Besluit Fiscaal Bestuursrecht

Type Beleidsregel
Publication 2025-03-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Staatssecretaris van Financiën heeft het volgende besloten.

Dit besluit actualiseert en vervangt het Besluit Fiscaal Bestuursrecht (BFB) van 15 oktober 2021, nr. 2021-9584 ( Stcrt. 2021, 44622 ), zoals gewijzigd bij besluit van 18 januari 2023, nr. 2023-26730 ( Stcrt. 2023, 1519 ). Naar aanleiding van de ontvlechting van de Belastingdienst, Toeslagen en Douane als zelfstandige directoraten-generaal, is verduidelijkt hoe dit besluit uitwerkt voor de Douane. Dit heeft geleid tot diverse technische aanpassingen. Voorts is paragraaf 20 (bewaarplicht) herzien en paragraaf 23, lid 17, vervallen. Afgezien van enkele redactionele aanpassingen is het besluit voor het overige niet gewijzigd.

§ 1. Inleiding

Het Besluit Fiscaal Bestuursrecht is een verzamelbesluit met beleidsregels op het terrein van het fiscale bestuursrecht. Het besluit heeft vooral betrekking op het formele belastingrecht, maar gaat ook in op enkele civielrechtelijke aspecten.

Dit besluit vervangt het Besluit Fiscaal Bestuursrecht van 15 oktober 2021, nr. 2021-9584 (Stcrt. 2021, 44622), zoals gewijzigd bij besluit van 18 januari 2023, nr. 2023-26730 (Stcrt. 2023, 1519). Op 11 januari 2020 besloot de Minister van Financiën om Toeslagen en Douane een zelfstandige positie te geven als directoraat-generaal, naast het directoraat-generaal van de Belastingdienst waar zij tot dan toe onderdeel van uitmaakten. Het besluit is in lijn gebracht met deze ontvlechting. Dit heeft geleid tot technische aanpassingen in de paragrafen: 2, 5, 6, 11, 12, 19, 20, 21, 23, 24, 25, 27, 28 en 29 en een inhoudelijke aanpassing door lid 17 van paragraaf 23 te laten vervallen. Het vervallen van lid 17 heeft als gevolg dat het beleid verruimd wordt. Paragraaf 20 is vereenvoudigd. Bij het maken van afspraken met de inspecteur over de invulling van de bewaarplicht is het onderscheid tussen basisgegevens en overige gegevens in de praktijk niet langer van belang. Afgezien van enkele redactionele wijzigingen, is het besluit voor het overige niet gewijzigd.

§ 1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen

§ 1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen

§ 1.1. Gebruikte begrippen en afkortingen

§ 2. Fiscaal uitvoeringsbeleid

§ 3. Vooroverleg

§ 4. Fiscale grensverkenning en strijd met goede trouw

§ 5. Weigeren gemachtigde (artikel 2:2 Awb)

De inspecteur kan afzien van het horen voorafgaand aan het vaststellen van een belastingaanslag (zie artikel 4:12 Awb). De inspecteur neemt evenwel bij correcties van aangiften zo veel mogelijk vooraf contact op met de belanghebbende.

§ 7. Horen bij het vaststellen van de aanslag (artikel 4:12 Awb)

§ 8. Niet-ontvankelijk bezwaar (artikel 6:6 Awb)

§ 8. Niet-ontvankelijk bezwaar (artikel 6:6 Awb)

§ 9. Horen in bezwaar (artikel 7:2 Awb)

Voor de vraag bij welke rechtbank een belanghebbende een eventueel beroep moet indienen, is van belang waar een bestuursorgaan zijn zetel heeft (zie artikel 8:7 Awb). Hiervoor geldt het volgende:

§ 11. Ressortering (artikel 8:7 Awb)

Voor de vraag bij welke rechtbank een belanghebbende een eventueel beroep moet indienen, is van belang waar een bestuursorgaan zijn zetel heeft (zie artikel 8:7 Awb). Hiervoor geldt het volgende:

