Beleidsregel quota publieke media-instellingen 2023

Type ZBO-regeling
Publication 2023-02-18
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 2.115 tot en met 2.123 van de Mediawet 2008 en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht,

Besluit:

I. Begripsbepalingen en reikwijdte

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

Artikel 2. Europese producties
1.

Een producentals bedoeld in artikel 1, derde en vierde lid, van de Richtlijn wordt geacht in een lidstaat gevestigd te zijn indien zijn onderneming aldaar permanent is gevestigd en over vast personeel beschikt dat zich zowel met productie- als commerciële activiteiten in de Europese Unie bezighoudt.

2.

Indien niet bekend is welke producent een productie tot stand heeft gebracht, wordt onder producentmede verstaan de distributeur van de productie. In dat geval wordt de lidstaat waarin de distributeur is gevestigd aangemerkt als de lidstaat waarin de producent is gevestigd.

3.

Het tweede lid is slechts van toepassing indien de media-instelling die de productie heeft verspreid, naar genoegen van het Commissariaat heeft aangetoond dat zij zich voldoende heeft ingespannen om de relevante gegevens over de producent van de productie te achterhalen.

Artikel 3. Onafhankelijke producties
1.

In aansluiting op artikel 2.120, eerste lid, van de wet wordt als onafhankelijke productiemede aangemerkt:

2.

Niet als onafhankelijke productiewordt aangemerkt:

II. Europese producties

Artikel 4. Berekeningswijze aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties programmakanalen
1.

Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties op programmakanalen als bedoeld in de artikelen 2.115 tot en met 2.120, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal per kalenderjaar, daarvan uitgezonderd het media-aanbod als bedoeld in artikel 2.121 van de wet.

2.

Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese, onafhankelijke en recente producties, als bedoeld in het eerste lid, worden herhalingen van programma’s meegeteld.

Artikel 5. Berekeningswijze aandeel Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag
1.

Voor de vaststelling van het behaalde aandeel Europese per aanbodkanaal dat kwalificeert als een mediadienst op aanvraag als bedoeld in artikel 2.115, tweede lid, van de wet wordt uitgegaan van het aantal Europese titels in de desbetreffende catalogus, afgezet tegen het totaal aantal titels in de catalogus.

2.

Als titel wordt in ieder geval aangemerkt een film en een seizoen van een serie. Een aflevering van een serie kan als titel worden aangemerkt indien deze vergelijkbaar is met een film.

Artikel 6. Aandacht Europese producties audiovisuele mediadiensten op aanvraag

Het onder de aandacht brengen van Europese producties als bedoeld in artikel 2.115, derde lid, van de wet kan onder meer worden verzekerd door:

Artikel 7. Ontheffing aandeel Europese producties lage omzet en klein publiek
1.

De verplichting voor het behalen van het aandeel Europese producties en het onder de aandacht brengen daarvan als bedoeld in artikel 2.115, tweede en derde lid, van de wet geldt niet voor aanbieders van audiovisuele mediadiensten op aanvraag op aanbodkanalen met een lage omzetof een klein publiek.

2.

Als lage omzetwordt aangemerkt een jaaromzet tot twee miljoen euro.

3.

Als klein publiekwordt aangemerkt een aandeel gebruikers van minder dan 1% ten opzichte van het veronderstelde aantal potentiële gebruikers van audiovisuele mediadiensten op aanvraag. Voor het aantal veronderstelde potentiële gebruikers van audiovisuele mediadiensten op aan- vraag, wordt uitgegaan van 80% van de Nederlandse bevolking.

4.

Om voor de toepassing van het eerste lid in aanmerking te komen, dient de aanbieder van de audiovisuele mediadienst op aanvraag voor het aanbodkanaal een verzoek om een ontheffing in bij het Commissariaat. Bij het verzoek om een ontheffing dient alle relevante informatie op grond waarvan een besluit kan worden genomen te worden gevoegd.

Artikel 8. Ontheffing Europese producties audiovisueel media-aanbod op aanvraag
1.

Ontheffingen van het aandeel Europese producties voor aanbieders van audiovisueel media- aanbod op aanvraag per aanbodkanaal als bedoeld in artikel 2.115, tweede en derde lid, van de wet kunnen worden verleend indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat naleving gelet op de aard of het onderwerp van deze mediadienst op aanvraag praktisch onhaal- baar of ongerechtvaardigd zou zijn.

2.

Bij de vaststelling of sprake is van een geval als bedoeld in het eerste lid, kunnen in ieder geval de aard van de mediadienst op aanvraag, de programmering, de doelgroep, het niet voldoende kunnen verkrijgen van rechten voor Europese producties en bijzondere economische omstandig- heden worden betrokken.

