← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van het bestuur van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) van 18 augustus 2020 tot vaststelling van regels voor het archiefbeheer van het COA (Regeling archiefbeheer COA 2020)

Geldende tekst a fecha 2020-11-12

Gelet op artikel 14 van het Archiefbesluit 1995:

Besluit:

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Verantwoordelijkheden en bevoegdheden

Artikel 2. Bestuur
1.

Het bestuur is zorgdrager in de zin van artikel 1 lid d van de Archiefwet 1995 voor de archiefbescheiden van het COA.

2.

Deze regeling is van toepassing op het beheer van alle archiefbescheiden waarvoor het bestuur zorgdrager is.

3.

De zorg van het bestuur eindigt door overbrenging, vervreemding of vernietiging van de archiefbescheiden.

4.

Het bestuur mandateert de verantwoordelijkheden als zorgdrager aan de Chief Information Officer.

5.

Het bestuur verleent mandaat aan de manager en locatiemanager voor het archiefbeheer voor de afdeling c.q. de locatie.

Artikel 3. Chief Information Officer
1.

De Chief Information Officer is verantwoordelijk voor het archiefbeheer van het COA, ook indien hij met toestemming van het bestuur werkzaamheden via ondermandaat heeft uitbesteed.

2.

De Chief Information Officer:

3.

De Chief Information Officer kan alle bevoegdheden die de managers of locatiemanagers op grond van deze regeling verkrijgen, bij verwaarlozing van die bevoegdheden, uitoefenen.

Artikel 4. Teamhoofd RDM & Functioneel Beheer
1.

Het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer:

Artikel 5. Manager
1.

De manager:

Artikel 6. Locatiemanager
1.

De locatiemanager:

Artikel 7. Medewerkers

Elke medewerker draagt er zorg voor dat hij/zij de door hem/haar behandelde archiefbescheiden op de juiste manier opneemt in de daarvoor door het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer bepaalde systemen of op correcte wijze ter opname aanbiedt aan de beheerder van het lopende archief.

Hoofdstuk 3. Beheer van archiefbescheiden

Artikel 8. Materiële verzorging
1.

Het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer beheert de archiefbescheiden zodanig dat bij het raadplegen van deze archiefbescheiden geen noemenswaardige achteruitgang van de archiefbescheiden is te constateren.

2.

Voor zover instabiele, minder goed houdbare materialen zijn gebruikt, conserveert of vervangt het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer de betreffende archiefbescheiden.

3.

De materialen die het COA gebruikt bij het opmaken van archiefbescheiden voldoen aan de eisen gesteld in de Archiefregeling 2009.

4.

Digitale archiefbescheiden worden, uiterlijk op het tijdstip van overbrenging, opgeslagen in een valideerbaar en volledig gedocumenteerd bestandsformaat dat voldoet aan een open standaard, tenzij dit redelijkerwijs niet mogelijk is.

Artikel 9. Registratie
1.

Registratie van de bij het COA centraal inkomende archiefbescheiden vindt plaats door de archiefbeheerder.

2.

De behandelend medewerker draagt zorg voor de registratie van decentraal ingekomen en intern gecreëerde archiefbescheiden door deze in het in gebruik zijnde informatiesysteem dan wel in de daarvoor bedoelde bedrijfstoepassing op te nemen of ter opname aan te bieden aan de archiefbeheerder.

3.

Bij de registratie van de archiefbescheiden worden ten minste de metagegevens vastgelegd uit de door de archiefbeheerder vastgestelde set van verplichte metadata.

Artikel 10. Dossiervorming
1.

Archiefbescheiden worden op logisch samenhangende wijze geordend, zodanig dat:

2.

Bij de dossierregistratie worden ten minste de metagegevens vastgelegd uit de door de archiefbeheerder vastgestelde set van verplichte metadata.

Artikel 11. Vernietiging
1.

Archiefbescheiden worden uitsluitend vernietigd indien:

2.

De manager van het archiefvormend onderdeel moet schriftelijk akkoord gaan met een door de archiefbeheerder voorgenomen vernietiging van archiefbescheiden.

3.

Van de vernietiging van archiefbescheiden wordt een door het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer ondertekende verklaring opgesteld, die tenminste een specificatie bevat van de vernietigde archiefbescheiden, alsmede aangeeft op grond waarvan en op welke wijze de vernietiging is geschied.

4.

Vernietiging geschiedt zodanig dat het niet mogelijk is op enige wijze nog informatie uit de archiefbescheiden te herleiden.

Artikel 12. Vervanging
1.

De Chief Information Officer kan besluiten tot de vervanging van archiefbescheiden.

2.

Vervanging van archiefbescheiden geschiedt met juiste en volledige weergave van de in de te vervangen archiefbescheiden voorkomende gegevens.

3.

Van de vervanging wordt een verklaring opgemaakt die een specificatie bevat van de vervangen archiefbescheiden.

Artikel 13. Vervreemding
1.

Het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer kan in overleg de archiefbescheiden die niet zijn overgebracht naar het Nationaal Archief vervreemden.

2.

Voor vervreemding is een machtiging vereist van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, tenzij dit geschiedt ter uitvoering van een wettelijk voorschrift.

