Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 29 november 2021, 2021-0000084573, tot vaststelling van een nieuwe Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen (Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022)

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-05-15
State In force
Source BWB
artikelen 53
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 3, eerste lid, onderdeel c, en tweede lid, 5, tweede, vierde en achtste lid, 7, tweede lid, 8, derde lid, 9, eerste lid, onderdelen b en f, en derde lid, en 22 van de Wet arbeid vreemdelingen;

Besluit:

Artikel 1. Delegatiebevoegdheid minister

1.

De bevoegdheid tot het afgeven en intrekken van een tewerkstellingsvergunning wordt overgedragen aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

2.

De bevoegdheid tot het geven van advies aan de Minister van Justitie en Veiligheid inzake het verlenen, verlengen of intrekken van een gecombineerde vergunning wordt overgedragen aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.

Artikel 2. In acht te nemen regels

Bij de uitoefening van de bevoegdheden, bedoeld in artikel 1, neemt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, naast de in de Wet arbeid vreemdelingen, het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 en de in deze regeling gestelde regels, de nadere regels in acht inzake de wijze van toepassing van de Wet arbeid vreemdelingen, als omschreven in de bij deze regeling behorende bijlage I, uitvoeringsregels.

Artikel 3. Diploma’s en getuigschriften

Voor aanvragen die geschoold werk betreffen, worden bij de personalia van de werknemer de gewaarmerkte diploma’s en getuigschriften dat aan de vereiste kwalificaties is voldaan, bij de vergunningaanvraag gevoegd. De waarde van de diploma’s kan door de werkgever of aanvrager worden geverifieerd aan de hand van een door een deskundige instantie afgegeven verklaring met welk Nederlands diploma of welke graad van vakbekwaamheid deze documenten vergelijkbaar zijn.

Artikel 4. Mededelingsplicht bij niet gebruik

De houder van de tewerkstellingsvergunning is verplicht onverwijld schriftelijk mededeling te doen aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen als van de tewerkstellingsvergunning langer dan vier weken geen gebruik wordt gemaakt.

Artikel 5. Afwijking weigeringsgrond termijn beschikbaarheid vacature

Afwijking van artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wet arbeid vreemdelingen vindt slechts plaats in geval er sprake is van buitengewone omstandigheden die een spoedige vervulling van de arbeidsplaats noodzakelijk maken en die niet door de werkgever waren te voorzien of door hem te beïnvloeden waren of indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen voor ommekomst van de termijn van vijf weken heeft vastgesteld dat er voor de desbetreffende arbeidsplaats geen prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt aanwezig is of als op voorhand reeds duidelijk is dat geen prioriteitgenietend aanbod aanwezig is.

Artikel 6. Afwijking weigeringsgrond bij internationale handelscontacten

Afwijking van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wet arbeid vreemdelingen vindt slechts plaats ten behoeve van de bevordering van internationale handelscontacten als omschreven in de bij deze regeling behorende bijlage I, uitvoeringsregels.

Artikel 7. Afwijking van de weigeringsgrond bij geestelijke, godsdienstige of levensbeschouwelijke functie

Afwijking van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en f, van de Wet arbeid vreemdelingen vindt slechts plaats in het kader van de uitoefening van de geestelijke, godsdienstige of levensbeschouwelijke functie als omschreven in de bij deze regeling behorende bijlage I, uitvoeringsregels.

Artikel 8. Afwijking weigeringsgrond bij scholing

Afwijking van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c, d en f, van de Wet arbeid vreemdelingen vindt slechts plaats in het kader van scholing, opleiding, vrijwilligerswerk, internationale uitwisseling en andere internationale culturele contacten alsmede ten behoeve van vreemdelingen die beschikken over een voor het verrichten van arbeid geldige vergunning tot verblijf, voor zover dit is omschreven in de bij deze regeling behorende bijlage I, uitvoeringsregels.

Artikel 9. Mogelijke weigering bij de leeftijd beneden 18 jaar

Een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning kan worden geweigerd ten aanzien van een vreemdeling die jonger is dan 18 jaar.

Artikel 10. Intrekking Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014

De Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2014 wordt ingetrokken.

Artikel 11. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2022.

Artikel 12. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022.

Bijlage I. Uitvoeringsregels

Hoofdstuk I. Inleiding

1.1. Algemeen

De Wet arbeid vreemdelingen (Wav) bepaalt op welke wijze het toelatingsbeleid van vreemdelingen tot de Nederlandse arbeidsmarkt zal plaatsvinden. Op grond van de Wav kan de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (de minister) de bevoegdheid tot het afgeven en intrekken van tewerkstellingsvergunningen onder door hem te stellen nadere regels geheel of gedeeltelijk overdragen aan een instantie. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) heeft tot taak om door middel van registratie en bemiddeling aansluiting te zoeken tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en beschikt ook over instrumenten waarmee binnen de Europese Unie/Europese Economische Ruimte kan worden bemiddeld. Het UWV is daarom bij uitstek in de positie om aan de hand van de arbeidsmarktsituatie te kunnen beoordelen of een aanvrager al dan niet voor vergunningverlening in aanmerking komt. Gelet hierop zijn op basis van artikel 1 van de Regeling uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 (RuWav 2022) alle bevoegdheden rond het afgeven en intrekken van tewerkstellingsvergunningen en het geven van advies aan de Minister van Justitie en Veiligheid inzake het verlenen, verlengen of intrekken van een gecombineerde vergunning overgedragen aan het UWV. Hierdoor blijft de eenheid in het uitvoeringsbeleid behouden.

1.2. Uitgangspunt uitvoering Wav

Aan de uitvoering van de Wav ligt het beginsel ten grondslag dat alle toepasselijke weigeringsgronden waarin de Wav voorziet, zullen worden tegengeworpen. De Wav kent een breed werkgeversbegrip en richt zich op alle arbeid ongeacht de rechtsvorm waarin deze is gegoten.

In deze bijlage is zoveel mogelijk de volgorde en systematiek van de wet gevolgd, zodat de eventuele toepasselijkheid van de nadere regels gemakkelijk is terug te vinden.

1.3. Geen gebruik tewerkstellingsvergunning en relevante wijziging van gegevens

Op grond van artikel 4 RuWav is de houder van de tewerkstellingsvergunning verplicht onverwijld schriftelijk mededeling te doen als van de tewerkstellingsvergunning langer dan vier weken geen gebruik wordt gemaakt1Met betrekking tot de gecombineerde vergunning is dit vastgelegd in artikel 4.44a van het Vreemdelingenbesluit 2000 en artikel 4.21 van het Voorschrift Vreemdelingen 2000.. Deze verplichting is opgenomen om te zorgen dat tijdig wordt gemeld als er geen gebruik meer wordt gemaakt van de tewerkstellingsvergunning omdat het dienstverband is geëindigd of het werk is beëindigd. Gelet hierop is de werkgever gehouden om, voor zover hij daarvan kennis heeft of kan hebben, te melden als de vreemdeling niet meer bij de werkgever werkzaam is.

Daarnaast is van belang dat de werkgever relevante wijzigingen van de gegevens, bedoeld in paragraaf 7.1. en 5.2. tijdig meldt. In de regel moet de werkgever bij een relevante wijziging een nieuwe tewerkstellingsvergunning aanvragen die zal worden getoetst aan de Wav. De werkgever verstrekt de vreemdeling een kopie van de tewerkstellingsvergunning die ten behoeve van hem is verleend zodat ook de vreemdeling op de hoogte is van de voorwaarden waaronder het UWV die tewerkstellingsvergunning heeft verleend.

Hoofdstuk II. De artikelen van de Wet arbeid vreemdelingen

Artikel 2. Wav: Eis van tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning

2.1. Tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning

De gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid dient te worden aangevraagd door (de werkgever van) de vreemdeling die langer dan drie maanden in Nederland in loondienst wil werken. Indien een werkgever een vreemdeling drie maanden of korter in Nederland in dienst wil nemen is een tewerkstellingsvergunning vereist, tenzij de werkgever op grond van het BuWav 2022 hiervan is vrijgesteld. Er is voor gekozen om de grens tussen een tewerkstellingsvergunning en een gecombineerde vergunning bij drie maanden te leggen omdat in het vreemdelingenrecht is geregeld dat bij een verblijf van langer dan drie maanden de vreemdeling in het bezit moet zijn van een verblijfsvergunning.

De gecombineerde vergunning moet worden aangevraagd bij de IND. In artikel 14a van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) is bepaald dat de Minister van Justitie en Veiligheid niet besluit over verlening, verlenging of intrekking van een gecombineerde vergunning dan nadat advies is gevraagd aan UWV. De IND vraagt het UWV om die reden vervolgens om een arbeidsmarktadvies. De paragrafen 5.1 tot en met 5.5 van deze uitvoeringsregels beschrijven de procedure en de voorwaarden die het UWV daarbij toepast, met inachtneming van artikel 2 van deze Regeling.

Niet voor alle vreemdelingen die langer dan drie maanden in Nederland komen werken, geldt de procedure van de gecombineerde aanvraag. Zo moeten werkgevers voor de volgende categorieën werknemers, gelet op het feit dat zij reeds in het bezit zijn van een verblijfsvergunning, een tewerkstellingsvergunning aanvragen, ongeacht de duur van de tewerkstelling. Het gaat hierbij om studenten, asielzoekers, ter beschikking gestelde werknemers (tenzij de artikelen 56 en 57 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VwEU) op hen van toepassing zijn), zeevarenden, grensarbeiders en vreemdelingen die in een andere lidstaat al beschikken over een verblijfsvergunning als langdurige ingezetene.

Voor het ter beschikking stellen van arbeidskrachten of werknemers geldt het volgende.

Het uitoefenen door een onderneming van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten of werknemers – zoals hiervoor genoemd – is een dienstverrichting tegen vergoeding waarbij de ter beschikking gestelde werknemer in dienst blijft van de dienstverrichtende onderneming. Er komt dus geen arbeidsovereenkomst tot stand met de inlenende onderneming. Zij wordt erdoor gekenmerkt dat de verplaatsing van de werknemer naar de lidstaat van ontvangst het doel op zich vormt van de dienstverrichting door de dienstverlenende onderneming en dat deze werknemer zijn taken onder toezicht en leiding van de inlenende onderneming vervult. Het ter beschikking stellen van arbeidskrachten blijft onder de tewerkstellingsvergunning vallen (met uitzondering van de gevallen waarop de artikelen 56 en 57 VwEU van toepassing zijn, zoals het Europese Hof van Justitie heeft beslist in het arrest Essent C-91/13). De uitzendende of inlenende werkgever dient een tewerkstellingsvergunning aan te vragen. Er is geen sprake van terbeschikkingstelling van arbeidskrachten indien sprake is van aanneming van werk, collegiale uitleen (zonder winstoogmerk) en intra-concern uitzendingen.

Aanneming van werk is een overeenkomst waarbij de ene partij, de aannemer, zich jegens de andere partij, de opdrachtgever, verbindt om buiten dienstbetrekking een werk van stoffelijke aard tot stand te brengen en op te leveren, tegen een door de opdrachtgever te betalen prijs in geld (artikel 7:750 Burgerlijk Wetboek).

De wezenlijke kenmerken zijn hier:

Collegiale uitleen is een variant van inlenen van personeel waarbij een ondernemer het eigen personeel ter beschikking stelt aan een collega-ondernemer ‘bij wijze van hulpbetoon zonder winstoogmerk’.

Intra-concern uitzendingen betreft die uitzendovereenkomsten waarbij de uitzendkracht door een werkgever binnen een concern aan een andere werkgever binnen datzelfde concern ter beschikking wordt gesteld. In de concernrelatie gaat het om meer werkgevers binnen een groep, of om een vennootschappelijke moeder-dochterrelatie.

Voor vreemdelingen die in een andere lidstaat de status langdurig ingezetene hebben verkregen en die vervolgens in Nederland een verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen krijgen, is in het eerste jaar van dit verblijf een tewerkstellingsvergunning nodig die moet worden aangevraagd door hun werkgever. Zij vragen geen gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid aan.

2.2. Werknemers van andere werkgevers

Als een werkgever arbeid laat verrichten door een vreemdeling voor wie een andere werkgever beschikt over een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning, is er niet opnieuw een vergunning vereist (artikel 2, tweede lid, van de Wav). Voorwaarde is wel dat het om dezelfde arbeid gaat. Deze andere werkgever moet een kopie van de tewerkstellingsvergunning of een kopie van de gecombineerde vergunning (verblijfspasje en aanvullend document) verstrekken aan de werkgever waar de vreemdeling feitelijk werkzaam is. De verplichting om een afschrift van de tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning op te nemen in de loonadministratie volgt uit artikel 28, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964. In dit geval vermelden deze stukken, naast de omschrijving van de werkzaamheden, de mogelijkheid van tewerkstelling bij een andere werkgever, de aard van de aldaar te verrichten werkzaamheden en een aanduiding van de plaats van de feitelijke tewerkstelling. Op grond van artikel 7 van de Wav geldt de verplichting om de aard van de werkzaamheden en de plaats van feitelijke tewerkstelling te vermelden op de tewerkstellingsvergunning of het aanvullend document van de gecombineerde vergunning. Deze verplichting is niet van toepassing bij asielzoekers en werkstudenten.

Bij de toetsing op grond van de artikelen 8 en 9 van de Wav of de vacature voor vervulling door een vreemdeling in aanmerking komt, wordt uitgegaan van de werkzaamheden te verrichten bij de feitelijke werkgever. Alleen als het gaat om werkzaamheden die niet behoren tot de bedrijfseigen activiteiten van die werkgever vindt toetsing, of voldaan is aan de verplichte vacaturemelding en wervingsinspanningen, plaats bij de uitlenende werkgever. De te verlenen tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning is dan niet beperkt tot één project/inlenende onderneming. Of werkzaamheden behoren tot de bedrijfseigen activiteiten van een werkgever is veelal af te leiden uit de aard van het werk in relatie tot de aard en doelstelling van de onderneming van de werkgever.

Toetsing of voldaan is aan een marktconforme beloning (artikel 8, eerste lid, onderdeel d, van de Wav) en het wettelijke minimumloon (artikel 8, eerste lid, onderdeel f, van de Wav) vindt plaats bij de werkgever die verantwoordelijk is voor de beloning van de vreemdeling.

Artikel 2a. Wav: Meldingsplicht

Artikel 3. Wav: Uitzondering eis tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning o.g.v. internationaal recht, voor zelfstandigen of categorieën van werkzaamheden

3.1. Overeenkomsten met andere mogendheden

Als op grond van een internationaal verdrag of een bilaterale overeenkomst met een andere staat, bij de tewerkstelling van een vreemdeling geen tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning mag worden verlangd, zal de desbetreffende vreemdeling steeds beschikken over een door de Minister van Justitie en Veiligheid of de Minister van Buitenlandse Zaken afgegeven legitimatiebewijs, waarop dit is aangetekend. Van de in dit verband relevante internationale verdragen is ter voldoening aan artikel 3, tweede lid, van de Wav in bijlage II een lijst opgenomen.

