Wet van 24 november 2021, houdende regels met betrekking tot de registratie van uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies ter implementatie van artikel 31 van de gewijzigde vierde anti-witwasrichtlijn (Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies)
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is regels te stellen met betrekking tot het registreren van uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies ter implementatie van Richtlijn (EU) 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering (PbEU 2015, L 141), zoals gewijzigd bij Richtlijn (EU) 2018/843 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering (PbEU 2018, L 156/43);
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Hoofdstuk 2. Inhoud van het register
Hoofdstuk 3. Toegang tot het register
Hoofdstuk 4. Verplichtingen van de trustee
Hoofdstuk 2. Inhoud van het register
Hoofdstuk 6. Financiele inlichtingen eenheid en bevoegde autoriteiten
Hoofdstuk 7. Handhaving
Hoofdstuk 8. Overige bepalingen
Hoofdstuk 3. Toegang tot het register
Artikel 26. Wijziging van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme
Wijzigt de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
Artikel 27. Wijziging van de Wet op de economische delicten
Wijzigt de Wet op de economische delicten.
Artikel 28. Wijziging van de Handelsregisterwet 2007
Wijzigt de Handelsregisterwet 2007.
Artikel 28a. Wijziging van de Algemene wet bestuursrecht
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 4. Verplichtingen van de trustee
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 1. Definities
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
- bevoegde autoriteit: bevoegde autoriteit als bedoeld in artikel 7, tweede lid;
- Financiële inlichtingen eenheid: Financiële inlichtingen eenheid, bedoeld in artikel 12, eerste lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme;
- beheerder: Kamer van Koophandel als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de Kamer van Koophandel;
- basisregistratie: verzameling gegevens waarvan bij wet is bepaald dat deze een basisregistratie vormt;
- register: het register bedoeld in artikel 4;
- trust: trust als bedoeld in het op 1 juli 1985 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag inzake het recht dat toepasselijk is op trusts en inzake de erkenning van trusts (Trb. 1985, 141);
- trustee: trustee als bedoeld in het op 1 juli 1985 te ’s-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag inzake het recht dat toepasselijk is op trusts en inzake de erkenning van trusts (Trb. 1985, 141);
- uiteindelijk belanghebbende: uiteindelijk belanghebbende als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme;
- vierde anti-witwasrichtlijn: richtlijn 2015/849 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60 van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie (PbEU 2015, L 141), zoals gewijzigd bij richtlijn (EU) 2018/843 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/138/EG en 2013/36/EU (PbEU 2018, L 156/43);
- zakelijke relatie: zakelijke relatie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
Artikel 2. Gelijkstelling soortgelijke juridische constructie
In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt een soortgelijke juridische constructie gelijkgesteld aan een trust en wordt onder een trust mede verstaan een soortgelijke juridische constructie.
Onder een trustee wordt in deze wet en de daarop berustende bepalingen tevens verstaan degene die in een soortgelijke juridische constructie een vergelijkbare positie heeft als een trustee in een trust.
Onder een soortgelijke juridische constructie wordt in deze wet en de daarop berustende bepalingen verstaan: bij overeenkomst of samenstel van overeenkomsten tot stand gebracht fonds zonder rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een onderneming of rechtspersoon als bedoeld in de Handelsregisterwet 2007, waarin de deelnemers vermogen bijeenbrengen dat voor gezamenlijke rekening wordt belegd of anderszins wordt aangewend ten behoeve van de uiteindelijk belanghebbenden van dat fonds, alsmede een juridische constructie die is opgenomen in de geconsolideerde lijst, bedoeld in artikel 31, tiende lid, van de vierde anti- witwasrichtlijn.
Artikel 3. Reikwijdte
Deze wet is van toepassing op trusts:
- a. waarvan de trustee in Nederland woonachtig of gevestigd is; of
- b. waarvan de trustee buiten de Europese Unie woonachtig of gevestigd is en namens de trust in Nederland een zakelijke relatie aangaat of onroerend goed verwerft.
Deze wet is niet van toepassing op de registratie van trusts en de uiteindelijk belanghebbenden daarvan voor zover die trusts in een andere lidstaat van de Europese Unie zijn ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 31 van de vierde anti-witwasrichtlijn.
Artikel 4. Het register
Er is een register voor het registreren van trusts en uiteindelijk belanghebbenden van trusts.
Het register heeft als doel het voorkomen van het gebruik van het financiële stelsel voor witwassen en financieren van terrorisme.
Het register wordt gehouden door de beheerder.
Artikel 5. Informatie in het register
Het register bevat de volgende gegevens over een trust:
- a. de naam;
- b. het type;
- c. de datum waarop deze tot stand is gekomen;
- d. de plaats waar deze tot stand is gekomen; en
- e. het doel waarvoor deze tot stand is gebracht.
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over categorieën van doelen als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e.
Het register bevat de volgende gegevens over de uiteindelijk belanghebbenden van een trust:
- a. de naam, de geboortemaand, het geboortejaar, de woonstaat en de nationaliteit;
- b. het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, indien dat aan de uiteindelijk belanghebbende is toegekend;
- c. het fiscaal identificatienummer van een ander land dan Nederland waarvan de uiteindelijk belanghebbende ingezetene is, indien dat door zijn woonstaat aan hem is toegekend;
- d. de geboortedag, de geboorteplaats, het geboorteland en het woonadres;
- e. het e-mailadres; en
- f. de aard en omvang van het door de uiteindelijk belanghebbende gehouden economische belang, waarvoor bij algemene maatregel van bestuur klassen kunnen worden vastgesteld.
