Besluit van de inspecteur-generaal van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 17 juli 2020, nr. NVWA/2020/3794, tot vaststelling van het Specifiek interventiebeleid diergeneesmiddelen (IB02-SPEC 03, versie 07)

Type Beleidsregel
Publication 2020-08-15
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,

Gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 8.1 van de Wet dieren, artikel 6, zevende lid, van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging LNV 2019 en het Algemeen Interventiebeleid Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit;

Besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:

1. Onderwerp

Het specifiek interventiebeleid diergeneesmiddelen beschrijft, binnen de kaders van het algemeen interventiebeleid (NVWA-IB02), de klasseindeling en interventies voor specifieke overtredingen van de regelgeving met betrekking tot diergeneesmiddelen en geeft daarmee invulling aan het algemeen interventiebeleid.

Overtredingen die door de inspecteur/ toezichthouder worden waargenomen en die niet in het IB02-SPEC 03 Diergeneesmiddelen zijn opgenomen, worden voorgelegd aan de Afdeling Expertise van de Divisie Regie & Expertise van de Directie handhaven, teneinde een klasseindeling en een interventie te bepalen.

2. Definities en wettelijke basis

Hieronder is een aantal specifieke definities opgenomen in aanvulling op de definities en begrippen uit het algemeen interventiebeleid.

2.1. Definities en afkortingen

Elke vorm van controle door een inspecteur van de NVWA om na te gaan of de wet- en regelgeving inzake diergeneesmiddelen wordt nageleefd. De inspecteur kan, als dit de efficiency van de uit te voeren inspectie ten goede komt, er voor kiezen om deze van te voren aan te kondigen. Dit laat onverlet dat de inspecteur ook zonder aankondiging een inspectie kan uitvoeren.

Een inspectie (eventueel op afstand) ingesteld door een inspecteur van de NVWA die volgt op een eerder ingestelde inspectie, waarbij een overtreding is geconstateerd en naar aanleiding waarvan het noodzakelijk wordt geacht om na de tijdens de eerdere inspectie aangegeven termijn na te gaan of afdoende corrigerende maatregelen zijn genomen om de overtreding op te heffen en nieuwe overtredingen te voorkomen.

2.2. Wettelijke basis

Het specifiek interventiebeleid diergeneesmiddelen is gebaseerd op voorschriften van de volgende regelingen:

3. Werkwijze

3.1. Het bepalen van de ernst van de overtreding

Overtredingen worden ingedeeld naar de klassen zoals gedefinieerd in het algemeen interventiebeleid. Bij het beoordelen van de op te leggen interventie wordt rekening gehouden met de grootte van het risico op ernstige tot geringe gevolgen voor dierenwelzijn, volksgezondheid of voedselveiligheid, de herstelbaarheid daarvan en of er sprake is van calculerend en/of bewust risiconemend gedrag.

In de bijlage van dit document zijn de bepalingen van de geldende wetgeving ingedeeld in een overtredingsklasse met bijbehorende interventie(s).

Van dit specifiek interventiebeleid kan worden afgeweken als de omstandigheden daartoe aanleiding geven. Afwijken van de in dit document voorgeschreven interventie is alleen mogelijk in overleg met, en na akkoord van, het afdelingshoofd.

3.2. Het bepalen van interventies bij een overtreding

Overtredingen van de Wet dieren worden doorgaans bestuurlijk beboet. Indien de ernst van de overtreding of de omstandigheden waaronder deze is begaan daartoe aanleiding geven, legt de NVWA deze aan het Openbaar Ministerie voor. Dit volgt uit artikel 8.10, eerste lid, van de Wet dieren. Het Openbaar Ministerie beslist of het overgaat tot strafrechtelijke afdoening. Afgezien van de in artikel 8.11, eerste lid, genoemde overtredingen is strafrechtelijke afdoening niet voorbehouden aan een vooraf aan te geven overtreding van een bepaald voorschrift, maar kan in beginsel bij alle overtredingen van de bij of krachtens de Wet dieren gestelde voorschriften noodzakelijk zijn.

