Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat van 17 december 2023, nr. WJZ/ 41128257, tot vergoeding van kosten van maatregelen voor aardbevingsbestendige industrie in Groningen 2023 (Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige industrie Groningen 2023)
Gelet op artikel 13ba van de Tijdelijke wet Groningen en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;
Besluit:
Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen
Artikel 1. Begripsbepalingen
In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
- Basis of Design: nota waarin de uitgangssituatie van de te beoordelen industriële installatie of bijbehorend functioneel verbonden gebouw wordt vastgesteld door bepaling van de te hanteren uitgangspunten en aannames om tot een beoordeling van het object te komen;
- Checklist aardbevingsbestendigheid risicokaartbedrijven: Checklist aardbevingsbestendigheid bedrijven op de risicokaart, januari 2021, NCG;
- Deltares/TNO-handreiking fase 1: Handreiking Fase 1 voor het uitvoeren van studies naar het effect van aardbevingen voor bedrijven in de industriegebieden in Groningen, 8 juni 2018, TNO en Deltares;
- Deltares/TNO-methode fase 2: Rekenmethodiek voor het uitvoeren van studies naar het effect van aardbevingen voor bedrijven in de industriegebieden in Groningen, 8 juni 2018, TNO en Deltares;
- gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;
- gevaarlijke stoffen: gevaarlijke stoffen als bedoeld in artikel 12.11, eerste lid, onderdeel b, subonderdeel 1°, van de Wet milieubeheer;
- inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
- LoC-methode: Handreiking Aardbevingsbestendigheid Industrie Deel 2: toepassing van de LoC-methode, 7 juni 2022, Witteveen en Bos;
- minister: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
- piekgrondversnelling: hoogste waarde op maaiveldniveau van de grondversnelling tijdens een aardbeving;
- Procesbeschrijving: Handreiking Aardbevingsbestendigheid Industrie, Procesbeschrijving uitgebreide beoordeling Fase 1, Fase 2 en Fase 3, 2 december 2024, Witteveen en Bos;
- Selectiemethodiek stap I: Selectiemethodiek aardbevingsgevoelige industriële installatie [23 januari 2020, Arcadis];
- Selectiemethodiek stap II: Selection method Step II – based on fragility functions, 5 januari 2022, Witteveen en Bos;
- Standaardmethode fundaties: Seismic verification of foundations of industrial assets in Groningen, 17 februari 2021, Witteveen en Bos;
- Standaardmethode leidingen op leidingbruggen: Generic approach for pipe systems and pipe racks, 23 september 2019, Royal HaskoningDHV;
- Standaardmethode opslagtanks: Generic approach liquid storage tanks, 23 april 2018, Witteveen en Bos;
- supplement toetsing 2024: aanvulling op het uitgebreide toetsingskader om bedrijven met industriële installaties of gebouwen die zich per 1 oktober 2023 op een locatie bevinden waar de piekgrondversnelling 0,05g of hoger is een beoordeling op maat te bieden die past bij de piekgrondversnelling op de locatie waar het bedrijf in kwestie zich bevindt.
Artikel 2. Toepassingsbereik
Deze beleidsregel is van toepassing op:
- a. bedrijven die:
- 1°. de activiteiten verrichten, genoemd in artikel 5.4 en de bijbehorende bijlage VII, met uitzondering van onderdeel A, subonderdelen 4, 5 en 11, onderdeel B, subonderdelen 3 en 4, onderdeel C, onderdeel D, subonderdeel 1 en onderdeel E, subonderdelen 1 en 13, van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
- 2°. inrichtingen met een installatie als bedoeld in bijlage I bij de Richtlijn 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) oprichten of in werking hebben;
- 3°. inrichtingen waarop afdeling 2 van hoofdstuk 2 van het Arbeidsomstandighedenbesluit van toepassing is oprichten of in werking hebben;
- 4°. inrichtingen die gevaarlijke stoffen opslaan in een hoeveelheid die een drempelwaarde als genoemd in bijlage 1 bij de Regeling provinciale risicokaart overschrijdt, oprichten of in werking hebben;
- b. de bedrijven, genoemd in bijlage I bij deze regeling.
Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op de installaties van het bedrijf en op de gebouwen die functioneel verbonden zijn met die installaties.
Deze beleidsregel is niet van toepassing op nieuw te bouwen gebouwen waarop de Beleidsregel vergoeding kosten aardbevingsbestendige nieuwbouw Groningen van toepassing is.
Artikel 3. Piekgrondversnelling
Deze beleidsregel is uitsluitend van toepassing op een bedrijf als bedoeld in artikel 2 dat is gelegen op een locatie waar de piekgrondversnelling tijdens het uitvoeren van de beoordeling, bedoeld in de artikelen 5, 7, 8a, 12, 14, 15a, 19, en 22 of tijdens het nemen van de maatregelen, bedoeld in de artikelen 9 en 16 ten minste 0,05 g is, berekend en vastgesteld bij een herhalingstijd van 475 jaar.
Hoofdstuk 2. Vergoeding bij uitgebreide beoordeling
Afdeling 2.1. Bestaande bouw
Paragraaf 2.1.1. Reikwijdte afdeling 2.1
Artikel 4. Reikwijdte afdeling 2.1
Deze afdeling is van toepassing op het verstrekken van een vergoeding aan een bedrijf indien:
- a. het een bedrijf is als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, aanhef en onder 3°, of b; en
- b. het installaties en gebouwen betreft die reeds zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.
