Regeling van de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, van 29 november 2022, nr. 2022-0000630123, houdende vaststelling van regels voor het verstrekken van subsidie aan verenigingen van eigenaars, woonverenigingen en wooncoöperaties in verband met het stimuleren van verduurzamingsmaatregelen in bestaande woningen (Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars)
Voor een investering voor duurzame warmteopties of een centrale aansluiting op een warmtenet als bedoeld in artikel 7, derde lid, respectievelijk vierde lid, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat:
- a. een overeenkomst wordt gesloten met een bouwinstallatiebedrijf of warmteleverancier in verband met de aanschaf van de installatie of installaties dan wel de centrale aansluiting op een warmtenet; en
- b. de installatie of installaties dan wel de centrale aansluiting op een warmtenet waarop de overeenkomst, bedoeld in onderdeel a, betrekking heeft, worden geïnstalleerd respectievelijk aangesloten.
Hoofdstuk VII. Subsidieverplichtingen
Artikel 23. Subsidieverplichtingen
De subsidieontvanger is verplicht, te rekenen vanaf de datum van de dagtekening van de subsidiebeschikking:
- a. de energiebesparende isolatiemaatregelen, duurzame warmteopties en de aanvullende energiebesparende maatregelen waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van vierentwintig maanden;
- b. het zeer energiezuinig pakket en de centrale aansluiting op een warmtenet waarvoor subsidie wordt verstrekt, te laten uitvoeren binnen een termijn van zesendertig maanden; en
- c. het installeren van basislaadinfrastructuur, te laten uitvoeren binnen een termijn van twaalf maanden na subsidieverlening.
Indien de uitvoering van de maatregelen binnen de termijn, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, buiten de schuld van de subsidieontvanger niet mogelijk is, kan de Minister die termijn op schriftelijk en gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger eenmaal met ten hoogste twaalf maanden verlengen.
De in het kader van de subsidieverlening gevoerde administratie te bewaren tot tien belastingjaren na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling.
Artikel 24. Verplichtingen van de subsidieontvanger ten aanzien van duurzame warmteopties
Een installatie, waarop de investering voor de duurzame warmteopties betrekking heeft, en waarvoor op grond van deze titel een subsidie is verleend, wordt niet binnen een jaar na de datum van de subsidievaststelling vervreemd.
Het eerste lid is niet van toepassing op de vervreemding van een installatie tezamen met het appartementencomplex of gebouw waarin respectievelijk waarop de investering voor duurzame warmteopties is geïnstalleerd.
Hoofdstuk VIII. Afwijzingsgronden
Artikel 25. Afwijzingsgronden
De Minister beslist afwijzend op een aanvraag voor subsidie als er met de uitvoering van de verduurzamingsmaatregelen, aanvullende energiebesparende maatregelen, het zeer energiezuinig pakket en het installeren van basislaadinfrastructuur is begonnen voorafgaand aan de aanvraag.
De Minister beslist afwijzend op een aanvraag voor subsidie voor een investering voor energiebesparende isolatiemaatregelen indien:
- a. het een aanvraag voor subsidie betreft voor het aanbrengen van UF-schuim;
- b. de aanvraag voor subsidie betrekking heeft op een investering ten behoeve van het realiseren van een vergroting van het woonoppervlakte of wooninhoud in ieder geval door:
- 1°. het realiseren van een nieuwe aanbouw;
- 2°. het realiseren van een nieuwe dakkapel;
- 3°. het betrekken van een aan- of inpandige garage bij de woning;
- 4°. het vergroten van het bestaande dak, gevel, vloer of glasoppervlakte; of
- c. het een aanvraag voor subsidie betreft voor een woning of gebouw met een bouwjaar of woonfunctie na 1 januari 2013, tenzij een omgevingsvergunning voor dit gebouw overlegd kan worden die voor 1 januari 2013 is afgegeven.
De Minister beslist afwijzend op een aanvraag voor subsidie voor een investering voor de duurzame warmteopties indien:
- a. de installatie waar de investering betrekking op heeft, is of wordt geïnstalleerd om te voldoen aan de wettelijke voorschriften, bedoeld in afdeling 4.4 in het Besluit Bouwwerken Leefomgeving;
- b. de aanvraag voor subsidie betrekking heeft op een gebruikte installatie; of
- c. het een aanvraag voor subsidie betreft als bedoeld in artikel 7, derde lid, onderdelen a en b, voor een woning met een bouwjaar of woonfunctie na 1 januari 2019, tenzij een omgevingsvergunning voor dit gebouw kan worden overlegd die voor 1 juli 2018 is aangevraagd.