3.2. Terbeschikkingstelling van gemeenschapsonderdanen voor wie de arbeidsmarkt tijdelijk nog niet vrij is

Artikel 4.6. BuWav 2022 stelt vast dat geen tewerkstellingsvergunning wordt vereist met betrekking tot een vreemdeling die in het kader van grensoverschrijdende dienstverlening tijdelijk arbeid in Nederland verricht, onder enkele nauw omschreven voorwaarden. Deze vrijstelling van de tewerkstellingsvergunningplicht is niet van toepassing op de volgende situatie:

3.3. Zelfstandigen

In artikel 3, eerste lid onderdeel b, van de Wav is bepaald dat als een vreemdeling arbeid verricht als zelfstandige en beschikt over een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 14 van de Vw, er geen tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning is vereist voor zover deze vreemdeling arbeid verricht als zelfstandige. Als de zelfstandige nog niet in het bezit is van de verblijfsvergunning dan is wel een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning vereist. Daarbij is de normale toetsingsprocedure van toepassing, tenzij bij verdrag anders is bepaald. Ook als de zelfstandige andere werkzaamheden verricht dan waarvoor die verblijfsvergunning is verleend dan is wel een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning vereist. Voor deze werkzaamheden wordt getoetst aan de vereisten van artikel 8 van de Wav, behalve aan artikel 8, eerste lid, onderdeel f, van de Wav (volledig minimumloon). Wel dient de beloning marktconform te zijn.

3.4. Directeuren-aandeelhouders

(Groot)aandeelhouders van bedrijven die in het kader van hun bedrijfsuitvoering in Nederland arbeid willen verrichten zijn veelal te beschouwen als zelfstandigen, vanwege de positie die zij binnen de onderneming innemen. Voor zover zij een belang van 25% of meer in het bedrijf hebben, ondernemersrisico lopen en de hoogte van hun salaris direct kunnen beïnvloeden, vragen zij een vergunning tot verblijf als zelfstandige aan en geldt dus paragraaf 3.3.

3.5. Uitgezonderde werkzaamheden

In het BuWav 2022 zijn bepalingen opgenomen waarin is bepaald dat geen tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning vereist is in geval de vreemdelingen behoort tot een aangewezen categorie of sprake is van nauw omschreven werkzaamheden van vreemdelingen. Zo zijn er een limitatief aantal incidentele werkzaamheden uitgezonderd van artikel 2 van de Wav. De aard van deze werkzaamheden die in Nederland wordt verricht is incidenteel of kortdurend. Vallen de werkzaamheden van de vreemdeling buiten de vrijstellingen van het BuWav 2022, dan zal steeds een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning zijn vereist.

3.5bis. Werkzaamheden tijdelijke opvang asielzoekers op zeeschip

Gelet op artikel II, tweede lid, van het Besluit van 29 maart 2022 tot wijziging van het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen 2022 in verband met een tijdelijke vrijstelling van de tewerkstellingsvergunningsplicht, gelet op het Uitvoeringsbesluit van de Raad tot vaststelling van het bestaan van een massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG van de Raad van 20 juli 2001, en tot invoering van tijdelijke bescherming naar aanleiding daarvan (Stb. 2022, 130), worden de volgende personen, voor de werking van de artikelen 3.2, 6.5, en 7.8, van het BuWav 2022, beschouwd als vreemdeling als bedoeld in die artikelen:

Artikel 7.8. BuWav 2022 bepaalt dat geen tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning is vereist voor een vreemdeling die op grond van de daar genoemde artikelen uit de Vw rechtmatig in Nederland verblijft en deelneemt aan vrijwilligerswerk dat naar het oordeel van het UWV gebruikelijk onbetaald wordt verricht, geen winstoogmerk heeft en een algemeen maatschappelijk doel heeft. Zodra er door een maatschappelijke organisatie zonder winstoogmerk (de werkgever) bij UWV een vrijwilligersverklaring is aangevraagd, mag de vreemdeling beginnen met de werkzaamheden als vrijwilliger. Een kopie van de ondertekende aanvraag en de ontvangstbevestiging van UWV dienen bij de werkgever in de administratie aanwezig te zijn. Indien een vreemdeling geen rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 7.8. BuWav 2022 heeft, wanneer er geen vrijwilligersverklaring bij UWV is aangevraagd, wanneer de arbeid niet wordt verricht bij een organisatie die een algemeen maatschappelijk doel dient en geen winstoogmerk heeft, of wanneer de aanvraag is afgewezen, is het verbod uit artikel 2 Wav geheel van toepassing. Dit verbod geldt eveneens gedurende de bezwaar- en beroepsprocedure tegen een eventuele afwijzing van de aanvraag voor een vrijwilligersverklaring.

Artikel 4. Wav: Uitzondering eis tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning verblijfsvergunning met vrije toegang tot de arbeidsmarkt

3.6. Vrijwilligerswerk door vreemdelingen

Artikel 4. Wav: Uitzondering eis tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning verblijfsvergunning met vrije toegang tot de arbeidsmarkt

De vrijwilligersverklaring kan voor 3 jaar worden verleend. Omdat de vrijwilligersverklaring zich richt op het aanwijzen van bepaalde werkzaamheden als vrijwilligerswerk wordt deze niet afgegeven ten behoeve van een individuele vreemdeling. Een werkgever hoeft daarom niet opnieuw een vrijwilligersverklaring aan te vragen, indien hij in een eerder stadium met betrekking tot dezelfde vrijwilligersactiviteiten reeds van het UWV het besluit heeft ontvangen dat de vrijstelling uit artikel 7.8. BuWav 2022 van toepassing is op deze activiteiten. De vrijwilligersverklaring dient bij de werkgever in de administratie aanwezig te zijn.

Artikel 4. Wav: Uitzondering eis tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning verblijfsvergunning met vrije toegang tot de arbeidsmarkt

Het UWV heeft een termijn van vijf weken om advies te geven over het verlenen, verlengen of intrekken van een gecombineerde vergunning. De termijn van vijf weken start zodra het UWV het verzoek om advies en alle relevante gegevens of documenten, zoals bedoeld in paragraaf 5.3, heeft ontvangen van de IND.

Indien het advies van het UWV inzake het verlenen of verlengen van een gecombineerde vergunning inhoudt dat aan alle voorwaarden van de Wav is voldaan (positief advies) bevat het advies de volgende gegevens:

5.3. Benodigde documenten voor advies over gecombineerde vergunning

Indien het advies van het UWV inzake het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning inhoudt dat niet aan alle voorwaarden is voldaan (negatief advies) motiveert het UWV waarom dit het geval is. Als het UWV adviseert de gecombineerde vergunning in te trekken geeft het UWV daarbij eveneens de motivering van dat advies.

5.3. Benodigde documenten voor advies over gecombineerde vergunning

Indien het advies van het UWV inzake het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning inhoudt dat niet aan alle voorwaarden is voldaan (negatief advies) motiveert het UWV waarom dit het geval is. Als het UWV adviseert de gecombineerde vergunning in te trekken geeft het UWV daarbij eveneens de motivering van dat advies.

Voor een gecombineerde vergunning waarbij sprake is van een arbeidsmarkttoets adviseert het UWV over de begin- en einddatum van de tewerkstelling en is het advies niet langer dan drie jaar geldig. Met deze termijn wordt aangesloten bij de duur van de verlening van een tewerkstellingsvergunning, die in artikel 11 Wav bepaald is op ten hoogste drie jaar. Bij een gecombineerde vergunning waar ook de arbeidsmarkttoets heeft plaatsgevonden is het advies niet langer dan twee jaar geldig. Met deze termijn wordt aangesloten bij de duur van de verlening van de tewerkstellingsvergunning voor deze groep in het BuWav 2022. De vreemdeling mag alleen arbeid verrichten gedurende de periode die in het advies van UWV staat. Indien wordt verzocht om verlenging van de duur van de gecombineerde vergunning zal het UWV opnieuw advies worden gevraagd over het arbeidsgedeelte van de gecombineerde vergunning.

5.5. Advies bij bezwaar/beroep gecombineerde vergunning

Bij een positief advies over de toelating tot de arbeidsmarkt adviseert het UWV over de begindatum van de tewerkstelling, met terugwerkende kracht aansluitend op de eerder afgegeven gecombineerde vergunning, dan wel met terugwerkende kracht tot de dag waarop de aanvraag compleet is en waarop is aangetoond dat de vreemdeling aan alle voorwaarden voldoet, wanneer de verlengingsaanvraag tijdig bij de IND is ingediend, dan wel, indien deze later is ontvangen, indien de termijnoverschrijding de vreemdeling niet kan worden toegerekend.

