Regeling van de Minister van Financiën van 11 juli 2022, houdende regels voor periodiek evaluatieonderzoek 2022 (Regeling periodiek evaluatieonderzoek 2022)

Type Ministeriële regeling
Publication 2022-07-27
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4.20, tweede lid, aanhef en onderdeel f, van de Comptabiliteitswet 2016;

Besluit:

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begrippen
1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

2.

De begrippen van artikel 1.1 van de Comptabiliteitswet 2016 zijn van overeenkomstige toepassing op deze regeling.

§ 2. Strategische Evaluatie Agenda

Artikel 2. Strategische Evaluatie Agenda

De begroting van een departement bevat een SEA die voldoet aan de volgende eisen:

§ 3. Kwaliteitseisen evaluatieonderzoek

Artikel 3. Kwaliteitseisen evaluatieonderzoek

Evaluatieonderzoek voldoet aan de volgende kwaliteitseisen:

§ 4. Periodieke rapportage over doeltreffendheid en doelmatigheid

Artikel 4. Periodieke rapportage per (beleids)thema
1.

De met het evaluatieonderzoek verkregen inzichten op een (beleids)thema worden, overeenkomstig de looptijd van de agendering van het (beleids)thema op de SEA bedoeld in artikel 2, ten minste eens in de vier tot zeven jaar samengebracht in een periodieke rapportage. De periodieke rapportage wordt uiterlijk in het laatste jaar van de vooraf vastgestelde periode voor het thema afgerond.

2.

De beleidsagenda van de begroting behelst een overzicht van geplande periodieke rapportages en het jaarverslag behelst een overzicht van uitgevoerde periodieke rapportages onder vermelding van het jaar van uitvoering.

3.

De Minister informeert de Tweede Kamer der Staten-Generaal over de onderzoeksopzet van de periodieke rapportage. De onderzoeksopzet wordt ten minste één jaar voor het rapporteren over de periodieke rapportage aangeboden aan de Tweede Kamer der Staten- Generaal.

4.

De eisen gesteld onder artikel 3 zijn onverminderd op de periodieke rapportage van toepassing.

5.

Een periodieke rapportage over een (beleids)thema bevat in ieder geval de volgende onderdelen:

6.

Bij de periodieke rapportage wordt ten minste één methodologische en/of beleidsinhoudelijk onafhankelijk deskundige betrokken. De deskundige geeft een onafhankelijk oordeel over de validiteit en betrouwbaarheid van de bevindingen van het uitgevoerde onderzoek.

7.

De Minister zendt de periodieke rapportage aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal. Het oordeel van de onafhankelijke deskundige(n) over de validiteit en betrouwbaarheid van de bevindingen van de periodieke rapportage wordt als apart herkenbaar onderdeel met de rapportage meegezonden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.

§ 5. Evaluatieparagraaf

Artikel 5. Evaluatieparagraaf

Voorstellen aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal die leiden tot een substantiële beleidswijziging (met financiële gevolgen van ten minste € 20 miljoen in enig jaar) bevatten een evaluatieparagraaf.

§ 6. Evaluatie van subsidieregelingen en fiscale regelingen

Artikel 6. Evaluatie van subsidieregelingen

Onverminderd het bepaalde in artikel 4:24 van de Algemene wet bestuursrecht geldt voor de evaluatie van subsidieregelingen die op een wettelijk voorschrift berusten aanvullend het volgende:

Artikel 7. Evaluatie van fiscale regelingen
1.

Artikel 3 is van overeenkomstige toepassing op evaluaties van fiscale regelingen.

2.

Onverminderd de kwaliteitseisen van artikel 3 worden bij evaluaties van fiscale regelingen de vragen uit het toetsingskader fiscale regelingen beantwoord, zoals opgenomen in de Regeling rijksbegrotingsvoorschriften.

3.

Evaluaties van fiscale regelingen worden, waar relevant voor een (beleids)thema, opgenomen op de SEA bij het betreffende thema, bedoeld in artikel 2.

§ 7. Evaluatie van wetgeving

Artikel 8. Evaluatie van wetgeving

Evaluaties van wetgeving worden, onverminderd het bij of krachtens de wet bepaalde, opgenomen op de SEA, bedoeld in artikel 2. De bevindingen van wetsevaluaties worden meegenomen in periodieke rapportages.

§ 8. Evaluatie van zelfstandige bestuursorganen

Artikel 9. Evaluatie van zelfstandige bestuursorganen

De periodieke verslagen, bedoeld in artikel 39, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, worden opgenomen op de SEA bij de betreffende thema’s, bedoeld in artikel 2. De bevindingen van evaluaties van zelfstandige bestuursorganen worden meegenomen in periodieke rapportages.

§ 9. Evaluatie van agentschappen

Artikel 10. Evaluatie van agentschappen

Doorlichtingen van de agentschappen, bedoeld in artikel 7 van de Regeling agentschappen, worden opgenomen op de SEA, bedoeld in artikel 2. De bevindingen van evaluaties van agentschappen kunnen worden meegenomen in periodieke rapportages.

§ 11. Slotbepalingen

Artikel 11. Overgangsbepaling
1.

De Regeling periodiek evaluatieonderzoek wordt ingetrokken met dien verstande dat reeds gestarte en geplande beleidsdoorlichtingen tot en met het uitvoeringsjaar 2023 (zoals opgenomen in de meerjarenplanning van beleidsdoorlichtingen in de begrotingen 2021 en 2022), in de evaluatieplanning van de SEA worden opgenomen en uitgevoerd.

2.

De reeds gestarte en geplande beleidsdoorlichtingen tot en met 2023 kunnen worden uitgevoerd volgens de eisen van artikel 3 van de Regeling periodiek evaluatieonderzoek 2018 of op basis van artikel 4 van de Regeling periodiek evaluatieonderzoek 2022.

3.

De eisen aan de SEA bedoeld in artikel 2 van deze regeling, zijn met ingang van het begrotingsjaar 2024 van kracht. De ministers hebben een inspanningsverplichting om bij de begrotingen over 2022 en 2023 al zo veel als mogelijk te voldoen aan de eisen van artikel 2 van de regeling.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel 13. Evaluatiebepaling

De Minister van Financiën zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze regeling aan de Staten-Generaal een verslag over de werking van deze regeling in de praktijk.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling periodiek evaluatieonderzoek 2022.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.