Hoofdstuk VIII. Afwijzingsgronden
Artikel 26. Bekendmaking van gegevens over steunverlening
De Minister maakt binnen zes maanden na de datum van subsidieverlening overeenkomstig artikel 9, eerste lid, onderdeel c, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, de gegevens openbaar, als de subsidie aan een aanvrager voor het aandeel huurwoningen binnen een of meerdere verenigingen meer bedraagt dan € 100.000.
De gegevens, bedoeld in dit artikel, blijven voor ten minste tien jaar openbaar beschikbaar.
Artikel 27. Aanvraag tot subsidievaststelling
Een aanvraag tot subsidievaststelling bevat ten minste:
- a. gegevens over de aanvrager, waaronder de naam van de aanvrager, het post- en bezoekadres, het e-mailadres, het telefoonnummer, het rekeningnummer, gegevens over de contactpersoon bij de aanvrager en voor of het nummer waaronder de onderneming is geregistreerd bij de Kamer van Koophandel en het door de Minister verstrekte referentienummer;
- b. de omvang van de vast te stellen subsidie; en
- c. de kerngegevens voor de onderbouwing van de subsidievaststelling, waaronder de locatie of locaties waar het project is uitgevoerd, en voor zover de investering betrekking heeft op de duurzame warmteopties, de omschrijving van de aard van de installaties die zijn geïnstalleerd.
Onverminderd artikel 24, eerste, tweede en derde lid, van het Kaderbesluit gaat de aanvraag tot subsidievaststelling vergezeld van:
- a. een factuur of facturen en betaalbewijs of betaalbewijzen van de aanschaf en installatie van de investering voor duurzame warmteopties en aanvullende energiebesparende maatregelen als bedoeld in artikel 7, derde lid en artikel 8, waaronder begrepen de door het bouwinstallatiebedrijf getekende factuur in geval van contante betaling van deze investeringen, waarop ten minste het betaalde bedrag, de begunstigde en betaaldatum vermeld wordt;
- b. indien het een investering voor energiebesparende isolatiemaatregelen of een zeer energiezuinig pakket betreft:
- 1°. een factuur en betaalbewijs als bedoeld in onderdeel a, met daarin ten minste de naam en het adres van de vereniging en het bouwbedrijf dat werkzaamheden betreffende de investering of investeringen heeft uitgevoerd, een omschrijving van het soort energiebesparende isolatiemaatregel of maatregelen uit het zeer energiezuinig pakket en aanverwante werkzaamheden die door het bouwbedrijf uitgevoerd zijn, de naam, het type, het merk, de dikte en indien beschikbaar de meldcode, van het isolatiemateriaal dat gebruikt is en de plaats en bijhorende oppervlakte die in het gebouw of de groep van gebouwen geïsoleerd is;
- 2°. ten minste één foto per energiebesparende isolatiemaatregel of maatregel uit het zeer energiezuinig pakket, genomen tijdens de uitvoering van de werkzaamheden door het bouwbedrijf, met daarop zichtbaar de naam, merk, soort, en dikte van het isolatiemateriaal;
- 3°. indien het een investering voor glas-, kozijnpaneel- of deurisolatie als bedoeld in artikel 7 tweede lid, onderdeel c, betreft, voor zover van toepassing, een kozijnstaat met daarin een specificatie per kozijn, waarop het merk, type, warmteverlies van het kozijnprofiel (Uf-waarde), glasfabrikant, glassoort, glasopbouw, binnenwerkse breedte en hoogtemaat en totaal aantal m2 op staan vermeld;
- c. indien het een investering voor duurzame warmteopties betreft, een document waaruit blijkt dat een investering:
- 1°. in gebruik is genomen;
- 2°. voldoet aan de technische eisen;
- 3°. is geïnstalleerd of aangebracht door een bouwinstallatiebedrijf;
- d. indien subsidie is aangevraagd voor bouwbegeleiding als bedoeld in artikel 1, eerste lid, de factuur en het betalingsbewijs van de bouwbegeleiding en een korte rapportage, waarin de uitgevoerde activiteiten beschreven staan; en
- e. indien het een investering voor de centrale aansluiting op een warmtenet als bedoeld in artikel 7, vierde lid, betreft, een overeenkomst met een warmteleverancier waaruit blijkt dat het appartementencomplex is aangesloten op een warmtenet.
