Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 2 december 2022, nr. MinBuZa.2022.14751-39, tot vaststelling van beleidsregels voor het doen van schenkingen met het oog op de financiering van ontwikkelingsrelevante infrastructuurprojecten in ontwikkelingslanden (DRIVE 2023)
Gelet op de artikelen 4.1 jo. 2.14 van de Comptabiliteitswet 2016;
Besluit:
Artikel 1
Voor het doen van schenkingen aan overheidsorganen in ontwikkelingslanden met het oog op de financiering van ontwikkelingsrelevante infrastructuurprojecten gelden de als bijlage bij dit besluit gevoegde beleidsregels.
Artikel 2
Voor de toepassing van dit besluit is vanaf het tijdstip van inwerkingtreding tot en met 31 december 2023 een budget van EUR 150 miljoen beschikbaar.
Artikel 3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 januari 2028, met dien verstande dat het van toepassing blijft op schenkingen op grond van de in de bijlage opgenomen beleidsregels van voor die datum.
Beleidsregels DRIVE 2023
Paragraaf 1. – Definities
In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
Schenkingsarrangement: Een arrangement tussen Invest International Public Programmes BV (hierna: Invest) namens de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (de Minister) en de ontvangende overheid in het buitenland waarin de concrete voorwaarden voor en de afspraken over de op grond van deze beleidsregels verstrekte schenking zijn vastgesteld. Onderdeel van het schenkingsarrangement is een in de loop van het project nader uit te werken implementatieplan, waarin onder meer het project nader staat beschreven en waarin haalbaarheidsstudies (inclusief Environmental and Social Impact Assessment, ESIA), project- en financieringsplan zijn opgenomen voor de implementatie van het project.
Ontvangende overheid: Het deel van de centrale overheid welke in het schenkingsarrangement is aangewezen als begunstigde van de schenking; de ontvangende overheid is in bestuurlijke en/of financiële zin hoofdverantwoordelijk voor het betreffende project.
Bevoegd gezag: Het bestuursorgaan, het overheidsbedrijf of de exploitatiemaatschappij, die door de centrale overheid is aangewezen als te zijn bevoegd om over de betreffende publieke infrastructuur te beschikken. Het bevoegd gezag kan in verschillende fasen van het project door verschillende partijen worden gevormd en kan ook de centrale overheid zijn.
Project: Een project betreft de realisatie van publieke infrastructuur en omvat zowel de implementatie als de operation and maintainancedaarvan, die met behulp van een DRIVE-bijdrage tot stand komt in een land van de DRIVE landenlijst (zie bijlage 1).
Paragraaf 2. – Beleidscontext & Doelstelling
Paragraaf 3. – Voortraject
Er zijn diverse trajecten waarlangs een projectvoorstel bij Invest terecht kan komen. Wel is in alle gevallen nodig de bevestiging namens de beoogde ontvangende overheid dat er interesse is in het project. Voor het vervolgtraject is een nadere uitwerking namens de beoogde ontvangende overheid nodig, inclusief een concreet financieringsverzoek. Ook deze uitwerking is vormvrij maar dient in te gaan op onderdelen van een kansrijk projectvoorstel. In dit voortraject voor een schenkingsarrangement wordt een projectvoorstel geleid via daartoe opgezette commissie(s) binnen Invest.
Paragraaf 4. – Uitvoering
De Minister draagt de uitvoering van deze beleidsregels op aan Invest en heeft Invest daartoe een passend mandaat en volmacht verstrekt. Invest werkt bij de toepassing van deze beleidsregels onder verantwoordelijkheid van de Minister. Invest is een 100% dochter van Invest International. Invest International is een privaatrechtelijke organisatie waarvan het Ministerie van Financiën 51% van de aandelen bezit.
Uitvoering van DRIVE door Invest betreft de taak neergelegd in art. 4, lid 1, sub d, van de Machtigingswet Invest International: “het krachtens een daartoe door Onze Minister verleende volmacht verrichten van rechtshandelingen en daarmee samenhangende werkzaamheden met het oog op het ten laste van de begroting van Onze Minister verstrekken van financiële middelen aan overheidsorganen in ontwikkelingslanden en aan organisaties, anders dan als betaling voor aan Onze Minister geleverde goederen of diensten.” Op grond van deze wet dient Invest bij het uitvoeren van DRIVE te bewaken dat regels m.b.t. staatssteun nageleefd worden en dat de diensten van Invest als publieke financiële instelling additioneel zijn aan de markt.
Eventuele door Invest op te stellen nadere uitvoeringskaders passen binnen deze beleidsregels en worden afgestemd met het Ministerie van Buitenlandse Zaken, inclusief de wijze waarop Invest bekendheid zal geven aan dergelijke uitvoeringskaders.