Het register bevat de volgende bescheiden over een trust en de uiteindelijk belanghebbenden daarvan:
- a. afschriften van documenten op grond waarvan de in het derde lid, onderdelen a, b, c en d bedoelde gegevens zijn geverifieerd;
- b. afschriften van documenten waaruit de gegevens, bedoeld in het eerste lid, blijken alsmede van documenten, behorende tot bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen categorieën, waaruit de gegevens, bedoeld in het derde lid, onderdeel f, blijken.
Artikel 6. Bewaartermijn
De gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 5, eerste, derde en vierde lid, blijven tot een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen termijn, toegankelijk via het register.
Artikel 7. Toegang
Dit lid is nog niet in werking getreden.
In afwijking van het eerste lid, zijn de in artikel 5, derde lid, onderdelen b tot en met e, bedoelde gegevens en de in artikel 5, vierde lid, bedoelde bescheiden enkel toegankelijk voor de Financiële inlichtingen eenheid en de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen bevoegde autoriteiten.
Artikel 8. Persoonsgegevens verzoeker
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 9. Vergoeding
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 10. Afscherming
In bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen kunnen, ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van uiteindelijk belanghebbenden die in het register staan ingeschreven, gegevens of bescheiden of categorieën van gegevens of bescheiden, op langs elektronische weg gedaan verzoek van een uiteindelijk belanghebbende bij besluit van Onze Minister van Financiën worden afgeschermd tegen inzage door anderen dan de Financiële inlichtingen eenheid, de bevoegde autoriteiten en de instellingen bedoeld in artikel 1a, tweede, derde en vierde lid, onderdeel d, van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme.
De in artikel 5, derde lid, onderdeel f, bedoelde gegevens kunnen niet worden afgeschermd tegen inzage.
Jaarlijks worden statistische gegevens gepubliceerd over het aantal afschermingen dat op grond van dit artikel is toegekend, met in begrip van de gronden waarop die afschermingen zijn toegekend.
Artikel 11. Registratieplicht
De trustee is ten behoeve van registratie in het register, verplicht langs elektronische weg opgave te doen van de in artikel 5 bedoelde gegevens en bescheiden met betrekking tot die trust en de uiteindelijk belanghebbenden daarvan.
De trustee doet uiterlijk een week na het plaatsvinden van het feit ten gevolge waarvan de verplichting tot registratie ontstaat, opgave overeenkomstig deze wet.
Na opgave besluit Onze Minister van Financiën tot registratie in het register en worden de belanghebbenden van de betreffende trust daarvan langs elektronische weg in kennis gesteld.
Ten behoeve van de registratie overeenkomstig deze wet identificeert de trustee zich.
In schriftelijke uitingen die namens de trust worden gedaan, wordt het unieke kenmerk vermeld dat na registratie aan de trust is toegekend.
Artikel 12. Kwaliteit geregistreerde informatie
De trustee draagt er zorg voor dat de in artikel 5 bedoelde gegevens en bescheiden met betrekking tot de trust en de uiteindelijk belanghebbenden daarvan, toereikend, actueel en accuraat zijn.
Hoofdstuk 5. Taken van de beheerder
Artikel 13. Ontwikkeling en beheer van het register
De beheerder draagt zorg voor de ontwikkeling, een goede bereikbaarheid, werking en beveiliging van het register.
De beheerder draagt er zorg voor dat de weergave van krachtens deze wet in het register opgenomen informatie onverwijld na het besluit bedoeld in artikel 11, derde lid, overeenstemt met dat besluit.
Artikel 14. Verstrekking uniek kenmerk
De beheerder kent aan een trust een uniek kenmerk toe, en neemt dit kenmerk in het register op.
Artikel 15. Informatieverstrekking aan de Financiële inlichtingen eenheid en de bevoegde autoriteiten
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 16. Informatieverstrekking aan uiteindelijk belanghebbenden
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 17. Verwerking terugmelding
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 18. Technische inrichting
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent het beheer, de vorm en de technische en administratieve inrichting van het register.
Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat in het register ook informatie kan worden opgenomen die is overgenomen uit een basisregistratie.
Artikel 19. Protocol
De beheerder stelt een protocol op aangaande:
- a. de beschikbaarheid, werking, beveiliging en andere aangelegenheden betreffende het beheer van het register; en
- b. de evaluatie van de uitvoering van de bij deze wet aan de beheerder opgedragen taken welke evaluatie twee jaar na inwerkingtreding van deze wet wordt uitgevoerd.
Het protocol behoeft de goedkeuring van Onze Minister van Financiën, Onze Minister van Justitie en Veiligheid en Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat.
De goedkeuring kan worden onthouden wegens strijd met het recht of het algemeen belang.
Hoofdstuk 6. Financiele inlichtingen eenheid en bevoegde autoriteiten
Artikel 20. Informatiedeling
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Artikel 21. Terugmeldplicht
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
Hoofdstuk 7. Handhaving
Artikel 22. Last onder dwangsom
Onze Minister van Financiën kan een last onder dwangsom opleggen indien er sprake is van handelen in strijd met artikel 11, eerste of tweede lid, of artikel 12.
Artikel 23. Bestuurlijke boete
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.