Regeling tweejarige subsidies Nederlands Letterenfonds 2021–2024

Type ZBO-regeling
Publication 2020-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

gelet op het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht,

gelet op artikel 10, lid 4, van de Wet op het specifiek cultuurbeleid,

gelet op het Algemeen reglement Nederlands Letterenfonds,

besluit:

De datum van inwerkingtreding ligt voor de datum van uitgifte.

Artikel 1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel

Het Letterenfonds beoogt door tweejarige subsidieverlening op grond van deze regeling een bijdrage te leveren aan de kwaliteit en diversiteit van het literaire landschap en bij een breed publiek belangstelling te wekken voor en kennis te vergroten van literatuur.

Artikel 3. Aanvraag
1.

Een aanvraag wordt uitsluitend ingediend met behulp van het aanvraagformulier op de website van het Letterenfonds.

2.

Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier tijdig is ontvangen door het Letterenfonds en vergezeld gaat van de vereiste bijlagen.

3.

In de aanvraag wordt onderbouwd dat het niveau van de totale baten, genoemd in artikel 4, derde lid, onderdeel c, gedurende de subsidieperiode gehandhaafd blijft.

4.

Een aanvraag die niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling wordt afgewezen.

Artikel 4. Formele toetsing en weigeringsgronden
1.

Een aanvraag wordt niet in behandeling genomen als het aanvraagformulier onjuist of onvolledig is ingevuld of de vereiste bijlagen ontbreken, nadat de aanvrager gedurende een periode van twee weken in staat is gesteld de benodigde gegevens alsnog te verstrekken.

2.

Subsidie wordt in ieder geval geweigerd, indien:

3.

Het bestuur kan subsidie weigeren:

Artikel 5. Beoordelingscriteria

De adviescommissie beoordeelt de ingediende aanvragen op grond van de volgende criteria:

Artikel 6. Adviescommissie
1.

Aanvragen die in aanmerking komen voor een inhoudelijke beoordeling worden voor advies voorgelegd aan de adviescommissie.

2.

De adviescommissie beoordeelt de aanvragen op basis van de beoordelingscriteria genoemd in artikel 5 en adviseert over al dan niet toewijzing van de aanvragen.

3.

De adviescommissie plaatst bij zijn beoordeling de aanvragen in een rangorde aan de hand een puntensysteem.

4.

Voor toekenning van de aanvraag dient het oordeel over de in artikel 5 genoemde criteria aan de hand van het puntensysteem gemiddeld voldoende te zijn, waarbij er sowieso een positief oordeel moet zijn over het criterium genoemd in artikel 5, onderdeel b.

Artikel 7. Hoogte subsidiebedrag en subsidieplafond
1.

Het bestuur verstrekt subsidies met een maximum van € 800.000,– in totaal over een beleidsperiode en een maximum van € 400.000,– per ronde. Deze maxima gelden als subsidieplafond. Het bestuur kan dit subsidieplafond verhogen of verlagen.

2.

Het bestuur verstrekt op basis van de rangorde genoemd in artikel 6, derde lid, per ronde vaste subsidiebedragen.

3.

Het bestuur verstrekt drie subsidies van jaarlijks € 60.000,– aan de aanvragers wier aanvragen het hoogst in de rangorde zijn geplaatst.

4.

Het bestuur kan aan maximaal één van de in het derde lid bedoelde aanvragers een toeslag van € 15.000,– verlenen indien de aanvrager sterk regionaal is ingebed in de regio, blijkend uit een aanzienlijke en structurele subsidie van andere overheden in de twee jaar voorafgaand aan de subsidieperiode en waaraan structurele subsidie is toegezegd door andere overheden voor de subsidieperiode waarvoor wordt aangevraagd.

5.

De aanvragers van de overige gehonoreerde aanvragen krijgen een subsidie van jaarlijks € 50.000,– toegekend.

6.

Het bestuur verleent niet een bedrag dat meer is dan het subsidiebedrag zoals aangevraagd.

7.

Een besluit tot het vaststellen, verhogen of verlagen van een subsidieplafond wordt bekendgemaakt op de website van het Letterenfonds.

