Beleidskader Beperkt Beveiligde Afdeling van het Gevangeniswezen

Type Beleidsregel
Publication 2023-11-02
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Inleiding

Op 17 juni 2018 bood de Minister voor Rechtsbescherming de visie ‘Recht doen, kansen bieden; naar effectievere gevangenisstraffen’ bij de kamer aan. Een visie waarin een effectieve tenuitvoerlegging van gevangenisstraffen recht moet doen aan vergelding en bij moet dragen aan een veiligere samenleving door herhaald crimineel gedrag te voorkomen. Eén van de middelen om dit te bereiken is een goede re-integratie van (ex-) gedetineerden in de samenleving. Het beleid gaat ervan uit dat de kans op recidive kleiner wordt wanneer overheden en betrokken instanties investeren in een aantal basisvoorwaarden waar gedetineerden al tijdens hun detentie aan werken.

Re-integratie-maatregelen voor (ex-)gedetineerden zijn bedoeld om aan vijf basisvoorwaarden voor maatschappelijke (re-)integratie te voldoen;

Deze vijf punten worden als schakels gezien naar een succesvolle maatschappelijke re-integratie. In de handreiking Bestuurlijk akkoord, van 19 december 2019, is aan de vijf basisvoorwaarden ook het sociale netwerk toegevoegd.

Het gevangeniswezen, de reclassering en de gemeente ondersteunen de gedetineerde bij het op orde krijgen van deze vijf basisvoorwaarden en het sociale netwerk. Dit gebeurt op een herstelgerichte wijze. Alle werkzaamheden en activiteiten door personeel die een bijdrage kunnen leveren aan een of meerdere lagen van herstel worden met de term ‘herstelgericht werken’ aangeduid1Goulding, D., Hall, G., & Steels, B. (2008). Restorative prisons: Towards radical prisonreform. Current Issues in Criminal Justice, 20(2), 231-242..

Ingevolge de Wet straffen en beschermen, welke op 1 juli 2021 is ingegaan, dient verlof gekoppeld te zijn aan een re-integratiedoel. Ten aanzien van de basisvoorwaarden werk en inkomen is het mogelijk om re-integratieverlof voor extramurale arbeid toegekend te krijgen. Gedetineerden aan wie dit wordt toegekend worden geplaatst in/op een Beperkt Beveiligde Afdeling (BBA).

Voor u ligt het beleidskader voor de inrichting van de Beperkt Beveiligde Afdeling zoals omschreven in de wet. Dit beleidskader is op 1 juli 2021 vastgesteld en op grond van een aantal door de Minister voor Rechtsbescherming goedgekeurde beleidswijzigingen per 01 oktober 2023 opnieuw vastgesteld.

Het beleidskader BBA, zoals gepubliceerd in de Staatcourant van 07 juli 2022 met nummer 18437 wordt hierbij ingetrokken.

1. Doel Beperkt Beveiligde Afdeling

De Beperkt Beveiligde Afdeling (BBA) heeft als doel de gedetineerden via een betaalde baan/dagbesteding een betere uitgangspositie te geven om na detentie succesvol en veilig te re-integreren in de samenleving. Middels een persoons-gerichte en trajectmatige aanpak en het toekennen van re-integratieverlof t.b.v. extramurale arbeid danwel dagbesteding, eventueel in combinatie met opleiding/zorg.

Om voor plaatsing op een BBA in aanmerking te komen dient een gedetineerde, naast het voldoen aan een aantal specifieke eisen, in staat te zijn om op een verantwoordelijke wijze invulling te geven aan deze vorm van verlof. Het afwegingskader hiervoor is o.a. het gedrag tijdens detentie, de risicobeoordeling en de slachtoffer-belangen.

Extramurale arbeid wordt in de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting (Rtvi) als volgt omschreven: “arbeid, verricht buiten de inrichting ten behoeve van een derde2In het beleidskader zal verder gesproken worden over een externe organisatie., alsmede het volgen van een dagopleiding buiten de inrichting.”

