← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Staatssecretaris van Financiën van 2 december 2022 tot wijziging van onder meer enige uitvoeringsregelingen op het gebied van belastingen en toeslagen (Eindejaarsregeling 2022)

Geldende tekst a fecha 2023-07-01
Artikel I

Wijzigt de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001.

Artikel II

Wijzigt de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001.

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Artikel III

Wijzigt de Uitvoeringsregeling willekeurige afschrijving 2001.

Artikel IV

Wijzigt de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011.

Artikel V

Wijzigt de Regeling loonbelasting- en premietabellen 1990.

Artikel VI

Wijzigt de Regeling gegevensuitvraag loonaangifte.

Artikel VII

Wijzigt de Uitvoeringsbeschikking vennootschapsbelasting 1971.

Artikel VIII

Wijzigt de Regeling laagbelastende staten en niet-coöperatieve rechtsgebieden voor belastingdoeleinden.

Artikel IX

Wijzigt de Uitvoeringsbeschikking dividendbelasting 1965.

Artikel X

Wijzigt de Uitvoeringsregeling bronbelasting 2021.

Artikel XI

Wijzigt de Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting.

Artikel XII

Artikel 5 van de Uitvoeringsregeling schenk- en erfbelasting zoals dat luidde op 31 december 2022 blijft van toepassing op een schenking als bedoeld in artikel 33a, eerste of tweede lid, van de Successiewet 1956 zoals dat luidde op 31 december 2022:

Artikel XIII

Wijzigt de Uitvoeringsbeschikking omzetbelasting 1968.

Artikel XIV

Wijzigt de Uitvoeringsregeling belasting van personenauto's en motorrijwielen 1992.

Artikel XV

Wijzigt de Uitvoeringsregeling motorrijtuigenbelasting 1994.

Artikel XVI

Wijzigt de Algemene douaneregeling.

Artikel XVII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling accijns.

Artikel XVIII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling accijns.

Artikel XIX

Wijzigt de Uitvoeringsregeling accijns.

Artikel XX

In de periode van 1 juli 2023 tot en met 17 januari 2024 is toegestaan dat halfzware olie of gasolie die wordt ingevoerd of uitgeslagen uit een accijnsgoederenplaats een mengsel bevat van Solvent Yellow 124 en ACCUTRACE™ PLUS met butoxybenzeen als herkenningsmiddelen als bedoeld in artikel 1a, derde lid, van de Wet op de accijns. De verhouding per 1.000 L is:

Artikel XXI

Wijzigt de Uitvoeringsregeling accijns.

Artikel XXII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling accijns.

Artikel XXIII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994.

Artikel XXIV

Artikel 42a van de Uitvoeringsregeling Algemene wet inzake rijksbelastingen 1994 zoals dat luidde op 30 mei 2021 blijft van toepassing op goederen die vóór 1 januari 2023 zijn besteld en zijn gefactureerd met toepassing van het tarief van nihil.

Artikel XXV

Wijzigt de Uitvoeringsregeling Belastingdienst 2003.

Artikel XXVI

Wijzigt de Regeling aanwijzing rechtsgebieden Common Reporting Standard.

Artikel XXVII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.

Artikel XXVIII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling inleners-, keten- enopdrachtgeversaansprakelijkheid 2004.

Artikel XXIX

Wijzigt de Uitvoeringsregeling verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken.

Artikel XXX

Wijzigt de Uitvoeringsregeling Belastingwet BES.

Artikel XXXI

Wijzigt de Regeling werkkleding 2001 BES.

Artikel XXXII

Wijzigt de Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES.

Artikel XXXIII
1.

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2023, met dien verstande dat:

2.

In afwijking van het eerste lid, treedt artikel II in werking met ingang van 1 januari 2024 en treden artikel XIV, onderdeel C, onder 2, en artikel XIV, onderdeel D, in werking met ingang van 1 juli 2023.

3.

In afwijking van het eerste lid treedt artikel XV in werking met ingang van de dag dat artikel V, onderdeel A, van de Wet van 14 december 2006 houdende wijziging van enkele belastingwetten ter vermindering van administratieve lasten (Stb. 2006, 681) in werking treedt.

Handelende wat artikel 3.34 van de Wet inkomstenbelasting 2001 betreft, in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en Klimaat;

Gelet op de artikelen 3.34, 3.104, 6.17 en 6.26 van de Wet inkomstenbelasting 2001, de artikelen 6, 8, 10a, 12a, 13, 25, 26, 27b, 28, 28a, 32a, 33 en 38p van de Wet op de loonbelasting 1964, artikel 12 van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965, de artikelen 13ab, 15e en 17 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, de artikelen 4 en 10a van de Wet op de dividendbelasting 1965, de artikelen 1.2 en artikel 2.1 van de Wet bronbelasting 2021, artikel 33a van de Successiewet 1956, de artikelen 8, 10 en 14a van de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992, artikel 15 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994, de artikelen 2:1, 6:1 en 10:11 van de Algemene douanewet, de artikelen 1a, 71, 73, 78 en 84b van de Wet op de accijns, de artikelen 2, 3, 19, 30ia en 62 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, de artikelen 2, 19, 25, 26, 34 en 35 van de Invorderingswet 1990, artikel 33 van de Wet op de verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken, de artikelen 4.4, 6.10, 6.11 en 8.21 van de Belastingwet BES, de artikelen 3.72 en 3.142 van de Douane- en Accijnswet BES, artikel 9c van de Wet inkomstenbelasting BES en artikel 6c van de Wet loonbelasting BES;

Besluit: