Besluit van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 27 mei 2021, nr. ILT-2021/ 33149, houdende vaststelling van de talen bedoeld in artikel 4, derde lid, onder a, artikel 5, onder a, en artikel 6, vierde lid van de Wet pleziervaartuigen 2016

Type Ministeriële regeling
Publication 2021-06-11
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 4, derde lid, onder a, artikel 5, onder a en artikel 6, vierde lid van de Wet pleziervaartuigen 2016,

Besluit:

Artikel 1

Als taal bedoeld in artikel 4, derde lid, onder a en artikel 5, onder a van de Wet pleziervaartuigen 2016 wordt aangewezen de Nederlandse taal.

Artikel 2

Als talen bedoeld in artikel 6, vierde lid van de Wet pleziervaartuigen 2016 worden aangewezen de Nederlandse en de Engelse taal.

Artikel 3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.