5.5. Advies bij bezwaar/beroep gecombineerde vergunning

Artikel 6. Wav: Aanvraag tewerkstellingsvergunning

Een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning wordt door de werkgever gedaan.

De IND vraagt het UWV om advies in een bezwaar- en/of (hoger)beroepsprocedure tegen het (niet) verlenen, verlengen of intrekken van een gecombineerde vergunning over de Wav-gerelateerde aspecten, waaronder de inhoud van het advies.

Artikel 6. Wav: Aanvraag tewerkstellingsvergunning

Voor aanvragen die geschoold werk betreffen voegt hij de diploma’s, getuigschriften en cv’s die aantonen dat aan de vereiste kwalificaties is voldaan, bij de vergunningaanvraag. Daarbij zal de werkgever moeten zorgdragen dat de waarde van de diploma’s is geverifieerd aan de hand van een door een deskundige instantie, zoals bijvoorbeeld het IDW of NUFFIC, afgegeven verklaring met welk Nederlands diploma of welke graad van vakbekwaamheid deze documenten vergelijkbaar zijn.

6.2. Termijn voor beslissen op aanvraag tewerkstellingsvergunning

Artikel 7. Wav: Gegevens op de tewerkstellingsvergunning

De tewerkstellingsvergunning vermeldt:

Het UWV heeft een termijn van vijf weken om te beslissen op een aanvraag van de werkgever tot het verlenen van een tewerkstellingsvergunning. De Awb is van toepassing op de procedure. De termijn van vijf weken start zodra het UWV de aanvraag heeft ontvangen.

Artikel 7. Wav: Gegevens op de tewerkstellingsvergunning

7.1. Inhoud tewerkstellingsvergunning

Artikel 8. Wav: Gronden voor weigering vergunning en uitzonderingen op weigering

De vergunning is – tenzij er sprake is van een situatie als bedoeld in paragraaf 2.2. – alleen geldig voor de situatie zoals vermeld op de tewerkstellingsvergunning. De werkgever is gehouden gedurende de geldigheidsduur van de tewerkstellingsvergunning zich te houden aan de beperkingen van de vergunning. Als er een relevante wijziging optreedt in een van deze gegevens dient de werkgever in de regel een nieuwe tewerkstellingsvergunning aan te vragen die zal worden getoetst aan de Wav-regelgeving. De werkgever verstrekt de vreemdeling een kopie van de tewerkstellingsvergunning die ten behoeve van hem is verleend zodat ook de vreemdeling op de hoogte is van de voorwaarden waaronder een tewerkstellingsvergunning door het UWV is verleend. Zie hiervoor ook paragraaf 1.3.

Een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning wordt geweigerd als voor de desbetreffende arbeidsplaats prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt aanwezig is. Of er voldoende prioriteitgenietend aanbod aanwezig is, blijkt in eerste instantie uit de bestanden van het UWV zelf. Daarnaast zal het UWV ook andere beschikbare informatie gebruiken zoals van Gemeenten, EURES, het Europese netwerk van arbeidsbureaus waarin gegevens over werkzoekenden op de Europese arbeidsmarkt wordt uitgewisseld of van bijvoorbeeld informatie van (internationale) uitzend- en detacheringsbureaus. Ook niet vergunningplichtige vreemdelingen in Nederland en uit de overige EER-landen en Zwitserland behoren tot het prioriteitgenietend aanbod. Het prioriteitgenietend aanbod is immers het aanbod van de zijde van Nederlanders en vreemdelingen, bedoeld in de artikelen 3, eerste lid, onderdeel a, en 4, eerste lid, van de Wav.

Eerste lid. Dwingende weigeringsgronden

Bij de aanvraag wordt nagegaan of deze weigeringsgrond van toepassing is. Daarbij wordt niet alleen naar de aanwezigheid in de eigen vestigingsplaats of regio van de werkgever gekeken, maar ook naar de aanwezigheid in andere regio’s binnen Nederland en binnen de EER en Zwitserland. Toetsen aan het prioriteitgenietend aanbod betekent niet dat het UWV moet aantonen dat dit aanbod concreet voor de werkgever geschikt en beschikbaar is. Het is aan de werkgever om zelf actief dit aanbod te werven en te benaderen. Er is ook sprake van prioriteitgenietend aanbod indien werkzoekenden pas na een inwerkperiode of na enige scholing aan de functie-eisen kunnen voldoen.

8.1.a.2. Toets aan prioriteitgenietend aanbod bij voortgezet verblijf

Bij de aanvraag wordt nagegaan of deze weigeringsgrond van toepassing is. Daarbij wordt niet alleen naar de aanwezigheid in de eigen vestigingsplaats of regio van de werkgever gekeken, maar ook naar de aanwezigheid in andere regio’s binnen Nederland en binnen de EER en Zwitserland. Toetsen aan het prioriteitgenietend aanbod betekent niet dat het UWV moet aantonen dat dit aanbod concreet voor de werkgever geschikt en beschikbaar is. Het is aan de werkgever om zelf actief dit aanbod te werven en te benaderen. Er is ook sprake van prioriteitgenietend aanbod indien werkzoekenden pas na een inwerkperiode of na enige scholing aan de functie-eisen kunnen voldoen.

8.1.a.2. Toets aan prioriteitgenietend aanbod bij voortgezet verblijf

In artikel 3.31 van het Vreemdelingenbesluit is bepaald dat een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd onder de beperking ‘arbeid in loondienst’ kan worden verleend wanneer geen afwijzingsgrond van toepassing is uit, onder meer, de artikelen 8 en 9 van de Wav. Met betrekking tot een vreemdeling die minder dan 5 jaar heeft beschikt over een verblijfsvergunning met de beperking ‘verblijf als familie- of gezinslid’ met de aantekening ‘arbeid vrij toegestaan’ en die vanwege het verbreken van de relatie een verblijfsvergunning ‘arbeid in loondienst’ aanvraagt, toetst het UWV op verzoek van de IND of met het verrichten van de arbeid een wezenlijk Nederlands arbeidsmarktbelang wordt gediend. Deze toets houdt in dat UWV beoordeelt of voor de functie die de vreemdeling reeds vervult prioriteitgenietend aanbod aanwezig is.

Op grond van artikel 8, eerste lid, aanhef, onderdeel c, van de Wav wordt een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning afgewezen, als de werkgever niet kan aantonen voldoende inspanningen te hebben gepleegd om prioriteitgenietend aanbod te werven. Van de werkgever wordt verwacht dat hij alle mogelijkheden benut om aan voldoende niet-vergunningsplichtig personeel te komen. De werkgever zal onder meer in verschillende media de vacature bekend moeten maken. Dit is afhankelijk van hetgeen in de bedrijfstak gebruikelijk is, afhankelijk van de aard van de functie en de duur van de werkzaamheden. Verder kan hierbij gedacht worden aan het benaderen door de werkgever van (internationale) uitzend- en detacheringsbureaus en bureaus voor werving en selectie om te zorgen dat de vacature wordt vervuld met prioriteit genietend aanbod.

Op grond van het eerste lid, onderdeel b wordt een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning geweigerd als het een arbeidsplaats betreft waarvan niet ten minste vijf weken voor het indienen van de aanvraag aan het UWV is gemeld dat deze beschikbaar is voor vervulling. Daarnaast wordt een vacaturemelding van ouder dan drie maanden in de regel niet aanvaard als een tijdige melding omdat het aanbod op de arbeidsmarkt kan fluctueren. De UWV Beleidsregels uitvoering Wav 2018 geven aan hoe en waar de vacature moet worden gemeld.

