← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, van 16 oktober 2020, nr. IENW/BSK-2020/175451, houdende vaststelling van de Regeling vergoedingen waterschapsverkiezingen

Geldende tekst a fecha 2020-11-01

Gelet op artikel 98, tweede lid, van de Waterschapswet;

BESLUIT:

Artikel 1
1.

De som van de vergoedingen die de waterschappen gezamenlijk verschuldigd zijn krachtens artikel 98, tweede lid, van de Waterschapswet is:

2.

Het aandeel van een afzonderlijk waterschap in de som van de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, wordt bepaald op basis van het aandeel van het waterschap in het totale aantal kiesgerechtigde ingezetenen van de waterschappen tezamen tijdens de laatst gehouden waterschapsverkiezingen.

Artikel 2

De vergoeding die een waterschap per kalenderjaar verschuldigd is, bedraagt een vierde van het op basis van artikel 1 voor het waterschap bepaalde bedrag.

Artikel 3
1.

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat stelt de vergoeding die een waterschap verschuldigd is telkens in het eerste jaar van een periode van vier kalenderjaren vóór 15 mei bij beschikking vast.

2.

In afwijking van het eerste lid wordt de vergoeding die verschuldigd is voor de periode 2020 tot en met 2023 vastgesteld vóór 15 november 2020.

Artikel 4

De Vergoedingenregeling waterschapsverkiezingen 2015 en de Vergoedingenregeling waterschapsverkiezingen 2019 worden ingetrokken.

Artikel 5

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 november 2020.

Artikel 6

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vergoedingen waterschapsverkiezingen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.