Regeling van de Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen Van 22 april 2022, nr. 2022-0000100140, houdende regels over de besteding van financiële middelen uit het Europees Sociaal Fonds Subsidieregeling ESF+ 2021–2027)
Gelet op Verordening (EU) 2021/1057 van het Europees parlement en de Raad van 24 juni 2021 tot oprichting van het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1296/2013 (PbEU 2021, L 231) en de artikelen 3, eerste en vierde lid, vijf en acht, eerste lid, van de Kaderwet SZW-subsidies;
Besluit:
Hoofdstuk 1. Algemeen deel
Artikel 1.1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
- arbeidsbelemmerde: Persoon die jegens het college van burgemeester en wethouders van zijn woonplaats aanspraak heeft op een uitkering op grond van de Participatiewet en naar het oordeel van dat college een lichamelijke, verstandelijke, psychische of psychosociale beperking heeft;
- arbeidsmigrant: vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijft op grond van artikel 8, onderdeel e, van de Vreemdelingenwet 2000, als werknemer, zelfstandige, werkzoekende of echtgenoot dan wel partner als bedoeld in artikel 8.7, tweede lid, onderdeel b, of vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000;
- arbeidsorganisatie: onderneming als bedoeld in artikel 5 van de Handelsregisterwet 2007 of een rechtspersoon als bedoeld in artikel 6 van de Handelsregisterwet 2007, waarin door werknemers arbeid wordt verricht;
- basisvaardigheden: vaardigheden die de noodzakelijke basis vormen voor het leerproces, bedoeld in de ‘Aanbeveling van de Raad van 22 mei 2018, inzake sleutelcompetenties voor een leven lang leren’ (2018/C 189/01) en waaronder in elk geval taalvaardigheden, rekenvaardigheden, digitale vaardigheden en financiële vaardigheden vallen;
- Bbz 2204: Besluit bijstandverlening zelfstandigen;
- begeleidende maatregel: activiteit ter aanvulling van de verdeling van voedselhulp of materiële basishulp die tot doel heeft sociale uitsluiting tegen te gaan en bij te dragen tot de uitbanning van armoede;
- beroepsvaardigheden: noodzakelijke vaardigheden gericht op het bijhouden of vergroten van vakkennis of het aanleren van extra vaardigheden voor het uitvoeren van een vak of het verwerven of versterken van de nodige beroepsvaardigheden, niet zijnde bedrijfsspecifieke opleidingen, waaronder begrepen cursussen of trainingen. Beroepsvaardigheden leiden tot een branchecertificaat uitgegeven door een door de branche erkende organisatie en die worden gegeven door opleiders, opleidingsinstituten of trainingsbureaus;
- brancheorganisatie: organisatie die belangen behartigt van leden die tot eenzelfde bedrijfstak behoren;
- brutoloon: bruto salaris, inclusief eindejaarsuitkering of een beloning in de vorm van een dertiende maand, zijnde een vast bedrag of vastgesteld percentage van het salaris, dat werknemers als extra loon ontvangen, voor zover dit is geregeld in de geldende CAO of arbeidsovereenkomst, exclusief vakantiegeld, exclusief (overige) vergoedingen, bijzondere beloningen, winst- of prestatieafhankelijke uitkeringen en aanvullende werkgeverslasten, inclusief ploegentoeslag of inconveniëntentoeslag, voor zover dit is geregeld in de geldende CAO;
- CAO: collectieve arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst;
- centrumgemeente: Alkmaar, Almere, Amersfoort, Amsterdam, Apeldoorn, Arnhem, Breda, Den Bosch, Den Haag, Doetinchem, Dordrecht, Ede, Eindhoven, Emmen, Enschede, Goes, Gorinchem, Gouda, Groningen, Haarlem, Heerlen, Helmond, Hilversum, Leeuwarden, Leiden, Nijmegen, Roermond, Rotterdam, Tiel, Tilburg, Utrecht, Venlo, Zaanstad, Zoetermeer of Zwolle;
- directe kosten: kosten die rechtstreeks samenhangen met de uitvoering van de actie of het project, waarbij het rechtstreekse verband met deze actie of dit project kan worden aangetoond;
- directe loonkosten: loonkosten van personeel, waarbij sprake is van direct aan het project toewijsbaar bestede uren;
- EVC: Erkenning Verworven Competenties;
- EVC-aanbieder: organisatie die een EVC-procedure uitvoert aan de hand van een voor EVC erkende onderwijs-, beroeps- of branchestandaard en voor de EVC-standaard is geregistreerd in het register van het Nationaal Kenniscentrum EVC;