§ 12. Klachten (titel 9.1 Awb)

De (algemeen) directeuren van de Belastingdienst en de Douane behandelen klachten over gedragingen van hun medewerkers. De algemeen directeur Belastingdienst/Particulieren behandelt ook de klachten over gedragingen van medewerkers van de organisatieonderdelen Belastingdienst/Midden- en Kleinbedrijf en Belastingdienst/Grote Ondernemingen. Klachten die betrekking hebben op meerdere organisatieonderdelen kunnen in overleg tussen de verantwoordelijke (algemeen) directeuren door één van hen worden behandeld.

§ 13. Uitnodiging aangifte IB/PVV en inkomensafhankelijke bijdrage Zvw (artikel 6 AWR)

§ 14. Aangifteplicht Vpb voor curatoren (artikel 8 AWR)

§ 14. Aangifteplicht Vpb voor curatoren (artikel 8 AWR)

§ 15. Het tijdstip waarop aangifte wordt gedaan (artikel 9 AWR)

Een voorlopige aanslag Vpb wordt alleen opgelegd als het te betalen of te ontvangen bedrag € 100 of meer is. Dit geldt in het geval de voorlopige aanslag lopende het jaar wordt opgelegd. Deze doelmatigheidsgrens geldt echter niet als de belastingplichtige zelf verzoekt om een voorlopige aanslag.

§ 17. Doelmatigheidsgrens voorlopige aanslag Vpb (artikel 13 AWR)

Een voorlopige aanslag Vpb wordt alleen opgelegd als het te betalen of te ontvangen bedrag € 100 of meer is. Dit geldt in het geval de voorlopige aanslag lopende het jaar wordt opgelegd. Deze doelmatigheidsgrens geldt echter niet als de belastingplichtige zelf verzoekt om een voorlopige aanslag.

§ 18

§ 19. Belastingrente (artikel 30f tot en met 30k AWR)

Als een belastingaanslag erfbelasting is vastgesteld overeenkomstig een verzoek of overeenkomstig een ingediende aangifte wordt geen belastingrente in rekening gebracht dan wel wordt de in rekening te brengen rente beperkt (zie artikel 30g, derde en vierde lid, AWR). Bij nalatenschappen waarin zich een onroerende zaak bevindt, kan het voorkomen dat de WOZ-waarde wordt verlaagd nadat de aangifte erfbelasting is ingediend, maar voordat de definitieve aanslag is opgelegd. De inspecteur wijkt dan af van de aangifte. Een redelijke wetstoepassing brengt evenwel met zich dat deze aanpassing voor het berekenen van belastingrente niet als afwijking van de aangifte wordt gezien. Dit betekent dat ook in een dergelijk geval de hiervoor bedoelde beperking van de belastingrente toepassing vindt.

§ 19.1. Belastingrente bij erfbelasting (artikel 30g AWR)

Als een belastingaanslag erfbelasting is vastgesteld overeenkomstig een verzoek of overeenkomstig een ingediende aangifte wordt geen belastingrente in rekening gebracht dan wel wordt de in rekening te brengen rente beperkt (zie artikel 30g, derde en vierde lid, AWR). Bij nalatenschappen waarin zich een onroerende zaak bevindt, kan het voorkomen dat de WOZ-waarde wordt verlaagd nadat de aangifte erfbelasting is ingediend, maar voordat de definitieve aanslag is opgelegd. De inspecteur wijkt dan af van de aangifte. Een redelijke wetstoepassing brengt evenwel met zich dat deze aanpassing voor het berekenen van belastingrente niet als afwijking van de aangifte wordt gezien. Dit betekent dat ook in een dergelijk geval de hiervoor bedoelde beperking van de belastingrente toepassing vindt.