De kolommen ‘interventies’ en ‘follow-up na overtreding; interventies bij herhaalde overtreding’ in de bijlage van dit document vermelden uitsluitend de bestuurlijke boete als sanctionerende interventie die doorgaans wordt toegepast. Dit laat onverlet dat, als een overtreding zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk kan worden afgedaan, op grond van de specifieke feiten en omstandigheden kan worden besloten om in plaats van een bestuurlijke boete een proces verbaal op te maken ten behoeve van strafrechtelijke afdoening. Op voorhand is niet in de bijlage van dit document aan te geven wanneer wordt overgegaan tot een strafrechtelijke sanctionerende interventie. Daarom vormt deze paragraaf een aanvulling op bovengenoemde kolommen in de bijlage.

In alle gevallen geldt overigens dat een strafrechtelijke sanctionerende interventie (een proces verbaal) te allen tijde kan worden gecombineerd met een bestuursrechtelijke corrigerende interventie (een herstelmaatregel).

Corrigerende interventies kunnen naast of in plaats van sanctionerende interventies worden ingezet. Dat kan nuttig zijn zodra blijkt dat sanctionerende interventies (alleen) onvoldoende leiden tot naleving van de regelgeving. Voor welke corrigerende interventie gekozen wordt verschilt van geval tot geval. Voorbeelden hiervan zijn het af laten voeren van diergeneesmiddelen of het onder toezicht plaatsen van dieren.

Corrigerende interventies hebben als doel te bevorderen dat de overtreder zijn bedrijfsprocessen blijvend beheerst zodat bestaande overtredingen worden beëindigd en nieuwe worden voorkomen. Een corrigerende interventie moet proportioneel zijn, toegesneden op de specifieke situatie van de overtreder. Een corrigerende interventie mag niet ingrijpender voor de overtreder zijn dan strikt noodzakelijk om de overtreding te beëindigen of herhaling ervan te voorkomen. Overgaan tot ingrijpender corrigerende interventies kan indien gemotiveerd kan worden waarom een minder ingrijpende corrigerende interventie onvoldoende effect heeft gehad of zal hebben.

Als een of meer overtredingen worden geconstateerd die in ernst, aantal en tijdsbestek een corrigerende interventie rechtvaardigen wordt met een specifieke corrigerende interventie in het bedrijfsproces ingegrepen. Dit ingrijpen kan betrekking hebben op:

Aan een specifieke corrigerende interventie kan een last onder dwangsom of last onder bestuursdwang worden verbonden.

Als opnieuw overtredingen worden geconstateerd wordt opnieuw een corrigerende interventie ingezet als ernst, aantal en tijdsbestek van de overtreding(en) dit rechtvaardigt. Zo nodig met ingrijpendere maatregelen of een hogere dwangsom.

Mocht de overtreder ondanks een of meer specifieke corrigerende interventies nieuwe overtredingen blijven begaan die in ernst, aantal en tijdsbestek ingrijpen rechtvaardigen kan worden overgegaan tot een generieke corrigerende interventie. Hiertoe kan ook meteen worden overgegaan als er weliswaar nog geen (herhaalde) specifieke corrigerende interventie is opgelegd, maar er op voorhand aanwijzingen zijn dat deze onvoldoende tot naleving zullen leiden.

Bij het bepalen van nut en noodzaak van een generieke interventie wordt integraal bekeken in hoeverre de overtreder ook andere wettelijke eisen naleeft waarop de NVWA toezicht houdt.

Bij bepaalde overtredingen kan naast een bestuurlijke of strafrechtelijke interventie ook een melding worden gedaan bij een derde instantie. Bij overtredingen van de zorgplicht (artikel 4.2 Wet dieren) door een veterinair kan een melding gedaan worden aan de klachtambtenaar ten behoeve van het Veterinair Tuchtcollege. Bij overtredingen door vergunninghouders kan melding gedaan worden bij Bureau Diergeneesmiddelen.

