Wet van 11 mei 2022, houdende regels met betrekking tot de private buitengerechtelijke incassodienstverlening en wijziging van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek in verband met de aanpassing van de cumulatieregeling voor buitengerechtelijke incassokosten (Wet kwaliteit incassodienstverlening)

Type Wet
Publication 2024-10-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om in verband met de kwaliteit van de incassodienstverlening ten behoeve van schuldenaren, schuldeisers en incassodienstverleners regels te stellen met betrekking tot de private buitengerechtelijke incassodienstverlening en om de cumulatieregeling voor buitengerechtelijke incassokosten in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek te wijzigen ter voorkoming van ongewenste stapeling van deze kosten;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 2. Reikwijdte

Deze wet heeft uitsluitend betrekking op buitengerechtelijke incassowerkzaamheden:

Hoofdstuk 2. Registratie

Artikel 3. Register
1.

Er is een register waarin op hun aanvraag verrichters en aanbieders van buitengerechtelijke incassowerkzaamheden worden ingeschreven, die voldoen aan de daarvoor bij en krachtens deze wet gestelde voorwaarden.

2.

Het register bevat, voor zover van toepassing, de volgende gegevens over verrichters en aanbieders van buitengerechtelijke incassowerkzaamheden:

3.

Het register wordt gehouden door Onze Minister. Onze Minister is verwerkingsverantwoordelijke voor het register als bedoeld in artikel 4, onderdeel 7, van de Algemene verordening gegevensbescherming. Onze Minister kan een verwerker als bedoeld in artikel 4, onderdeel 8, van de Algemene verordening gegevensbescherming aanwijzen.

4.

Ten behoeve van de kwaliteitsborging van de incassodienstverlening, verwerkt Onze Minister persoonsgegevens voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn uit deze wet en de daarop berustende bepalingen voortvloeiende taken en bevoegdheden.

5.

Onze Minister geeft, voor zover van toepassing, aan een ieder in ieder geval via een daartoe geschikte website kennis:

6.

Een registratie vervalt, indien de kosten die krachtens artikel 20, eerste lid, aanhef en onderdeel a, ten laste worden gebracht, niet of niet tijdig zijn voldaan.

7.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het eerste tot en met vijfde lid.

Artikel 4. Verbod
1.

Het is verboden zonder registratie, of met een geschorste registratie, buitengerechtelijke incassowerkzaamheden te verrichten of aan te bieden.

2.

Het eerste lid geldt niet voor:

Artikel 5. Aanvraag
1.

Bij de aanvraag tot de inschrijving in het register verstrekt degene die buitengerechtelijke incassowerkzaamheden wenst te verrichten of aan te bieden:

2.

Met een uiteenzetting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, wordt gelijkgesteld een inschrijving in een register of een vergunning die is afgegeven in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt, en die een beschermingsniveau biedt dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de bij en krachtens deze wet gestelde regels wordt nagestreefd.

3.

Onze Minister neemt binnen dertien weken een beslissing op de aanvraag. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag.

4.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze van indiening van de aanvraag.

Artikel 6. Buiten behandeling laten
1.

Onze Minister laat de aanvraag tot inschrijving in het register buiten behandeling, indien en voor zolang:

2.

De termijn, genoemd in artikel 5, derde lid, wordt in ieder geval opgeschort tot de dag waarop een in het eerste lid bedoelde omstandigheid zich niet langer voordoet en de aanvrager heeft verzocht de aanvraag verder in behandeling te nemen.

Artikel 7. Weigering
1.

Onze Minister weigert de inschrijving in het register, indien:

2.

Het eerste lid, onderdeel a, is niet van toepassing, indien de aanvrager is ingeschreven in een register of aan de aanvrager een vergunning is afgegeven in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend verdrag dat Nederland bindt, en die een beschermingsniveau biedt dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de bij en krachtens deze wet gestelde regels wordt nagestreefd.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.