Als de werkgever geen wervingsinspanningen via het EURES-systeem in andere landen van de EER of Zwitserland heeft verricht, of vergelijkbare inspanningen heeft gedaan om binnen de EER of Zwitserland arbeidskrachten te werven, wordt een tewerkstellingsvergunning op grond van dit artikel geweigerd.

Op grond van artikel 8, eerste lid, aanhef, onderdeel c, van de Wav wordt een aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning afgewezen, als de werkgever niet kan aantonen voldoende inspanningen te hebben gepleegd om prioriteitgenietend aanbod te werven. Van de werkgever wordt verwacht dat hij alle mogelijkheden benut om aan voldoende niet-vergunningsplichtig personeel te komen. De werkgever zal onder meer in verschillende media de vacature bekend moeten maken. Dit is afhankelijk van hetgeen in de bedrijfstak gebruikelijk is, afhankelijk van de aard van de functie en de duur van de werkzaamheden. Verder kan hierbij gedacht worden aan het benaderen door de werkgever van (internationale) uitzend- en detacheringsbureaus en bureaus voor werving en selectie om te zorgen dat de vacature wordt vervuld met prioriteit genietend aanbod.

Als de werkgever geen wervingsinspanningen via het EURES-systeem in andere landen van de EER of Zwitserland heeft verricht, of vergelijkbare inspanningen heeft gedaan om binnen de EER of Zwitserland arbeidskrachten te werven, wordt een tewerkstellingsvergunning op grond van dit artikel geweigerd.

De werkgever toont bij de aanvraag bij het UWV zijn wervingsinspanningen aan en doet verslag van de resultaten van de werving. Het UWV kan deze informatie verifiëren. Wervingsinspanningen dienen in de periode voorafgaand aan het indienen van de aanvraag voor een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning te hebben plaatsgevonden.

8.1.d. Tekortschietende arbeidsvoorwaarden, -omstandigheden en -verhoudingen

Daarbij kan naast het inzetten van voldoende en de juiste wervingskanalen ook gedacht worden aan het aanbieden van mogelijkheden tot opleiding en het bieden van aantrekkelijke arbeidsvoorwaarden.

Er is in ieder geval sprake van onvoldoende inspanningen als een werkgever zonder ernstige redenen niet of niet volledig deelneemt aan gezamenlijke of door het UWV georganiseerde wervings- of scholingsprojecten in zijn branche gericht op het bevorderen van de aanwezigheid van prioriteitgenietend aanbod.

8.1.e. Verblijfsvergunning

Ook als in de arbeidsvoorwaarden gebreken bestaan, zoals het ontbreken van een adequate vergoeding voor de te maken vervoers- of logieskosten bij tijdelijke verplaatsingen, of als de secundaire arbeidsvoorwaarden slechter zijn dan gebruikelijk, wordt de vergunning geweigerd. Als sprake is van gebreken in de arbeidsomstandigheden wordt de vergunning eveneens geweigerd. Gebreken in de arbeidsverhoudingen kunnen onder andere blijken uit een ongebruikelijk hoog verloop bij de werkgever of het niet voldoen aan bepalingen uit de arbeidswetgeving.

Op grond van het eerste lid, onderdeel d wordt een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning geweigerd, als de geboden beloning lager is dan de gebruikelijke beloning voor dezelfde of een vergelijkbare functie. Bovendien liggen de arbeidsomstandigheden, arbeidsvoorwaarden en arbeidsverhoudingen minimaal op het niveau dat wettelijk vereist is of in de bedrijfstak gebruikelijk is. De werkgever is dus verplicht om een marktconform loon of CAO-loon te betalen. Ook wanneer in het buitenland gevestigde werkgevers in Nederland werkzaamheden laten verrichten door vreemdelingen, worden de vreemdelingen naar Nederlandse maatstaven marktconform beloond, ongeacht de nationaliteit van de vreemdeling en de duur van de vergunning. De kosten van werving en scholing, verband houdende met het verrichten van arbeid in Nederland, zijn voor rekening van de werkgever en mogen niet worden ingehouden op het loon van de vreemdeling. De kosten van vervoer naar Nederland die de vreemdeling maakt in verband met zijn (tijdelijke) verblijf in Nederland komen eveneens voor rekening van de werkgever. Indien uit de aanvraag blijkt dat de werkgever de kosten van vervoer in rekening brengt bij de vreemdeling wordt de aanvraag voor tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning afgewezen.

Ook als in de arbeidsvoorwaarden gebreken bestaan, zoals het ontbreken van een adequate vergoeding voor de te maken vervoers- of logieskosten bij tijdelijke verplaatsingen, of als de secundaire arbeidsvoorwaarden slechter zijn dan gebruikelijk, wordt de vergunning geweigerd. Als sprake is van gebreken in de arbeidsomstandigheden wordt de vergunning eveneens geweigerd. Gebreken in de arbeidsverhoudingen kunnen onder andere blijken uit een ongebruikelijk hoog verloop bij de werkgever of het niet voldoen aan bepalingen uit de arbeidswetgeving.

8.1.e. Verblijfsvergunning

Het eerste lid, onderdeel e, bepaalt dat alvorens een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning kan worden afgegeven de werkgever verklaart dat een verblijfsvergunning voor het verrichten van arbeid is aangevraagd. Met een verblijfsvergunning kan worden gelijkgesteld een machtiging tot voorlopig verblijf als bedoeld in artikel 1a van de Vw. Bij arbeid met een duur van maximaal 12 weken dient de werkgever in geval van visumplichtige vreemdelingen te verklaren dat het visum is of zal worden aangevraagd. In het geval van werknemers die woonachtig zijn in een ander EER-land of Zwitserland en die in dat land een legaal verblijfsrecht hebben en werken in Nederland overlegt de werkgever een bewijsstuk van dit verblijfsrecht.

8.1.f. Minimumloon

Als er twijfel bestaat over het in het bezit zijn van een verblijfsvergunning dan wel de aanvraag van de verblijfsvergunning of het visum kan het UWV de werkgever alsnog om een nader bewijsstuk verzoeken.

8.1.f. Minimumloon

In het eerste lid, onderdeel f is bepaald dat een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning wordt geweigerd als de vreemdeling met de desbetreffende arbeid minder verdient dan het wettelijk minimumloon, bedoeld in artikel 8, eerste lid onderdeel b, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). Bij deeltijdarbeid en werk voor kortere perioden dan een maand kunnen de volgende situaties worden onderscheiden:

8.1.g. Geen vergunning voor het verrichten van seksuele handelingen

Tweede lid. Afwijking voor asielzoekers

Artikel 8, tweede lid, Wav regelt dat een vreemdeling die een verblijfsvergunning asiel, bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000, heeft aangevraagd en deze aanvraag blijkens een verklaring van de Minister van Justitie en Veiligheid ten minste zes maanden in behandeling is en de vreemdeling op basis van artikel 8, onderdelen e of g, van de Vw 2000 rechtmatig in Nederland verblijft, arbeid mag verrichten. Daarbij wordt dan afgeweken van de in artikel 8, eerste lid genoemde weigeringsgronden a) prioriteitgenietend aanbod, b) vacaturemelding, c) wervingsinspanningen, f) minimumloon en h) limitering aantal vergunningen.

In het eerste lid, onderdeel h, is bepaald dat een tewerkstellingsvergunning of gecombineerde vergunning wordt geweigerd indien het een categorie van werkzaamheden of van vreemdelingen betreft waarvoor overeenkomstig artikel 5a een limiet aan het aantal te verlenen tewerkstellingsvergunningen of gecombineerde vergunningen is gesteld, welke limiet is bereikt. Limieten moeten worden opgenomen in het BuWav 2022. In artikel 8.2. van het BuWav 2022 is bepaald dat ten behoeve van vreemdelingen met de Noord-Koreaanse nationaliteit geen tewerkstellingsvergunningen of gecombineerde vergunningen worden verleend. Slechts indien het Sanctiecomité, bedoeld in Resolutie 1718 (2006) van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, vooraf per geval goedkeuring geeft voor de tewerkstelling van vreemdelingen met de Noord-Koreaanse nationaliteit wordt hierop een uitzondering gemaakt.