- EVC-procedure: geheel van processtappen en instrumenten waarmee een EVC-aanbieder eerder of elders verworven competenties van een kandidaat beoordeelt ten opzichte van een voor EVC erkende onderwijs-, beroeps- of branchestandaard, en waarbij de uitkomsten worden vastgelegd in een ervaringscertificaat;
- externe kosten: kosten die in rekening gebracht worden door derden voor het leveren van diensten of producten die aan het project zijn toe te wijzen;
- indirecte kosten: kosten die niet rechtstreeks verband houden of kunnen houden met de uitvoering van de actie of het project;
- intakegesprek: een gesprek als bedoeld in artikel 2E.11, tweede lid;
- jongere: persoon jonger dan 28 jaar;
- kennisinstelling:
- a. instelling voor hoger onderwijs, genoemd in de onderdelen a, b, g of h van de bijlage, behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, en een academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel j van de bijlage behorende bij die wet;
- b. andere dan in onderdeel a bedoelde geheel of gedeeltelijk meerjarig door de overheid gefinancierde onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke of technische kennis uit te breiden;
- c. geheel of gedeeltelijk meerjarig door een andere lidstaat van de Europese Unie gefinancierde:
- 1°. openbare instelling voor hoger onderwijs of een daaraan verbonden ziekenhuis, gelijkwaardig aan een instelling respectievelijk academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel a;
- 2°. onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk die activiteiten verricht met als doel de algemene wetenschappelijke en technische kennis uit te breiden;
- d. onderzoeksorganisatie zonder winstoogmerk met eigen medewerkers in loondienst, die tot doel heeft via het structureel doen van eigen onderzoek en het ontwikkelen en testen van technische toepassingen door haar medewerkers, de technologische kennis op een specifiek terrein te bevorderen, die geen instelling is als bedoeld in onderdelen a tot en met c;
- KvK-nummer: uniek nummer, bedoeld in artikel 9, onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007;
- loonverletkosten: loonkosten voor niet-productieve uren als gevolg van deelname aan subsidiabele activiteiten, voor zover die hebben geleid tot een vermindering van de werkbare uren voor de werkgever;
- maatschappelijke organisatie: organisatie zonder winstoogmerk die een sociaal of maatschappelijk doel nastreeft;
- materiële basishulp: beschikbaar stellen van goederen om te voldoen aan de basisbehoeften voor een waardig leven, zoals kleding, toiletartikelen, met inbegrip van producten voor vrouwelijke hygiëne, en schoolbenodigdheden;
- meerwerk: werk waarbij een parttime werknemer meer dan zijn contracturen werkt, maar niet meer dan de normale arbeidsduur die in de organisatie geldt;
- meest behoeftige personen: natuurlijke personen, zijnde individuen, gezinnen, huishoudens of groepen van personen, met inbegrip van kinderen in kwetsbare situaties en daklozen, van wie de financiële middelen niet toereikend zijn om in eigen levensonderhoud en dat van eventuele gezinsleden te kunnen voorzien en van wie de behoefte aan hulp aan de hand van objectieve criteria door de subsidieontvanger is vastgesteld;
- Minister: Minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen;
- NCP: Nationaal Contactpunt;
- niet-uitkeringsgerechtigde: persoon die jonger is dan de pensioengerechtigde leeftijd en die geen recht op heeft op arbeidsondersteuning op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten of een uitkering op grond van de Participatiewet, de Werkloosheidswet, de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Toeslagenwet, de Algemene nabestaandenwet dan wel een uitkering op grond van een regeling, die met deze wetten naar aard en strekking overeenstemt;
- NLQF: Nederlands kwalificatieraamwerk;
- normale arbeidsduur: arbeidsduur die in de regel, dan wel bij voor de sector waarin de persoon werkzaam is geldende CAO, een volledige dienstbetrekking vormt;
- Oekraïense ontheemde: vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijft op grond van tijdelijke bescherming als bedoeld in artikel 1 van de Vreemdelingenwet 2000 en die deze tijdelijke bescherming ontleent aan Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van de Raad van 4 maart 2022 tot vaststelling van het bestaan van een massale toestroom van ontheemden uit Oekraïne in de zin van artikel 5 van Richtlijn 2001/55/EG, en tot invoering van tijdelijke bescherming naar aanleiding daarvan (PbEU 2022, L71), of een verlenging daarvan;