Paragraaf 5. – Vereisten waaraan een project moet voldoen
Projecten als bedoeld in deze beleidsregels dienen bij te dragen aan de realisatie van publieke infrastructuur die uiteindelijk voldoen aan de volgende vereisten:
5.1. Landenlijst, schenkingspercentage, additionaliteit
Het project wordt aangelegd in een van de landen op de lijst opgenomen in de bij deze beleidsregels behorende bijlage 1. Bij wijze van uitzondering en om gegronde redenen (bijv. kans om een innovatieve groene oplossing voor infrastructuur toe te passen) kan afgeweken worden van deze lijst. Hierbij geldt dat ten minste 80% van de committeringen gedurende de looptijd van deze beleidsregels worden gedaan ten behoeve van de aanleg van projecten in de landenlijst (bijlage 1). Langs die weg zal maximaal 20% van de committeringen gedurende de looptijd van deze beleidsregels kunnen worden ingezet ten behoeve van de aanleg van projecten in landen buiten de landenlijst, mits het gaat om ODA-landen conform de OESO DAC.
De financieringsmogelijkheden vanuit DRIVE zijn bedoeld voor middelgrote infrastructuurprojecten. De maximale schenking per project bedraagt EUR 75 mln. waarbij de maximale gemiddelde schenking gedurende de looptijd van deze beleidsregels EUR 50 mln. bedraagt.
DRIVE verleent een schenking tot maximaal 50% van het projectbudget, zijnde de totale kosten voor de uitvoering van het project (exclusief financieringskosten). Deze beperking geldt niet voor de situatie van DRIVE bekostiging van de meerkosten van een groene infra-oplossing (zie par 2.5) en de bekostiging van een viability gap (zie par 5.5).
Bovenop de genoemde 50% kan DRIVE ook de financieringskosten voor rekening nemen. Financieringskosten omvatten eenmalige kosten (dus niet reguliere kosten zoals rentebetalingen) die gemaakt worden om zowel de kredietverschaffer als de kredietnemer beter in staat te stellen te komen tot een leningsovereenkomst. Een kredietverschaffer vraagt vaak om verzekering voor fabricage-, commerciële en of politieke risico’s. Een kredietnemer kan bijv. vragen om dekking van valutarisico’s.
Bij het vaststellen van het schenkingspercentage wordt niet in strijd gehandeld met OESO-regels m.b.t. concessionele financiering.
De te verstrekken middelen via het schenkingsarrangement zijn additioneel aan de markt en concurreren niet met bestaande commerciële financiers (geen ‘crowding-out’ effecten).
5.2. Ontwikkelingsrelevantie
Het projectvoorstel wordt getoetst op ontwikkelingsrelevantie, waarbij de projectinformatie en de lokale context worden betrokken.
Projectvoorstellen worden wat betreft ontwikkelingsrelevantie beoordeeld op basis van onderstaande doelstellingen. Daarbij geldt dat de score op elk van de doelstellingen tenminste voldoende moet zijn.
5.3. Programmatische samenhang
Er is in het project sprake van een programmatische aanpak door:
5.4. Internationaal Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (IMVO)
Het Project wordt uitgevoerd met in achtneming van de IFC Environmental and Social Performance Standards en de OESO-richtlijnen voor Multinationale Ondernemingen.
Het bevorderen van de naleving van de OESO IMVO-richtlijnen is een vereiste van DRIVE. Daarom is van belang dat bij de inzet van DRIVE-middelen binnen het project en door de betrokken en uitvoerende partijen, met name contractanten, deze OESO richtlijnen worden opgevolgd. Deze richtlijnen gaan in op arbeid(somstandigheden), belastingen, consumentenbelangen, corruptiebestrijding, informatieverstrekking, mededinging, mensenrechten, milieu, uitgangspunten & ketenbeheer, wetenschap & technologie. Het schenkingsarrangement zal derhalve een afspraak bevatten waarin de ontvangende overheid akkoord gaat met de naleving van deze richtlijnen voor ontwikkeling en uitvoering van het project. Op grond daarvan zullen de richtlijnen onderdeel moeten zijn van aanbestedingen voor het project.
In het kader van DRIVE zullen geen activiteiten worden gefinancierd die op de Invest International uitsluitingslijst worden genoemd; zie hiervoor www.investinternational.nl. Voor evt. aanpassing van deze lijst stemt Invest dit af met de Minister.
