Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs van 1 juli 2022, nr. VO/33196495, houdende regels voor de verstrekking van aanvullende en bijzondere bekostiging als tegemoetkoming voor scholen in het voortgezet onderwijs, het voortgezet speciaal onderwijs en vavo-instellingen voor de organisatie en uitvoering van de maatregelen voor het eindexamen 2022 (Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2022)
Gelet op artikel 82, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 117, tweede lid van de Wet op de expertisecentra, en de artikelen 2.2.3, derde lid en 2.2a.3, eerste lid van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
Besluiten:
Artikel 1. Begripsbepalingen
- aoc: agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in artikel 1.3.3 van de WEB, met dien verstande dat vanaf 1 augustus 2022 hiermee wordt bedoeld een school voor voorbereidend beroepsonderwijs die deel uitmaakt van een verticale scholengemeenschap die van rechtswege zijn ontstaan na de omzetting op grond van artikel 12.2.4 van de WEB;
- aoc-leerling: leerling als bedoeld in artikel 2.1.2, onderdeel g, van het Uitvoeringsbesluit WEB, zoals dat onderdeel luidde op 31 juli 2022;
- bevoegd gezag bevoegd gezag als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020 en artikel 1 van de WEC of artikel 1.1.1 onder w van de WEB;
- deeleindexamen: een examen in één of meer van de voor het eindexamen voorgeschreven vakken;
- deelstaatsexamen: het examen in één of meer van de voor het staatsexamen voorgeschreven vakken;
- eindexamen: eindexamen als bedoeld in artikel 2.51 van de WVO 2020;
- extra herkansing: tweede herkansing als bedoeld in artikel 60f van het Eindexamenbesluit VO zoals dat luidde op 31 juli 2022;
- kandidaat:
-
- vavo-student die op 1 oktober 2021 was ingeschreven op een instelling en voor bekostiging in aanmerking komt;
-
- leerling die op 1 oktober 2021 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 6.7 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 was ingeschreven op een school voor vwo, havo, mavo of vbo, en was geplaatst in het laatste leerjaar, met uitzondering van de leerling die was ingeschreven voor een cursus internationaal georiënteerd voortgezet onderwijs als bedoeld in de Beleidsregel IGVO 2021. Voor de toepassing van deze regeling tellen de leerlingen als bedoeld in artikel 6.10, eerste en tweede lid van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 voor 100% mee;
-
- aoc-leerling die op 1 oktober 2021 was ingeschreven voor voorbereidend beroepsonderwijs aan een aoc en was geplaatst in het laatste leerjaar;
-
- leerling die op 1 oktober 2021 als bekostigde leerling als bedoeld in artikel 6 van het Besluit bekostiging WEC 2022 was ingeschreven op een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs in het uitstroomprofiel vervolgonderwijs als bedoeld in artikel 14a van de WEC en was geplaatst in het laatste leerjaar.
- instelling: een uit ’s Rijks kas bekostigde instelling als bedoeld in artikel 1.1.1 onder b van de WEB;
- minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap dan wel de Minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs;
- regio Midden: alle vestigingen van scholen in het voortgezet onderwijs, inclusief voorbereidend beroepsonderwijs van aoc’s en vestigingen voor voortgezet onderwijs van verticale scholengemeenschappen ROC-VO, gelegen in de regio Midden zoals beschreven in artikel 3 onder b en artikel 11 van de Regeling vaststelling schoolvakanties 2019–2022;
- RIO: Registratie Instellingen en Opleidingen.
- school: uit ’s Rijks kas bekostigde school als bedoeld in artikel 1.1 van de WVO 2020 of artikel 1 van de WEC;
- vavo: opleiding voortgezet algemeen volwassenenonderwijs als bedoeld in artikel 7.3.1, eerste lid, onderdeel a, van de WEB;
- vavo-student: vavo-student als bedoeld in artikel 1.1.1 van de WEB;
- WVO 2020: Wet voortgezet onderwijs 2020.
