Regeling van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 23 november 2022, kenmerk 3466355-1039484-WJZ houdende vaststelling van het vrijstellingsbedrag inkomsten uit vermogen ingevolge de wetten voor verzetsdeelnemers en oorlogsgetroffenen per 1 januari 2023
Gelet op de artikelen 12a van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, 12 van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, 17 van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet, 18, zesde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 en 27 van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945;
Besluit:
Artikel 1
De bedragen, genoemd in de artikelen 12, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, 11, tweede lid, onder c, van de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers, en 16, tweede lid, onder b, ten derde, van de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet en de bedragen, bedoeld in artikel 19, vijfde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 en 28, vierde lid, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945, worden als volgt herzien:
- a. Wijzigt de Wet buitengewoon pensioen 1940-1945, de Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers en de Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet.
- b. het vrij te laten bedrag, bedoeld in de artikelen 19, vijfde lid, van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 en 28, vierde lid, van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 wordt vastgesteld op € 1.105,17.
Artikel 2
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2023.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.