3.

Bij vervreemding als bedoeld in het eerste lid wordt rekening gehouden met de belangen genoemd in artikel 2, eerste lid van het Archiefbesluit 1995.

4.

Van de vervreemding wordt een verklaring opgemaakt die een specificatie bevat van de vervreemde archiefbescheiden.

Artikel 14. Overdragen
1.

Het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer is belast met het archiefbeheer van alle semi-statische archiefbescheiden.

2.

De manager of locatiemanager draagt semi-statische papieren archiefbescheiden over aan het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer.

3.

Overdracht van semi-statische archiefbescheiden geschiedt op basis van door het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer vastgestelde procedures en voorschriften.

4.

Van de overdracht wordt een verklaring opgemaakt die een specificatie bevat van de overgedragen semi-statische archiefbescheiden.

Artikel 15. Overbrengen
1.

De semi-statische archiefbescheiden worden indien zij de leeftijd van twintig jaar hebben bereikt binnen een periode van 10 jaar door het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer in goede, geordende en toegankelijke staat overgebracht naar het Nationaal Archief.

2.

De over te brengen semi-statische archiefbescheiden zijn voorzien van een document waarin is vermeld op welke wijze de duurzaamheid, ordening en toegankelijkheid van deze archiefbescheiden zijn geregeld.

3.

Met de over te brengen semi-statische archiefbescheiden, wordt voor zover onmisbaar voor raadpleging, ook de toepassingsprogrammatuur en bijbehorende documentatie om de programmatuur te beheren overgedragen.

4.

Van de overbrenging wordt een verklaring opgemaakt die een specificatie bevat van de overgebrachte semi-statische archiefbescheiden.

5.

In de verklaring kunnen beperkingen aan de openbaarheid van de over te brengen semi-statische archiefbescheiden worden gesteld.

Hoofdstuk 4. Beschikbaar stellen van archiefbescheiden

Artikel 16. Interne beschikbaarstelling
1.

Archiefbescheiden zijn beschikbaar ter raadpleging voor de medewerkers van het COA, tenzij er beperkende voorschriften gelden.

2.

Van de beschikbaarstelling van papieren archiefbescheiden wordt een administratie bijgehouden door de archiefbeheerder.

3.

De archiefbeheerder rappelleert op het retourneren van uitgeleende papieren archiefbescheiden aan de beheerder.

4.

De COA-medewerker die archiefbescheiden geleend heeft, draagt er zorg voor dat deze tijdig en in oorspronkelijke staat worden terugbezorgd bij de archiefbeheerder.

Artikel 17. Informatieverstrekking aan derden
1.

Verzoeken van derden om informatie over, of beschikbaarstelling van, kopieën van, dan wel inzage in archiefbescheiden worden door de manager behandeld met inachtneming van de wet- en regelgeving, in het bijzonder de Wet openbaarheid van bestuur.

2.

Verzoeken om informatie over, of beschikbaarstelling van, kopieën van, dan wel inzage in archiefbescheiden stemt de manager af met de manager Strategie, Bestuur en Omgeving (SBO).

3.

Indien de aard of mate van beschikbaarstelling of het gebruik van de opgevraagde archiefbescheiden een ernstige bedreiging vormt voor hun toestand, is het mogelijk dat in plaats van de originele archiefbescheiden reproducties ter beschikking worden gesteld.

4.

Van de beschikbaarstelling van archiefbescheiden wordt een administratie bijgehouden.

Hoofdstuk 5. Bijzondere bepalingen inzake het archiefbeheer

Artikel 18. Reorganisatie
1.

Bij een organisatiewijziging, zoals reorganisatie, opheffing, samenvoeging, splitsing of privatisering, waarbij een of meerdere taken worden overgedragen of eindigen, wordt door het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer, in overleg met de desbetreffende manager een voorziening getroffen voor de desbetreffende archiefbescheiden.

2.

Bij een organisatiewijziging wordt het deelarchief van het desbetreffende organisatieonderdeel afgesloten. Het nieuwe organisatieonderdeel begint een nieuw archief.

3.

Bij de totstandkoming van de voorziening, bedoeld in het eerste lid, houdt het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer rekening met het gestelde in de artikelen 2, 3 en 4 van het Besluit archiefoverdrachten rijksadministratie.

4.

Bij de instelling van tijdelijke organisatieonderdelen wordt, in overleg met het teamhoofd RDM & Functioneel Beheer, een voorziening getroffen voor het archiefbeheer van de archiefbescheiden na opheffing van het organisatieonderdeel.

Artikel 19. Uitbesteding

Een regeling waarbij taken en bevoegdheden namens het bestuur worden uitgevoerd door een andere rechtspersoon bevat een voorziening over het archiefbeheer overeenkomstig het gestelde in deze regeling.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 20. Intrekking

De Regeling Archiefbeheer COA wordt ingetrokken.

Artikel 21. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de eerste dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 22. Bekendmaking

Deze regeling zal binnen het COA bekend worden gemaakt en daarnaast met de toelichting worden geplaatst in de Staatscourant.

Artikel 23. Citeertitel

De regeling kan worden aangehaald als 'Regeling Archiefbeheer COA 2020'.