Artikel 8, tweede lid, Wav regelt dat een vreemdeling die een verblijfsvergunning asiel, bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000, heeft aangevraagd en deze aanvraag blijkens een verklaring van de Minister van Justitie en Veiligheid ten minste zes maanden in behandeling is en de vreemdeling op basis van artikel 8, onderdelen f of h, van de Vw 2000 rechtmatig in Nederland verblijft, arbeid mag verrichten. Daarbij wordt dan afgeweken van de in artikel 8, eerste lid genoemde weigeringsgronden a) prioriteitgenietend aanbod, b) vacaturemelding, c) wervingsinspanningen, f) minimumloon en h) limitering aantal vergunningen.

Artikel 6.2. van het BuWav 2022 stelt nadere regels. De vreemdeling mag binnen een tijdsbestek van 52 weken vanaf de aanvang van de werkzaamheden een arbeidsperiode van in totaal 24 weken niet overschrijden en de in de vergunningsaanvraag bedoelde werkzaamheden zullen onder marktconforme voorwaarden worden verricht. Op grond van artikel 6.2., eerste lid, onderdeel c, van het BuWav 2022 geldt specifiek dat als werkzaamheden worden verricht als artiest, musicus, filmmedewerker of in de vorm van technische ondersteuning van optredens van een artiest of musicus, in die periode van 24 weken een arbeidsperiode van ten hoogste 14 weken mag liggen.

Artikel 8, tweede lid, Wav regelt dat een vreemdeling die een verblijfsvergunning asiel, bedoeld in artikel 28 van de Vw 2000, heeft aangevraagd en deze aanvraag blijkens een verklaring van de Minister van Justitie en Veiligheid ten minste zes maanden in behandeling is en de vreemdeling op basis van artikel 8, onderdelen f of h, van de Vw 2000 rechtmatig in Nederland verblijft, arbeid mag verrichten. Daarbij wordt dan afgeweken van de in artikel 8, eerste lid genoemde weigeringsgronden a) prioriteitgenietend aanbod, b) vacaturemelding, c) wervingsinspanningen, f) minimumloon en h) limitering aantal vergunningen.

Artikel 6.2. van het BuWav 2022 stelt nadere regels. De vreemdeling mag binnen een tijdsbestek van 52 weken vanaf de aanvang van de werkzaamheden een arbeidsperiode van in totaal 24 weken niet overschrijden en de in de vergunningsaanvraag bedoelde werkzaamheden zullen onder marktconforme voorwaarden worden verricht. Op grond van artikel 6.2., eerste lid, onderdeel c, van het BuWav 2022 geldt specifiek dat als werkzaamheden worden verricht als artiest, musicus, filmmedewerker of in de vorm van technische ondersteuning van optredens van een artiest of musicus, in die periode van 24 weken een arbeidsperiode van ten hoogste 14 weken mag liggen.

Derde lid. Mogelijkheid afwijking van dwingende weigeringsgronden

Derde lid. Mogelijkheid afwijking van dwingende weigeringsgronden

De Minister van Justitie en Veiligheid wint daartoe informatie in van het COA.

UWV zal als door een werkgever een tewerkstellingsvergunning ten behoeve van een vreemdeling is aangevraagd de verklaring kunnen opvragen bij het COA.

Op grond van het derde lid, onderdeel a, kan afwijking van de verplichte vacaturemelding in individuele gevallen slechts plaatsvinden als er sprake is van buitengewone omstandigheden die een spoedige vervulling van de arbeidsplaats noodzakelijk maken en die niet door de werkgever waren te voorzien of door hem te beïnvloeden waren. De toepassing van deze uitzonderingsmogelijkheid beperkt zich tot duidelijke gevallen van overmacht.

8.3.a. Gronden voor afwijking van tijdige vacaturemelding

Op grond van het derde lid, onderdeel a, kan afwijking van de verplichte vacaturemelding in individuele gevallen slechts plaatsvinden als er sprake is van buitengewone omstandigheden die een spoedige vervulling van de arbeidsplaats noodzakelijk maken en die niet door de werkgever waren te voorzien of door hem te beïnvloeden waren. De toepassing van deze uitzonderingsmogelijkheid beperkt zich tot duidelijke gevallen van overmacht.

8.3.b. Afwijkingen ten behoeve van internationale handelscontacten of in het kader van de uitoefening van een geestelijke, godsdienstige of levensbeschouwelijke functie.

Ook kan het UWV in individuele gevallen afwijken van de termijn zoals genoemd in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, van de Wav. Bij deze uitzonderingsmogelijkheid zal meegewogen worden de mate van werving van de werkgever en de resultaten hiervan. Het UWV kan met betrekking tot bepaalde categorieën functies besluiten dat de verplichte vacaturemelding gedurende een termijn van maximaal één jaar achterwege blijft, als zij van oordeel is dat prioriteitgenietend aanbod niet bij het UWV als werkzoekende is geregistreerd of op korte termijn geregistreerd zal worden. Na afloop van deze termijn beslist het UWV of een nieuwe termijn van maximaal één jaar, waarin de verplichte vacaturemelding achterwege blijft, gesteld kan worden.

Indien een gecombineerde vergunning wordt aangevraagd ten behoeve van de tewerkstelling van de vreemdeling die als voorganger van de eredienst arbeid verricht bij een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag (hierna te noemen: een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie), geeft het UWV een advies aan de IND over het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning. De gecombineerde vergunning wordt verleend of verlengd zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav, indien voor het verrichten van die arbeid een specifieke opleiding, kennis of ervaring is vereist en die arbeid van wezenlijk belang is voor de eredienst of het functioneren van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie. De duur van de gecombineerde vergunning voor deze groep is maximaal drie jaar.

8.3.b.2. Geestelijk bedienaren: kloosterlingen en zendelingen

Bij aanvraag van een tewerkstellingsvergunning ten behoeve van de tewerkstelling van de vreemdeling die als voorganger van de eredienst arbeid verricht bij een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag, wordt de tewerkstellingsvergunning door het UWV verleend zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav, indien voor het verrichten van die arbeid een specifieke opleiding, kennis of ervaring is vereist en die arbeid van wezenlijk belang is voor de eredienst of het functioneren van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie.

Indien een gecombineerde vergunning wordt aangevraagd ten behoeve van de tewerkstelling van de vreemdeling die als voorganger van de eredienst arbeid verricht bij een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag (hierna te noemen: een religieuze of levensbeschouwelijke organisatie), geeft het UWV een advies aan de IND over het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning. De gecombineerde vergunning wordt verleend of verlengd zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav, indien voor het verrichten van die arbeid een specifieke opleiding, kennis of ervaring is vereist en die arbeid van wezenlijk belang is voor de eredienst of het functioneren van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie. De duur van de gecombineerde vergunning voor deze groep is maximaal drie jaar.

Bij aanvraag van een tewerkstellingsvergunning ten behoeve van de tewerkstelling van de vreemdeling die als voorganger van de eredienst arbeid verricht bij een kerkgenootschap of een ander genootschap op geestelijke of levensbeschouwelijke grondslag, wordt de tewerkstellingsvergunning door het UWV verleend zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav, indien voor het verrichten van die arbeid een specifieke opleiding, kennis of ervaring is vereist en die arbeid van wezenlijk belang is voor de eredienst of het functioneren van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie.