Paragraaf 2.1.2. Kwalitatieve risicoanalyse
Artikel 5. Vergoeding voor kwalitatieve risicoanalyse
De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:
- a. het opstellen van een plan van aanpak voor het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse van de installaties en gebouwen;
- b. het uitvoeren van de kwalitatieve risicoanalyse;
- c. het selecteren van de installaties en gebouwen die in aanmerking kunnen komen voor een kwantitatieve risicoanalyse of het treffen van maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.
Het opstellen van een plan van aanpak en het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse vindt plaats met toepassing van de Procesbeschrijving en de Deltares/TNO-handreiking fase 1.
Het selecteren van de installaties en gebouwen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, vindt plaats met toepassing van de Procesbeschrijving, de Selectiemethodiek stap I en de Selectiemethodiek stap II.
Artikel 6. Aanvraag voor vergoeding
Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 5, eerste lid, wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:
- a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten;
- b. een openbare samenvatting van de resultaten van de kwalitatieve risicoanalyse en voor zover van toepassing de resultaten van de uitgevoerde Selectiemethodieken;
- c. een verklaring van de Technische Universiteit Delft dat de kwalitatieve risicoanalyse is uitgevoerd volgens de Procesbeschrijving en de Deltares/TNO-handreiking fase 1; en
- d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister wordt verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.
Paragraaf 2.1.3. Kwantitatieve risicoanalyse
Artikel 7. Vergoeding voor kwantitatieve risicoanalyse
De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:
- a. het opstellen van een Basis of Design voor het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde installaties en gebouwen;
- b. het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde installaties en gebouwen.
Het opstellen van de Basis of Design, het uitvoeren van de kwantitatieve risicoanalyse en de evaluatie en beoordeling daarvan vinden plaats met gebruikmaking van:
- a. de LoC-methode en de Procesbeschrijving; of
- b. de Deltares/TNO-methode fase 2 en de Procesbeschrijving.
De methodes, genoemd in het tweede lid, worden toegepast in combinatie met:
- a. de Standaardmethode fundaties indien fundaties moeten worden beoordeeld;
- b. de Standaardmethode opslagtanks indien de te analyseren installatie een opslagtank is; of
- c. de Standaardmethode leidingen op leidingbruggen indien de te analyseren installatie een leiding op een leidingbrug is.
Artikel 8. Aanvraag voor vergoeding
Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 7, eerste lid, wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:
- a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten;
- b. een openbare samenvatting van de resultaten van de kwantitatieve risicoanalyse;
- c. een verklaring van de Technische Universiteit Delft dat de kwantitatieve risicoanalyse is uitgevoerd volgens een in artikel 7, tweede lid, voorgeschreven methode; en
- d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister wordt verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.
Paragraaf 2.1.3a. Supplement toetsing 2024
Artikel 9. Vergoeding voor maatregelen
De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor het bepalen, ontwerpen en uitvoeren van organisatorische of technische maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.
Het opstellen van een plan van aanpak betreffende de maatregelen die genomen moeten worden en de uitvoering van het plan van aanpak vinden plaats met gebruikmaking van de Procesbeschrijving.
Artikel 10. Aanvraag voor vergoeding
Een aanvraag voor een vergoeding als bedoeld in artikel 9 wordt na afloop van de daar bedoelde activiteiten ingediend en bevat:
- a. een overzicht van de daadwerkelijk gemaakte kosten voor het uitvoeren van de activiteiten;
- b. een openbare samenvatting van de maatregelen die zijn getroffen;
- c. de gegevens, bedoeld in artikel 6, en, indien van toepassing, de gegevens, bedoeld in artikel 8; en
- d. een verklaring van de aanvrager dat hij ermee instemt dat de informatie die hij bij de aanvraag heeft verstrekt en de informatie die in het besluit tot toekenning is opgenomen, door de minister wordt verstrekt aan de Nederlandse Aardolie Maatschappij B.V. in verband met haar betaalverplichting.
Afdeling 2.2. Nieuwbouw
Paragraaf 2.2.1. Reikwijdte afdeling 2.2
Artikel 11. Reikwijdte afdeling 2.2
Deze afdeling is van toepassing op het verstrekken van een vergoeding aan een bedrijf als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, aanhef en onder 1°, 2° of 3°, indien het installaties of gebouwen betreft die nog niet zijn gerealiseerd op het moment van indienen van een aanvraag voor de vergoeding.
Paragraaf 2.2.2. Kwalitatieve risicoanalyse
Artikel 12. Vergoeding voor kwalitatieve risicoanalyse
De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:
- a. het opstellen van een plan van aanpak voor het uitvoeren van een kwalitatieve risicoanalyse van de te bouwen installaties en gebouwen;
- b. het uitvoeren van de kwalitatieve risicoanalyse;
- c. het selecteren van de onderdelen van de te bouwen installaties en gebouwen die in aanmerking kunnen komen voor een kwantitatieve risicoanalyse of het treffen van maatregelen die nodig zijn om te voorkomen dat als gevolg van de gaswinning uit het Groningenveld de veiligheid wordt geschaad.
Artikel 13. Overeenkomstige toepassing
De artikelen 5, tweede en derde lid, en 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
Paragraaf 2.2.2. Kwalitatieve risicoanalyse
Artikel 14. Vergoeding voor kwantitatieve risicoanalyse
De minister verstrekt op aanvraag aan een bedrijf een vergoeding voor:
- a. het opstellen van een Basis of Design voor het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse van de geselecteerde te bouwen installaties en gebouwen;
- b. het uitvoeren van een kwantitatieve risicoanalyse op de geselecteerde te bouwen installaties en gebouwen.
Artikel 15. Overeenkomstige toepassing
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.