← Geldende tekst · Geschiedenis

Tweede tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 46, eerste lid van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden inzake handdesinfectiemiddelen in verband met de uitbraak COVID-19 (Tweede tijdelijke vrijstelling handdesinfectie apotheken COVID-19 2020)

Geldende tekst a fecha 2020-09-06

In aanmerking genomen de toegenomen vraag naar desinfectiemiddelen, als gevolg van de uitbraak van COVID-19, in overleg met het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, het landelijk consortium hulpmiddelen en de Nederlandse Vereniging van Zeepfabrikanten;

Gelet op artikel 46, eerste lid van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden en artikel 55 van Verordening (EU) nr. 528/2012;

BESLUIT:

Artikel 1

Ten behoeve van de bestrijding van infecties ten tijde van de uitbraak van het coronavirus SARS-CoV-2 en in verband met de bij deze bestrijding dreigende tekorten van handdesinfectiemiddelen die de werkzaamheden van professionele zorgaanbieders compromitteren ten tijde van deze uitbraak, wordt op grond van:

Artikel 2

Aan de vrijstelling en toestemming, bedoeld in artikel 1, onderdelen a onderscheidenlijk b, zijn de in de bijlage bij dit besluit opgenomen beperkingen en voorschriften verbonden.

Artikel 3

De vrijstelling en toestemming wordt verleend van 6 september 2020 tot en met 4 maart 2021.

Artikel 4

Dit besluit wordt aangehaald als: Tweede tijdelijke vrijstelling handdesinfectie apotheken COVID-19 2020.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang van 6 september 2020. Indien de Staatscourant waarin het besluit wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na de in de eerste volzin bedoelde datum, treedt het in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst, en werkt het terug tot en met de in de eerste volzin bedoelde datum.

Bijlage. bedoeld in artikel 2

De vrijgestelde biociden moeten geproduceerd, verpakt en bewaard worden volgens de aanwijzingen in de LNA-mededeling ‘Handdesinfectantia voor professioneel gebruik’.

De productie van de met de vrijstelling gemoeide stoffen geschiedt door apotheken.

De betreffende biociden mogen alleen verstrekt worden aan en gebruikt worden door professionele zorgaanbieders.

Dit besluit zal met bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.