Besluit van de Nationale en Internationale Wegvervoer Organisatie van 2 januari 2017, tot vaststelling van een reglement (Reglement werkwijze NIWO)

Type ZBO-regeling
Publication 2022-05-25
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gezien de goedkeuring van de Minister van Infrastructuur en Milieu van 13 december 2016;

Gelet op artikel 4.2 van de Wet wegvervoer goederen;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Organen van de niwo

Artikel 2

De NIWO heeft een directie, een raad van advies en een sectorraad.

Hoofdstuk 3. Directie

Artikel 3. Samenstelling
1.

De Minister, gehoord de raad van advies, benoemt, schorst en ontslaat de leden van de directie en stelt de bezoldiging van de leden van de directie vast.

2.

Het lidmaatschap van de directie is onverenigbaar met het lidmaatschap van de raad van advies.

Artikel 4. Taken
1.

De directie is belast met de dagelijkse leiding van de NIWO.

2.

De directie is voorts belast met:

3.

De directie is verantwoordelijk voor de naleving van alle relevante wet- en regelgeving, voor het beheersen van de risico’s verbonden aan de activiteiten van de NIWO en voor de financiering van de NIWO. De directie bespreekt de interne risicobeheersings- en controlesystemen met de raad van advies.

4.

Bij de uitvoering van haar taken handelt de directie in overeenstemming met de belangen van de NIWO en de directie weegt daartoe de in aanmerking komende belangen van bij de NIWO betrokken belanghebbenden af.

5.

De directie draagt er zorg voor dat werknemers zonder invloed op hun rechtspositie de mogelijkheid hebben te rapporteren over vermeende onregelmatigheden van algemene, operationele en financiële aard binnen de NIWO aan de directie of een door deze daartoe aangewezen functionaris.

6.

De directie draagt zorg voor de nodige technische en organisatorische voorzieningen ter beveiliging van de gegevensbestanden tegen verlies of aantasting en tegen onbevoegde kennisneming, wijziging en verstrekking van die gegevens.

Artikel 5. Financiële verslaggeving
1.

De directie is verantwoordelijk voor de volledigheid en het goede verloop van de financiële verslaggeving en de planning en controlecyclus. Deze zijn ingericht conform het bij of krachtens de Kaderwet en de Wwg bepaalde met betrekking tot het financieel toezicht en de informatie-uitwisseling.

2.

De directie is verantwoordelijk voor het instellen en handhaven van interne procedures die ervoor zorgen dat alle belangrijke financiële informatie bij haar bekend is, zodat de tijdigheid, volledigheid en juistheid van de planning en controlecyclus en de financiële verslaggeving worden gewaarborgd.

3.

De directie zorgt ervoor dat de externe accountant zijn controlewerkzaamheden naar behoren kan uitoefenen.

4.

De directie beoordeelt ten minste eenmaal per jaar het functioneren van de externe accountant en bespreekt de belangrijkste conclusies hiervan met de raad van advies.

Artikel 6. Besluitvorming
1.

Onverminderd de artikelen 4.2, tweede lid, en 4.4, eerste lid, van de Wwg legt de directie, voor zover de in dit lid, onderdelen a tot en met j, genoemde besluiten niet zijn voorzien in de begroting, deze, gehoord de raad van advies, ter goedkeuring voor aan de Minister:

2.

De directie vraagt de raad advies over voorgenomen besluiten betreffende:

3.

Indien de directeur na overleg met de raad van advies overweegt af te wijken van het advies als bedoeld in lid 2, treedt hij in overleg met het ministerie.

Artikel 7. Overleggen

De volgende overleggen vinden gedurende het jaar door de directie plaats:

Artikel 8. Voorkomen van belangenverstrengeling
1.

Elke vorm en schijn van belangenverstrengeling tussen de NIWO en de directie wordt vermeden.

2.

De directie meldt een mogelijke belangenverstrengeling terstond aan de voorzitter van de raad van advies.

3.

Een belangenverstrengeling bestaat in elk geval wanneer de NIWO voornemens is een transactie aan te gaan met een entiteit:

Artikel 9. Nevenfuncties
1.

