Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 7 juli 2021, nr. MBO/28142118, houdende vaststelling van de subsidieplafonds van de Subsidieregeling praktijkleren voor het studiejaar 2020-2021, alsmede wijziging van de Subsidieregeling praktijkleren in verband met het definiëren van het begrip ‘hoofdactiviteit’, het toevoegen van conjunctuurgevoelige sectoren die in aanmerking komen voor aanvullende subsidie, het opnemen van een coulancebepaling, alsmede de toevoeging van een aanvullende subsidie voor praktijkleerplaatsen in het hbo
Gelet op artikel 2.7 van de Wet educatie en beroepsonderwijs, artikel 4 van de Wet overige OCW-subsidies en artikel 14, eerste lid, van de Subsidieregeling praktijkleren;
Besluit:
Artikel 1. Vaststelling subsidieplafonds Subsidieregeling praktijkleren 2020–2021
Voor subsidieverstrekking op grond van de Subsidieregeling praktijkleren zijn voor het studiejaar 2020–2021 ten hoogste de volgende bedragen beschikbaar:
- a. voor subsidies als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling praktijkleren: € 251.529.000;
- b. voor subsidies als bedoeld in artikel 6 van de Subsidieregeling praktijkleren: € 17.700.000;
- c. voor subsidies als bedoeld in artikel 8 van de Subsidieregeling praktijkleren: € 2.200.000; en
- d. voor subsidies als bedoeld in de artikelen 9a, 9c en 10 van de Subsidieregeling praktijkleren: € 1.300.000.
Artikel 2. Wijziging Subsidieregeling praktijkleren
Wijzigt de Subsidieregeling praktijkleren.
Artikel 3. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.