Regeling van de Minister van Justitie en Veiligheid van 15 juni 2020, nr. 2937169 houdende regels omtrent de vergoedingen van politievrijwilligers (Regeling vergoedingen politievrijwilligers)
Gelet op artikel 75bis van het Besluit algemene rechtspositie politie;
Besluit:
Treedt in werking op het tijdstip waarop het Besluit tot wijziging van het Besluit algemene rechtspositie politie en enkele andere algemene maatregelen van bestuur in verband met de invoeging van rechtspositionele bepalingen omtrent politievrijwilligers en de intrekking van het Besluit rechtspositie vrijwillige ambtenaren van politie in werking treedt.
Artikel 1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
- vrijwillige ambtenaar: de vrijwillige ambtenaar, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie;
- vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie: de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie.
Artikel 2. Vergoeding vrijwillige ambtenaar
De vrijwillige ambtenaar ontvangt per uur dat hij voor zijn functie relevant onderwijs volgt of in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijk dienst verricht een vergoeding van € 9,89.
De in het eerste lid genoemde vergoeding wordt jaarlijks aangepast overeenkomstig de door het Centraal Planbureau in het Centraal Economisch Plan gepubliceerde afgeleide consumentenprijsindex.
Artikel 3. Vergoeding voor de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie in dienst op 31 december 2025, die geen opsporingsbevoegdheid bezit of in opleiding is om die opsporingsbevoegdheid te verkrijgen
In afwijking van artikel 2, eerste lid, ontvangt de vrijwillige ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van technische, administratieve en andere taken ten dienste van de politie, die op 31 december 2025 in dienst is en geen opsporingsbevoegdheid bezit of in opleiding is om die opsporingsbevoegdheid te verkrijgen, per uur dat hij in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijke dienst verricht een vergoeding van € 4,00 netto.
De ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, heeft tot en met 2030 eenmalig de keuze om voortaan per uur dat hij in opdracht van het bevoegd gezag daadwerkelijke dienst verricht, de vergoeding, bedoeld in artikel 2, eerste lid, te ontvangen, waarbij geldt dat:
- a. de keuze uiterlijk 30 november van het lopend kalenderjaar aan het bevoegd gezag kenbaar wordt gemaakt;
- b. toekenning van de vergoeding, bedoel in artikel 2, eerste lid, eerst plaatsvindt met ingang van het kalenderjaar volgend op het jaar waarin hiervoor de keuze is gemaakt;
- c. op een gemaakte keuze niet kan worden teruggekomen.
Artikel 4. Intrekking regeling
De Regeling Vergoeding vrijwillige politie wordt ingetrokken.
Artikel 5. Inwerkingtreding
Deze regeling, met uitzondering van artikel 3, treedt in werking met ingang van de datum van inwerkingtreding van het Besluit tot wijziging van het Besluit algemene rechtspositie politie en enkele andere algemene maatregelen van bestuur in verband met de invoeging van rechtspositionele bepalingen omtrent politievrijwilligers en de intrekking van het Besluit rechtspositie vrijwillige ambtenaren van politie.
Artikel 3 treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.
Artikel 6. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als Regeling vergoedingen politievrijwilligers.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.