In het geval dat het afleggen van de gelofte van armoede niet in de statuten is voorgeschreven geldt – indien de werkzaamheden die de geestelijk bedienaar ten behoeve van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht, noodzakelijk zijn om de doelstelling van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie te verwezenlijken en er geen sprake is van een dienstbetrekking met die religieuze of levensbeschouwelijke organisatie – de vrijstelling van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b, c en f, van de Wav slechts indien:

8.3.b.3. Monteren en repareren van door buitenlandse bedrijven geleverde apparatuur

In het geval dat het afleggen van de gelofte van armoede niet in de statuten is voorgeschreven geldt – indien de werkzaamheden die de geestelijk bedienaar ten behoeve van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht, noodzakelijk zijn om de doelstelling van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie te verwezenlijken en er geen sprake is van een dienstbetrekking met die religieuze of levensbeschouwelijke organisatie – de vrijstelling van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b, c en f, van de Wav slechts indien:

Indien een tewerkstellingsvergunning wordt aangevraagd ten behoeve van een kloosterling of zendeling wordt de tewerkstellingsvergunning door het UWV verleend zonder toepassing van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en f, van de Wav indien voldaan wordt aan de navolgende voorwaarden:

In het geval het afleggen van de gelofte van armoede niet in de statuten is voorgeschreven geldt – indien de werkzaamheden die de geestelijk bedienaar ten behoeve van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie verricht, noodzakelijk zijn om de doelstelling van de religieuze of levensbeschouwelijke organisatie te verwezenlijken en er geen sprake is van een dienstbetrekking met die religieuze of levensbeschouwelijke organisatie – de vrijstelling van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b, c en f, van de Wav slechts indien:

8.3.b.3. Monteren en repareren van door buitenlandse bedrijven geleverde apparatuur

In artikel 8, derde lid, onderdeel b, van de Wav is bepaald dat ten behoeve van de bevordering van internationale handelscontacten afwijking mogelijk is van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav. Deze afwijking wordt toegepast in het geval van het door een vreemdeling:

De totale waarde van de geleverde arbeid, gemeten naar in Nederland gebruikelijk (CAO-) loonniveau is niet groter is dan de waarde van de geleverde goederen. Voorwaarde is bovendien dat de goederen gefabriceerd zijn in het land waaruit ook het personeel afkomstig is en dat werknemers reeds meer dan een jaar in vaste dienst zijn van de leverancier van de goederen. De werknemers beschikken over specifieke kennis die nodig is om de levering van de goederen die reeds gereed zijn, af te ronden, zodat de afnemer er mee kan werken. Het UWV kan bij twijfel vragen om de overeenkomst van levering in het Nederlands of Engels. Alle met de levering samenhangende werkzaamheden bedragen maximaal één jaar. Bij verblijf korter dan drie maanden kan een tewerkstellingsvergunning worden verleend zonder toepassing van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c van de Wav voor de periode die benodigd is voor de werkzaamheden die samenhangen met de levering van de goederen en voor een aantal werknemers dat hiervoor is benodigd met een maximum van één jaar. Indien de vreemdeling langer dan drie maanden, maar korter dan één jaar in Nederland verblijft geldt hetzelfde voor het advies over het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning.

Indien de werkzaamheden langer dan één jaar duren dan is deze paragraaf niet van toepassing en zal een vergunning met toets aan alle gronden van artikel 8, eerste lid, van de Wav benodigd zijn.

8.3.b.4. Inspectie en opleiding in verband met levering van goederen door buitenlandse onderneming

In artikel 8, derde lid, van de Wav is bepaald dat ten behoeve van de bevordering van internationale handelscontacten afwijking mogelijk is van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b en c, van de Wav.

Deze afwijking wordt toegepast in geval het ten behoeve van de levering van goederen door een in Nederland gevestigd bedrijf noodzakelijk is dat:

De duur van de periode van tewerkstelling van de vreemdeling is niet langer dan noodzakelijk, maar maximaal één jaar en de werkzaamheden worden uitgevoerd met behulp van een aantal vreemdelingen dat niet hoger is dan noodzakelijk. Het inschakelen van de desbetreffende personen is noodzakelijk voor het uitvoeren van de desbetreffende werkzaamheden dan wel voor werkzaamheden die in verband met de uitvoering van die werkzaamheden noodzakelijk zijn.

8.3.b.5. Overplaatsing van personeel

Voorwaarden paragraaf overplaatsing binnen concern:

8.3.b.6. Vestiging kleine bedrijven

Deze afwijking wordt toegepast voor drie categorieën intra corporate transferees die naar Nederland worden gezonden binnen een groot zelfstandig op winst gericht bedrijf of complex van bedrijven. Het UWV stelt met betrekking tot de grootte van het bedrijf of complex van bedrijven een omzetcriterium vast. Het gaat om de volgende categorieën werknemers:

8.3.b.6. Vestiging kleine bedrijven

Bij een verblijf van korter dan drie maanden wordt ten behoeve van het starten, wijzigen of uitbreiden van bedrijfsactiviteiten alleen een tewerkstellingsvergunning afgegeven, als uit een door een deskundige instantie opgesteld ondernemingsplan blijkt dat deze bedrijfsactiviteiten en de onderneming voldoende levensvatbaar en economisch haalbaar zijn. Het moet gaan om een reeds in het buitenland actieve werkgever. In dat geval kan op grond van artikel 8, derde lid, onderdeel b van de Wav ten aanzien van een vreemdeling die binnen het bedrijf een sleutelpositie heeft, worden afgeweken van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b en c, van de Wav. Er wordt aangetoond dat het verblijf van het sleutelpersoneel in Nederland ook daadwerkelijk noodzakelijk is voor het starten, wijzigen of uitbreiden van bedrijfsactiviteiten. De beloning van het sleutelpersoneel is marktconform. Het UWV stelt nadere regels vast over de inhoud van het ondernemingsplan. Indien het een verblijf van langer dan drie maanden betreft gelden de bovengenoemde voorwaarden ook voor het advies over het verlenen of verlengen van de gecombineerde vergunning. De gecombineerde vergunning wordt eerst voor een jaar verleend, zodat na afloop van dat jaar kan worden bekeken of de bedrijfsactiviteiten nog plaatsvinden en aangetoond kan worden dat deze levensvatbaar zijn.

8.3.b.7. Sleutelpersoneel van non-profit organisaties

Ten behoeve van de tewerkstelling van sleutelpersoneel kan op grond van artikel 8, derde lid, onderdeel b van de Wav voor maximaal drie jaar van grote internationaal georiënteerde non-profit organisaties worden afgeweken van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b en c, van de Wav. Het UWV stelt met betrekking tot de grootte van de internationaal georiënteerde non-profitorganisaties een criterium vast. Onder sleutelpersoneel wordt in dit verband verstaan: vreemdelingen in leidinggevende of specialistische functies op ten minste HBO-niveau, die voor de organisatie van direct belang zijn vanwege de internationale activiteiten van de organisatie. De beloning van het sleutelpersoneel is marktconform.

Ten aanzien van vreemdelingen die in Nederland werkzaam zijn, maar woonachtig zijn in een andere EER-lidstaat of Zwitserland, wordt afgeweken van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b en c, van de Wav als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

8.3.b.10. Vrijhandelsverdragen

De werkgever is verplicht het UWV te informeren als de vreemdeling zijn of haar verblijfstitel in het land waar hij woonachtig is verliest, de tewerkstellingsvergunning wordt dan ingetrokken omdat dan niet meer aan de voorwaarden van de tewerkstellingsvergunning wordt voldaan.

Ten aanzien van vreemdelingen die in Nederland werkzaam zijn, maar woonachtig zijn in een andere EER-lidstaat of Zwitserland, wordt afgeweken van artikel 8, eerste lid, onderdeel a, b en c, van de Wav als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

De werkgever is verplicht het UWV te informeren als de vreemdeling zijn of haar verblijfstitel in het land waar hij woonachtig is verliest, de tewerkstellingsvergunning wordt dan ingetrokken omdat dan niet meer aan de voorwaarden van de tewerkstellingsvergunning wordt voldaan.

De paragrafen 8.3.b.11. en 8.3.b.12. gelden voor alle landen die lid zijn van de WTO. Voor onderdanen van landen waarmee een vrijhandelsakkoord is gesloten, geldt daarnaast ook paragraaf 8.3.b.13.