- onregelmatigheidstoeslag: een toeslag op het brutoloon dat de werknemer ontvangt wanneer de werknemer een dienst werkt buiten de gangbare werkdagen en (kantoor)tijden. Dit betekent dat er een hoger bruto uurloon wordt ontvangen voor het werk tijdens onregelmatige uren. Dit geldt bijvoorbeeld voor diensten op zaterdag, zon- en feestdagen of avond- en nachtdiensten. Werken in de vroege ochtend wordt ook als onregelmatige arbeidstijd beschouwd;
- Opleidings- en ontwikkelingsfonds (verder te noemen: O&O-fonds): organisatie als bedoeld in artikel 2E.6;
- opleidingsvoucher: aanspraak om een opleiding te volgen waarvan de kosten, al dan niet gedeeltelijk, voor rekening van de verstrekker komen;
- overwerk: werk waarbij de werknemer meer uren werkt, waardoor de normale arbeidsduur wordt overschreden;
- plaatsingssubsidie: subsidie verstrekt aan een werkgever die met een persoon, als bedoeld in artikel 2B.3, een arbeidsovereenkomst sluit, een leerwerkovereenkomst of een stageovereenkomst met een looptijd van tenminste drie maanden, niet zijnde een loonkostensubsidie als bedoeld in artikel 10d Participatiewet;
- praktijkonderwijs: onderwijs als bedoeld in artikel 2.8, eerste lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020;
- Programma: Programma ESF+ Nederland 2021–2027;
- project: samenhangend geheel van activiteiten met betrekking tot een onderwerp als bedoeld in artikel 1.4;
- projectperiode: periode tussen het tijdstip waarop activiteiten starten en worden beëindigd;
- sector: arbeidsorganisaties die actief zijn in dezelfde branche;
- sociale inclusie: het bieden van hulp om gelijkwaardig te kunnen participeren in de maatschappij;
- sociale innovatie: het ontwerp en de implementatie van nieuwe oplossingen die conceptuele, proces-, product-, of organisatorische veranderingen teweegbrengen en uiteindelijk gericht zijn op het verbeteren van het welzijn van individuen en gemeenschappen;
- statushouder: vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijft op grond van artikel 8, onderdelen c of d, van de Vreemdelingenwet 2000;
- subproject: op zichzelf staand onderdeel van een project;
- subsidieaanvrager: aanvrager van een subsidie op grond van deze regeling;
- subsidieontvanger: subsidieaanvrager aan wie krachtens deze regeling subsidie is verleend;
- Verordening (EU) nr. 2021/1057: Verordening (EU) 2021/1057 van het Europees parlement en de Raad van 24 juni 2021 tot oprichting van het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 1296/2013 (PbEU 2021, L 231);
- Verordening (EU) nr. 2021/1060: Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231);
- voedselhulp: het beschikbaar stellen van voedsel aan meest behoeftige personen;
- voortgezet speciaal onderwijs: voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra;
- Wajong-uitkering: uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten;
- WAO-uitkering: uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
- werkgeversorganisatie: vereniging met volledige rechtsbevoegdheid van werkgevers die partij is bij een op het moment van de subsidieaanvraag geldende CAO, of een collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor personen werkzaam in openbare dienst, dan wel bij afwezigheid daarvan bij de laatst geldende CAO of collectieve arbeidsvoorwaardenregeling, dan wel een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid van werkgevers die is aangesloten bij een aangewezen algemeen erkende centrale of andere representatieve organisatie van ondernemers als bedoeld in artikel 4, tweede lid, van de Wet op de Sociaal-Economische Raad;
- werknemersorganisatie: vereniging met volledige rechtsbevoegdheid van werknemers, die partij is bij een op het moment van de subsidieaanvraag geldende CAO of een collectieve arbeidsvoorwaardenregeling voor personen werkzaam in openbare dienst, dan wel bij afwezigheid daarvan bij de laatst geldende CAO of collectieve arbeidsvoorwaardenregeling;
- WIA-uitkering: uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
- ZW-uitkering: uitkering op grond van de Ziektewet.
Artikel 1.2. Inleidende bepaling
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.