Aanwijzing van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 9 oktober 2023, kenmerk 3696063-1053658-PZo, op grond van artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg inzake de prestatie impactvolle transformaties

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-10-11
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 7 van de Wet marktordening gezondheidszorg;

Na op 26 juni 2023 schriftelijk mededeling te hebben gedaan aan de Eerste en Tweede Kamer der Staten-Generaal (Kamerstukken II 2022/23, 31 765, nr. 792) als bedoeld in artikel 8 van de Wet marktordening gezondheidszorg over het voornemen om een aanwijzing te geven aan de Nederlandse Zorgautoriteit inzake de vaststelling van de prestatiebeschrijving impactvolle transformaties;

Besluit:

Artikel 1. Definities

In deze aanwijzing wordt verstaan onder:

Artikel 2. Werkingssfeer

Deze aanwijzing is van toepassing op zorg of overige diensten als bedoeld in artikel 11, eerste lid, onderdeel a, van de Zorgverzekeringswet.

Artikel 3. Prestatiebeschrijvingen, tarieven en bovengrens
1.

De zorgautoriteit stelt prestatiebeschrijvingen met een vrij tarief vast voor impactvolle transformaties.

2.

De zorgautoriteit kan de prestatiebeschrijvingen met een vrij tarief, bedoeld in het eerste lid, terug laten werken tot en met 1 januari 2023.

3.

De zorgautoriteit stelt voor een impactvolle transformatie slechts prestatiebeschrijvingen vast indien:

4.

De vaststelling van de prestatiebeschrijvingen als bedoeld in het eerste lid vindt plaats op tweezijdige aanvraag van zorgverzekeraars en zorgaanbieders, inclusief een voorstel voor die prestatiebeschrijvingen en een bovengrens.

5.

De zorgautoriteit neemt na 31 december 2028 geen nieuwe tweezijdige aanvraag voor impactvolle transformaties in behandeling.

Artikel 4. Macrobeheersbaarheid
1.

De zorgautoriteit stelt voor elke impactvolle zorgtransformatie voor alle betrokken zorgaanbieders van de betreffende zorg één individuele bovengrens vast als bedoeld in artikel 50, tweede lid, aanhef en onder c van de wet.

2.

Deze bovengrens bepaalt de zorgautoriteit op basis van de tweezijdige aanvraag van zorgverzekeraars en zorgaanbieders met dien verstande dat zij tot ten hoogste voor een bedrag van € 1,961 miljard aan individuele bovengrenzen vaststelt. De € 1,961 miljard omvat ook het ventieldeel. De door de zorgautoriteit vastgestelde bovengrenzen en de geraamde kosten van transformaties die via het ventiel lopen, brengt zij in mindering op genoemd bedrag.

3.

In afwijking van eerder gegeven aanwijzingen aan de zorgautoriteit, maken de tarieven, bedoeld in artikel 3, geen onderdeel uit van geldende macrobeheersinstrumenten.

Artikel 5. Opdracht

De zorgautoriteit stelt ter uitvoering van deze aanwijzing beleidsregels en waar nodig regels vast.

Van deze aanwijzing wordt mededeling gedaan door plaatsing met de toelichting in de Staatscourant.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.