5.5. Aanbesteding en gunning
Inkoop van goederen, werken en diensten in het kader van het project waarop de DRIVE-aanvraag betrekking heeft zal op een transparante en competitieve wijze plaatsvinden, in overeenstemming met de wetgeving van de ontvangende overheid en de OESO Good Procurement Practices for Official Development Assistance. Tevens moeten de aanbestedingsprocedures voorzien in beoordeling op kwaliteits- en duurzaamheidsaspecten. De ontvangende overheid bepaalt samen met Invest per project de meest geschikte wijze van aanbesteding en gunning om optimale impact en een efficiënte totstandkoming van de beoogde publieke infrastructuur tot stand te brengen.
Bij aanbestedingsprocedures in landen waarvoor dit volgens de OESO-DAC Recommendation on Untying ODA is toegestaan2Middeninkomenslanden komen in aanmerking voor een gebonden aanbestedingsprocedure tenzij zij in de categorie Heavily Indebted Poor Countries (HIPCs) en IDA-only countries and territories vallen. Voor de actuele lijst zie: ODA recipients: countries, territories, and international organisations | OECD kan door het ontvangende land gekozen worden voor een gebonden aanbestedingsprocedure, in lijn met de OESO-regelgeving en WTO regelgeving, indien dit juridisch is toegestaan in het desbetreffende land.
Invest International kan bij aanbestedingsprocedures in landen waarvoor dit volgens de OESO-DAC Recommendation on Untying ODA is toegestaan, het ontvangende land verzoeken te kiezen voor een gebonden aanbestedingsprocedure, in lijn met de OESO-regelgeving en WTO regelgeving. In een dergelijke gebonden aanbestedingsprocedure dient de voorwaarde te worden opgenomen, dat een nader te bepalen percentage van ten minste 35% van de aanbesteding ten goede komt aan de Nederlandse economie (berekend aan de hand van de Atradius DSB-methodologie)3Bijdrage aan de Nederlandse economie wordt berekend op basis van 1. Directe manuren 2. Overhead 3. Afschrijvingen 4. Financieringskosten 5. Toeleveringen door derden 6. Winst voor de volledige methode zie: NATIONAAL BESTANDDEEL.
Als het van toegevoegde waarde is voor de ontwikkelingsimpact van een project kan van internationale aanbestedingsprocedures worden afgeweken. Gunning vindt idealiter plaats op basis van de beste prijs-kwaliteitverhouding, waarbij aspecten als value for money en life cycle costeen rol krijgen. Daarbij wordt indien gewenst aanbesteed op basis van concept design in plaats van detailed design, en worden contractvormen als design and build, design, build and maintenance of design, build, finance and maintenanceoverwogen.
In de contracten worden eisen gesteld aan ecologische en sociale duurzaamheid, impact op duurzame economische ontwikkeling en IMVO; zie ook par. 5.4.
Invest toetst de wijze waarop beoordeling van offertes op value-for-money wordt gewaarborgd.
Paragraaf 6. – Uitvoering van het project
6.1. Implementatieplan
Een schenkingsarrangement zal ook afspraken bevatten over de uitwerking van een implementatieplan. Nadat het schenkingsarrangement is getekend wordt het implementatieplan verder uitgewerkt door de partijen bij het schenkingsarrangement en kan het project van start gaan. Het implementatieplan reguleert o.a. de inkoop (zie 6.2) en zal bepalen hoe het toezicht op de implementatie wordt geregeld. In veel gevallen zal het toezicht op naleving van het uitvoeringscontract (c.q. het contract tussen de ontvangende overheid en de aannemer die het project ten uitvoering brengt) worden uitgeoefend door een (onafhankelijke) engineer of employers representative, die zal rapporteren aan het bevoegd gezag en aan Invest (en de andere financiers).
6.1. Implementatieplan
Een schenkingsarrangement zal ook afspraken bevatten over de uitwerking van een implementatieplan. Nadat het schenkingsarrangement is getekend wordt het implementatieplan verder uitgewerkt door de partijen bij het schenkingsarrangement en kan het project van start gaan. Het implementatieplan reguleert o.a. de inkoop (zie 6.2) en zal bepalen hoe het toezicht op de implementatie wordt geregeld. In veel gevallen zal het toezicht op naleving van het uitvoeringscontract (c.q. het contract tussen de ontvangende overheid en de aannemer die het project ten uitvoering brengt) worden uitgeoefend door een (onafhankelijke) engineer of employers representative, die zal rapporteren aan het bevoegd gezag en aan Invest (en de andere financiers).
Tijdens het inkoopproces zullen de afzonderlijke stappen aan Invest worden voorgelegd om een verklaring van geen bezwaar voor de gunning af te geven (zogeheten sono-procedure).
6.3. Toezicht gedurende de uitvoering van het project
Tijdens het inkoopproces zullen de afzonderlijke stappen aan Invest worden voorgelegd om een verklaring van geen bezwaar voor de gunning af te geven (zogeheten sono-procedure).
