Besluit van 10 oktober 2022, houdende regels omtrent de oprichting en inrichting van een kiescollege voor de Eerste Kamer voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn alsmede wijziging van het Kiesbesluit ten behoeve van de verkiezing van de leden van het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn en de verkiezing van de leden van de Eerste Kamer door de leden van dit kiescollege (Besluit kiescollege niet-ingezetenen)

Type AMvB
Publication 2023-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 16 augustus 2022, nr. 2022-0000359620;

Gelet op de artikelen 19, vierde lid, en 27, tweede lid, 36, eerste lid, in samenhang met artikel D 4 van de Kieswet, en 40, derde lid, van de Wet kiescollege niet-ingezetenen en de artikelen Pa 1, in samenhang met de artikelen D 4, H 1, derde lid, H 3, vijfde lid, H 3, zevende lid, H 9, vierde lid, en P 20, tweede lid, Pa 15, eerste lid, Pa 16, derde lid, Pa 26, Pa 27, derde lid, Ua 3, tweede lid, van Kieswet;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 21 september 2022, nr. W04.22.00103/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 5 oktober 2022, nr. 2022-0000526485;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Titel I. Algemene bepalingen

Artikel 1
1.

Een lid van het kiescollege krijgt toegang tot de digitale omgeving door:

2.

De griffier van de gemeente ’s-Gravenhage draagt er zorg voor dat elk lid de instructies en de toegangscode afzonderlijk ontvangt.

Artikel 2
1.

De reis- en verblijfskosten die een lid van het kiescollege maakt, kan het declareren bij de griffier van de gemeente ’s-Gravenhage, tot de hoogte van de bedragen die hiervoor zijn vastgelegd in de ministeriële regeling, bedoeld in artikel 27, eerste lid, van de Wet kiescollege niet-ingezetenen.

2.

De verblijfskosten voor een lid van het kiescollege worden vergoed voor de periode dat het in Nederland verblijft, maar niet voor meer dan zeven dagen, tenzij een lid aannemelijk maakt dat het voor hem niet mogelijk is om binnen deze termijn terug naar zijn werkelijke woonplaats buiten Nederland te reizen. De voorzitter oordeelt of het lid dit voldoende aannemelijk heeft gemaakt. Indien dit het geval is, wordt het aantal dagen bedoeld in de eerste volzin verlengd tot tien.

3.

Een lid van het kiescollege kan de griffier van de gemeente ’s-Gravenhage verzoeken de reis en het verblijf voor hem te organiseren. In dat geval wendt de griffier de vergoeding die bestemd is voor het betreffende kiescollegelid hiervoor aan, met inachtneming van het eerste en tweede lid.

Titel II. Wijziging van het Kiesbesluit

Artikel 3

Wijzigt het Kiesbesluit.

Titel III. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 4

Vervallen

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7
1.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

2.

Bij koninklijk besluit kan een ander tijdstip worden vastgesteld waarop artikel 3 in werking treedt. Op dit tijdstip vervallen de artikelen 4, 5 en 6.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit kiescollege niet-ingezetenen.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.