Wet van 3 juni 2023, houdende regels aangaande een tijdelijke uitwisseling van persoonsgegevens ter identificering van de ouders die gedupeerd zijn als gevolg van problemen bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag en geconfronteerd zijn met uithuisplaatsing van kinderen (Tijdelijke wet uitwisseling persoonsgegevens UHP KOT)

Type Wet
Publication 2023-07-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om regels te stellen over een tijdelijke uitwisseling van persoonsgegevens van de bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag gedupeerde ouders en hun uithuisgeplaatste kinderen en deze regels onder te brengen in één wet;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze wet wordt verstaan onder:

Artikel 2. Taak en doel verstrekken en verwerken van persoonsgegevens
1.

Onze Minister heeft, ten behoeve van de in het tweede lid bedoelde doelen, tot taak:

2.

Deze wet strekt ertoe de volgende doelen voor verwerking en verstrekking van persoonsgegevens vast te stellen:

Artikel 3. Verstrekken persoonsgegevens door de Belastingdienst/Toeslagen aan Onze Minister

De Belastingdienst/Toeslagen verstrekt aan Onze Minister de burgerservicenummers, namen, geboortedata, geslacht en adresgegevens van de gedupeerde aanvragers van een kinderopvangtoeslag en hun kinderen, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, genoemde doelen.

Artikel 4. Verstrekken persoonsgegevens door de raad voor de kinderbescherming, de Raad voor de rechtspraak en de gerechten aan Onze Minister
1.

De raad voor de kinderbescherming verstrekt aan Onze Minister de burgerservicenummers, namen, geboortedata, geslacht en adresgegevens van de kinderen waarvoor een verzoek tot uithuisplaatsing is gedaan en de uithuisgeplaatste kinderen, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, genoemde doelen.

2.

De Raad voor de rechtspraak en de gerechten verstrekken aan Onze Minister de burgerservicenummers, namen, geboortedata, geslacht en adresgegevens van de kinderen waarvoor een verzoek tot uithuisplaatsing is gedaan en de uithuisgeplaatste kinderen, en de door de gerechten ten behoeve van die kinderen aangemaakte zaaknummers, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, genoemde doelen.

Artikel 5. Totstandkoming lijsten van UHP KOT-kinderen en UHP KOT-ouders door Onze Minister
1.

Onze Minister draagt zorg voor een lijst van UHP KOT-kinderen en een lijst van UHP KOT-ouders, door de op grond van artikel 3 van de Belastingdienst/Toeslagen ontvangen persoonsgegevens te koppelen aan de op grond van artikel 4 van de raad voor de kinderbescherming en de Raad voor de rechtspraak en de gerechten ontvangen persoonsgegevens, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, genoemde doelen.

2.

De lijst van UHP KOT-ouders bestaat uit de burgerservicenummers, namen, geslacht en adresgegevens van de UHP KOT-ouders.

3.

De lijst van UHP KOT-kinderen bestaat uit de burgerservicenummers en geboortedata van de UHP KOT-kinderen.

Artikel 6. Verstrekken lijst van UHP KOT-kinderen door Onze Minister aan de organisaties
1.

Onze Minister verstrekt aan de gecertificeerde instellingen de lijst van UHP KOT-kinderen, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, onderdelen a, c en d, genoemde doelen.

2.

Onze Minister verstrekt aan de raad voor de kinderbescherming, de Raad voor de rechtspraak en de gerechten de lijst van UHP KOT-kinderen, ten behoeve van de in artikel 2, tweede lid, onderdelen c en d, genoemde doelen.

3.

Onze Minister verstrekt de lijst van UHP KOT-kinderen aan de in het eerste en tweede lid genoemde organisaties tenminste zes weken na het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders.

4.

Onze Minister kan de lijst van UHP KOT-kinderen verstrekken aan een instelling of dienst, ten behoeve van het in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, genoemde doel.

Artikel 7. Commissie onderzoek uithuisplaatsingen in relatie tot de toeslagenaffaire
1.

Onze Minister verstrekt aan de commissie de lijst van UHP KOT-ouders en de lijst van UHP KOT-kinderen, ten behoeve van het in artikel 2, tweede lid, onderdeel d, genoemde doel. Onze Minister verstrekt de lijst van UHP KOT-ouders en de lijst van UHP KOT-kinderen aan de commissie tenminste zes weken na het doen van een ondersteuningsaanbod aan de UHP KOT-ouders.

2.

De raad voor de kinderbescherming en de gecertificeerde instelling geven, op verzoek van de commissie, aan de commissie of aan de instelling of dienst waaraan de commissie een verzoek heeft gedaan inzage in het dossier van een UHP KOT-kind, ten behoeve van het uitvoeren van de taak, bedoeld in artikel 2 van het Instellingsbesluit. Op een dergelijk verzoek gedaan aan de Raad voor de rechtspraak of het gerecht kan inzage worden gegeven in het dossier van een UHP KOT-kind. Indien de Raad voor de rechtspraak of het gerecht geen inzage geven in het dossier van een UHP KOT-kind en de commissie of de instelling of dienst waaraan de commissie een verzoek heeft gedaan Onze Minister hiervan op de hoogte stelt, verzoekt Onze Minister de Raad voor de rechtspraak of het gerecht dat geen inzage geeft in het dossier van een UHP KOT-kind om een motivering en informeert Onze Minister de Tweede Kamer van de Staten-Generaal terstond over dit verzoek en de reactie van de Raad voor de rechtspraak of het gerecht.

3.

De verwerkingsverantwoordelijke voor de verwerking van persoonsgegevens door de commissie is de voorzitter van de commissie.

4.

Gelet op artikel 9, tweede lid, aanhef en onder g, en artikel 10 van de Algemene verordening gegevensbescherming mag de commissie of de instelling of dienst waaraan de commissie een verzoek heeft gedaan bijzondere categorieën van persoonsgegevens en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld inartikel 1 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming verwerken indien:

5.

Indien de commissie gegevens over de gezondheid verwerkt, is artikel 30, vierde lid, van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming van overeenkomstige toepassing.

6.

In het eindrapport van de commissie wordt aangegeven op welke wijze de commissie de bijzondere categorieën van persoonsgegevens en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard heeft verwerkt.

7.

In het eindrapport van de commissie worden geen tot personen herleidbare gegevens opgenomen.

Artikel 8. Vernietiging persoonsgegevens UHP KOT-ouders en UHP KOT-kinderen
1.

Onmiddellijk na ontvangst van de op grond van artikel 6, eerste lid, verstrekte lijst van UHP KOT-kinderen, vernietigt de gecertificeerde instelling de persoonsgegevens van de UHP KOT-kinderen waarbij de gecertificeerde instelling niet betrokken is of is geweest.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.