Regeling van de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, van 29 maart 2022, nr. IENW/BSK-2022/50452, houdende regels inzake aangewezen kunststofproducten voor eenmalig gebruik (Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik)

Type Ministeriële regeling
Publication 2024-01-01
State In force
Source BWB
artikelen 13
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 9.5.2, zevende lid, van de Wet milieubeheer;

BESLUIT:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. (begripsbepalingen)

1.

Voor de toepassing van de Regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Reductiemaatregelen voor het verminderen van gebruik van kunststof drinkbekers en voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik

Artikel 2.1. (maatregelen voedseluitgiftelocaties met consumptie ter plaatse)

1.

Het aanbieden van kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik door of vanwege de exploitant van een voedseluitgiftelocatie aan de eindgebruiker, voor consumptie binnen die voedseluitgiftelocatie, is verboden.

2.

Het verbod, bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing indien een exploitant aantoonbaar de volgende percentages van de aangeboden kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik inzamelt voor hoogwaardige recycling:

3.

De exploitant die kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik aanbiedt zorgt ervoor dat het aanbieden, bedoeld in het tweede lid, niet eerder aanvangt dan nadat hij dit aan de Minister heeft gemeld.

4.

Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing:

Artikel 2.2. (maatregelen voedseluitgiftelocaties met consumptie om mee te nemen, af te halen of te bezorgen)

1.

Het bedrijfsmatig aanbieden door de exploitant van kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik aan de eindgebruiker, voor de consumptie van een drank of voedsel buiten een voedseluitgiftelocatie, geschiedt voor een meerprijs ten opzichte van de prijs van het voedsel of de drank zelf.

2.

Exploitanten bieden aan de eindgebruiker een herbruikbaar alternatief aan voor kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik voor de consumptie van drank of voedsel buiten de voedseluitgiftelocatie, waar er verdere bereiding van de drank of voedsel plaatsvindt op die locatie. Exploitanten kunnen deze verplichting achterwege laten indien zij de eindgebruiker in de gelegenheid stellen de drank of het voedsel mee te nemen zonder verpakking of beker van de exploitant of met een verpakking of beker van de eindgebruiker.

3.

Het eerste en tweede lid is niet van toepassing indien

Hoofdstuk 3. Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid

Artikel 3.1. (bijdrage opruimen van zwerfafval)

1.

Een producent of importeur dekt de kosten, bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onderdeel b, en 5, eerste lid, van het Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik en in artikel 15f, derde lid, van het Besluit beheer verpakkingen 2014, over een peiljaar, door voor elk door hem in het peiljaar in de handel gebrachte kunststofproduct, genoemd in de bijlage, deel E, bij de EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik, een bijdrage te betalen aan een door de Minister aangewezen organisatie.

2.

De Minister stelt de bijdrage, bedoeld in het eerste lid, vast. De hoogte van de bijdragen wordt voor elke kunststofproductsoort, genoemd in de bijlage, deel E, bij de EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik, bepaald. De hoogte van de bijdrage bedraagt het kostenaandeel zwerfafval per kunststofproductsoort, gedeeld door het aantal in de handel gebrachte kunststofproducten van die soort, rekening houdend met een jaarlijkse indexatie op basis van de consumentenprijsindex.

3.

Het kostenaandeel zwerfafval kunststofproducten per kunststofproductsoort, bedoeld in het tweede lid, wordt door de Minister vastgesteld op basis van een, ten minste vierjaarlijks, kostenonderzoek, waarbij rekening wordt gehouden met een jaarlijkse onderzoek naar het aandeel in het zwerfafval kunststofproducten in het zwerfafval en in ieder geval de volgende kostencomponenten:

4.

De Minister stelt jaarlijks voor 1 juni in het kalenderjaar na het peiljaar de hoogte van de bijdrage, bedoeld in het tweede lid, vast.

5.

De bijdragen, bedoeld in het eerste lid, worden uiterlijk voor 1 september van het kalenderjaar na het peiljaar betaald.

6.

Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing, indien:

Artikel 3.2. (vergoeding overheidsorganisaties opruimen zwerfafval)

1.

Overheidsorganisaties die kosten maken voor het opruimen van het zwerfafval van kunststofproducten als bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onderdeel b, en 5, eerste lid, van het Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik en artikel 15f, derde lid, van het Besluit beheer verpakkingen 2014 hebben recht op een vergoeding.

2.

De vergoeding is het te ontvangen deel van de op grond van artikel 3.1 geïnde bijdrage. Het te ontvangen deel wordt bepaald door de vastgestelde wegingsfactor die maat is voor de kosten die de overheidsorganisatie maakt, bedoeld in het eerste lid, in verhouding tot alle andere overheidsorganisaties.

3.

De wegingsfactor per overheidsorganisatie wordt, rekening houdend met het kostenonderzoek, bedoeld in artikel 3.1, derde lid, vastgesteld door, per overheidsorganisatie:

4.