§ 19.2. Belastingrentevergoeding bij teruggaafbeschikking (artikel 30ha AWR)

§ 20. Bewaarplicht (artikel 52 en 53 AWR)

§ 20. Bewaarplicht (artikel 52 en 53 AWR)

De instemming om een belastingaanslag te formaliseren met toepassing van artikel 64 AWR laat onverlet de mogelijkheid om:

§ 22. Instemming doelmatige formalisering belastingschuld (artikel 64 AWR)

§ 23. Ambtshalve verminderen of teruggeven (artikel 65 AWR)

Verschoningsrecht

§ 24. Geheimhoudingsplicht (artikel 67 AWR)

Bij bezwaarschriften of procedures komt het voor dat de belastingplichtige aangeeft bepaalde centraal verzonden documenten niet te hebben ontvangen. De behandelend ambtenaar kan in zo’n geval via een door Belastingdienst/Centrale administratieve processen beschikbaar gesteld formulier verzoeken om een rapport van waarnemingen en bevindingen in systemen van het tot stand komen van de datum van aanbieden aan de postleverancier. Dit rapport kan worden gebruikt bij de bewijsvoering dat het betreffende document door de Belastingdienst is verzonden.

§ 26. Vaststellingsovereenkomst (artikel 7:900 BW)

§ 26. Vaststellingsovereenkomst (artikel 7:900 BW)

§ 27. Schadevergoeding (artikel 6:162 BW)

§ 28. Coulancerentevergoeding

Er is een Landelijk coördinator civiele heffingsprocedures (hierna: de coördinator). Als een inspecteur overweegt een belastingplichtige of een derde in een civiele heffingsprocedure te doen dagvaarden, raadpleegt hij de coördinator. Ook als een inspecteur zelf in een civiele heffingsprocedure wordt gedagvaard, neemt hij onverwijld contact op met de coördinator. In beide gevallen draagt de coördinator zorg voor de verdere procedure, zo nodig na raadpleging van Fiscale en Juridische Zaken, onderscheidenlijk de afdeling Handhavingsbeleid van de Douane en zoveel als mogelijk in overleg met de inspecteur.

§ 30. Citeertitel

§ 30. Citeertitel

Het Besluit Fiscaal Bestuursrecht van 15 oktober 2021, nr. 2021-9584 (Stcrt. 2021, 44622), wordt ingetrokken.

§ 32. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.

Dit besluit is gewijzigd bij besluit van 21 december 2023, nr. 2023-26707 (Stcrt. 2023, 32829). Met ingang van 1 januari 2024 is in artikel 10ei van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 een regeling opgenomen voor het herzien van een beschikking 30%-regeling na afloop van de bezwaartermijn. Naar aanleiding van deze wijziging is een onderdeel d aan het vijfde lid van § 23 toegevoegd zodat het ambtshalve beleid ook geldt voor deze herziening.

§ 6. Elektronisch berichtenverkeer (artikel 2:15 Awb)

De inspecteur kan afzien van het horen voorafgaand aan het vaststellen van een belastingaanslag (zie artikel 4:12 Awb). De inspecteur neemt evenwel bij correcties van aangiften zo veel mogelijk vooraf contact op met de belanghebbende.

§ 10. Uitstel beslissing op bezwaar (artikel 7:10 Awb)

Voor de vraag bij welke rechtbank een belanghebbende een eventueel beroep moet indienen, is van belang waar een bestuursorgaan zijn zetel heeft (zie artikel 8:7 Awb). Hiervoor geldt het volgende:

§ 12. Klachten (titel 9.1 Awb)

De (algemeen) directeuren van de Belastingdienst en de Douane behandelen klachten over gedragingen van hun medewerkers. De algemeen directeur Belastingdienst/Particulieren behandelt ook de klachten over gedragingen van medewerkers van de organisatieonderdelen Belastingdienst/Midden- en Kleinbedrijf en Belastingdienst/Grote Ondernemingen. Klachten die betrekking hebben op meerdere organisatieonderdelen kunnen in overleg tussen de verantwoordelijke (algemeen) directeuren door één van hen worden behandeld.