Dagbesteding danwel “arbeid vervangende” dagbesteding is bedoeld om een dagstructuur te bieden waarmee een zinvolle invulling van de dag wordt gegeven. Het hebben van dagbesteding helpt om de zelfstandigheid, de arbeidsvaardigheden en het arbeidsritme te vergroten. Het gaat hier om het uitvoeren van structurele activiteiten, die een bijdrage leveren aan de geslaagde terugkeer in de samenleving, onder professionele begeleiding/toezicht.

Het re-integratieverlof voor extramurale arbeid (arbeid, dagopleiding, dagbesteding) is maatwerk en sluit aan op de gedrags- en re-integratiedoelen vanuit het D&R-plan3Detentie & Re-integratieplan ter voorbereiding op een duurzame terugkeer in de maatschappij.

2. Doelgroep, uitsluitingsgronden en selectiecriteria

De basis voor dit hoofdstuk zijn artikel 2 van de Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden en de artikelen 20a en 20ab van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting.

2.1. Doelgroep

Voor een plaatsing op de BBA komen gedetineerden in aanmerking die gedurende de intramurale detentiefase aantoonbaar (d.w.z. vastgelegd in het Detentie & Re-integratieplan) actief gewerkt hebben aan minimaal de basisvoorwaarde werk en inkomen. Voor een succesvolle re-integratie is het gewenst dat de gedetineerde op de dag van ontslag uit detentie een legaal inkomen heeft. In de BBA wordt ernaar gestreefd dat de gedetineerde met inkomen vanuit arbeid danwel met dagbesteding DJI verlaat.

2.2. Uitsluitingsgronden

Naast de weigeringsgronden, zoals beschreven in artikel 4 van de Regeling tijdelijk verlaten van de inrichting, komt de gedetineerde niet in aanmerking voor re-integratieverlof voor extramurale arbeid als hij op het moment van selectie:4Artikel 16 Rtvi:

2.3. Selectiecriteria

Om in aanmerking te komen voor re-integratieverlof voor extramurale arbeid dient de beoordeling van gedrag, risico’s en slachtofferbelangen, net zoals bij kort- en langdurend re-integratieverlof, tot een positief advies te leiden.

Hiervoor zijn onderliggende kaders6De kaders zijn te vinden op de themapagina op het intranet over de Wet straffen en beschermen. opgesteld:

7 Dit komt tot uiting in de resultaten op de behaalde doelen.

8 Onder leer-/werkplek wordt verstaan: werkervaringsplek /stage of betaald werk in combinatie met een opleiding.

9 Dit vraagt maatwerk per gedetineerde wat betreft wensen, mogelijkheden en beperkingen.

Indien er een advies van het OM en/of reclassering aanwezig is, dient deze bij de toetsing in het MDO meegenomen te worden.

Re-integratieverlof voor extramurale arbeid en daarmee een plaatsing op de BBA:

Daarnaast gelden aanvullend de volgende randvoorwaarden, waarbij geldt dat de gedetineerde, bijgestaan door zijn casemanager, er zorg voor heeft gedragen dat hij minimaal per basisvoorwaarde voldoet aan de voorwaarden zoals beschreven in onderstaande tabel (resultaatverplichting).

3. Toelating

3.1. Re-integratieverlof

De Wet straffen en beschermen kent drie vormen van re-integratieverlof:

Het verlof wordt vastgelegd in het D&R-plan. Gedetineerden krijgen alleen nog verlof als dat verlof wordt gebruikt voor het realiseren van een of meer re-integratiedoelen uit het D&R-plan.

De 3 vormen van re-integratieverlof kunnen naast elkaar voorkomen. Over het algemeen komt een gedetineerde eerst in aanmerking voor kortdurend re-integratieverlof, vervolgens voor langdurend re-integratieverlof en dan voor verlof voor extramurale arbeid met plaatsing in een BBA.

