← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van de directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst van het Ministerie van Justitie en Veiligheid van 1 maart 2022, Digijustnummer 3878126 houdende verlening van ondermandaat en het doorgeven van volmacht en machtiging aan onder de directeur-generaal ressorterende functionarissen (Mandaatbesluit IND Ministerie van Justitie en Veiligheid 2022)

Geldende tekst a fecha 2022-02-02

Gelet op artikel 3, eerste lid onder b, van de Mandaatbesluit Ministerie van Justitie en Veiligheid;

Besluit:

Artikel 1

Van het ingevolge artikel 1 van het Mandaatbesluit hoofden taakorganisaties Ministerie van Justitie en Veiligheid aan de directeur-generaal Immigratie- en Naturalisatiedienst verleende ondermandaat wordt ten aanzien van de aangelegenheden die hun directie, bureau of programma betreffen ondermandaat verleend aan:

Artikel 2

Als leidinggevende in de zin van paragraaf 1.3 van de CAO Rijk ten aanzien van de onder hen ressorterende functionarissen, wordt aangewezen en volmacht verleend aan de functionarissen, genoemd in de kolommen A en B van bijlage 1 bij dit besluit, voor zover het betreft de uitoefening van de bevoegdheden vermeld in kolom D van die bijlage.

Artikel 3

Als bevoegd om te beschikken over bedragen voor het aangaan van verplichtingen en voor het verrichten van uitgaven, worden aangewezen de functionarissen, genoemd in kolommen A en B van bijlage 1 bij dit besluit voor zover het betreft de bedragen, genoemd in kolom E van die bijlage.

Artikel 4

Als bevoegd om besluiten te nemen bij of krachtens de Vreemdelingenwet, de Rijkswet op het Nederlanderschap en de Wet toelating en uitzetting BES, alsmede daaraan gerelateerde besluiten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur, de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming, verzoeken om schadevergoeding, en de behandeling van klachten worden aangewezen de functionarissen genoemd in kolommen A en B van bijlage 1 bij dit besluit en de onder hen ressorterende functionarissen voor zover het betreft de rechtshandelingen, genoemd in de kolommen F, G en H van bijlage 1.

Artikel 5

Als bevoegd om besluiten te nemen bij of krachtens de Wet toelating en uitzetting BES en de Rijkswet op het Nederlanderschap, alsmede daaraan gerelateerde besluiten, worden aangewezen de functionarissen werkzaam voor de Immigratie- en Naturalisatiedienst Caribisch Nederland ressorterend onder de Rijksdienst Caribisch Nederland.

Artikel 6
1.

Aan de directeur-generaal blijft voorbehouden:

2.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeur van de directie Informatievoorziening de bevoegdheid verleend tot het aanschaffen van ICT-apparatuur of software voor bedragen tot € 300.000.

3.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeur van de directie Juridische Zaken de bevoegdheid verleend tot inhuur van de dienstverlening van de landsadvocaat.

4.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeuren de bevoegdheid voorbehouden tot het toekennen van een financiële vergoeding in verband met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst die de uitkomst van de berekening overeenkomstig een transitievergoeding in de zin van artikel 7:673 van het Burgerlijk Wetboek, vermeerderd met € 10.000 niet overstijgt.

5.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeuren en hoofden de bevoegdheid voorbehouden tot het toekennen van een schadeloosstelling aan functionarissen, die gebaseerd is op het Burgerlijk Wetboek, voor zover de schadeloosstelling betrekking heeft op materiële schade en het bedrag van € 10.000 niet overstijgt.

Artikel 6
1.

Aan de directeur-generaal blijft voorbehouden:

2.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeur van de directie Informatievoorziening de bevoegdheid verleend tot het aanschaffen van ICT-apparatuur of software voor bedragen tot € 300.000.

3.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeur van de directie Juridische Zaken de bevoegdheid verleend tot inhuur van de dienstverlening van de landsadvocaat.

4.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeuren de bevoegdheid voorbehouden tot het toekennen van een financiële vergoeding in verband met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst die de uitkomst van de berekening overeenkomstig een transitievergoeding in de zin van artikel 7:673 van het Burgerlijk Wetboek, vermeerderd met € 10.000 niet overstijgt.

5.

Onverminderd het eerste lid wordt aan de directeuren en hoofden de bevoegdheid voorbehouden tot het toekennen van een schadeloosstelling aan functionarissen, die gebaseerd is op het Burgerlijk Wetboek, voor zover de schadeloosstelling betrekking heeft op materiële schade en het bedrag van € 10.000 niet overstijgt.

Artikel 7
1.

Bij verhindering of afwezigheid van de directeur-generaal treedt de plaatsvervangend hoofddirecteur in alle facetten als directeur-generaal op.

2.

Bij verhindering of afwezigheid van een directeur treedt de plaatsvervangend directeur in alle facetten als directeur op.

3.

Bij verhindering of afwezigheid van het hoofd Bestuurszaken treedt het plaatsvervangend hoofd Bestuurszaken in alle facetten als hoofd op.

4.

De in artikel 1, onder b tot en met g en j genoemde functionarissen wordt toegestaan elkaar volledig te vervangen. Zij treden daarbij in elkaars, in artikel 1 genoemde bevoegdheden.

Artikel 8

Het Mandaatbesluit IND Ministerie van Justitie en Veiligheid 2021 van 23 juni 2021 wordt ingetrokken.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 februari 2022.

Artikel 10

Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit IND Ministerie van Justitie en Veiligheid 2022

Bijlage 1

Ligt ter inzage ligt bij de directie Juridische Zaken van de Immigratie- en Naturalisatiedienst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage 1

Ligt ter inzage ligt bij de directie Juridische Zaken van de Immigratie- en Naturalisatiedienst.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.