Artikel 8. Rondes
1.

Het bestuur behandelt de aanvragen in één ronde per twee jaar.

2.

Het Letterenfonds publiceert de sluitingsdata van rondes op zijn website.

Artikel 9. Verdeling budget
1.

Indien het budget tekortschiet om alle aanvragen te honoreren, worden de aanvragen die aan de voorwaarden voldoen om voor subsidie in aanmerking te komen, onderverdeeld in drie groepen:

2.

Als het subsidieplafond ontoereikend is om alle aanvragen in de groepen A en B die voor subsidie in aanmerking komen te honoreren, worden de aanvragen in een rangorde geplaatst.

3.

Het bestuur honoreert eerst de aanvragen in groep A voor de conform artikel 7 geadviseerde subsidiebedragen. Vervolgens worden de aanvragen in groep B voor het geadviseerde subsidiebedrag gehonoreerd in volgorde van de rangorde, totdat toewijzing van de gevraagde subsidie het subsidieplafond te boven gaat dan wel indien een bedrag resteert dat lager is dan € 50.000,–. Die aanvraag en de volgende worden afgewezen.

4.

Indien het bestuur het subsidieplafond verhoogt, worden de subsidiebedragen van de aanvragen in groep B die wegens ontoereikendheid van het budget waren afgewezen, toegewezen voor het geadviseerde subsidiebedrag in volgorde van de rangorde, tot de aanvraag waarvan toewijzing van de gevraagde subsidie het subsidieplafond te boven gaat. Die aanvraag en de volgende worden afgewezen.

Artikel 10. Vaststelling van de subsidie
1.

Het bestuur stelt de subsidie vast na ontvangst van de complete verantwoording over de twee jaren waarover subsidie is verstrekt.

2.

Als de activiteiten volgens plan zijn uitgevoerd en is voldaan aan alle aan de subsidie verbonden verplichtingen stelt het bestuur de subsidie binnen 22 weken overeenkomstig de verlening vast.

3.

Als het bestuur overweegt de subsidie lager vast te stellen wordt de aanvrager hierover uiterlijk binnen vier maanden na de datum waarop de jaarverantwoording moest worden ingediend geïnformeerd.

Artikel 11. Verantwoording bij subsidieverlening
1.

De aanvrager stuurt jaarlijks voor 1 april een verantwoording in van de uitgevoerde activiteiten in het vorige kalenderjaar.

2.

De verantwoording omvat een inhoudelijk en een financieel deel. De inhoudelijke verantwoording bestaat uit een verslag over de verrichte activiteiten waarmee kan worden aangetoond dat de gesubsidieerde activiteiten volgens plan hebben plaatsgevonden.

3.

De financiële verantwoording sluit aan op de ingediende begroting en gaat bij subsidies die voor twee jaar tezamen een bedrag van € 125.000,– overstijgen vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid en de rechtmatigheid afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek. De verklaring dient te zijn opgesteld overeenkomstig een door het bestuur vast te stellen protocol.

4.

Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek is van toepassing op de financiële verantwoording, met dien verstande dat de winst- en verliesrekening wordt vervangen door een exploitatierekening; op deze rekening zijn de bepalingen omtrent de winst en verliesrekening van overeenkomstige toepassing. Bepalingen omtrent winst en verlies zijn van overeenkomstige toepassing op het exploitatiesaldo. De Afdelingen 1, 7, 11, 12, 14 en 15 van titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek zijn niet van toepassing op de jaarrekening.

5.

Het bestuur kan nadere voorwaarden aan de inrichting van de verantwoording stellen.

6.

De subsidieontvanger werkt mee aan dan wel draagt er zorg voor dat de accountant meewerkt aan onderzoeken naar de door de accountant verrichte (controle)werkzaamheden door een door het bestuur van het fonds aan te wijzen partij. De daaraan verbonden kosten worden geacht te zijn begrepen in de subsidie.

Artikel 12. Begrotingsvoorbehoud

Subsidie wordt verleend onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Artikel 13. Verplichtingen subsidieontvanger
1.

De subsidieontvanger plaatst op alle publieksuitingen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten het logo van het Letterenfonds.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.