Op de BBA kan de gedetineerde ook kort- of langdurend re-integratieverlof op basis van re-integratiedoelen als onderdeel van het D&R-plan aanvragen. Dit wordt, indien van toepassing, vastgelegd in het verlofplan/persoonlijke activiteitenprogramma van de gedetineerde. Dit wordt voorafgaande aan de (over)plaatsing opgesteld en indien nodig gaande het detentieverloop aangevuld en/of bijgesteld. Re-integratiedoelen (waaronder ook herstelactiviteiten) zijn die doelen die bijdragen aan de vijf basisvoorwaarden (ID-bewijs, onderdak, werk en inkomen, schulden, zorg) en het sociaal netwerk. Het verlof wordt verwerkt in een verlofplan waarbij er 1x KV en 1x LV per 4 weken in een reeks kan worden ingepland.

3.2. Besluit

De gedetineerde doet voor het toekennen van het verlof voor extramurale arbeid een aanvraag bij zijn casemanager. De verlofaanvraag wordt besproken in het MDO en voorzien van een advies voorgelegd aan de vrijhedencommissie (VC). De selectiefunctionaris (SF) beslist gehoord hebbende de VD (middels de VC) namens de Minister over het toekennen van het verlof voor extramurale arbeid en daarmee plaatsing in een BBA. De SF controleert en beoordeelt inhoudelijk of aan alle selectiecriteria is voldaan. Een aanvraag voor het verlof voor extramurale arbeid kan op zijn vroegst zes weken voorafgaand aan de datum waarop de gedetineerde in aanmerking komt voor verlof voor extramurale arbeid ingediend worden bij de SF.

Om tot een goede afweging te komen is het van belang dat in het selectieadvies het gehele detentietraject t.a.v. het werken aan re-integratiedoelen en -acties is uitgewerkt én de uitkomst van de beoordeling op gedrag, risico’s en slachtofferbelangen is meegewogen.

Indien het re-integratieverlof voor extramurale arbeid wordt toegekend, wordt de gedetineerde geselecteerd voor een plaatsing op de BBA. Pas op het moment van plaatsing kan het re-integratieverlof voor extramurale arbeid starten. Mits het selectieadvies geen contra-indicaties kent, wordt tevens in de beschikking opgenomen dat het toegestaan is om op eigen gelegenheid van de zendende PI naar de BBA te reizen.

Als de maximale periode van 12 maanden re-integratieverlof voor extramurale arbeid is verlopen en een gedetineerde niet in aanmerking komt voor voorwaardelijke invrijheidstelling, kan de SF in uitzonderlijke gevallen besluiten de duur van de extramurale arbeid met maximaal 24 maanden te verlengen. Een reden kan bijvoorbeeld zijn het niet beschikken over een goedgekeurd verblijfadres.

3.2.1. BBA en/of PP

Als een gedetineerde in aanmerking komt voor re-integratieverlof voor extramurale arbeid én een penitentiair programma, bepaalt de SF op basis van het advies van de VD welke modaliteit het wordt. Indien de gedetineerde een aanvraag voor een penitentiair programma heeft gedaan en de SF besluit op dit verzoek negatief, kan indien van toepassing de SF de gedetineerde adviseren alsnog een aanvraag te doen voor re-integratieverlof voor extramurale arbeid.

Zolang er sprake is van PP’s die vallen onder het overgangsrecht11Hier is sprake van gedurende het overgangsrecht tot 01-12-2024., is het mogelijk BBA en PP te combineren. Elke verdeling in maanden is toegestaan, als de periodes voor BBA en PP bij elkaar opgeteld maar niet langer duren dan een zesde deel van de straf met een maximale duur van 12 maanden en de minimale duur van 4 weken per modaliteit wordt gehandhaafd.

Om te beoordelen welk traject het best past bij de re-integratie van de gedetineerde, geldt voor PP, dat aanvullend op de BBA-randvoorwaarden, er sprake moet zijn van:

4. Overplaatsing

Ongewenst gedrag of ontoelaatbaar gedrag, conform het Toetsingskader promoveren en degraderen, maar ook het verliezen van de baan of ziekte kan tot overplaatsing naar een regulier regime leiden.

Indien een gedetineerde de baan/dagbesteding door overmacht kwijtraakt, dan heeft hij/zij twee weken de tijd om een nieuwe werkgever/dagbestedingsplek te vinden. Lukt dit niet, dan wordt de gedetineerde overgeplaatst naar een regulier regime (gevangenis).

