Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 18 juni 2021, nr. HO&S/27206364, houdende regels voor de subsidieverstrekking voor virtuele internationale samenwerkingsprojecten in het hoger onderwijs (Subsidieregeling virtuele internationale samenwerkingsprojecten hoger onderwijs)

Type Ministeriële regeling
Publication 2021-11-20
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 4 en 5 van de Wet overige OCW-subsidies en de artikelen 1.3 en 2.1 van de Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS;

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Toepassing Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS

De Kaderregeling is van toepassing op subsidies die op grond van deze regeling worden verstrekt.

Artikel 3. Te subsidiëren activiteiten
1.

De minister kan aan een instellingsbestuur subsidie verstrekken voor het ontwerpen, ontwikkelen en implementeren van een virtueel internationaal samenwerkingsproject, of voor het herzien van een bestaand virtueel internationaal samenwerkingsproject voor een bepaalde opleiding en een bepaalde vestiging van een instelling.

2.

Het instellingsbestuur voorziet daartoe in ieder geval in het vrijroosteren van:

3.

Het instellingsbestuur kan daarnaast voorzien in het vrijroosteren van personen met een aanvullende expertise.

Artikel 4. Subsidiebedrag

Het subsidiebedrag per subsidieaanvraag is een vast bedrag van € 15.000.

Artikel 5. Subsidieaanvraag
1.

Een subsidieaanvraag kan worden ingediend:

2.

Elke aanvraagperiode opent op de eerste dag van de aanvraagperiode om 12:00 uur CET.

3.

Aanvragen die na de einddatum van het desbetreffende de aanvraagperiode worden ingediend, worden afgewezen.

4.

Voor de subsidieaanvraag wordt gebruik gemaakt van het digitale aanvraagformulier dat is te vinden op de website https://www.dus-i.nl/subsidies/virtuele-internationale-samenwerkingsprojecten.

5.

Als tijdstip waarop de aanvraag is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de aanvraag het systeem voor gegevensverwerking van de minister heeft bereikt.

6.

In aanvulling op artikel 3.4 van de Kaderregeling bevat het activiteitenplan in ieder geval:

7.

Het instellingsbestuur kan per aanvraagperiode meerdere aanvragen indienen voor verschillende virtuele internationale samenwerkingsprojecten.

8.

In aanvulling op het zevende lid kan het instellingsbestuur per aanvraagperiode meerdere aanvragen indienen voor hetzelfde virtuele internationale samenwerkingsproject indien er sprake is van een multidisciplinaire samenwerking binnen een instelling of het aanbieden van hetzelfde virtuele internationale samenwerkingsproject op verschillende hoofd- of nevenvestigingen van het instellingsbestuur.

Artikel 6. Subsidieplafond
1.

Voor subsidieverstrekking zijn de volgende bedragen beschikbaar:

2.

Indien het bedrag voor subsidieverstrekking voor de eerste periode van een kalenderjaar door subsidietoewijzingen niet wordt uitgeput, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het subsidieplafond voor de tweede aanvraagperiode van het desbetreffende kalenderjaar.

Artikel 7. Weigeringsgronden

De subsidieverstrekking wordt geweigerd, voor zover:

Artikel 8. Wijze van verdeling beschikbare middelen
1.

De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op aanvragen per aanvraagronde.

2.

De minister rangschikt bij overschrijding van het subsidieplafond de aanvragen op volgorde van binnenkomst, met dien verstande dat een eventuele tweede aanvraag van een instellingsbestuur in een bepaalde aanvraagperiode na de eerste van alle aanvragen van instellingsbesturen wordt gerangschikt, totdat het subsidieplafond bereikt is.

3.

Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op een tweede, derde of opeenvolgende aanvraag van een instellingsbestuur, totdat het subsidieplafond bereikt is.

Artikel 9. Subsidieverplichtingen
1.

Aan de subsidieontvanger worden de volgende verplichtingen opgelegd:

2.

De subsidieontvanger meldt onverwijld schriftelijk aan de minister indien:

3.

De melding bedoeld in het tweede lid wordt voorzien van een toelichting. Bij de melding worden de relevante stukken overgelegd.

Artikel 10. Vaststelling en verantwoording subsidie
1.

De subsidie wordt direct vastgesteld binnen 13 weken na afloop van de desbetreffende aanvraagperiode.

2.

De minister betaalt het subsidiebedrag ineens.

3.

De subsidieontvanger toont op verzoek van de minister aan dat de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt, zijn verricht en is voldaan aan de verplichtingen die aan de subsidie zijn verbonden.

4.

Indien de activiteiten volledig zijn uitgevoerd en aan alle verplichtingen is voldaan, kan het niet aangewende deel van de subsidie worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.

5.

De verantwoording van de subsidie geschiedt overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs in de jaarverslaggeving met model G, onderdeel 1, zoals bedoeld in richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Artikel 11. Inwerkingtreding en vervaldatum
1.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2021.

2.

Deze regeling vervalt met ingang van 1 september 2026.

Artikel 12. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling virtuele internationale samenwerkingsprojecten hoger onderwijs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.