8.3.b.11. Dienstverleners op contractbasis

De paragrafen 8.3.b.11. en 8.3.b.12. gelden voor alle landen die lid zijn van de WTO. Voor onderdanen van landen waarmee een vrijhandelsakkoord is gesloten, geldt daarnaast ook paragraaf 8.3.b.13.

8.3.b.11. Dienstverleners op contractbasis

In bijlage III is de lijst van landen opgenomen waarmee een vrijhandelsakkoord van kracht is en wordt verwezen naar de website van de WTO om na te gaan welke landen op dit moment lid zijn van de WTO.

Sleutelpersoneel kan tijdelijk in Nederland verblijven als zij bij een rechtspersoon uit het verdragsland, niet zijnde een organisatie zonder winstoogmerk, werkzaam zijn en verantwoordelijk zijn voor het opzetten van dan wel voor een goed toezicht op, een goede administratie en exploitatie van een vestiging. Hieronder vallen ‘zakelijke bezoekers’ die verantwoordelijk zijn voor het opzetten van een vestiging en ‘binnen een onderneming overgeplaatste personen’.

Bedrijven kunnen in het kader van internationale dienstverlening hun eigen personeel ter uitvoering van de dienst in Nederland laten werken indien aan de navolgende voorwaarden wordt voldaan. De personen die op tijdelijke basis diensten verlenen, zijn in dienst van een rechtspersoon, die geen commerciële vestiging in een van de Lidstaten van de EER of Zwitserland heeft en;

8.3.b.12. Sleutelpersoneel

Sleutelpersoneel kan tijdelijk in Nederland verblijven als zij bij een rechtspersoon uit het verdragsland, niet zijnde een organisatie zonder winstoogmerk, werkzaam zijn en verantwoordelijk zijn voor het opzetten van dan wel voor een goed toezicht op, een goede administratie en exploitatie van een vestiging. Hieronder vallen ‘zakelijke bezoekers’ die verantwoordelijk zijn voor het opzetten van een vestiging en ‘binnen een onderneming overgeplaatste personen’.

8.3.b.13. Trainees

Een specialist is iemand die bij een rechtspersoon werkt en beschikt over bijzondere kennis die van wezenlijk belang is voor de activiteiten, de onderzoeksuitrusting, de technische werkzaamheden of het management van de vestiging. Voor de beoordeling van die kennis wordt niet alleen specifiek met de vestiging verband houdende kennis in aanmerking genomen, maar ook of de persoon in hoge mate gekwalificeerd is voor een type werk of handel waarvoor specifieke technische kennis vereist is, evenals het lidmaatschap van een erkende beroepsgroep.

Gelet op artikel 8, derde lid, onderdeel b, van de Wet arbeid vreemdelingen, wordt een tewerkstellingsvergunning die wordt aangevraagd ten behoeve van een visser voor incidentele werkzaamheden in de Nederlandse territoriale zone en haven aan boord van een niet in Nederland geregistreerd zeegaand vissersvaartuig, niet geweigerd op grond van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en f, van de Wav.

Trainees die ten minste één jaar in dienst zijn van een rechtspersoon uit een verdragsland, die universitair afgestudeerd zijn en die voor loopbaanontwikkeling of een opleiding in bedrijfskundige technieken of methoden worden overgeplaatst naar een vestiging in Nederland, kunnen voor ten hoogste drie jaar in Nederland verblijven. Van de ontvangende vestiging kan worden verlangd dat zij vooraf ter goedkeuring een opleidingsprogramma voor de volledige duur van het verblijf voorlegt, om aan te tonen dat het verblijf bedoeld is voor opleiding op het niveau van een universitaire graad.

De werkgever verklaart bij de aanvraag dat de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden van de visser niet beneden het niveau liggen dat in de bedrijfstak gebruikelijk is.

8.3.b.15. Tijdelijke tewerkstelling van vreemdelingen ten behoeve van wereldtuinbouwtentoonstelling de Floriade 2022

De werkgever verklaart bij de aanvraag dat de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden van de visser niet beneden het niveau liggen dat in de bedrijfstak gebruikelijk is.

8.3.b.15. Tijdelijke tewerkstelling van vreemdelingen ten behoeve van wereldtuinbouwtentoonstelling de Floriade 2022

De tewerkstellingsvergunning wordt voor de duur van twee jaar afgegeven.

Van 1 januari 2022 tot en met 31 januari 2022 kan voor vreemdelingen die als kok in een gespecialiseerd restaurant in de Aziatische horecasector arbeid verrichten een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning op grond van artikel 8, derde lid, onder b, van de Wav, worden verleend zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onder c, van de Wav.

Ten behoeve van vreemdelingen die arbeid verrichten direct verband houdende met de wereldtuinbouwtentoonstelling de Floriade kan een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning worden verleend zonder toetsing aan artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en d van de Wet arbeid vreemdelingen. Onder arbeid direct verband houdende met de wereldtuinbouwtentoonstelling de Floriade wordt verstaan werkzaamheden die direct in verband staan met het voorbereiden, opbouwen, inrichten, houden, beheren en afbouwen van een tentoonstelling of een stand op het terrein van de Floriade voor een buiten Nederland gevestigde opdrachtgever. Tevens kan worden afgeweken van artikel 8, eerste lid, onderdelen a, b, c en d van de Wet arbeid vreemdelingen ten behoeve van vreemdelingen die als artiest optredens verzorgen op het terrein van de Floriade.

Specialistische restaurants zijn alleen die restaurants waar overwegend landspecifiek Aziatisch voedsel wordt bereid. Het horecabedrijf moet worden gekenmerkt door het aanbieden van Aziatische gerechten, die worden bereid volgens recepten van het betreffende land. Een restaurant is een gelegenheid waar tegen betaling kan worden gegeten, waar de gerechten worden bereid en eventueel gerechten kunnen worden afgehaald. Geen specialiteitenrestaurants zijn: snackbars, cateringbedrijven en bezorgdiensten, tenzij de werkgever kan aantonen dat toch een gekwalificeerde kok op functieniveau 4 tot en met 6 noodzakelijk is.

Van 1 januari 2022 tot en met 31 januari 2022 kan voor vreemdelingen die als kok in een gespecialiseerd restaurant in de Aziatische horecasector arbeid verrichten een tewerkstellingsvergunning of een gecombineerde vergunning op grond van artikel 8, derde lid, onder b, van de Wav, worden verleend zonder toets aan artikel 8, eerste lid, onder c, van de Wav.

Specialistische restaurants zijn alleen die restaurants waar overwegend landspecifiek Aziatisch voedsel wordt bereid. Het horecabedrijf moet worden gekenmerkt door het aanbieden van Aziatische gerechten, die worden bereid volgens recepten van het betreffende land. Een restaurant is een gelegenheid waar tegen betaling kan worden gegeten, waar de gerechten worden bereid en eventueel gerechten kunnen worden afgehaald. Geen specialiteitenrestaurants zijn: snackbars, cateringbedrijven en bezorgdiensten, tenzij de werkgever kan aantonen dat toch een gekwalificeerde kok op functieniveau 4 tot en met 6 noodzakelijk is.

Onder Aziatische horecasector in de zin van deze regeling wordt verstaan één of meer van de volgende keukens: Chinees, Indiaas, Indonesisch, Japans, Koreaans, Maleis, Thais, Tibetaans en Vietnamees.

Deze regeling geldt voor gekwalificeerde koks met een nationaliteit van buiten de EER en Zwitserland in functieniveau 4 tot en met 6. In de aanvraag moet worden onderbouwd waarom een kok op dit niveau noodzakelijk is.

8.3.c. Afwijkingen in het kader van scholing, opleiding, vrijwilligerswerk, internationale uitwisseling en andere internationale culturele contacten alsmede ten behoeve van vreemdelingen die beschikken over een voor het verrichten van arbeid geldige vergunning.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)