De VD is verantwoordelijk voor het besluit tot degradatie wegens ontoelaatbaar gedrag dan wel degradatie door ongewenst gedrag, legt de maatregel op en adviseert de SF ten aanzien van de overplaatsing. De SF neemt hierover het besluit.

In onderstaande tabel is bovenstaande schematisch weergegeven.

N.B.

5. Rechtactiviteiten en programma

Extramurale arbeid is de belangrijkste dagbesteding op de BBA. Naast werken buiten de inrichting worden ook de rechtactiviteiten buiten de BBA uitgevoerd. Tevens is het mogelijk om aanspraak te maken op re-integratieverlof.

5.1. Rechtactiviteiten

De gedetineerde die in een BBA wordt geplaatst, heeft recht op de activiteiten die genoemd worden in de Penitentiaire beginselenwet (Pbw), zoals het ontvangen van bezoek, telefoongebruik, geestelijke verzorging, bibliotheek, lichamelijke oefening/sport, educatie en recreatie. Het luchten wordt op werkdagen genoten tijdens het reizen van -/naar de werkgever /dagbesteding. Op de overige dagen zal deze worden aangeboden in de BBA.

Bij een plaatsing in de BBA is voldoende ruimte voor rechtactiviteiten conform de Pbw, waarvan een deel buiten de BBA zal plaatsvinden, op door het MDO van de BBA vastgestelde locaties. Deze locaties dienen in de nabijheid van de BBA te liggen en dienen controleerbaar te zijn. Voor de rechtactiviteit ‘bezoek’ kan de gedetineerde maximaal één goedgekeurd verlofadres hebben. De rechtactiviteiten “buiten de BBA” kunnen naar eigen invulling gebruikt/ingezet worden en hiervoor hoeft geen separaat verlof aangevraagd te worden. Deze 10 uur worden in samenspraak met de mentor besproken en vastgelegd in het persoonlijk activiteitenprogramma12Het bezoek is een vastgesteld deel, de andere 7,5 uur kunnen in overleg met de mentorworden ingezet..

Het toekennen van het re-integratieverlof voor extramurale arbeid door de SF betekent automatisch ook toekenning van uren voor rechtactiviteiten. Kosten die de gedetineerde maakt voor het uitoefenen van deze rechtactiviteiten zijn voor de gedetineerde zelf en kan hij/zij vanaf het “vrije” deel van de rekeningcourant betalen.

Op de BBA valt de gedetineerde onder de zorg van DJI. De zorgverzekering is bij aanvang van detentie reeds opgeschort, dit blijft op de BBA gehandhaafd. Uitgangspunt is: (huis)artsenbezoek buiten de BBA bij de praktijk van de door DJI-gecontracteerde (huis)arts. Afhankelijk van de contractuele afspraken met de betreffende (huis)arts in de regio kan voor een andere vorm gekozen worden. Strikte scheiding gesloten inrichting blijft hierbij een randvoorwaarde. Voor medicatie geldt hetzelfde, indien mogelijk dient medicatie buiten de inrichting bij een gecontracteerde apotheek afgehaald te worden. Als alternatief kan gebruik gemaakt worden van de verstrekking van de medicatie vanuit de medische dienst.

In het D&R-plan is vooraf opgenomen hoe de rechtactiviteiten worden ingezet. Tussen de casemanager en de senior casemanager van de BBA zijn vooraf individuele afspraken gemaakt met de BBA-gedetineerde over de invulling van de rechtactiviteiten en het persoonlijke activiteitenprogramma/verlofplan. Het is te allen tijde duidelijk, zoals opgenomen in het D&R-plan, waar een gedetineerde zich op welk moment van de dag bevindt.

5.2. Programma

Het programma op de BBA start om 7:00 uur ’s ochtends en eindigt om 21:45 uur ’s avonds. Buiten deze tijden verblijft de gedetineerde op zijn kamer. Het is de gedetineerde enkel toegestaan om zijn kamer te verlaten om van en naar zijn werk/dagbesteding te gaan bij afwijkende (werk)tijden. Het activiteitenprogramma valt binnen het programma (m.u.v. afwijkende werktijden) en bestaat uit werk/dagbesteding en het aanbod van rechtactiviteiten op basis van de Pbw.

