Besluit van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 28 maart 2023, nr. 33945522, houdende instelling van de Adviescommissie tot benoeming van leden van de Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog
Gelet op artikel 2 van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en artikel 4 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies;
Besluit:
Artikel 1. Begripsbepalingen
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
b. de Restitutiecommissie:Adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog;
c. de commissie:Adviescommissie benoeming leden van de Restitutiecommissie.
Artikel 2. Instelling en taak
Er is een commissie die tot taak heeft de minister te adviseren over de benoeming van leden van de Restitutiecommissie.
De commissie doet op verzoek van de minister een benoemingsvoorstel, uitgaande van de gewenste samenstelling van de Restitutiecommissie en op basis van profielschetsen voor de verschillende functies. De commissie neemt daarbij het relevante wettelijke kader in acht.
Artikel 3. Leden
Tot de leden van de commissie worden benoemd:
- a. Mevrouw mr. H. Troostwijk (tevens voorzitter)
- b. De heer drs. V. G. Moolenaar
- c. De heer prof. dr. Stolwijk
Bij het ontstaan van tussentijdse vacatures in de commissie benoemt de minister nieuwe leden.
Artikel 4. Werkwijze en vergoeding
De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.
De leden en de voorzitter van de commissie ontvangen voor het bijwonen van vergaderingen en overige bijeenkomsten in het kader van hun werkzaamheden vacatiegelden overeenkomstig artikel 2 van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies. Voorts ontvangen zij voor hun werkzaamheden vergoeding van reis- en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenland.
Artikel 5. Ondersteuning commissie
De commissie wordt ondersteund door een secretariaat.
Het secretariaat is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie.
In het secretariaat wordt voorzien door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Artikel 6. Archiefbescheiden
De commissie draagt zo spoedig mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden de archiefbescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Artikel 7. Instellingsduur
De commissie wordt benoemd met ingang van 1 april voor de duur van drie jaren.
Artikel 8. Inwerkingtreding
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Dit besluit vervalt met ingang van 1 januari 2027
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en in afschrift worden gezonden aan betrokkenen.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.