijk gewijzigd bij Besluit van 11 juli 2018, Stb. 2018, 246).

1. Bereik van de aanwijzing

2. Uitgangspunten

3. Wanneer toezegging?

4. Toelaatbare toezeggingen

5. Niet toelaatbare toezeggingen

De officier van justitie mag geen toezeggingen doen met betrekking tot:5Kamerstukken II 2004/05, 28 017 en 26 294, nr. 8.

6. Positie van de getuige

De kroongetuige kan zich ten tijde van de onderhandelingen over de overeenkomst en de totstandkoming hiervan laten bijstaan door een raadsman. Aan de getuige die nog geen raadsman heeft, wordt een raadsman toegevoegd (artikel 226h, eerste lid, Sv).

De officier van justitie stelt in ieder geval twee voorwaarden aan de kroongetuige die hij in een zo vroeg mogelijk stadium van de onderhandelingen aan de getuige kenbaar maakt:

Voorts kunnen afspraken worden gemaakt over de mate waarin de kroongetuige een beroep zal doen op het verschoningsrecht dat hem in verschillende hoedanigheden kan toekomen. De officier van justitie licht de getuige in over de invloed van de te maken afspraak op het hem toekomende verschoningsrecht. Het ligt in de rede dat wordt afgesproken dat de getuige afstand doet van zijn verschoningsrecht ten aanzien van de feiten waarop zijn getuigenverklaring volgens de overeenkomst betrekking heeft.

De officier van justitie maakt tevens aan de kroongetuige met wie hij voornemens is een afspraak te maken kenbaar dat het College van procureurs-generaal de beslissing neemt over de toelaatbaarheid van het voorleggen van de afspraak aan de rechter-commissaris. De afspraak komt pas tot stand nadat de rechter-commissaris over de rechtmatigheid van de afspraak heeft beslist.

7. Procedure

8. Gunstbetoon

Overgangsrecht

De beleidsregels in deze aanwijzing gelden vanaf de datum van inwerkingtreding.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.