Indien het derde lid, onderdeel b, niet kan worden toegepast, stelt de Minister voor een overheidsorganisatie de gebiedskenmerken, bedoeld in het derde lid, vast, rekening houdend met het kostenonderzoek, bedoeld in artikel 3.1, derde lid.

5.

De door de Minister aangewezen organisatie, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, keert de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, uit, uiterlijk voor 1 november in het kalenderjaar na het peiljaar. Onbestede gelden worden door de organisatie tijdelijk aangehouden en geoormerkt voor uitbetaling.

6.

De wegingsfactoren per overheidsorganisatie over het peiljaar, bedoeld in het tweede lid, worden jaarlijks voor 1 juni in het kalenderjaar na het peiljaar door de Minister gepubliceerd in de Staatscourant.

Artikel 3.3. (bewustmakingsmaatregelen)

1.

De bewustmakingsmaatregelen, bedoeld in de artikelen 4, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik en artikel 15f, tweede lid, van het Besluit beheer verpakkingen 2014 worden met landelijk bereik, door de producent of importeur van kunststofproducten, bedoeld in de bijlage, deel G, van de EU-richtlijn kunststofproducten voor eenmalig gebruik uitgevoerd en zien onder meer op:

2.

De producent of importeur stelt elke drie jaren een plan vast over de voorgenomen bewustmakingsmaatregelen als bedoeld in het eerste lid.

3.

In het plan gaat de producent of importeur ten minste in op:

Hoofdstuk 4. Monitoring- en rapportageverplichtingen

Artikel 4.1. (verslaglegging producenten)

1.

De producent of importeur, bedoeld in artikelen 4 en 5 van het Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik, of de artikelen 15d en 15f van het Besluit beheer verpakkingen 2014, zendt voor 1 april 2023, en vervolgens elk jaar voor dezelfde datum, een verslag aan de Minister over de hoeveelheid door de producent in het voorafgaande kalenderjaar in de handel gebrachte kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing op de producent of importeur, bedoeld in artikelen 4 en 5 van het Besluit kunststofproducten voor eenmalig gebruik, of artikel 15f van het Besluit beheer verpakkingen 2014, indien de verplichting, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, worden uitgevoerd door een producentenorganisatie, bedoeld in artikel 3.1, zesde lid. Indien de verplichtingen, bedoeld in het eerste lid en artikel 15d van het Besluit beheer verpakkingen 2014, worden uitgevoerd door een producentenorganisatie, bedoeld in artikel 3.1, zesde lid, is het eerste lid van toepassing met dien verstande dat het verslag voor 1 augustus 2023 wordt verzonden.

3.

De producent of importeur, bedoeld in artikel 15c van het Besluit beheer verpakkingen 2014, zendt voor 1 augustus 2024 en vervolgens elk jaar voor 1 augustus aan de Minister het verslag, bedoeld in artikel 5 van het Besluit regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, over het voorafgaande kalenderjaar.

Artikel 4.2. (modelformulier producenten)

Onverminderd artikel 5 van het Besluit regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid maakt de producent of importeur bij het indienen van de verslaglegging, bedoeld in artikel 4.1, dan wel bij de melding als bedoeld in artikel 4 van het Besluit regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid, gebruik van het modelformulier opgenomen in bijlage 1 bij de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

Artikel 4.3. (verslaglegging exploitanten)

De exploitant houdt een administratie bij ten aanzien van de inzameling, bedoeld in artikel 2.1, tweede lid, en zendt desgevraagd een verslag over de inzameling voor hoogwaardige recycling als bedoeld in artikel 2.1, derde lid, aan de Minister.

Artikel 4.4. (modelformulier exploitanten)

1.

De exploitant, bedoeld in artikel 2.1, derde lid, maakt voor de melding, bedoeld in dat lid, gebruik van het modelformulier opgenomen in bijlage 2, deel A, bij de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

2.

De exploitant, bedoeld in artikel 2.1, derde lid, maakt voor het verslag, bedoeld in artikel 4.3, gebruik van het modelformulier opgenomen in bijlage 2, deel B en deel C, bij de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

Hoofdstuk 5. Slotbepalingen

Artikel 5.1. (evaluatie)

De Minister evalueert binnen twee jaar na de inwerkingtreding van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik de doeltreffendheid en de effecten van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik in de praktijk.

Artikel 5.2. (inwerkingtreding)

1.

Deze regeling treedt, met uitzondering van de artikelen 2.1, 2.2, 4.3 en 4.4, in werking met ingang van 1 januari 2023.

2.

Artikel 2.2 treedt in werking met ingang van 1 juli 2023.

3.

De artikelen 2.1, 4.3 en 4.4 treden in werking met ingang van 1 januari 2024.

Artikel 5.3. (citeertitel)

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik.

De Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Bijlage 1. behorende bij artikel 4.2 van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik

Op grond van artikel 4.1 van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik dient een producent of importeur verslag te doen over de hoeveelheid in de handel gebrachte kunststofproducten voor eenmalig gebruik. Hiertoe is dit formulier opgesteld. Dit formulier onderdeel A wordt ook gebruikt bij de melding als bedoeld in artikel 4 van het Besluit regeling voor uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. De in dit formulier gestelde vragen moeten zo volledig mogelijk worden beantwoord.

