Beleidsregel van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 6 juli 2022, nr. DGKE-PDG/ 22285713, betreffende de vergoeding van meerkosten van aardbevingsbestendig bouwen in Groningen 2022

Type Beleidsregel
Publication 2022-10-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 52g, derde lid, van de Mijnbouwwet en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

Artikel 2. Toepassingsbereik
1.

Deze beleidsregel is van toepassing op nieuw te bouwen gebouwen, waaronder begrepen een constructief zelfstandige uitbouw of aanbouw van een bestaand gebouw.

2.

Deze beleidsregel is niet van toepassing op:

Artikel 3. Vergoeding voor aardbevingsbestendig bouwen
1.

De Minister verstrekt op aanvraag van degene die verantwoordelijk is voor de bouw een vergoeding voor de extra kosten in verband met het ontwerpen en bouwen van een nieuw gebouw dat voldoet aan NPR 9998, bij toepassing van de grenstoestand ‘Near Collapse’, indien de piekgrondversnelling op de locatie van het nieuwe gebouw tenminste 0,05 g is.

2.

De piekgrondversnelling wordt berekend met de NPR-webtool op het moment van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, voor de datum van verwachte oplevering van het gebouw bij een herhalingstijd van 475 jaar.

Artikel 4. Aanvraag voor vergoeding
1.

Een aanvraag om een vergoeding wordt voor de start van de bouwwerkzaamheden ingediend.

2.

Een aanvraag wordt per projectonderdeel met gelijke piekgrondversnelling ingediend.

3.

Een aanvraag bevat per basisontwerp binnen het projectonderdeel met gelijke piekgrondversnelling:

4.

Een aanvraag bevat indien van toepassing:

Artikel 5. Hoogte vergoeding wanneer de aardbevingsbelasting maatgevend is
1.

De hoogte van de vergoeding, bedoelt in artikel 3, eerste lid, bedraagt voor een grondgebonden woning, niet zijnde een gebouw dat op basis van de NPR 9998 valt in de gevolgklasse CC2, CC3, CC4 of CC1a of een constructief zelfstandige uitbouw of aanbouw van een bestaand gebouw, indien de aardbevingsbelasting van het gebouw hoger is dan de windbelasting, voor:

2.

De hoogte van de vergoeding, bedoelt in artikel 3, eerste lid, bedraagt voor een gebouw dat op basis van de NPR 9998 valt in de gevolgklasse CC2, CC3 of CC4, indien de aardbevingsbelasting van het gebouw hoger is dan de windbelasting, voor het ontwerp en het treffen van maatregelen voor zover deze noodzakelijk zijn om te voldoen aan de NPR 9998: € 61 per vierkante meter bruto vloeroppervlak.

3.

De hoogte van de vergoeding, bedoelt in artikel 3, eerste lid, bedraagt voor een gebouw dat op basis van de NPR 9998 valt in de gevolgklasse CC1a of een constructief zelfstandige uitbouw of aanbouw van een bestaand gebouw is, indien de aardbevingsbelasting van het gebouw hoger is dan de windbelasting, voor:

Artikel 6. Hoogte vergoeding wanneer de windbelasting maatgevend is
1.

De hoogte van de vergoeding, bedoeld in artikel 3, eerste lid, bedraagt indien de aardbevingsbelasting van het gebouw lager is dan de windbelasting: de daadwerkelijk gemaakte kosten:

Artikel 7. Vergoeding voor toetsing van de berekeningen
1.

De hoogte van de vergoeding, bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt aangevuld met een vergoeding voor de toetsing van het ontwerp van de hoofdconstructeur door de tweede constructeur, bedoeld in artikel 4, derde lid, onderdeel q, en bedraagt de daadwerkelijk gemaakte kosten met een maximum per gebouw:

Artikel 8. Verhoging vergoedingen met omzetbelasting en prijsindexatie
1.

De vergoedingen, geregeld in de artikelen 5, 6 en 7, worden verhoogd met het hoge tarief van de omzetbelasting, tenzij de aanvrager de omzetbelasting in aftrek kan brengen.

2.

De hoogte van de vergoeding die een aanvrager ontvangt op grond van de artikelen 5, 6 en 7 wordt elk kwartaal aangepast met de ontwikkelingen in het prijspeil zoals vastgesteld voor de versterkingsoperatie ten opzichte van april 2022.

Artikel 9. Voorschriften bij besluit
1.

De Minister beslist binnen 8 weken nadat een aanvraag als bedoeld in artikel 4, eerste, vijfde, of zesde lid, is ingediend, over de toekenning van de vergoeding.

2.

Aan een besluit tot toekenning van een vergoeding worden de volgende voorschriften verbonden:

3.

Indien de aanvrager aan de voorschriften van het tweede lid, onderdeel b, heeft voldaan, vult hij een door de Minister beschikbaar gesteld formulier ‘verzoek tot uitbetaling’ in en overlegt dat aan de Minister.

Artikel 10. Betaling en verlaging van de subsidie
1.

De vergoeding wordt uitbetaald binnen 6 weken nadat het formulier, bedoeld in artikel 9, derde lid, is aangeleverd aan de Minister.

2.

Indien niet is voldaan aan de in deze beleidsregel opgenomen voorwaarden of aan de aan het besluit verbonden voorschriften, kan de Minister besluiten de vergoeding te verlagen of op nihil vaststellen.

Artikel 11. Intrekking en overgangsrecht
2.

Indien toegekende vergoedingen op basis van Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw lager zijn dan op grond van deze beleidsregel kan worden verkregen, wordt het verschil ambtshalve aan aanvragers toegekend.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking op 1 oktober 2022.

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.