Hoofdstuk X. Slotbepalingen
Artikel 28. Overgangsregeling
De Subsidieregeling energiebesparing eigen huis wordt ingetrokken, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op de subsidies die voor de datum van inwerkingtreding van deze regeling op grond van de Subsidieregeling energiebesparing eigen huis zijn verstrekt of aangevraagd.
Het maatwerkadvies, bedoeld in artikel 5, tweede lid, komt ook voor subsidie in aanmerking als het in de periode tot en met 1 juli 2024 is opgesteld door een persoon die voldoet aan de eisen aan de vakbekwaamheid van ‘EPA-adviseur’ conform bijlage 2 van BRL 9500, deel 2.
Op aanvragen om een subsidie die zijn ingediend voor het tijdstip van inwerkingtreding van een wijziging van deze regeling, op subsidies die voor dat tijdstip zijn verleend en op subsidies die voor dat tijdstip zijn vastgesteld, blijft deze regeling van toepassing zoals deze luidde voor dat tijdstip tenzij de wijziging met terugwerkende kracht in werking treedt.
Artikel 29. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2023 en vervalt op 1 januari 2031, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op subsidies die op grond van deze regeling vóór laatstgenoemde datum zijn verstrekt of aangevraagd.
Artikel 30. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 17a. Biobased milieuvriendelijk isolatiemateriaal
Indien is geïnvesteerd in biobased isolatiemateriaal wordt de op grond van artikel 17, eerste lid, berekende subsidie per vierkante meter vermeerderd met:
- a. in geval van dakisolatie: € 5 per m2;
- b. in geval van zolder- of vlieringvloerisolatie of spouwmuurisolatie: € 1,50 per m2;
- c. in geval van gevelisolatie: € 6 per m2;
- d. in geval van vloerisolatie: € 2 per m2; en
- e. in geval van een investering in bodemisolatie: € 1 per m2.
De bedragen, genoemd in het eerste lid, worden niet gehalveerd in het geval er sprake is van de situatie, bedoeld in artikel 17, derde lid.
Artikel 20a. Maximale subsidie oplaadpuntenadvies en basislaadinfrastructuur
De subsidie voor een vereniging voor het oplaadpuntenadvies bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdeel a, bedraagt ten hoogste 75 % van de kosten voor de advisering, met een maximum van € 1.500.
De subsidie bedoeld in artikel 12, eerste lid, onderdeel b, voor het installeren van basislaadinfrastructuur bedraagt € 100 per nieuw aan te sluiten parkeerplaats.
Hoofdstuk VI. Wijze van subsidieverstrekking
Hoofdstuk VII. Subsidieverplichtingen
Hoofdstuk VIII. Afwijzingsgronden
Hoofdstuk X. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 19a. Hoogte subsidie bouwbegeleiding
De subsidie voor bouwbegeleiding, bedoeld in artikel 1, eerste lid, bedraagt 50% van de totale kosten van de activiteit met een maximum van € 20.000.
Artikel 20b. Gegevensuitwisseling
Ter bepaling van de subsidiehoogte wisselen de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en het Samenwerkingsverband Noord-Nederland dat belast is met de uitvoering van Maatregel 29 onderling uitsluitend de volgende gegevens uit:
- a. het adres van het gebouw of de groep van gebouwen waarvoor subsidie wordt aangevraagd of is verleend;
- b. de gesubsidieerde activiteiten;
- c. de naam van de regeling waarvoor eerder subsidie is verkregen, het subsidiebedrag en de datum van de beschikking tot subsidieverlening- en vaststelling; en
- d. indien noodzakelijk, de facturen van de gesubsidieerde activiteiten.
Hoofdstuk VI. Wijze van subsidieverstrekking
Hoofdstuk VII. Subsidieverplichtingen
Hoofdstuk IX. Bekendmaking gegevens en subsidievaststelling
Hoofdstuk X. Slotbepalingen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)