Het volledig ingevulde en ondertekende formulier dient per post of e-mail verzonden te worden naar:

Rijkswaterstaat

Afdeling Leefomgeving Afval Circulair (LOAC)

t.a.v. Team uitgebreide producentenverantwoordelijkheid

Postbus 2232

3500 GE Utrecht

producentenverantwoordelijkheid@rws.nl

Deel A. Gegevens producent, importeur of producentenorganisatie

Betreft het een melding of verslag van een individuele producenten/importeurs of van een producentenorganisatie?

Indien het een producentenorganisatie betreft: geef de namen, adressen en KvK-nummers van de aangesloten producenten/importeurs. Indien gewenst kan een separate lijst worden bijgevoegd.

Deel B. Gegevens over in de handel gebrachte kunststof producten voor eenmalig gebruik

Deel C. Gegevens over in de handel gebrachte kunststof flessen voor eenmalig gebruik als bedoeld in art 15c vierde en vijfde lid van Besluit beheer verpakkingen 2014.

Indien u kunststof drankflessen met als hoofdbestanddeel polyethyleentereftalaat (PET) van maximaal drie liter1Nb. Uiterlijk 2030 vervalt de specificatie van de kunststofsoort PET en hebben bedrijven op basis van artikel 15c vijfde lid van het Besluit beheer verpakkingen 2014 een verplichting recyclaat toe te passen in alle kunststofflessen. In aanloop naar 2030 zal dit formulier daarop worden aangepast., doppen en deksels inbegrepen, met uitzondering van:

in de handel heeft gebracht, dient u in onderstaande tabel de hoeveelheid toegepast recyclaat in ton in het totaal van de door u in de handel gebrachte flessen aan te geven.

Bijlage 2. behorende bij artikel 4.4 van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik

Deel A. behorende bij artikel 4.4, eerste lid van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik: meldingsplicht voor het gebruikmaken van de uitzondering op basis van Artikel 2.1, tweede lid

Het volledig ingevulde en ondertekende deel A van het modelformulier, als bedoeld in artikel 4.4 eerste lid, dient per post of e-mail verzonden te worden naar:

Inspectie Leefomgeving en Transport

Postbus 16191

2500 BD Den Haag

MeldingenSUP@ILenT.nl

Deel A. Algemeen

Deel B en C. behorende bij artikel 4.4, tweede lid van de Regeling kunststofproducten voor eenmalig gebruik: registratie van inzameling kunststof drinkbekers en/of kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik

De exploitant van de voedseluitgiftelocatie houdt een administratie bij van het aantal kunststof drinkbekers en/of voedselverpakkingen dat wordt verstrekt en de hoeveelheid gewichtsprocenten dat afzonderlijk (als monostroom) wordt ingezameld. Bij de hoeveelheid gewichtsprocenten dat wordt aangeboden voor hoogwaardige recycling, dient het gewicht van de voedselverpakking of drinkbeker gecorrigeerd te worden voor nog resterend vocht en vuil en afgekeurde bekers en/of voedselverpakkingen.

De registratie, bedoeld in Artikel 4.3, hoeft enkel op verzoek van de Minister te worden opgestuurd en is 3 jaar na het betreffende verslagjaar opvraagbaar.

Deel B. Inzameling kunststof drinkbekers voor eenmalig gebruik

1 o.b.v. aantal bekers verkocht (o.b.v. te overhandigen verkoopregistratie) vermenigvuldigd met gewicht per beker of voedselverpakking.

2 o.b.v. rapportage van afvalinzamelaar en/of van de afvalverwerker. De afvalinzamelaar en/of afvalverwerker geeft een rapportage aan de exploitant met daarin de volgende gegevens:

hoeveelheid gewicht aan ingezamelde bekers / voedselverpakkingen

hoeveelheid gewicht na correctie voor drank- en etensresten en voor afgekeurde bekers / voedselverpakkingen.

Deel B en C mogen ook gecombineerd worden gerapporteerd, indien hetzelfde materiaal betreft en gezamenlijk wordt ingezameld voor hoogwaardige recycling.

Deel C. Inzameling kunststof voedselverpakkingen voor eenmalig gebruik

1 o.b.v. aantal bekers verkocht (o.b.v. te overhandigen verkoopregistratie) vermenigvuldigd met gewicht per beker of voedselverpakking.

2 o.b.v. rapportage van afvalinzamelaar en/of van de afvalverwerker. De afvalinzamelaar en/of afvalverwerker geeft een rapportage aan de exploitant met daarin de volgende gegevens:

hoeveelheid gewicht aan ingezamelde bekers / voedselverpakkingen

hoeveelheid gewicht na correctie voor drank- en etensresten en voor afgekeurde bekers / voedselverpakkingen.

Deel B en C mogen ook gecombineerd worden gerapporteerd, indien hetzelfde materiaal betreft en gezamenlijk wordt ingezameld voor hoogwaardige recycling.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)