Artikel 2. Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS
De Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is van toepassing op de aanvullende en bijzondere bekostiging die op grond van deze regeling wordt verstrekt.
Artikel 3. Doel van de aanvullende en bijzondere bekostiging
De minister verstrekt in 2022 aanvullende en bijzondere bekostiging aan het bevoegd gezag van een school of instelling met als doel het tegemoet komen in de extra kosten die scholen en instellingen maken voor:
- a. het organiseren, begeleiden en corrigeren van een extra herkansing voor kandidaten.
- b. docenten en medewerkers die werkzaamheden uitvoeren in de eerste week van de zomervakantie ten behoeve van kandidaten in de regio Midden, vavo-studenten aan instellingen met instellingscode 27DV, 27GZ, 24ZZ, 20MQ, 25PM, 04CY, 25LN, 01AA, 25LP en 25LH, aan kandidaten aan de school met instellingscode 19HY.
In afwijking van het eerste lid, onder b, verstrekt de minister in 2022 uitsluitend bijzondere bekostiging aan het bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1 van de WEC met instellingscodes 04YK en 02RM ten behoeve van docenten en medewerkers die werkzaamheden uitvoeren in de eerste week van de zomervakantie ten behoeve van kandidaten in de regio Midden.
Artikel 4. Beschikbare middelen per kandidaat en verdeling
In 2022 ontvangt het bevoegd gezag van een school of instelling in het kader van deze regeling:
- a. voor het doel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, een bedrag van € 91 per kandidaat;
- b. voor het doel, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder b, en tweede lid, een bedrag van € 173 per kandidaat.
De bedragen die het bevoegd gezag ontvangt worden rekenkundig afgerond op hele euro’s.
Artikel 5. Verstrekking, vaststelling en betaling
Aanvullende en bijzondere bekostiging op grond van deze regeling wordt ambtshalve verstrekt. Voor scholen voor voortgezet onderwijs en instellingen voor voortgezet algemeen volwassenenonderwijs wordt dat gebaseerd op de door de instellingsaccountant gevalideerde aantallen.
De bijzondere bekostiging voor scholen voor voortgezet speciaal onderwijs en voor scholen voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, wordt uiterlijk in de maand oktober van 2022 vastgesteld en ineens betaald.
De aanvullende bekostiging voor scholen voor voortgezet onderwijs en instellingen voor voortgezet algemeen volwassenenonderwijs wordt uiterlijk in de maand oktober van 2022 vastgesteld en ineens betaald, mits de gegevens, genoemd in artikel 6.12, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020:
- a. uiterlijk 1 juli 2022 zijn ingediend; of
- b. na 1 juli 2022 zijn ingediend en uiterlijk 15 juli 2022 zijn verwerkt in het Register Onderwijsdeelnemers.
In afwijking van het eerste lid kan het bevoegd gezag van een school voor voortgezet onderwijs op grond van artikel 5.10, tweede lid, van de WVO 2020 een aanvraag indienen voor bekostiging op grond van deze regeling, indien het bevoegd gezag de gegevens, bedoeld in artikel 6.12, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 niet tijdig heeft ingediend.
Het bevoegd gezag, bedoeld in het vierde lid, dient de aanvraag in bij de minister. De aanvraag bevat een afschrift van de gegevens, genoemd in artikel 6.12, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.
Artikel 6. Verantwoording aanvullende en bijzondere bekostiging
De aanvullende en bijzondere bekostiging kan ook worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt.
De aanvullende en bijzondere bekostiging op grond van deze regeling wordt verantwoord in de jaarverslaggeving overeenkomstig de Regeling jaarverslaggeving onderwijs.
Artikel 7. Aanpassing regeling aan de WVO 2020 en het Uitvoeringsbesluit WVO 2020
Wijzigt deze regeling.
Artikel 8. Omhangbepaling
Deze regeling is mede gebaseerd op artikel 5.9 WVO 2020.
Artikel 9. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling vervalt met ingang van 1 januari 2027.
Artikel 10. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende en bijzondere bekostiging eindexamens 2022.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.