6.3. Toezicht gedurende de uitvoering van het project
Kwalitatief toezicht op de uitvoering van het project is essentieel. Toezicht houdt in dit verband in: toezicht op de uitvoering, kwaliteitscontrole op de uitvoering en voortgangscontrole op de uitvoering van het project, inclusief daarin gestelde milieu en sociale vereisten. De ontvangende overheid dient er daarom op toe te zien dat er kwalitatief toezicht op de uitvoering van het project plaatsvindt. Toezicht vindt bij voorkeur plaats door een onafhankelijke derde partij.
6.4. Eindverantwoording
De ontvangende overheid is verplicht binnen zes maanden na voltooiing van de werkzaamheden zoals vastgelegd in het schenkingsarrangement in het kader van het project bij Invest een eindverantwoording in te dienen waaruit inhoudelijk en financieel een goed beeld van de gehele projectuitvoering kan worden gevormd.
Paragraaf 7. – Co-financiering
In het schenkingsarrangement kunnen afspraken worden gemaakt over samenwerking en cofinanciering met multilaterale ontwikkelingsbanken.
Invest keurt geen activiteiten of documenten goed, maar geeft slechts in voorkomende gevallen, zoals in relatie tot inkoop (zie paragraaf 6.2) een verklaring van geen bezwaar af. Acceptatie door Invest van activiteiten en documenten met betrekking tot het project door middel van een dergelijke verklaring heeft slechts een betekenis in relatie tot de verstrekking van de schenking.
De ontvangende overheid is verantwoordelijk voor de uitvoering van het project.
Paragraaf 9. – Monitoring en evaluatie
De Minister draagt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid tegenover een derde partij voor projecten of activiteiten die zijn uitgevoerd voortvloeiend uit een schenkingsarrangement.
Paragraaf 9. – Monitoring en evaluatie
Ten behoeve van het monitoren en evalueren van de werking van de beleidsregels en de bereikte resultaten en doelstellingen zal Invest de daartoe benodigde gegevens bij de ontvangende overheid op kunnen vragen. Deze kunnen worden openbaar gemaakt in het kader van de rapportage door Nederland aan de IATI (International Aid Transparency Initiative). Een daartoe strekkende verplichting zal in het schenkingsarrangement worden vastgelegd.
Paragraaf 10. – Notificatie
De ontvangende overheid dient haar volledige medewerking te verlenen aan de notificatieverplichtingen bij de OESO die rusten op de Minister en tijdig alle daartoe benodigde informatie aan Invest te verschaffen. Dit houdt tevens in dat de ontvangende overheid c.q. het bevoegd gezag dezelfde verplichting ook oplegt aan de door haar in te schakelen opdrachtnemers, aannemers en andere contractueel bij het project betrokken private partijen. Dit wordt vastgelegd in het schenkingsarrangement.
Paragraaf 11. – Geschillen
In het schenkingsarrangement worden afspraken opgenomen over beslechting van eventuele geschillen. Indien enig geschil ontstaat tussen enerzijds de Minister en anderzijds de ontvangende overheid over de interpretatie, toepassing of implementatie van het Schenkingsarrangement dat niet in der minne kan worden opgelost, kan elk der participanten de andere participant uitnodigen tot beslechting van het geschil onder de ‘Permanent Court of Arbitration Optional Conciliation Rules’, zoals die gelden ten tijde van de datum van het aangaan van het betreffende Schenkingsarrangement. Het aantal bemiddelaars wordt bepaald op een (1).
Paragraaf 12. – Rangorde der documenten
Indien in deze beleidsregels wordt verwezen naar documenten waarin internationale beleidsafspraken zijn vastgelegd, waarvan na de inwerkingtreding van deze faciliteit één of meer nieuwere versies zijn vastgesteld, is in beginsel voor DRIVE steeds de meest recente versie van toepassing, voor zover deze ook door de Minister is geaccordeerd. In geval van strijdigheid tussen de op een schenking van toepassing zijnde documenten prevaleert het document in de volgende rangorde:
Angola
Algerije
Angola
Bangladesh
Benin
Burkina Faso
Burundi
Colombia
Democratische Republiek Congo
Egypte
Ethiopië
Ghana
India
Indonesië
Irak
Ivoorkust
Jordanië
Kenia
Libanon
Libië
Mali
Marokko
Moldavië
Mozambique
Niger
Nigeria
Oeganda
Oekraïne
Palestijnse Gebieden
Rwanda
Senegal
Soedan
Somalië
Suriname
Tanzania
Tsjaad
Tunesië
Vietnam
Zimbabwe
Dit besluit zal met de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.
⋯
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.