§ 13. Uitnodiging aangifte IB/PVV en inkomensafhankelijke bijdrage Zvw (artikel 6 AWR)

De inspecteur nodigt voor het doen van aangifte in ieder geval uit eenieder:

§ 16. Geen voorlopige teruggaaf als de vereiste aangifte over een voorafgaand jaar ten onrechte niet is gedaan (artikel 13 AWR)

Een voorlopige aanslag Vpb wordt alleen opgelegd als het te betalen of te ontvangen bedrag € 100 of meer is. Dit geldt in het geval de voorlopige aanslag lopende het jaar wordt opgelegd. Deze doelmatigheidsgrens geldt echter niet als de belastingplichtige zelf verzoekt om een voorlopige aanslag.

§ 18

(Vervallen)

§ 19. Belastingrente (artikel 30f tot en met 30k AWR)

Als een belastingaanslag erfbelasting is vastgesteld overeenkomstig een verzoek of overeenkomstig een ingediende aangifte wordt geen belastingrente in rekening gebracht dan wel wordt de in rekening te brengen rente beperkt (zie artikel 30g, derde en vierde lid, AWR). Bij nalatenschappen waarin zich een onroerende zaak bevindt, kan het voorkomen dat de WOZ-waarde wordt verlaagd nadat de aangifte erfbelasting is ingediend, maar voordat de definitieve aanslag is opgelegd. De inspecteur wijkt dan af van de aangifte. Een redelijke wetstoepassing brengt evenwel met zich dat deze aanpassing voor het berekenen van belastingrente niet als afwijking van de aangifte wordt gezien. Dit betekent dat ook in een dergelijk geval de hiervoor bedoelde beperking van de belastingrente toepassing vindt.

§ 19.2. Belastingrentevergoeding bij teruggaafbeschikking (artikel 30ha AWR)

Op basis van artikel 30ha, eerste lid, AWR vergoedt de inspecteur belastingrente ingeval een teruggaafbeschikking niet binnen de in dat artikel genoemde termijn wordt vastgesteld. Onder een teruggaafbeschikking valt ook een beschikking (inhoudende een teruggaaf) als gevolg van een verzoek om ambtshalve vermindering of uitspraak op bezwaar.

§ 21. Informatieverstrekking door notarissen (artikel 53a AWR)

De instemming om een belastingaanslag te formaliseren met toepassing van artikel 64 AWR laat onverlet de mogelijkheid om:

§ 23. Ambtshalve verminderen of teruggeven (artikel 65 AWR)

Verschoningsrecht

§ 25. Rapport verzending documenten Belastingdienst

Bij bezwaarschriften of procedures komt het voor dat de belastingplichtige aangeeft bepaalde centraal verzonden documenten niet te hebben ontvangen. De behandelend ambtenaar kan in zo’n geval via een door Belastingdienst/Centrale administratieve processen beschikbaar gesteld formulier verzoeken om een rapport van waarnemingen en bevindingen in systemen van het tot stand komen van de datum van aanbieden aan de postleverancier. Dit rapport kan worden gebruikt bij de bewijsvoering dat het betreffende document door de Belastingdienst is verzonden.

§ 29. Landelijk coördinator civiele heffingsprocedures

Er is een Landelijk coördinator civiele heffingsprocedures (hierna: de coördinator). Als een inspecteur overweegt een belastingplichtige of een derde in een civiele heffingsprocedure te doen dagvaarden, raadpleegt hij de coördinator. Ook als een inspecteur zelf in een civiele heffingsprocedure wordt gedagvaard, neemt hij onverwijld contact op met de coördinator. In beide gevallen draagt de coördinator zorg voor de verdere procedure, zo nodig na raadpleging van Fiscale en Juridische Zaken, onderscheidenlijk de afdeling Handhavingsbeleid van de Douane en zoveel als mogelijk in overleg met de inspecteur.

§ 31. Intrekking besluit

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.