Het activiteitenprogramma/verlofplan is persoonsgebonden en op basis van de in het D&R-plan vastgestelde recht- en re-integratieactiviteiten.

Arbeid/dagbesteding maakt een wezenlijk onderdeel uit van het programma: te weten tenminste 32 uur per week, dan wel tenminste 26 uur per week indien sprake is van een goedgekeurd D&R-plan dat ziet op het volgen van activiteiten die bijdragen aan recidivevermindering (zoals een onderwijs- of zorgprogramma)13Uitgangspunt is 32 uur dagbesteding, met een minimum van 26 uur.. In bijzondere gevallen, zoals bij AOW-gerechtigden, is het mogelijk om maatwerk toe te passen indien de minimale duur van de tijdsbesteding niet wordt behaald. Het aantal uren dient te worden opgenomen in het goedgekeurde D&R-plan. AOW-gerechtigden hoeven tevens geen doelen te hebben op arbeid na detentie.

Door de PI worden op de BBA geen activiteiten aangeboden c.q. georganiseerd. De gedetineerden zijn zelf verantwoordelijk voor hun bezigheden op de BBA.

14 Deze uren zijn flexibel en afhankelijk van de contracturen werk/dagbesteding en de reistijd.

15 Op werkdagen is het recht om te luchten onderdeel van de reistijd PI-werk. Op niet-werkdagen is het mogelijk 1 uur te luchten op de door de BBA aangewezen luchtplaats.

16 Hieronder valt ook een bezoek aan de kapper.

De vrij te besteden uren kunnen opgevuld worden door kort- of langdurend re-integratieverlof. Dit maakt onderdeel uit van het persoonlijk activiteitenprogramma van de gedetineerde. Uren t.b.v. recreatie/persoonlijke verzorging vervallen indien hier geen gebruik van gemaakt wordt en zijn daarmee niet overdraagbaar naar een andere rechtactiviteit.

6. Personele bezetting

6.1. HvB/ Gevangenis

In de intramurale fase wordt de gedetineerde vanaf de integrale intake gekoppeld aan een casemanager. Op basis van een trajectgesprek met de gedetineerde wordt een persoonlijk D&R-plan opgesteld (waar mogelijk samen met de gemeente en de reclassering). De gedetineerde is verantwoordelijk voor het uitvoeren van zijn plan en wordt daarbij waar nodig ondersteund. De casemanager voert de regie op de uitvoering en begeleidt de gedetineerde.

Samenwerking tussen de afdeling arbeid (naast de afstemming met de leefafdeling en overige ketenpartners) en de casemanager, d.m.v. het leveren van input/ aan te sluiten bij het MDO danwel het trajectgesprek, is van belang als het gaat om de afspraken van de re-integratiedoelen op het gebied van werk en inkomen. Als een gedetineerde voldoet aan de eisen voor een plaatsing in de BBA, is de laatste stap het zoeken van een externe organisatie voor werk/dagbesteding of een leerwerkplek.

6.2. Overdracht

Het is van belang dat tijdig in de intramurale fase gesignaleerd wordt of gedetineerden voor fasering in aanmerking komen en vanaf welke datum. Voor plaatsing in een BBA is het rand voorwaardelijk dat minimaal voldaan wordt aan de voorwaarden van het hebben van werk/dagbesteding. Dit vraagt om een tijdige voorbereiding. Op zijn vroegst is plaatsing in een BBA al na 5 maanden detentie mogelijk. Let op: plaatsing geschiedt pas op moment dat aan de voorwaarden is voldaan.

Zodra er sprake is van een overplaatsing naar een BBA spreken we van een zendende inrichting en een ontvangende inrichting. Vooraf afstemming van de casemanagers van beide inrichtingen is een randvoorwaarde.

Zodra er sprake is van (het zoeken van) een externe organisatie start de afstemming met de senior casemanager van de betreffende BBA waar de gedetineerde naar toe gaat. Deze afstemming start door het invullen van het aanmeldformulier, bijlage 2.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.