3.3. Herhaalde overtreding en verscherpt toezicht

Er is sprake van een herhaalde overtreding wanneer tijdens een (her)inspectie opnieuw een overtreding van een wettelijk voorschrift over eenzelfde onderwerp wordt vastgesteld, waarvoor tegen de overtreder in de daaraan voorafgaande periode van drie jaar reeds een interventie werd toegepast. Hierbij onderscheiden we de volgende onderwerpen:

Tijdens een (her)inspectie kunnen meerdere overtredingen van verschillende wettelijke voorschriften en van verschillende overtredingsklassen binnen het domein dierenwelzijn geconstateerd worden. Voor het handelen in dergelijke situaties zie 2.3 van het algemeen interventiebeleid. Ten aanzien van het stapelen van overtredingen geldt, bij het opleggen van de bestuurlijke boete, dat er wordt uitgegaan van maximaal vijf overtredingen per overtreder, per controlemoment.

De inspecteur bepaalt of een herinspectie volgt na vaststelling van een overtreding (aangekondigd of onaangekondigd). Factoren die daarbij een rol spelen zijn: ernst van de overtreding, kans op herhaling van de overtreding, termijn die nodig is om de overtreding op te heffen.

Verscherpt toezicht wordt ingesteld als in een periode van 2 jaar 5 overtredingen zijn geconstateerd. Verscherpt toezicht houdt in dat de NVWA vaker inspecteert en, indien zij overtredingen constateert, naast een bestuurlijke boete corrigerende interventies oplegt die passend zijn om de geconstateerde overtreding te beëindigen.

3.4. Internettoezicht

Op internet worden op handelssites (digitale platforms) geregeld advertenties geplaatst met verboden content. De NVWA kan in die gevallen op basis van de Algemene wet bestuursrecht bij zowel de aanbieder als de beheerder van de handelssite gegevens vorderen. Wanneer de handelssite in Nederland is gevestigd, kan de NVWA volgens het interventiebeleid optreden als de Nederlandse wetgeving wordt overtreden. Wanneer de handelssite in het buitenland is gevestigd kan de NVWA ook optreden wanneer de Nederlandse wetgeving wordt overtreden. Men biedt dan via de site middelen aan in Nederland. Beheerders van handelssites kunnen de NVWA alternatieven bieden om te interveniëren, zoals het verwijderen van advertenties of de site afsluiten voor bezoek vanuit Nederland. In dergelijke gevallen kan de NVWA volstaan met nalevingshulp aan de aanbieder bijvoorbeeld vlak nadat de advertentie is verwijderd. Is er sprake van herhaling dan kunnen alsnog gegevens worden gevorderd en kan worden opgeschaald in de handhaving.

4. Arbo, milieu en veiligheid

Niet van toepassing.

5. Vervanging

Deze beleidsregel vervangt het op 1 september 2017 vastgestelde Specifiek interventiebeleid diergeneesmiddelen (IB02-SPEC 03, versie 06). Ten opzichte van versie 07 zijn de wettelijke normen en overtredingsklassen vollediger en eenduidiger geformuleerd. Bestaande regels in de bijlage met meerdere wettelijke normen zijn waar nodig uitgesplitst naar evenzoveel regels. Tenslotte zijn het hoofddocument en de bijlage ingericht volgens een uniforme opzet, geldend voor alle domeinen.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als “Specifiek interventiebeleid NVWA diergeneesmiddelen (IB02-SPEC 03, versie 07)”.

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 15 augustus 2020.

Deze beleidsregel wordt in de Staatscourant geplaatst.

Bijlage. bij IB02-SPEC 03, versie 07: tabel Specifiek interventiebeleid NVWA diergeneesmiddelen

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.