← Geldende tekst · Geschiedenis

Regeling van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 8 september 2023, nr. 4879916, houdende een eenmalige specifieke uitkering voor gemeenten in verband met het treffen van maatregelen ter vermindering van overlast en criminaliteit veroorzaakt door asielzoekers in 2023 en 2024

Geldende tekst a fecha 2023-06-01

Gelet op artikel 17, vijfde lid, van de Financiële-verhoudingswet;

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Specifieke uitkering

De staatssecretaris kan in 2023 op aanvraag van een of meer gemeenten eenmalig een specifieke uitkering verstrekken ten behoeve van het treffen van maatregelen ter vermindering van overlast en criminaliteit veroorzaakt door asielzoekers.

Artikel 3. Aanvraag
1.

Een aanvraag bevat in ieder geval:

2.

De aanvraag heeft betrekking op kosten die zijn gemaakt tussen 1 juni 2023 en 31 december 2024.

3.

De aanvraag wordt voor 1 november 2023 ingediend, met gebruikmaking van een door de staatssecretaris ter beschikking gesteld digitaal aanvraagformulier.

Artikel 4. Hoogte specifieke uitkering en wijze van verstrekking
1.

Voor het verlenen van uitkeringen op grond van artikel 2 is ten hoogste € 2.000.000 beschikbaar. Artikel 4:25, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.

2.

Elke gemeente met minimaal 1.500 opvangplekken volgens de Bestuursovereenkomt met het COA kan maximaal € 200.000 inclusief BTW aan specifieke uitkering ontvangen.

3.

Elke gemeente met minimaal 1.000 en maximaal 1.499 opvangplekken volgens de Bestuursovereenkomt met het COA kan maximaal € 150.000 inclusief BTW aan specifieke uitkering ontvangen.

4.

Elke gemeente met minder dan 1.000 opvangplekken volgens de Bestuursovereenkomt met het COA kan maximaal € 100.000 inclusief BTW aan specifieke uitkering ontvangen. Dit geldt ook voor gemeenten zonder Bestuursovereenkomst met het COA, maar die wel overlast ervaren van bewoners van opvanglocaties in andere gemeenten.

5.

Indien meerdere gemeenten gezamenlijk een aanvraag indienen, wordt het van toepassing zijnde maximale bedrag aan specifieke uitkering als bedoeld in het tweede of derde lid bij elkaar opgeteld.

6.

De aanvragen die voldoen aan de in artikel 3 genoemde vereisten worden behandeld op volgorde van binnenkomst, waarbij alleen volledige aanvragen in behandeling worden genomen.

Artikel 5. Meldingsplicht

De gemeente die een specifieke uitkering heeft ontvangen is verplicht om onverwijld een schriftelijke melding te doen zodra aannemelijk is dat de activiteiten waarvoor de specifieke uitkering is verleend niet, niet tijdig of niet geheel zullen worden verricht of dat niet, niet tijdig of niet geheel aan de aan de specifieke voorwaarden verbonden verplichtingen als bedoeld in artikel 2 zal worden voldaan.

Artikel 6. Vaststelling en verantwoording
1.

Nadat de staatssecretaris de verantwoordingsinformatie, bedoeld in artikel 17a van de Financiële-verhoudingswet, van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft ontvangen, stelt de staatssecretaris de uitkering binnen 22 weken overeenkomstig de verlening vast.

2.

De staatssecretaris kan de uitkering lager vaststellen, indien:

3.

De gemeenten nemen de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie in acht bij de besteding van de specifieke uitkering.

Artikel 7. Terugvordering

De staatssecretaris kan onverschuldigd uitgekeerde bedragen als bedoeld in artikel 6, tweede lid, terugvorderen.

Artikel 8. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juni 2023.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.