3.

Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het tweede lid worden genoemd, sprake is van een geval waarin ten aanzien van een media- dienst op aanvraag op een aanbodkanaal niet kan worden verlangd dat aan het aandeel Europese producties wordt voldaan, kan het aandeel genoemd in artikel 2.115, tweede lid, van de wet lager worden vastgesteld zolang het format van het aanbodkanaal niet wijzigt.

4.

Het verzoek om ontheffing dient, voorzien van een onderbouwing, te worden ingediend bij het Commissariaat.

III. Nederlands- of Friestalige producties

Artikel 9. Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties

Als oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige productiesals bedoeld in artikel 2.122, eerste lid van de wet wordt mede aangemerkt:

Artikel 10. Berekeningswijze aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties programmakanalen

Voor de vaststelling van het behaalde aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties, als bedoeld in artikel 2.122, eerste lid, van de wet wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal en per kalenderjaar met uitzondering van het programma-aanbod als bedoeld in artikel 2.122, tweede lid, van de wet. Herhalingen van programma’s worden meegeteld.

Artikel 11. Ontheffing oorspronkelijk Nederlands- en Friestalige producties programmakanalen
1.

Ontheffingen van het aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties voor programma-aanbod als bedoeld in artikel 2.122, derde lid, van de wet kunnen in bijzondere gevallen ten aanzien van een bepaald programmakanaal geheel of gedeeltelijk worden verleend.

2.

Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval bedoeld in het eerste lid, kunnen in ieder geval de aard van het programmakanaal, de programmering, de doelgroep, bijzondere economi- sche omstandigheden en het territoriale bereik van het programmakanaal worden betrokken.

3.

Indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat, gelet op de omstandigheden die in het derde lid worden genoemd, sprake is van een geval waarin ten aanzien van een programma- kanaal niet kan worden verlangd dat aan het aandeel oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige producties wordt voldaan als bedoeld in het tweede lid, kan het percentage genoemd in artikel 2.122, eerste lid, van de wet lager of op nul worden vastgesteld zolang het format van het programmakanaal niet wijzigt.

4.

Het verzoek om ontheffing dient, voorzien van een onderbouwing, te worden ingediend bij het Commissariaat.

Artikel 12. Ondertiteling oorspronkelijk Nederlandstalige producties programmakanalen

Als oorspronkelijk Nederlandstalige producties die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van personen met een auditieve beperking zoals bedoeld in artikel 15 van het besluit, worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige producties:

Artikel 13. Berekeningswijze percentage ondertiteling landelijke publieke mediadiensten
1.

Voor de vaststelling van het percentage ondertiteling, bedoeld in artikel 15 van het besluit, wordt uitgegaan van het totale programma-aanbod per programmakanaal en per kalenderjaar besteed aan producties die kunnen worden aangemerkt als oorspronkelijk Nederlandstalige producties zoals bedoeld in artikel 12 van deze beleidsregel.

2.

Voor de vaststelling van het behaalde percentage ondertiteling worden herhalingen van program- ma’s meegeteld.

3.

Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid wordt het programma-aanbod bestaande uit producties die in de Nederlandse taal zijn ingesproken én in het bijzonder bestemd zijn voor kinderen jonger dan 8 jaar buiten beschouwing gelaten.

4.

Voor de vaststelling van het totale programma-aanbod genoemd in het eerste lid worden afzonderlijke videoclips buiten beschouwing gelaten.

Artikel 14. Ontheffing percentage ondertiteling programmakanalen
1.

Ontheffing van het percentage ondertiteling van oorspronkelijk Nederlandstalige producties voor programma-aanbod van de landelijke publieke mediadiensten als bedoeld in artikel 2.123, tweede lid, van de wet kunnen geheel of gedeeltelijk worden verleend indien naar genoegen van het Commissariaat is aangetoond dat sprake is van een bijzonder geval.

2.

Bij de vaststelling of sprake is van een bijzonder geval als bedoeld in het eerste lid, kan onder andere de (tijdelijke) technische onmogelijkheid voor het verzorgen van ondertiteling in aanmer- king worden genomen.

IV. Rapportageverplichting en inhoud verslag

Artikel 15. Rapportageverplichting quota
1.

De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 juni over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van de artikelen 2.115, eerste lid, 2.116, 2.119, 2.122, eerste lid en 2.123, eerste lid, van de wet op de programmakanalen van de landelijke publieke mediadienst, daarbij inbegrepen de themakanalen van de NPO.

2.

De NPO brengt eenmaal per jaar voor 1 juni over het voorafgaande jaar verslag uit aan het Commissariaat over de naleving van artikel 2.115, tweede lid, van de wet op de aanbodkanalen van de NPO.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.