De leden van de directie vervullen geen nevenfuncties die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van hun functie of de handhaving van hun onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.

2.

De leden van de directie melden het voornemen tot het aanvaarden van een nevenfunctie anders dan uit hoofde van hun functie aan de raad van advies en de Minister.

3.

Nevenfuncties van de leden van de directie anders dan uit hoofde van hun functie worden openbaar gemaakt. Openbaarmaking geschiedt door het publiceren van de nevenfuncties op de website van de NIWO.

Artikel 10. Vrijwaring

Leden van de directie worden, tenzij sprake is van opzet, grove schuld of ernstige nalatigheid door de NIWO, gevrijwaard van alle kosten, daaronder begrepen advocatenhonoraria, boetes, schikkingsbedragen, etc., die zij hebben gemaakt in verband met civielrechtelijke, strafrechtelijke of administratiefrechtelijke procedures waarin zij zijn betrokken uit hoofde van hun lidmaatschap van de directie. De NIWO sluit ten behoeve van de directie een aansprakelijkheidsverzekering af om deze kosten (voor zover mogelijk) te dekken. Indien de directie vermoedt of bemerkt dat zij aansprakelijk gesteld wordt of zal worden, meldt de directie dit terstond aan de voorzitter van de raad van advies.

Artikel 11. Benoemingsprocedure

Voorafgaand aan de benoeming van (een nieuw lid van) de directie stelt de raad van advies een deskundigheidsprofiel op voor het nieuwe lid. Na, al dan niet in aangepaste vorm, goedkeuring van het deskundigheidsprofiel door de Minister, selecteert de raad van advies potentiële kandidaten en brengt de raad van advies via de Algemene Bestuursdienst een niet-bindende voordracht uit aan de Minister van minimaal één kandidaat voor de invulling van de vacature.

Hoofdstuk 4. Raad van advies

Artikel 12. Samenstelling
1.

De raad van advies bestaat uit drie leden, onder wie de voorzitter.

2.

De Minister benoemt, schorst en ontslaat de voorzitter en de leden van de raad van advies en stelt hun vergoeding vast. De leden van de raad van advies worden benoemd voor een tijdvak van vier jaren en zijn aansluitend éénmalig voor een tijdvak van vier jaren herbenoembaar.

3.

Het lidmaatschap van de raad van advies eindigt door het verstrijken van de benoemingstermijn, door ontslag op eigen verzoek dan wel om zwaarwichtige redenen. Een lid verzoekt in ieder geval om ontslag in geval van structurele onverenigbaarheid van belangen.

4.

De raad van advies stelt een rooster van aftreden vast, waarbij als uitgangspunt geldt dat zo weinig mogelijk leden tegelijkertijd aftreden.

5.

De raad van advies streeft ernaar dat in deze raad de voor de NIWO relevante deskundigheden zijn vertegenwoordigd, meer in het bijzonder met betrekking tot kennis van politiek-bestuurlijke verhoudingen, juridische aangelegenheden, financiën en bedrijfsvoering van overheidsorganisaties en compliance en risicomanagement.

6.

Alleen natuurlijke personen kunnen lid zijn van de raad van advies.

Artikel 13. Benoemingsprocedures
1.

Bij de benoeming van een nieuw lid van de raad van advies worden de volgende processtappen gevolgd:

2.

Bij herbenoeming van een lid van de raad van advies worden de volgende processtappen gevolgd:

Artikel 14. Voorzitter raad van advies

De voorzitter van de raad van advies:

Artikel 15. Taken
1.

De raad van advies ziet toe op:

2.

De raad van advies voorziet het jaarverslag van de NIWO van een verslag van de raad van advies waarin de raad van advies verantwoording aflegt over de uitvoering van de aan de raad van advies opgedragen taken.

3.

De leden van de raad van advies hebben toegang tot het gebouw van de NIWO en zijn als college, in het kader van het uitoefenen van hun taken als lid van de raad van advies, bevoegd tot inzage van alle documenten.

Artikel 16. Vergaderingen en besluitvorming
1.

De raad van advies vergadert ten minste viermaal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter zulks wenselijk acht.

2.

De raad van advies besluit bij meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen heeft de voorzitter een beslissende stem.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.